Poursuite, instance, droits et privilèges du Trésor · Jurisprudence belge

Aller au texte
Juriel

Tribunal de première instance Louvain 6 mars 2009

Rechercher
Texte en néerlandais

Poursuite, instance, droits et privilèges du TrésorTaxe sur la valeur ajoutée

https://juriel.be/fr/jurisprudence/poursuite-instance-droits-privileges-tresor-tribunal-louvain-2009-03-06-5dc3

Juridiction
Tribunal de première instance
Siège
Louvain
Date
6 mars 2009

Sur le document

Collection
Jurisprudence belge
Langue du texte
néerlandais
Version française
non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

Texte

58 paragraphes

Fiche du SPF Finances

Jugement du Tribunal de première instance de Louvain du 06.03.2009

Résumé non fourni

Texte du jugement

Corps de la décision

Le texte est publié uniquement dans la langue originale

RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG LEUVEN - AFDELING BURGERLIJKE RECHTBANK, Twaalfde kamer.

Zitting : 6 maart 2009

VONNIS

Rol nr. : 01/1846/A

Inzake :

MEESTER J. M. EN MEESTER. S. V., advocaten met kantoor te …, …, in hun hoedanigheid van curatoren van het faillissement van de NV L., met maatschappelijke zetel te …, …, ingeschreven in het handelsregister te Leuven onder nummer …, daartoe aangesteld bij vonnis van de Rechtbank van Koophandel te Leuven op 27 april 2004.

eisers,

ter zitting vertegenwoordigd door meester S. V. D. A., loco meester Y. N., advocaat te …, …

tegen :

DE BELGISCHE STAAT, Federale Overheidsdienst Financiën, Administratie van de BTW, registratie en domeinen, in de persoon van de Minister van Financiën, wiens kabinet gevestigd is te 1000 Brussel, Wetstraat 12, vertegenwoordigd door de e.a. inspecteur van het BTW-ontvangkantoor te 3300 Tienen, Goossensvest 3.

verweerster,

ter zitting vertegenwoordigd door meester D. B., advocaat te …, ….

Inzake :

MEESTER J. M. EN MEESTER. S. V., advocaten met kantoor te …, …, in hun hoedanigheid van curatoren van het faillissement van de NV L., met maatschappelijke zetel te …, …, ingeschreven in het handelsregister te Leuven onder nummer …, daartoe aangesteld bij vonnis van de Rechtbank van Koophandel te Leuven op 27 april 2004.

eisers,

ter zitting vertegenwoordigd door meester S. V. D. A., loco meester Y. N. G., advocaat te …, …

tegen :

DE BELGISCHE STAAT, Federale Overheidsdienst Financiën, Administratie van de BTW, registratie en domeinen, in de persoon van de Minister van Financiën, wiens kabinet gevestigd is te 1000 Brussel, Wetstraat 12, vertegenwoordigd door de e.a. inspecteur van het BTW-ontvangkantoor:Ja3300 Tienen, Goossensvest 3.

verweerster,

ter zitting vertegenwoordigd door meester D. B., advocaat te …, ….

I. Procedure

De bepalingen van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken werden nageleefd.

De rechtbank nam onder meer kennis van :

- de geding inleidende dagvaarding op 29 juni 2001 betekend door P. D., gerechtsdeurwaarder met standplaats te …;

- de geding inleidende dagvaarding op 22 maart 2002 betekend door P. D., gerechtsdeurwaarder met standplaats te …;

- de neergelegde conclusies en stukken;

- de overige stukken van het rechtsplegingsdossier.

De advocaten van partijen werden gehoord op de openbare zitting van 6 februari 20….

II. De feiten

De NV L., thans failliet, was BTW-plichtige.

De BTW-administratie heeft lastens NV L., dwangbevelen uitgevaardigd omdat deze naliet de verschuldigde BTW te betalen.

III. De vorderingen

NV L. vorderde in de dagvaardingen de opheffing van de dwangbevelen RCIV. nr. … uitgevaardigd op 23 februari 2001, RCIV nr. … uitgevaardigd op 22 februari 2001 en RCIV nr. … uitgevaardigd op 6 februari 2002.

In conclusie wordt de gevorderde BTW niet meer betwist. Eisers vragen kwijtschelding van de geldboete en vrijstelling van intresten.

IV. Beoordeling

1. Door de administratie werd een geldboete van 10 % van de verschuldigde BTW opgelegd wegens niet tijdige betaling van de BTW.

2. Een dergelijke geldboete is wettelijk en niet onevenredig met de begane inbreuk.

3. In bijzondere gevallen mag de bevoegde gewestelijke directeur van de belasting over de toegevoegde waarde, registratie en domeinen, onder door hem bepaalde voorwaarden, vrijstelling verlenen voor alle in artikel 91, §§ 1 en 2, bedoelde intresten of voor een deel ervan (artikel 84bis BTW-Wetboek).

4. De belastingplichtige heeft geen subjectief recht te worden vrijgesteld van zijn wettelijke verplichting om nalatigheidsintresten te betalen.

De bevoegdheid om vrijstelling van nalatigheidsintresten toe te kennen komt enkel toe aan de gewestelijke directeur.

De rechtbank mag zich niet in de plaats van de gewestelijke directeur stellen en in zijn plaats de gevraagde vrijstelling toestaan. De rechtbank kan enkel nagaan of de beslissing van de gewestelijke directeur in overeenstemming met de wet genomen werd en deze desgevallend vernietigen.

5. Eisers hebben geen vraag tot vrijstelling van nalatigheidsintresten gericht tot de gewestelijke directeur. De rechtbank is zonder rechtsmacht om over deze vraag te oordelen.

6. Ter zitting heeft de advocaat van eisers gevraagd het bedrag van de rechtsplegingsvergoeding te herleiden tot het minimum bedrag gelet op de beperkte financiële draagkracht van eisende partij.

7. Gelet op het faillissement kan het bedrag van de rechtsplegingsvergoeding vastgesteld worden op het minimumbedrag.

Dispositif

V. Uitspraak

Dit vonnis wordt gewezen op tegenspraak en in eerste aanleg.

De rechtbank voegt de zaken met rolnummers … en … samen

De rechtbank heeft geen rechtsmacht om vrijstelling van nalatigheidsintresten toe te kennen.

De vordering van eisers is voor het overige ontvankelijk, maar niet gegrond.

De rechtbank veroordeelt eisers tot de kosten. Deze kosten moeten voor eisers niet begroot worden omdat zij te hunnen laste blijven en worden voor verweerster begroot op … euro.

Aldus gedaan en uitgesproken in de openbare terechtzitting van de 12de kamer de rechtbank van eerste aanleg, zitting houdende te Leuven op 6 maart 2009, waar zetelden :

de heer L. W., alleenzetelend rechter

mevrouw E. V. D. G., griffier

E. V. D. G. L. W.

Textes cités

1
CTVA art. 84bis1 occurrence

Décisions similaires

8