Taux réduit · Décisions anticipées

Aller au texte
Juriel

2019.0341 21 mai 2019

Rechercher
Texte en néerlandais

Taux réduitTVA - Taux réduit - Opérations de nature immobilière qui sont affectées au logement proprement

https://juriel.be/fr/rulings/2019-0341-taux-reduit-operations-nature-immobiliere-4b55

Numéro
2019.0341
Date
21 mai 2019

Sur le document

Collection
Décisions anticipées
Langue du texte
néerlandais
Version française
non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

Texte

56 paragraphes

Fiche du SPF Finances

Décision anticipée n° 2019.0341 du 21.05.2019

TVA · Taux réduit · Opérations de nature immobilière qui sont affectées au logement proprement · Dispositions légales · Rubrique X, tableau B - Arrêté royal n°20

Résumé

L’installation de chemins et voies d’accès et les chemins attenants au bâtiment servant principalement de centre de soins doit être qualifiée de travail immobilier qui concerne l’habitation proprement dite pour l’application du taux réduit de 12% en application de la rubrique X, tableau B à l’A.R. n° 20.

Texte de la décision

La décision est publiée uniquement dans la langue dans laquelle la demande a été introduite

I. Voorwerp van de aanvraag

Met de aanvraag wenst de aanvrager een voorafgaande beslissing te bekomen inzake de toepassing van tabel B,X, §1,B, van het Koninklijk besluit nr 20 van 20 juli 1970 tot vaststelling van de tarieven van de belasting over de toegevoegde waarde en tot indeling van de goederen en de diensten bij die tarieven.( Uitvoering artikel 37 van het BTW Wetboek), voor de hierna vermelde uit te voeren werken aan een woonzorgcentrum :

1.1 Toegangspad voetgangers vanop de straat naar inkom én toegangsplein voor de inkom van het woonzorgcentrum; hetgeen moet toelaten om het aan de zwaar zorgbehoevende residenten aangepaste vervoer te laten stationeren;

1.2 Onderhoudspaden naar de woongedeelten en tevens noodzakelijk voor brandweer, ruitenwasser;

1.3 Toegangsweg voor ziekenwagen, corbillard en aanlevering van goederen;

1.4 Toegangsweg voor voertuigen tot het gebouw.

II. Omschrijving van de verrichtingen

2. De aanvrager treedt als bouwheer op van een nieuw op te richten woonzorgcampus omvattend een woonzorgcentrum met 150 bedden, een centrum voor kortverblijf omvattend 10 bedden, een dagopvangcentrum voor 15 personen en een lokaal dienstencentrum. Betrokkene is eigenaar van de grond waarop het project verwezenlijkt wordt.

3. De aanvraag heeft geen betrekking op het gebouw zelf maar wel wat betreft de werken die uitgevoerd worden opdat het betreffende gebouw zou kunnen functioneren.

III. Beslissing

4. KB nr 20,Tabel B, rubriek X., bepaalt dat het verlaagd tarief van 12 pct., van toepassing is op:

A) de leveringen van nagenoemde goederen bedoeld in artikel 1, § 9, van het Wetboek alsook de vestigingen, overdrachten en wederoverdrachten van zakelijke rechten op zulke goederen die niet overeenkomstig artikel 44, § 3, 1°, van het Wetboek van de belasting zijn vrijgesteld, wanneer die goederen bestemd zijn voor de huisvesting in het kader van het sociaal beleid :

a) privé-woningen die worden geleverd en gefactureerd aan de provincies, de intercommunales, de gemeenten, de intercommunale openbare centra voor maatschappelijk welzijn, de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en de gemengde holdingmaatschappijen waarin de overheid een meerderheid heeft, en die door deze instellingen of maatschappijen worden bestemd om […] te worden verhuurd;

b) privé-woningen die worden geleverd en gefactureerd aan de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en die door deze centra worden bestemd om […] te worden verkocht;

c) privé-woningen die […] worden geleverd en gefactureerd door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn;

d) woningcomplexen bestemd om te worden gebruikt voor de huisvesting van bejaarden, leerlingen en studenten, minderjarigen, thuislozen, personen in moeilijkheden, personen met een psychische stoornis, mentaal gehandicapten en psychiatrische patiënten en die worden geleverd en gefactureerd aan publiekrechtelijke of privaatrechtelijke personen die beheren:

1° verblijfsinrichtingen voor bejaarden welke door de bevoegde overheid zijn erkend in het kader van de wetgeving inzake bejaardenzorg;

