Fraude, Simulation · Jurisprudence belge

Aller au texte
Juriel

Tribunal de première instance Anvers 17 juin 2020

Rechercher
Texte en néerlandais

Fraude, Simulation

https://juriel.be/fr/jurisprudence/fraude-simulation-tribunal-anvers-2020-06-17-2ac3

Juridiction
Tribunal de première instance
Siège
Anvers
Date
17 juin 2020

Sur le document

Collection
Jurisprudence belge
Langue du texte
néerlandais
Version française
non publiée par le SPF
Sens lu par le SPF
favorable à l'État belge

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

Texte

91 paragraphes

Fiche du SPF Finances

Jugement du Tribunal de première instance d’Anvers du 17.06.2020

WF 503-15-18/049953

[Favorable à l’Etat belge]

Taxe sur la valeur ajoutée – Fraude - Simulation

Résumé

La déclaration du père gérant suite à la visite de l’entreprise ne trouve aucune corrélation dans les faits ni dans aucun document.

L’amende légale appliquée, égale au double des droits, est tout à fait appropriée dans ce cas de fraude et proportionnée aux faits de la construction mise en place et élaborée.

Texte du jugement

Le jugement est publié uniquement dans la langue originale

Corps de la décision

Rechtbank van eerste aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen, sectie burgerlijke rechtbank, KamerAFi4, 17 juni 2020

Rol: 18/5060/A

Inzake:

VO. BVBA met zetel te ..., KBO: 0424.... eisende partij - vertegenwoordigd ter zitting door Mr. ... te ... tevens loco door Mr. ... te ...,

TEGEN:

DE BELGISCHE STAAT,

In de persoon van de Minister van Financiën, te 1000 Brussel, Wetstraat 12, handelend ten verzoeke van de Adviseur-Generaal, of de door hem gedelegeerde ambtenaar van de Algemene Administratie van de Bijzondere Belastingsinspectie (AABBl)1 Gewestelijke Directie Gent, te 9050 Gent, Gasten Crommenlaan 6 bus 801, op vervolging en benaarstiging van Team Invordering Rechtspersonen Mechelen 1, met burelen te 2800 MECHELEN, Zwartzustersvest 24 bus 11, KBO: 0308.357.159 verwerende partlj Vertegenwoordigd door mevr. X, attaché

Gezien de stukken in het dossier der rechtspleging, zoals ze voorkomen op de inventaris ervan;

Gelet op de Wet van 15/6/1935 op het gebruik van talen in gerechtszaken. Gehoord partijen in hun middelen en gezegden ter zitting van 20 mei 2020,

Het geschil behelst BTW In hoofde van eiseres.

Bijzondere Belastinginspectie Gent verzond op 14 maart 2018 een voorafgaande kennisgeving bij toepassing van art.84ter BTW tot uitbreiding van de verjaringstermijn van art.81bis §1 2de lid 4° Wetboek BTW, zulks voor de jaren 2011 tot en met 2017.

De brief verwijst naar een bedrijfsvisitatie bij eiseres (BTW (0)406....290) en NV MD (BTW (0)406....290) op 24 augustus 2017 naast een woningvisitatie bij J.D.W. en diens echtgenote C.WS. en hun dochter MN.D.W.,

Woning, zetel van eiseres en zetel van MD zijn gevestigd op een en hetzelfde adres.

De kennisgeving wijst op vaststelling dat eiseres 13 april 2012 paard "Double Paid" verkocht aan MN.D.W. voor 30.250,00 EUR (Inclusief BTW), verder dat het zelfde paard 29 mei 2012 door MN.D.W. werd doorverkocht aan de Belgische sprl (lees: bvba) Citlzen Guard (BTW (0)472.649326) voor 375.000,00 EUR {bedrag 31 mei 2012 gestort op rekening van MN.D.W.),

De kennisgeving vervolgt dat MN.D.W. op 12 juni 2012 30,250,00 EUR overschreef naar eiseres en dat eerstgenoemde diezelfde dag 75.000,00 EUR afhaalde, onder de melding 'aankoop paard',

De kennisgeving vervolgt dat door aftrek van deze afhaling, er kan worden "teruggekoppeld'' naar een document dat werd teruggevonden bij de bedrijfsvlsitatie.

Dit document wordt geventileerd in :

300,000,00 EUR (startwaarde document 375.000,00 - 75,000,00 afgehaald van de rekening) min 30.250,00 EUR betaald door MN.D.W. voor paard Double Paid, rest dan nog 269.750,00 EUR.

Bij berekening der schulden van eiseres aan MN.D.W. (opgeteld= 127.400,00 EUR) in het document en aftrek van 32.500,00 EUR In hetzelfde document (aankoop paard Uringa door MN.D.W. 32.500,00 EUR} rest er 94.900,00 EUR (127.400 min 32.500).

