Droit de restitution, Rabais de prix · Décisions anticipées

Aller au texte
Juriel

2014.605 9 décembre 2014

Rechercher
Texte en néerlandais

Droit de restitution, Rabais de prixDroit de restitution - Rabais de prix - Article 77, § 1, 2° C.TVA - Article 46, § 2 affectation réelle

https://juriel.be/fr/rulings/2014-605-droit-restitution-rabais-prix-article-f7b8

Numéro
2014.605
Date
9 décembre 2014

Sur le document

Collection
Décisions anticipées
Langue du texte
néerlandais
Version française
non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

Texte

41 paragraphes

Fiche du SPF Finances

Décision anticipée n° 2014.605 dd. 09.12.2014

Droit de restitution · Rabais de prix · Article 77, § 1, 2° C.TVA · Article 46, § 2 affectation réelle

Résumé

A crée un système de promotion de vente « Z » dans le cadre duquel les détaillants (B) peuvent octroyer à leurs clients (C) (qui sont également des clients auprès de A) un montant qui est enregistré sur la plate-forme Z. C paie lors de son achat le prix plein au détaillant B. C peut imputer le montant enregistré par le biais la plate-forme avec les montants à payer à A. Sur la base d’un décompte mensuel fourni par A, le commerçant (B) paie les montants qu’il a enregistrés à A, avec pour conséquence qu’il est définitivement privé de ces montants.

Dans le cas soumis, on peut considérer que le paiement par le commerçant (B) à A des montants qu’il a accordés à son client C dans le chef de B conformément à l’article 77, § 1er, 2° CTVA fait naître un droit à restitution de la TVA (comprise dans ces montants), pour autant que (1) les montants accordés à C soient repris dans un décompte mensuel qui doit être fourni par le client A au plus tard le 15ème jour ouvrable du mois suivant celui auquel le décompte a trait et que (2) B puisse démontrer le paiement des montants à A.

La décision est publiée uniquement dans la langue dans laquelle la demande a été introduite.

I. Voorwerp van de aanvraag

1. De aanvraag strekt ertoe te vernemen of de registratie door de kleinhandelaars (Partij B) van de korting via het daarvoor voorziene systeem op het online platform “Z”, onder de vorm van een door de tussenkomende Partij A verrichte verrekening in de door C aan A te betalen bedragen, ten bate van de klant (Partij C) bij de levering van goederen, gevolgd door een periodieke maandelijkse afrekening door Partij A ten laste van de kleinhandelaars (Partij B) waarin het bedrag van de tijdens betreffende periode toegekende kortingen zit begrepen, als een prijsvermindering in de zin van artikel 77 §1, 2° WBTW mag worden beschouwd, die recht geeft op een teruggave van de belasting geheven van de levering van de goederen tot beloop van het passende bedrag.

2. De aanvraag strekt ertoe te vernemen of de tussenkomst van Partij A waarbij deze de door de handelaars (Partij B) ten bate van de klant (Partij C) toegekende korting in ontvangst neemt om deze vervolgens integraal en onvoorwaardelijk te verrekenen met de bedragen die de klant (Partij C) dient te betalen aan Partij A voor diens van btw vrijgestelde activiteit en waarbij werkingskosten worden aangerekend, enerzijds een van de vrijgestelde activiteit te onderscheiden belastbare dienst vormt overeenkomstig artikel 18 §1, tweede lid, 1° WBTW en de (gemengde) belastingplichtige Partij A anderzijds een recht op aftrek kan uitoefenen overeenkomstig art 46 §2 WBTW volgens het werkelijk gebruik van de goederen of diensten bestemd voor voornoemde tussenkomst.

II. Omschrijving van de verrichting

3. De BVBA A (Partij A genoemd) heeft een van btw vrijgestelde economische activiteit.

4. In dit verband werd een samenwerkingsverband aangegaan waarbij Partij A aan deelnemende kleinhandelaars (Partij B genoemd) de mogelijkheid biedt om deel uit te maken van het online platform “Z”. Dit platform biedt de klanten (Partij C genoemd) de incentive om korting te verkrijgen door aankopen te doen bij Partij B (dewelke deel uitmaken van het platform) en waarbij Partij A fungeert als doorgeefluik en de korting bekomen wordt door middel van verrekening met de door Partij C aan Partij A te betalen bedragen.

