Fiche du SPF Finances
DROITS D'ENREGISTREMENT
Apport d'une branche d'activité · Exonération · Scission de sociétés · Scission fiscalement neutre
TAXE SUR LA VALEUR AJOUTÉE · Apport d'une branche d'activité · Exonération
Résumé
Une scission partielle de la société A dans laquelle, d'une part l'activité (1) sera apportée à la société B encore à constituer et, d'autre part, ses participations seront transférées dans des sociétés filiales, actives dans le secteur (2) à une société existante C. La scission partielle prévue répond à des besoins économiques et financiers légitimes au sens de l'article 211, § 1er, alinéa 2, 3°, CIR 92, et tombe, pour ce qui concerne l'apport de l'activité (1) sous l'application des articles 11 et 18, § 3, C.TVA. et de l'article 117, § 2, Code des droits d'enregistrement, d'hypothèque et de greffe.
La décision est publiée uniquement dans la langue dans laquelle la demande a été introduite
Voorwerp van de aanvraag
De geplande verrichting bestaat uit de partiële splitsing van vennootschap A waarbij enerzijds de activiteit (1) (zijnde een fabriek alsook de deelnemingen in de dochtervennootschappen die werkzaam zijn in deze sector (1)) aan een nog op te richten vennootschap B zal worden overgedragen en anderzijds haar deelnemingen in dochtervennootschappen die werkzaam zijn in de sector (2) aan een bestaande vennootschap C zullen worden overgedragen. De vennootschap A behoudt na de partiële splitsing een deelneming in een vennootschap in vereffening, de activa en passiva met betrekking tot oude sites waarvan de uitbating inmiddels werd stopgezet alsook een deelneming in een buitenlandse vennootschap X die werkzaam is in de sector (2) en die het voorwerp uitmaakt van een verkoopovereenkomst tussen vennootschap A en vennootschap C onder de opschortende voorwaarde van de goedkeuring van de partiële splitsing door de algemene vergadering van de betrokken vennootschappen.
Beslissing
Voor zover er geen overdracht wordt beoogd van de aandelen van de vennootschap A, noch van de (ingevolge de verrichting uitgegeven) nieuwe aandelen van de vennootschappen B en C beantwoordt de geplande partiële splitsing aan rechtmatige financiële of economische behoeften in de zin van artikel 211, § 1, tweede lid, 3°, WIB 92 omwille van het feit dat:
- de vennootschap A thans drie onderscheiden activiteiten heeft die hetzij door haar rechtstreeks, hetzij door haar dochtervennootschappen worden uitgeoefend;
- de verrichting zich er louter toe strekt de juridische structuur van de vennootschap in overeenstemming te brengen met de huidige economische werkelijkheid waarbij elk van deze activiteiten reeds op een autonome manier functioneren;
- de geplande partiële splitsing aanleiding zal geven tot een betere zichtbaarheid van de activiteit (1) op de internationale markt waarin zij zich recentelijk heeft ontplooid;
- de filialisering van de activiteit (1) enerzijds en de activiteit (2) anderzijds het voor beide activiteiten mogelijk zal maken om de commerciële, industriële en financiële prestaties van elke activiteit van nabij op te volgen en om gemakkelijker partners voor de respectievelijke activiteiten te vinden om de verdere ontwikkeling van de onderscheiden activiteiten te garanderen, hetgeen in de huidige structuur een belemmering vormt;
- de voorziening die door vennootschap A werd aangelegd voor de saneringskosten van de oude sites die bij vennootschap A zullen worden behouden volgens het oordeel van de Commissaris-revisor de meest correct mogelijke schatting tot nu toe inhoudt van deze kosten;
- de terzake bevoegde autoriteiten inzake sanering van de sites naar behoren werden ingelicht omtrent de geplande reorganisatie;
- met het oog op een vlotte afhandeling ten aanzien van het buitenlandse recht waaraan vennootschap X is onderworpen, vennootschap A heeft beslist over te gaan tot de verkoop van de aandelen van vennootschap X aan vennootschap C eerder dan de betrokken aandelen in deze vennootschap C in te brengen in het kader van de partiële splitsing.
Aangezien de in vennootschap B ingebrachte activiteit (1) betrekking heeft op een bedrijfsafdeling in de zin van de artikelen 11 en 18, § 3, W.BTW , is deze inbreng niet onderworpen aan de BTW. Aan de hand van de elementen van het dossier valt de voormelde inbreng van de activiteit (1) eveneens onder de toepassing van artikel 117, § 2, W.Reg, waardoor de bepalingen van artikel 120 van hetzelfde Wetboek niet van toepassing zijn.
Référence citée
Raccourcis clavier
Inactifs pendant la saisie dans un champ.
- Rechercher dans le texte
- /Ctrl/⌘ F
- Occurrence suivante / précédente
- EntréeMaj Entrée
- Section suivante / précédente
- JK
- Mode lecture
- L
- Fermer un panneau
- Échap
Le mode lecture retire le sommaire et les repères, grossit le texte et recentre la colonne.