Tenslotte wordt 84.900,00 EUR afgetrokken van 260,750,00 EUR, rest 165,850,00 EUR, door MN.D.W. terug te storten aan eiseres, door MN.D.W. dan 23 december 2013 effectief teruggestort aan J.D.W. en de kennisgeving eindigt:

"Uit wat voorafgaat blijkt dat J.D.W. (Varendonk BVBA) en MN.D.W. op de hoogte waren van de werkelijke waarde van het paard. Overeenkomstig artikel 33, §2, 3° van het wetboek van BTW dient de nominale waarde te worden toegepast om de maatstaf van heffing te bepalen. Het paard Double Paid werd bewust eerst verkocht door de BVBA Varendonk aan MN. D.W. om daarna door te verkopen voor een prijs die 15 keer hoger ligt. Deze verrichtingen werden gedaan met oogmerk belasting te ontduiken ",

De rechtbank treft geen reactie op deze voorafgaande BTW-Kennisgeving.

Een bevoegd ambtenaar deelde op 15 maart 2018 een BTW-Correctieopgave mee.

Een raadsman verklaarde zich gemotiveerd niet akkoord In een schrijven van 16 april 2018.

Bijzondere Belastinginspectie redigeerde op 23 augustus een proces-verbaal tot navordering van BTW aan de hand van artikel 51 §1 1" Wetboek BTW wegens een door eiseres verrichte belastbare levering van paard Double Paid aan MN.D.W. (als doorverkoopster aan sprl Citizen Guard), samen met een boete gelijk aan tweemaal de rechten en intrest over de hoofdsom met ingang van 21 juli 2012 (art.91 §1 Wetboek BTW).

Het proces-verbaal werd aangezegd met brief van diezelfde dag,

Ontvanger BTW Team Invordering Rechtspersonen Mechelen 1 stelde op 11 september 2018 dwangschrift (500/.../...969) op dat op 14 september 2018 uitvoerbaar werd verklaard.

Afschrift van het proces-verbaal werd aan dit dwangschrift gehecht.

Raadsman legde op 19 oktober 2018 verzoekschrift op tegenspraak neer ter griffie.

Afschrift van het dwangschrift, met proces-verbaal, is aan het gedinginleidend verzoekschrift gehecht.

Ontvankelijkheid van de rechtsvordering, waaraan geen georganiseerd administratief beroep voorafgaat, staat niet in betwisting.

Ten gronde

I.

1. Eiseres stelt dat buiten de wettelijke heffingstermijn werd belast

Meer bepaald werpt zij op dat er "geen regelmatlg gebruik11 werd gemaakt van de wettelijke termijn van art.81bls §1 tweede lid 4° Wetboek BTW, juncto art.84ter Wetboek BTW.

Opening van deze termijn verelst voorafgaande (schriftelijke nauwkeurige) kennisgeving van de vermoedens van belastingontduiking.

Dit wetsartikel schendt de Grondwet niet (Grondwettelijk Hof 5/2017 van 19 jan.2017).

Eiseres kan er zich Immers op verweren, zulks zowel in antwoord op de kennisgeving als naar aanleiding van het dwangschrift (dwangbevel) (Cass.27 maart 2015 F120029N + uitdrukkelijk Cass.26 november 2.015, F040113N).

De beoordeling over al dan niet ontduiking hoort thuis ten gronde, hierna. 2.

Eiseres werpt op dat een uitbreidlng van de heffingstermijn niet meer kan geschieden indien de belastingdienst in de loop van de gewone heffingstermijn alreeds 'op de hoogte was' van de bewijskrachtige gegevens.

Deze grief behelst evenwel niet art.81bis tweede lid 4° Wetboek BTW (juncto art.84ter).

De transpositie die eiseres tracht te maken van het 3° (bewijskrachtige gegevens) naar het 4° (belastingontduiking) loopt mank.

De voor uitbreiding van de heffingstermijn ten aanzien van eiseres nuttige gegevens werden bekomen door controle bij en ten aanzien van sprf Citizen Guard, meer bepaald het contract van 2.9 mei 2012 tussen MN.D.W. en deze sprl.

3. De omschrijving 'tegenbrief' is bij dit alles mogelijk wat ongelukkig gekozen.

Uit het bij eiseres aangetroffen afrekeningsblad geschiedde (her)samenstelling van de feiten.

Het gaat om een geheel van elementen dat leidde tot de ontdekking van ontduiking, dit alles samen gelezen met de onderzoekdaden (controles, bankonderzoek, inlichtingen bij derden).

ll.

1. Eiseres streeft onwettigverklarfng van het dwangschrlft na, met vordering tot terugbetaling, meer moratorlumintrest, vergeet evenwel dat het BTW-Wetboek geen zulke intrest kent, en bedoelt klaarblijkelijk moratoire intrest in de zin van art.91 §4 Wetboek BTW.

Verweerder streeft ongegrondverklaring van de rechtsvordering van eiseres na.