5. Partij A stelt haar online platform “Z” open voor Partij B. Partij B kan naar eigen goeddunken en uitsluitend op haar eigen verantwoordelijkheid kortingen adverteren op dit platform, dewelke consulteerbaar zijn voor de klant (Partij C). Partij B zal de korting niet dienen te verrekenen op het ogenblik van de aankoop door de klant Partij C, doch enkel binnen 24 uur dienen te registreren via het daarvoor voorziene systeem. De klant Partij C zal de geregistreerde kortingen via het online platform “Z” in rekening kunnen brengen bij de te betalen bedragen aan A. Een eventueel openstaand saldo aan de klant gestort.

6. Op het einde van elke kalendermaand zal Partij B een afrekening ontvangen van Partij A voor een bedrag gelijk aan de tijdens betreffende periode geregistreerde korting, vermeerderd met een werkingskost. De kleinhandelaar Partij B zal bijgevolg het bedrag gelijk aan de toegekende korting definitief kwijt zijn.

III. Motivering van de aanvraag

7. Gelet op het feit dat de verrekening met de door C aan A te betalen bedragen het rechtstreeks gevolg is van de aankopen bij de deelnemende handelaars Partij B dewelke deel uitmaken van het online platform “Z” en dat dit wel degelijk een in geldwaarde uitdrukbare incentive vormt voor de klanten (Partij C).

8. Mede gelet op het feit dat Partij B de korting onmiddellijk registreert via het daarvoor voorziene systeem op het online platform “Z” en de hierop gebaseerde maandelijkse afrekening door Partij A garandeert dat Partij B het bedrag van de toegekende korting definitief zal kwijt zijn. Bovendien dient opgemerkt te worden dat een eventueel saldo zal gestort worden aan de klant C.

9. Graag had aanvrager dan ook de bevestiging gezien dat de registratie door de handelaars (Partij B) van de korting via het daarvoor voorziene systeem op het online platform “Z”, onder de vorm van een door de tussenkomende Partij A verrichte verrekening in de door C aan A te betalen bedragen, ten bate van de klant (Partij C) bij de levering van goederen, gevolgd door een periodieke maandelijkse afrekening door Partij A ten laste van de kleinhandelaars (Partij B) waarin het bedrag van de tijdens betreffende periode toegekende kortingen zit begrepen, als een prijsvermindering in de zin van artikel 77 §1, 2° WBTW mag worden beschouwd, die recht geeft op een teruggave van de belasting geheven van de levering van de goederen tot beloop van het passende bedrag. (Voorafgaande beslissing 2010.125 d.d. 22 maart 2011, punt 13 en 14 ; Hof van Justitie, Arrest Freemans, Zaak C-86/99 d.d. 29 mei 2001)

10. Gelet op bovenstaande feiten, namelijk dat de tussenkomst van Partij A waarbij deze de door de handelaars (Partij B) ten bate van de klant (Partij C) toegekende korting in ontvangst neemt om deze vervolgens integraal en onvoorwaardelijk te verrekenen met de bedragen die de klant (Partij C) dient te betalen aan Partij A voor diens aan C geleverde prestaties, louter een modaliteit vormt om de korting toe te kennen in het kader van het samenwerkingsverband en bijgevolg een van de vrijgestelde activiteit (van A) te onderscheiden belastbare activiteit vormt.

11. Gelet op het eerder gering bedrag van de toegekende kortingen en de daarmee samenhangende werkingskost.

12. Graag had aanvrager dan ook de bevestiging gezien dat deze tussenkomst en de aanrekening van werkingskosten enerzijds een belastbare dienst vormt overeenkomstig artikel 18 §1, tweede lid, 1° WBTW en de (gemengde) belastingplichtige Partij A anderzijds een recht op aftrek kan uitoefenen overeenkomstig art 46 §2 WBTW volgens het werkelijk gebruik van de goederen of diensten bestemd voor voornoemde tussenkomst.

IV. Beslissing

Uit het door de DVB gedane analyse blijkt het volgende:

13. In het voorgelegd geval richt A een verkoopsbevorderingssyteem “Z” in waarbij kleinhandelaars (B) aan hun klanten een bedrag kunnen toekennen dat wordt geregistreerd op het platform Z.