2° internaten die zijn toegevoegd aan scholen of universiteiten of die ervan afhangen;

3° jeugdbeschermingstehuizen en residentiële voorzieningen die op duurzame wijze, in dag- en nachtverblijf, minderjarigen huisvesten en die erkend zijn door de bevoegde overheid in het kader van de wetgeving op de jeugdbescherming of de bijzondere jeugdbijstand;

4° opvangtehuizen die in dag- en nachtverblijf thuislozen en personen in moeilijkheden huisvesten en die erkend zijn door de bevoegde overheid;

5° psychiatrische verzorgingstehuizen die op een duurzame wijze in dag-en nachtverbijf personen met een langdurige en gestabiliseerde psychische stoornis of mentaal gehandicapten huisvesten en die door de bevoegde overheid erkend zijn;

6° gebouwen waar, ten titel van een initiatief van beschut wonen erkend door de bevoegde overheid, het op een duurzame wijze huisvesten in dag- en nachtverblijf en het begeleiden van psychiatrische patiënten plaatsheeft;

B) werk in onroerende staat in de zin van artikel 19, § 2, tweede lid, van het Wetboek, met uitsluiting van het reinigen, en de andere handelingen opgesomd in rubriek XXXI, § 3, 3° tot 6°, van tabel A met betrekking tot de onder A genoemde privé-woningen en woningcomplexen mits die worden verstrekt en gefactureerd […] aan de onder A genoemde publiekrechtelijke en privaatrechtelijke personen;

C) de onroerende financieringshuur of onroerende leasing bedoeld in artikel 44, § 3, 2°, b), van het Wetboek en de onroerende verhuur, bedoeld in artikel 44, § 3, 2°, d), van het Wetboek, die betrekking hebben op de onder A bedoelde privéwoningen en woningcomplexen wanneer de afnemer een onder A genoemde publiekrechtelijke of privaatrechtelijke persoon is.

§ 2.Het verlaagd tarief van 12 pct. is in geen geval van toepassing op:

1°werk in onroerende staat en de andere onroerende handelingen die geen betrekking hebben op de eigenlijke woning, zoals bebouwingswerkzaamheden, tuinaanleg en oprichten van afsluitingen;

2°werk in onroerende staat en andere onroerende handelingen die tot voorwerp hebben de bestanddelen of een gedeelte van de bestanddelen van zwembaden, sauna's, midget-golfbanen, tennisterreinen en dergelijke installaties.”

5. De aanvraag heeft geenszins het toepasselijk btw tarief voor de afbraak en de bouw van het woonzorgcentrum tot voorwerp, daar dit bepaald wordt door en zal plaats vinden onder toezicht van de btw-administratie zoals blijkt uit de brief dd .

6. Deze aanvraag beperkt zich tot het bepalen van het btw tarief op de werken opgenomen in randnummer 1. Daar het op deze werken van toepassing zijnde btw-tarief onlosmakelijk verbonden is met deze van het woonzorgcentrum, beperkt het onderzoek zich tot het vaststellen of de in voormelde categorieën opgenomen werken aangemerkt kunnen worden als werken verbandhoudend met de eigenlijke woning c.q. woonzorgcentrum, opdat ze van hetzelfde btw tarief zouden kunnen genieten.

7. Principieel wordt het werk in onroerende staat en andere onroerende handelingen die geen betrekking hebben op de eigenlijke woning, zoals bebouwingswerkzaamheden, tuinaanleg en oprichten van afsluitingen, uitgesloten van de toepassing van het btw-verlaagd tarief.

8. Niettegenstaande Beslissing nr E.T. 80.398 dd 01.10.1996 verwijst naar de rubrieken opgenomen in tabel A, geldt zij volgens de DVB evenzeer voor de in rubriek B opgenomen gevallen, waarin er verwezen wordt naar onroerende handeling die geen betrekking hebben op de eigenlijke woning.

9. Toegangswegen, muurtjes , afsluitingen en buitenterrassen hebben in principe geen betrekking op de eigenlijke woning. Niettemin aanvaardt de administratie, in bepaalde omstandigheden, dat deze infrastructuur wel wordt aangemerkt als deel uitmakend van de woning :

9.1 Als toegangsweg wordt enkel beschouwd, elke weg die een gebouw dat bestemd is om te worden bewoond, rechtstreeks verbindt met de openbare weg en die gebruikt wordt, al dan niet uitsluitend, door de bezoekers en bewoners van dat gebouw.

