Démolition et reconstruction, taux de TVA · Décisions anticipées

Aller au texte
Juriel

2021.0295 29 juin 2021

Rechercher
Texte en néerlandais

Démolition et reconstruction, taux de TVATva - Article 1quater, §3 AR nr. 20 - Démolition et reconstruction

https://juriel.be/fr/rulings/2021-0295-article-1quater-demolition-reconstruction-taux-d80a

Numéro
2021.0295
Date
29 juin 2021

Sur le document

Collection
Décisions anticipées
Langue du texte
néerlandais
Version française
non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

Texte

47 paragraphes

Fiche du SPF Finances

Décision anticipée n° 2021.0295 du 29.06.2021

Tva · Article 1 quater, §3 AR nr. 20 · Démolition et reconstruction

Résumé

Les maisons unifamiliales qui doivent encore être livrées entrent en principe en considération pour l’application du taux réduit de TVA de 6 %, conformément à l’article 1quater, § 3, de l’AR n° 20.

L’application effective du taux réduit dépend en outre des conditions imposées à l’article 1quater, § 3, alinéa 2, §§ 4, 5 et 8, de l’AR n° 20, à savoir principalement la destination que les acquéreurs donnent aux appartements, la possession faisant potentiellement obstacle dans le chef des acquéreurs, la limite de superficie et les formalités à remplir.

Ce régime relatif au taux réduit de 6 % est temporaire et ne s’applique que lorsque la taxe due sur la livraison est exigible au plus tard le 31 décembre 2022 conformément à l’article 17, § 1er, du CTVA.

Texte de la décision

La décision est publiée uniquement dans la langue dans laquelle la demande a été introduite

I. Voorwerp van de aanvraag

De aanvraag heeft betrekking op de toepassing van het verlaagde BTW-tarief van 6% overeenkomstig KB nr. 20 artikel 1quater, §3 (nieuw) met betrekking tot de levering van ééngezinswoningen die opgericht werden op het voorheen bebouwde perceel dat samen met andere percelen één nieuw kadastraal perceel werd.

II. Omschrijving van de verrichtingen

2. D had een opstalrecht op de percelen X en Y gevestigd ten voordele van B en heeft daaropvolgend de percelen X en Y, belast met voormeld recht van opstal ten voordele van B, verkocht aan C. B heeft daaropvolgend met instemming van C het opstalrecht op de percelen X en Y overgedragen aan A.

3. C heeft het onbebouwde perceel Z aangekocht van een derde en ten voordele van A een opstalrecht gevestigd.

III. Beslissing

4. Artikel 1 quater § 3 KB nr. 20 :

“Het verlaagd tarief van 6 pct. is van toepassing op de levering van woningen en het bijhorend terrein, alsook op de vestiging, overdracht of wederoverdracht van de zakelijke rechten in de zin van artikel 9, tweede lid, 2°, van het Wetboek, op een woning en het bijhorend terrein, die niet overeenkomstig artikel 44, § 3, 1°, van het Wetboek van de belasting zijn vrijgesteld, door de belastingplichtige die de afbraak van een gebouw en de daarmee gepaard gaande heropbouw heeft uitgevoerd van een woning gelegen op hetzelfde kadastraal perceel als dat gebouw, wanneer de op die handelingen verschuldigde belasting opeisbaar is geworden overeenkomstig artikel 17, § 1, van het Wetboek tussen 1 januari 2021 en 31 december 2022.

Het voordeel van het verlaagd tarief is onderworpen aan de volgende voorwaarden:

1° de handeling bedoeld in het eerste lid heeft betrekking op een woning die, na de levering:

a) hetzij op het tijdstip van de eerste ingebruikneming of eerste inbezitneming als enige woning en hoofdzakelijk als eigen woning in de zin van artikel 5/5, § 4, tweede tot achtste lid, van de bijzondere wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de Gemeenschappen en de Gewesten wordt gebruikt door de verkrijger-natuurlijke persoon die er zonder uitstel zijn domicilie zal hebben en een totale bewoonbare oppervlakte heeft van niet meer dan 200 m2;

b) hetzij door de verkrijger aan een sociaal verhuurkantoor wordt verhuurd of wordt verhuurd in het kader van een door de verkrijger aan een sociaal verhuurkantoor toegekend beheersmandaat;

2° de leverancier:

a) verstuurt vóór het tijdstip waarop de belasting opeisbaar wordt overeenkomstig artikel 17, § 1, van het Wetboek, of, in geval van een verkoop op plan, vóór het tijdstip waarop het belastbaar feit zich voordoet overeenkomstig artikel 16, § 1, eerste lid, van het Wetboek, een verklaring aan het elektronisch adres aangeduid door de minister van Financiën of zijn gemachtigde. Deze verklaring, medeondertekend door de verkrijger van het gebouw, vermeldt dat het gebouw dat de leverancier heeft laten afbreken en heroprichten en het voorwerp uitmaakt van een handeling bedoeld in het eerste lid, bedoeld is om hetzij, als enige woning en hoofdzakelijk als eigen woning in de zin van artikel 5/5, § 4, tweede tot achtste lid, van de bijzondere wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de Gemeenschappen en de Gewesten te worden gebruikt door de verkrijger-natuurlijke persoon die er zonder uitstel zijn domicilie zal hebben waarbij die woning een totale bewoonbare oppervlakte zal hebben van niet meer dan 200 m2, hetzij om door de verkrijger aan een sociaalverhuurkantoor te worden verhuurd of te worden verhuurd in het kader van een aan een sociaal verhuurkantoor toegekend beheersmandaat, en is vergezeld van een afschrift van:

