Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.
Fiche du SPF Finances
Arrêt de la Cour d'Appel de Gand du 09.03.2010
Résumé non fourni
Texte de l’arrêt
Corps de la décision
Le texte est publié uniquement dans la langue originale
Hof van beroep te Gent, 5be kamer
Nr. 2009/AR/636
in de zaak van :
DE BELGISCHE STAAT, Federale Overheidsdienst Financiën, Administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit, sector BTW, Controlecentrum Dendermonde, in de persoon van de Gewestelijke Directeur van het Controlecentrum Dendermonde, wiens kantoren gevestigd zijn te 9200 DENDERMONDE, Sint-Rochusstraat 63,
appellant,
hebbende als raadsman mr. V. P., advocaat te …, …
tegen :
DRANKEN V. E. NV, met maatschappelijke zetel te …, …, ingeschreven met KBO-nummer …,
geïntimeerde,
hebbende als raadsman mr. V. H., advocaat te …, …
spreekt het Hof het volgend arrest uit :
1. Bij fiscaal verzoekschrift neergelegd ter griffie van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Gent op 2.6.2006, bestreed de geïntimeerde de administratieve boete die haar werd opgelegd in het proces-verbaal d.d. 8.2.2006 van de AOIF, controlecentrum Dendermonde, wegens inbreuken op de BTW-wetgeving over het boekjaar 2003.
De geïntimeerde vorderde voor de eerste rechter dat voor recht zou worden verklaard dat de in het proces-verbaal van 8.2.2006 vermelde boete van … EUR niet verschuldigd is, en de terugbetaling zou worden bevolen van alle bedragen die wederrechtelijk op grond van dit proces-verbaal werden geïnd.
Bij vonnis van 17.11.2008 van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Gent, zesde kamer, werd de vordering ontvankelijk en deels gegrond verklaard, werd de boete herleid tot … EUR, en werd voor zoveel als nodig de terugbetaling bevolen van het door de appellant reeds teveel geïnde bedrag van de boete, desgevallend verhoogd met de moratoriumintresten overeenkomstig hetgeen is bepaald in de artikelen 418 en 419 WIB/1992. De rechtsplegingsvergoeding werd tussen de partijen in gelijke delen omgeslagen.
Bij verzoekschrift neergelegd ter griffie van het Hof van Beroep te Gent op 10.3.2009 heeft de appellant hoger beroep ingesteld tegen het vermelde vonnis.
Het blijkt niet dat dit vonnis werd betekend.
Het hoger beroep is tijdig en regelmatig.
Het hoger beroep strekt ertoe het bestreden vonnis te horen tenietdoen en de in het proces-verbaal vastgestelde boete voor de integraliteit van de erin vermelde verschuldigde boete te bevestigen, te vermeerderen met de moratoire intresten, welke verschuldigd zijn overeenkomstig artikel 91, § 4 BTW-wetboek.
Bij conclusie neergelegd ter griffie van het Hof van Beroep te Gent op 17.6.2009 vordert de geïntimeerde opnieuw dat zou verklaard worden voor recht dat de in het proces-verbaal van 8.2.2006 vermelde boete van … EUR niet verschuldigd is, en de terugbetaling zou worden bevolen van alle bedragen die wederrechtelijk op grond van dit proces-verbaal werden geïnd. Dit houdt impliciet incidenteel beroep in tegen het vermelde vonnis.
2. Uit het bedoeld proces-verbaal van 8.2.2006 (deel van stuk 1 van de appellant) blijkt dat de geïntimeerde, drankenleverancier, in het betrokken boekjaar 2003 verkoopfacturen heeft opgesteld voor de levering van vaten bier en diverse andere dranken in flessen aan particulieren die ofwel onbekend zijn op het in de factuur aangegeven adres ofwel de gefactureerde goederen niet hebben besteld noch geleverd gekregen. Volgens de verklaringen van de bestuurders van de geïntimeerde werden de in de facturen opgenomen dranken niet geleverd aan de op de facturen vermelde afnemers maar wel aan een belastingplichtige, uitbater van een café of feestzaal, waarvan zij de identiteit niet meer kunnen achterhalen.
