Bien immeuble · Décisions anticipées

Aller au texte
Juriel

300.367 24 février 2004

Rechercher
Texte en néerlandais

Bien immeuble

https://juriel.be/fr/rulings/300-367-bien-immeuble-c687

Numéro
300.367
Date
24 février 2004

Sur le document

Collection
Décisions anticipées
Langue du texte
néerlandais
Version française
non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

Texte

19 paragraphes

300.367

Décision anticipée n° 300.367 dd. 24.02.2004

Bien immeuble

Droit de jouissance exclusif

Location d'un bien immeuble par nature

Prestation de services

La concession du droit d'exercer une activité professionnelle

Taxe sur la valeur ajoutée

Pour l'instant, la décision est publiée uniquement dans la langue dans laquelle la demande a été introduite.

Voorwerp van de aanvraag

De aanvraag strekt ertoe een voorafgaande beslissing te bekomen over de toepassing van de BTW-wetgeving op de verrichting zoals beschreven in de overeenkomst die zal worden gesloten tussen de NV A en de NV B in oprichting.

Het voorgelegde ontwerp van overeenkomst betreft het verlenen door de NV A aan de NV B van het recht om de exploitatie en de uitbating van een bedrijvigheid uit te oefenen in de gebouwen waarin de NV A eveneens een gelijkaardige activiteit zal uitoefenen. De NV B verwerft het recht haar eigen goederen en producten tentoon te stellen en te verkopen alsook een recht van gebruik van de toegangswegen, de parking, alle sociale locaties en faciliteiten van de eigendom (o.a. de vestiaire, de toiletten, de wasplaatsen en de refter).

Beslissing

Het verlenen van dergelijke rechten dient te worden aangemerkt als het verrichten van een dienst in de zin van artikel 18 van het BTW-Wetboek die belastbaar is wanneer de dienst onder bezwarende titel in België wordt verricht door een belastingplichtige in de zin van artikel 4 van het BTW-Wetboek.

Artikel 44, § 3, 2°, van het BTW-Wetboek stelt vrij van de belasting de verpachting, de verhuur en de overdracht van huur van uit hun aard onroerende goederen. Deze bepaling is de omzetting in Belgisch recht van artikel 13, B, sub b, van de zesde BTW-richtlijn (Richtlijn 77/388 van de Raad).

Volgens een vaste rechtspraak van het Europees Hof van Justitie moeten de vrijstellingen van artikel 13 van de Zesde BTW-richtlijn autonome communautaire rechtsbegrippen zijn. Zij dienen derhalve een communautaire definitie te krijgen. Het Hof heeft voor recht gezegd dat de verhuur van onroerende goederen in de zin van artikel 13, B, sub b, van de zesde BTW-richtlijn in wezen inhoudt dat de eigenaar van een onroerend goed de huurder tegen de betaling van huur voor een overeengekomen tijdsduur het recht verleent zijn goed te gebruiken en andere personen daarvan uit te sluiten.

Uit het voorgelegd ontwerp van overeenkomst blijkt evenwel dat het essentiële voorwerp van de overeenkomst niet het verlenen van een exclusief recht van genot van een uit zijn aard onroerend goed betreft. Dit blijkt onder meer uit de omstandigheid dat de te verlenen rechten geen exclusieve gebruiks- of genotsrechten zijn. Uit bedoelde overeenkomst blijkt bovendien dat de NV B niet zal kunnen beschikken over afzonderlijke en gesloten lokalen of duidelijk afgebakende ruimten waartoe deze vrije toegang heeft. De NV B kan aangaande de te gebruiken ruimte evenmin een afdwingbaar recht putten uit de overeenkomst; ze kan zich evenmin beroepen op enig verworven recht aangaande de te gebruiken ruimte.

De overeenkomst sluit elk ongestoord en rustig genot van de eigendom uit. Uit de uiteenzetting blijkt dat de NV A zelf immers over de volledige oppervlakte een economische activiteit zal uitoefenen.

Op grond van wat voorafgaat en voor zover de feitelijke omstandigheden in overeenstemming zijn met de bepalingen van het voorgelegd ontwerp van overeenkomst, beslist de FOD Financiën dat het verlenen door de NV A aan de NV B van het recht om de exploitatie en de uitbating van een bedrijvigheid uit te oefenen in de gebouwen waarin de NV A eveneens een gelijkaardige activiteit zal uitoefenen, in de omstandigheden zoals uiteengezet in de aanvraag om voorafgaande beslissing, een dienst betreft als bedoeld in artikel 18, § 1, tweede lid, 6°, van het BTW-Wetboek.

Textes cités

4
CTVA art. 182 occurrences
CTVA art. 41 occurrence
CTVA art. 441 occurrence