- de omgevingsvergunning;

- het (de) aannemingscontract(en) met betrekking tot de afbraak van het gebouw en de heropbouw van de woning;

- het compromis of de authentieke akte met betrekking tot de in het eerste lid bedoelde handeling;

b) overhandigt een afschrift van de in de bepaling onder a) bedoelde verklaring aan zijn medecontractant(en);

3° de door de leverancier van de goederen uitgereikte facturen en de dubbels die hij bewaart alsook de overeenkomsten of de authentieke akten met betrekking tot de handelingen bedoeld in het eerste lid, vermelden, op basis van het afschrift van de verklaring bedoeld in de bepaling onder 2°, b), het voorhanden zijn van de elementen die de toepassing van het verlaagd tarief rechtvaardigen; behalve in geval van samenspanning tussen de partijen of klaarblijkelijk niet-naleving van onderhavige bepaling, ontlast de medeondertekening van de verkrijger van de verklaring bedoeld in de bepaling onder 2°, a), de leverancier van de goederen van de aansprakelijkheid betreffende de vaststelling van het tarief.

Voor de toepassing van het tweede lid, 1°, a), wordt om te bepalen of de woning de enige woning is die de verkrijger-natuurlijke persoon zelf betrekt, geen rekening gehouden met:

- andere woningen waarvan hij, ingevolge erfenis, mede-eigenaar, naakte eigenaar of vruchtgebruiker is;

- een andere woning die hij betrekt als eigen woning waar hij zijn domicilie heeft gevestigd en die uiterlijk op 31 december van het jaar dat volgt op het jaar van ingebruikneming of inbezitneming van de woning bedoeld in het tweede lid, 1°, a), is verkocht.

Het verlaagd tarief is niet van toepassing op het gedeelte van de prijs van de levering dat betrekking heeft op zwembaden, sauna's, midgetgolfbanen, tennisterreinen en dergelijke installaties.

5. De in de andere paragrafen opgenomen voorwaarden worden niet weergegeven in deze beslissing, maar blijven onverminderd van toepassing.

6. Vaststellende dat :

6.1 de omgevingsvergunning voorziet in de renovatie van het woonhuis, afbraak van de vierkantshoeve en bijgebouwen, uitgezonderd voornoemd woonhuis, en de bouw van 29 ééngezinswoningen met ondergrondse garage;

6.2 bij notariële akte kocht C het perceel Z;

6.3 bij notariële akte werd er op de bebouwde percelen X en Y een recht van opstal gevestigd ten voordele van B en werd de grond – voorwerp van voormelde percelen en belast met voormeld recht van opstal - aangekocht door C;

6.4 bij notariële akte verzaakt C aan het recht van natrekking op het onbebouwd perceel Z en verleent een toelating tot bouwen in het voordeel A;

6.5 bij notariële akte werd het opstalrecht op de percelen X en Y door B overgedragen aan A;

6.6 de afbraakwerken in opdracht en voor rekening van A uitgevoerd werden in de periode van 1/08/2019 tot en met 31/08/2020 en voormelde tevens de opdrachtgever is voor de oprichting van de 29 ééngezinswoningen;

dient geconcludeerd dat A als bouwheer optreedt bij de afbraak en de heropbouw van de 29 ééngezinswoningen.

7. Op basis van de voorgelegde architecturale plannen, de omgevingsvergunning en een uittreksel van het online kadaster blijkt dat de 29 ééngezinswoningen opgericht worden op de plaats waar voorheen de vierkantshoeve (met uitzondering van het woonhuis) stond. Derhalve kan gesteld worden dat de woningen opgericht worden op hetzelfde perceel alwaar de afbraak plaatsvond.

8. De DVB gaat op basis van de voorgelegde stukken na of de af te breken opstallen voldoende significant waren om een echte afbraak te argumenteren en het aantal wooneenheden in de herop te bouwen gebouwen niet in schril contrast ermee staan. In casus kan gesteld dat de afbraak – heroprichting niet op een wanverhouding wijst.

9. Om voormelde redenen meent de DVB dat besloten kan worden dat in onderhavige casus de afbraak betekenisvol is ten opzichte van de heropbouw.

10. Dat het behoud van het te renoveren woonhuis op hetzelfde perceel de toepassing van artikel 1 quater K.B. nr 20 op de levering van de 29 nieuw opgerichte ééngezinswoningen niet in de weg staat.

11. De DVB erop wijst dat zij zich niet uitspreekt over het te renoveren woonhuis noch over de in dat voormalig woonhuis te creëren woningen of ruimten, daar dit evenmin door de aanvrager voorgelegd werd maar enkel ter informatieve titel in de aanvraag medegedeeld werd.

Textes cités

4
CTVA art. 173 occurrences
CTVA art. 161 occurrence
CTVA art. 91 occurrence