Door dit fraudesysteem, houdende overtreding van artikel 53, § 2, 1° BTWwetboek, bleek de appellant verstoken van een bedrag van … EUR aan BTW (zie het proces-verbaal, deel van stuk 1 van de appellant).
De appellant heeft aan de geïntimeerde administratieve boeten opgelegd voor een totaal van … EUR in toepassing van artikel 70, § 2 BTW-wetboek, hetzij :
- voor drie facturen met elk een BTW-bedrag van minder dan … EUR : het minimum van … EUR x 3 = … EUR;
- voor de overige facturen : 200 % x … EUR = … EUR.
In acht genomen het gegeven dat de gesanctioneerde overtredingen werden begaan om de ontduiking van de BTW mogelijk te maken, zijn de schalen A tot J in de bijlage bij het KB nr. 41 dd. 30.1.1987 tot vaststelling van het bedrag van de proportionele fiscale geldboeten op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde, niet van toepassing (artikel 1 laatste lid van dit KB).
In acht genomen het artikel 70, § 2 BTW-wetboek en artikel 1 laatste lid van het KB nr. 41 werd de administratieve geldboete door de appellant correct berekend.
De opgelegde boete strekt niet tot vergoeding van het door de appellant geleden verlies aan BTW, maar is te beschouwen als een fiscale sanctie met strafrechtelijk karakter in de zin van artikel 6 EVRM. Zij wordt opgelegd zonder onderscheid aan eenieder die belastingplichtige is, en strekt ertoe zowel de belastingplichtige aan te zetten zijn verplichtingen na te komen om de geldboete te vermijden, als het niet nakomen van zijn verplichtingen te bestraffen om herhaling van deze inbreuken te voorkomen.
De belastingplichtige kan door de rechter laten nagaan of er omstandigheden bestaan die verantwoorden dat de administratieve geldboete wordt verminderd tot onder het door de wet bepaalde tarief. De rechter aan wie gevraagd wordt een opgelegde administratieve sanctie met een repressief karakter te toetsen, heeft de volle rechtsmacht om na te gaan of die beslissing in feite en in rechte verantwoord is en of zij alle beginselen naleeft die de administratie in acht moet nemen, waaronder het evenredigheidsbeginsel (Cass. 12.12.2008, rolnummer F.06.0111.N, http://jure.juridat.just.fgov.be ). Bovendien heeft de rechter dezelfde bevoegdheid als deze die de administratieve overheid ten aanzien van die sanctie heeft, om deze kwijt te schelden of te verminderen (vergelijk met Cass. 3.3.2009, rolnr. P.08.1451.N, overweging nr. 13, http://jure.juridat.just.fgov.be ). Dit houdt echter niet in dat de rechter op grond van een subjectieve appreciatie van wat hij redelijk acht, om loutere redenen van opportuniteit en tegen wettelijke regels in, boeten kan kwijtschelden of verminderen (Cass. 13.2.2009, rolnummer F.06.0108.N, http://jure.juridat.just.fgov.be ).
Er kan te dezen geen twijfel over bestaan dat de geïntimeerde bewust het ontduiken van de BTW mogelijk heeft gemaakt. Het zijn evenwel de (onbekend gebleven) klanten van de geïntimeerde die het onrechtmatig voordeel genoten dat geen BTW geheven werd op de verkopen van dranken, en niet de geïntimeerde, die ook geen ander fiscaal voordeel genoot zoals bvb. inzake van inkomstenbelastingen.