De start van de rechtsvordering ligt in het bekomen en het overmaken, door BBI Brussel aan de collega's Gent van een contract van 29 mei 2012 door MN.D.W. aan sprl Citizen Guard voor verkoop van paard Double Paid voor 375.000,00 EUR (vrij van BTW}.

Er gebeurden visitaties zoals hoger vermeld en bankonderzoek, plus aangekondigde controle bij de accountant van eiseres over boekjaar 2013 tot en met boekjaar 2016.

In de boekhouding van eiseres werd een factuur van 13 april 2012, betreffende verkoop van paard Double Paid, door eiseres aan MN.D.W., aangetroffen.

Naar aanleiding van een vraag om inlichtingen over 2012 bleek dat de verkopen door eiseres niet volgens datum en nummer waren ingeboekt (en dat het verkoopjournaal daarnaast ook een nummeringshiaat vertoonde).

Zulks vormt een kapitale overtreding van de boekingsnormen en heeft hier wel degelijk zijn invloed op de controleerbaarheid en eiseres kan zich er niet van afmaken met de opwerping dat zij er gewoonlijk een potje van maakte bij willekeurige nummering door haar accountant 'op volgorde van de (trimestrieel) aan de accountant afgegeven stapel'.

Eiseres kan zulk argument tegen elke boekhoudnorm werkelijk niet ernstig aanvoeren. 3,

Verkoopfactuur 20 bleek alzo opgesteld op 29 mei 2012, waar de zonet vermelde factuur 23 werd opgesteld op 13 april 2012.

De verkoop door eiseres aan M.J.D.W. (13 april 2012) behelst 25.000,00 EUR+ 21% = 5.150,00 EUR BTW, samen 30.250,00 EUR.

De verkoopovereenkomst door M.J.D.W. aan Citizen Guard (29 mei 2012) dateert van 29 mei 2012 en behelst 375.000,00 EUR (geen BTW).

Het bankonderzoek ten aanzien van M.J.D.W. wees op de hogerop reeds uiteengezette verrichtingen.

Het bedrag van 375.000,00 EUR îs opgenomen In de verrekening die bij eiseres aangetroffen werd naar aanleiding van de bedrijfsvisitatie.

Dit document draagt de vermelding bij het bedrag van 165.850,00 EUR: "Moet MN. terugstorten".

Dat gebeurde op 23 december 2013 van haar rekening naar de bankrekening van vader J.,

De som van 30.250,00 EUR der door haar op 12 Jun} 2012 betaalde factuur van 13 april 2012, komt haar Via de verrekening op die wijze toe in retour.

4. De verklaring van vader zaakvoerder J.D.W. naar aanleiding van de bedriljfsvisitatie vindt geen correlatie in de feiten en evenmin in enig document.

Ze vindt, evenmin, i:!nlge correlatie in de betaling door M.J.D.W. van 30.250,00 EUR aan eiseres,

5. Op 25 april 2012 schreef eiseres "Double Paid" in voor het Belgisch kampioenschap voor 7 - Jarige paarden, dit is na de aan MN.D.W. gedane verkoop.

Deze laatste was de ruiter (rider) en eiseres streek het prijzengeld op.

De verkoop door eiseres aan M.J.D.W. kende aldus niet alle schijnbare gevolgen ervan.

MN. DW gedroeg zich namelijk op geen enkel ogenblik als eigenaar van de (door de koper) betaalde (ver)koopprljs kwam niet aan haar toe, maar aan eiseres.

De eigeniijke verkoop vond via het ommetje van MN. DW p!aats tussen eiseres en Citlzen Guard sprl.

3. xxxxxxxxxxxxxxx

De hierbij ontdoken belasting beloop 375.000,00 x 21% = 78.750,00 EUR.

De toegepaste wettelijke boete gelijk aan tweemaal de rechten is In deze fraude zaak, volop op haar plaats en evenredig met de feiten van opgezette en uitgewerkte constructie.

Op een gewiekste wijze werd de maatschappij belastinggeld ontnomen dat haar toekwam.

Het document voorstellen als een afbetalingsplan kan bij dit alles niet door de beugel.

Dispositif

OM DEZE REDENEN, DE RECHTBANK,

recht doende op tegenspraak,

verklaart de rechtsvordering ontvankelijk, maar ongegrond. Veroordeelt eiseres tot de kosten.

Vereffent de kosten in hoofde van verweerder niet, bij gebrek aan opgave en begroting van eigen kosten in conclusle.

Bijdrage Fonds wet 19/03/2017 gestort door eiseres, is definitief verworven voor het Fonds.

Dit vonnis werd uitgesproken op zeventien juni tweeduizend twintig in openbare zitting van de Kamer AFi4, die samengesteld was uit:

L. Boeynaems, rechter Ph. Jano, griffier

Textes cités

4
CTVA art. 912 occurrences
CTVA art. 331 occurrence
CTVA art. 81bis1 occurrence
CTVA art. 84ter1 occurrence

Décisions similaires

8