In die gedachtegang is bijvoorbeeld de aanleg van een weg steeds onderworpen aan het normale btw-tarief van 21% wanneer deze weg niet verbonden is met de openbare weg en enkel dient als wandelpad in de tuin of wanneer deze weg uitsluitend dient als toegangsweg voor de brandweer of als toegangsweg naar een afzonderlijke garage of ander niet voor bewoning bestemd gebouw (tuinhuis, schuur, enzovoort).

9.2 De terrassen aangelegd op het perceel van een woning worden slechts beschouwd als deel uitmakend van de woning wanneer ze grenzen aan een gebouw dat bestemd is om te worden bewoond.

In die gedachtegang zijn onroerende werkzaamheden met betrekking tot een terras dat gelegen is in de tuin of dat grenst aan een niet voor bewoning bestemd gebouw (bijvoorbeeld tuinhuisje of afzonderlijk garagegebouw) steeds onderworpen aan het normale btw-tarief van 21%.

9.3 Plaatsen van afsluitingen, met inbegrip van toegangspoorten, zijn expliciet uitgesloten van de toepassing van het verlaagde btw-tarief.

Muurtjes evenwel die grenzen aan de woning en die geen eigenlijke scheiding of afbakening van de eigendom vormen, kunnen wel aangemerkt worden als deel uitmakend van de woning, evenals hekkens of poortjes die in dergelijke muurtjes zijn ingewerkt. Enkel in dat geval kan het verlaagd btw-tarief van toepassing zijn.

10. Navolgend werk in onroerende staat moet aangemerkt worden als werken die verbandhouden met het eigenlijke woning c.q. woonzorgcentrum:

10.1 Het werk in onroerende staat, bestaande uit de afbraak voorafgaand aan de aanleg van het toegangspad- wandelpad, dat de verbinding maakt tussen de openbare weg en de voetgangerstoegang van het woonzorgcentrum;

10.2 Het werk in onroerende staat, bestaande uit de afbraak voorafgaand aan de aanleg van de onderhoudspaden, die duidelijk grenzen aan de vertrekken van het woonzorgcentrum en er noodzakelijk deel van uitmaken om in het onderhoud van het betrokken gebouw te kunnen voorzien;

10.3 Het werk in onroerende staat, bestaande uit de afbraak voorafgaand aan de aanleg van de toegangsweg die tevens de verbinding maakt tussen de openbare weg en het gebouw, om leveranciers toe te laten, goederen af te leveren, maar bovendien om op discrete wijze zieken- en lijkwagens toegang tot het woonzorgcentrum te verlenen. Deze toegang dient gezien de specifieke functie van het gebouw als ermee samenhorend en er integraal deel van uitmakend, aangemerkt te worden. Daar het zonder deze specifieke toegang zijn functie niet integraal kan realiseren;

10.4 Het werk in onroerende staat, bestaande uit de afbraak voorafgaand aan de aanleg van de voor motorvoertuigen bestemde toegangsweg die de verbinding maakt tussen de openbare weg en het gebouw.

11. Er dient benadrukt dat de DVB zich niet uitspreekt over het op het woonzorgcentrum toepasselijk btw tarief en in het bijzonder of er mogelijks een combinatie van btw tarieven toepasselijk is. Dat in het kader van onderhavige aanvraag en in het bijzonder wat het werk in onroerende staat betreft dat verricht zal worden als voormeld, gesteld wordt dat er voor deze handelingen geen opsplitsing op het vlak van het btw tarief doorgevoerd moet worden, maar dat het adagium “bijzaak volgt de hoofdzaak” toegepast moet worden.

12. Dit om reden dat de aanvrager de DVB de verhoudingen mededeelde – zoals hij deze aan de btw-administratie overgemaakt heeft - zijnde woonzorgcentrum X % – dagcentrum X % en lokaal dienstencentrum X %.

13. Hetgeen impliceert dat indien het woonzorgcentrum in hoofdzaak geniet van het btw tarief van 12%, opgenomen in rubriek X bij tabel B, KB nr. 20, dit tarief uitwerking zal hebben op alle in de aanvraag behandelde werken. Met andere woorden een pro ratering dient niet doorgevoerd te worden, daar de aan te leggen infrastructuren determinerend zijn voor de goede werking van het woonzorgcentrum en hiermede in hoofdzaak het huisvestingsaspect dienen.

Textes cités

4
CTVA art. 442 occurrences
CTVA art. 11 occurrence
CTVA art. 191 occurrence
CTVA art. 371 occurrence