Indien de geïntimeerde tot medewerking aan de vermelde fraude werd gebracht dan is dit omdat concurrenten, werkzaam in dezelfde sector, ook gelijkaardige systemen ten voordele van hun klanten toepassen, en aldus het economisch voordeel genieten dat de klanten verkiezen bij een leverancier te gaan die hen in de mogelijkheid stelt zowel goedkoper dranken aan te schaffen als dranken te verkopen zonder dat de winsten die zij daarop maken op te sporen zijn. Het is onder druk van dergelijke concurrentie dat een drankenleverancier zoals de geïntimeerde ertoe gebracht wordt ook een fraudesysteem toe te passen teneinde concurrentieel te blijven met andere drankenleveranciers die ook een fraudesysteem toepassen. Het spreekt vanzelf dat klanten die weten dat het bij bepaalde drankenleveranciers mogelijk is zonder BTW te kopen (met de hoger aangehaalde voordelen vandien) en tot de bevinding zouden komen dat dit bij de geïntimeerde niet kan, bij de geïntimeerde zullen wegblijven en zullen verkiezen klant te zijn bij drankenleveranciers die de genoemde voordelen bieden.
ln acht genomen het feit dat de geïntimeerde zelf geen fiscaal voordeel genoot door het opgezet systeem, en dat zij moet geacht worden hiertoe gebracht te zijn onder concurrentiële druk, is de opgelegde geldboete van om en bij 200 % van de door derden ontdoken BTW onevenredig met de inbreuken van de geïntimeerde (vergelijk met Hof Gent, d.d. 7.3.2006, rolnr. 2004/AR/2967, waartegen de voorziening werd verworpen bij Cass. 13.2.2009, rolnr. F.06.0108.N, http://jure.juridat.just.fgov.be ).
De door de eerste rechter weerhouden boete van … EUR kan in redelijkheid worden aanvaard. Er moet hierbij niet uit het oog verloren worden dat de opgelegde sanctie haar doel niet mag missen, en zowel een bestraffing moet zijn als een aanzet om dergelijke inbreuken niet meer te begaan. Dit wordt bereikt door de door de eerste rechter weerhouden geldboete, die niet onbelangrijk is en zelfs van de grootteorde is van het bedrag aan ontdoken BTW. De aldus herleide boete houdt een belangrijke financiële aderlating in voor de geïntimeerde, een louter verlies, bestraft de geïntimeerde voor zijn medewerking aan de fraude, en moet er hem ongetwijfeld toe aanzetten zich niet meer schuldig te maken aan dergelijke praktijken.
Op grond van de hoger aangehaalde motieven dient de bestreden beslissing te worden bevestigd, mits deze lichte wijziging dat geen intresten verschuldigd zijn bij toepassing van artikel 418-419 WIB/1992.
Dispositif
OP DEZE GRONDEN,
HET HOF, rechtdoende op tegenspraak,
Gelet op artikel 24 van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken;
Ontvangt het hoofdberoep en het incidenteel beroep;
Verklaart het incidenteel beroep ongegrond;
Verklaart het hoofdberoep gegrond in de mate dat moratoriumintresten worden toegekend overeenkomstig hetgeen is bepaald in de artikelen 418 en 419 WIB/1992, beslissing die wordt vernietigd;
Bevestigt het bestreden vonnis voor het overige;
Slaat de kosten om gezien elk van de partijen in het ongelijk wordt gesteld; stelt vast dat in deze omstandigheden de kosten niet dienen te worden begroot;
Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting van het Hof van beroep te Gent, vijfde kamer bis, recht doende in fiscale zaken, op NEGEN MAART TWEEDUIZEND EN TIEN.
Aanwezig de Heren :
G. T., Raadsheer, waarnemend voorzitter, alleenrechtsprekend,
M. V., griffier.
M. V. G. T.
Référence citée
Raccourcis clavier
Inactifs pendant la saisie dans un champ.
- Rechercher dans le texte
- /Ctrl/⌘ F
- Occurrence suivante / précédente
- EntréeMaj Entrée
- Section suivante / précédente
- JK
- Mode lecture
- L
- Fermer un panneau
- Échap
Le mode lecture retire le sommaire et les repères, grossit le texte et recentre la colonne.