14. C betaalt bij zijn aankoop de volledige prijs aan de kleinhandelaar B.

15. C kan het geregistreerde bedrag via het platform verrekenen met aan A te betalen bedragen.

16. Op basis van een door A verstrekte maandelijkse afrekening, betaalt de handelaar (B) de door hem geregistreerde bedragen aan A, met als gevolg dat hij die bedragen definitief kwijt is. In geen geval zullen eventueel ongebruikte bedragen door A worden terugbetaald aan B .

17. Rekening houdend met de geest van het arrest C-86/99 Freemans dd. 29.05.2001, kan in het voorgelegde geval worden beschouwd dat de betaling door de handelaar (B) aan A van de door hem aan zijn klant C toegestane bedragen in hoofde van B overeenkomstig artikel 77, § 1, 2° WBTW een recht op teruggaaf van de btw (vervat in die bedragen) doet ontstaan, hetgeen B kan uitoefenen rekening houdend met artikel 77 WBTW en de bepalingen van KB nr. 4 van 29.12.1969, voor zover () de aan C toegekende bedragen worden opgenomen in een maandelijkse afrekening die door A dient te worden uitgereikt uiterlijk de 15de werkdag van de maand volgend op deze waarop de afrekening betrekking heeft en (2) B de betaling van de bedragen aan A kan aantonen.

18. A zal een werkingskost aanrekenen aan de handelaars (B) voor het gebruik van het loyaliteitsprogramma Z. Deze vergoeding betreft de tegenprestatie een dienst onder bezwarende titel zoals bedoeld in artikel 18, § 1, tweede lid, 1° WBTW die aan de btw is onderworpen.

19. Overeenkomstig de aanvraag verricht A een vrijgestelde activiteit die haar geen recht op aftrek van de voorbelasting verleent.

20. Aangezien de onder randnummer 19 vermelde prestaties aan de btw onderworpen zijn, zal A, binnen de voorwaarden van artikel 45 WBTW en ter uitvoering genomen bepalingen, recht op aftrek hebben van de btw geheven van goederen en diensten die zij afneemt in de uitoefening van die belaste prestaties.

21. In de uitoefening van haar recht op aftrek van de btw geheven van de voor die activiteit gebruikte goederen en diensten mag A de methode van het werkelijk gebruik zoals bedoeld in artikel 46, § 2 WBTW toepassen, met dien verstande dat zij voor de belasting die geheven werd van goederen en diensten die zij voor de twee sectoren zal gebruiken bijzondere verhoudingsgetallen dient vast te stellen onder controle van de administratie.

*

* *

Gelet op de artikelen 20 tot 23 van voormelde wet van 24 december 2002 alsmede op de overwegingen zoals vermeld in deel IV beslist het College van de DVB in zitting van 09/12/2014 dat :

22. rekening houdend met de geest van het arrest C-86/99 Freemans dd. 29.05.2001, in het voorgelegde geval kan worden beschouwd dat de betaling door de handelaar (B) aan A van de door hem aan zijn klant C toegestane bedragen in hoofde van B overeenkomstig artikel 77, § 1, 2° WBTW een recht op teruggaaf van de btw (vervat in die bedragen) doet ontstaan, hetgeen B kan uitoefenen rekening houdend met artikel 77 WBTW en de bepalingen van KB nr. 4 van 29.12.1969, voor zover (1) de aan C toegekende bedragen worden opgenomen in een maandelijkse afrekening die door A dient te worden uitgereikt uiterlijk de 15de werkdag van de maand volgend op deze waarop de afrekening betrekking heeft en (2) B de betaling van die bedragen aan A kan aantonen.

23. de werkingskost die A zal aanrekenen aan de handelaars (B) voor het gebruik van het loyaliteitsprogramma, de tegenprestatie betreft van een dienst onder bezwarende titel zoals bedoeld in artikel 18, § 1, tweede lid, 1° WBTW die aan de btw is onderworpen.

24. in de uitoefening van haar recht op aftrek van de btw geheven van de voor in randnummer 26 vermelde activiteit gebruikte goederen en diensten, A de methode van het werkelijk gebruik zoals bedoeld in artikel 46, § 2 WBTW mag toepassen, met dien verstande dat zij voor de belasting die geheven werd van goederen en diensten die zij voor de twee sectoren zal gebruiken bijzondere verhoudingsgetallen dient vast te stellen onder controle van de administratie.

Textes cités

5
CTVA art. 778 occurrences
CTVA art. 184 occurrences
CTVA art. 464 occurrences
CTVA art. 451 occurrence