Les cessions et concessions de droits d’auteur · Décisions anticipées

Aller au texte
Juriel

2017.013 21 février 2017

Rechercher
Texte en néerlandais

Les cessions et concessions de droits d’auteurTVA - Taux - Les cessions et concessions de droits d’auteur - Rubrique XXIII tableau A de l’annexe Arrêté royal no20 du 20 juillet 1970

https://juriel.be/fr/rulings/2017-013-taux-cessions-concessions-droits-auteur-6da7

Numéro
2017.013
Date
21 février 2017

Sur le document

Collection
Décisions anticipées
Langue du texte
néerlandais
Version française
non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

Texte

31 paragraphes

Fiche du SPF Finances

Décision anticipée n° 2017.013 dd. 21.2.2017

TVA · Taux · Les cessions et concessions de droits d’auteur · Rubrique XXIII tableau A de l’annexe Arrêté royal n°20 du 20 juillet 1970

Résumé

le taux réduit de TVA de 6 % dont il est question dans la rubrique XXIX du tableau A de l’annexe à l’AR n° 20 du 20 juillet 1970 s’applique à la production audiovisuelle que A réalisera pour le compte de B.

La décision est publiée uniquement dans la langue dans laquelle la demande a été introduite

I. Voorwerp van de aanvraag

1. Aanvrager verzoekt te willen bevestigen dat het btw-tarief van 6% , zoals bedoeld in rubriek XXIX van tabel A van de bijlage bij KB nr. 20 van 20 juli 1970 van toepassing is op audiovisuele productie in opdracht van een aanbestedende overheidsinstantie in geval gevraagd wordt de auteursrechten volledig over te dragen aan de opdrachtgever.

II. Omschrijving van de verrichting

2. A realiseert in opdracht van B een audiovisuele productie.

3. B verkrijgt de exclusieve eigendomsrechten van de resultaten en de producten van de opdracht. Deze eigendom omvat eveneens de overdracht van auteursrechten.

4. Na oplevering van de films verkrijgt B de exclusieve eigendomsrechten en heeft zij het recht de film te gebruiken, bewerken, vermenigvuldigen en verspreiden op alle mogelijke wijzen.

5. A ontwikkelt een creatief script en draaiboek, staat in voor de productie en postproductie van de films.

III. Beslissing

6. Overeenkomstig tabel A, rubriek XXIX, nummer 1, bij het koninklijk besluit nr. 20 inzake btw-tarieven zijn onderworpen aan het verlaagde btw-tarief van zes procent de overdracht van auteursrechten en het verlenen van rechten op auteursrechten met uitzondering van deze die betrekking hebben op computerprogramma’s.

7. A ontwikkelt een creatief script en draaiboek, staat in voor de productie en postproductie van de film.

8. In het kader van deze opdracht verkrijgt de B, de exclusieve eigendomsrechten van de resultaten en producten van de opdracht. Deze eigendom omvat eveneens de overdracht van de auteursrechten.

Na oplevering van de films heeft B derhalve het recht om deze filmpjes te gebruiken, te bewerken, te vermenigvuldigen en te verspreiden.

9. Aangezien A en B uitdrukkelijk het bestaan van auteursrechten erkennen en A als ontwerper van de film, aan B het recht verleent om het werk te vermenigvuldigen en te publiceren of te verdelen, is deze handeling onderworpen aan het verlaagde btw-tarief van 6 % ingevolge rubriek XXIX van tabel A van de bijlage bij het vernoemd koninklijk besluit nr. 20. (zie Parlementaire vraag nr. 1414 van de heer Perdieu dd. 06.02.1995, Vr. en Antw., Kamer, 1994-1995, nr. 145, blz. 15576-15577).

10. Het tarief van 6 % is in dat geval ook van toepassing op de afgifte door A aan B van de cassette die de drager vormt van de rechten. Deze afgifte wordt immers niet aangemerkt als een levering van goederen onderscheiden van de overdracht van de auteursrechten of het verlenen van rechten op die auteursrechten (zie Parlementaire vraag nr. 1414 van de heer Perdieu dd. 06.02.1995, Vr. en Antw., Kamer, 1994-1995, nr. 145, blz. 15576-15577).

11. Van dit verlaagd tarief worden evenwel uitgesloten de diensten die betrekking hebben op reclame.

12. Deze overheidsopdracht is evenwel niet commercieel van aard. De spot wordt niet gecreëerd om de verkoop van een welbepaald product of dienst te bevorderen of om de getrouwheid aan een merk te versterken.

13. De Btw-beslissing nr. E.T. 98.968 dd. 13.06.2002 stelt bovendien dat niet als reclamedrukwerk wordt aangemerkt

· drukwerk waarin campagne wordt gevoerd door instellingen of organisaties die geen winst beogen en die doeleinden van humanitaire, religieuze, levensbeschouwelijke, vaderlandslievende, staatsburgerlijke, filantropische, politieke, mutualistische, syndicale of patronale aard nastreven;

· drukwerk waarin campagne wordt gevoerd voor een landstreek, een productengroep of een motto zonder vermelding van specifieke handelsmerken, producten, leveranciers of dienstverrichters. (bv. “Geef bloed”, “Doe sport”, “Drink meer melk”, “Proef de Belgische Kazen”, “Bezoek de Auvergne”);

· blaadjes met aanwervingsaankondigingen door bedrijven;

· …

14. Deze btw-beslissing kan per analogie worden toegepast op de creatie van promofilms. De overheidsopdracht heeft derhalve geen betrekking op diensten van reclame. De aanbestedende overheid streeft met deze opdracht een openbaar doel na.

15. Deze voorafgaande beslissing heeft enkel betrekking op het btw-luik en doet geen uitspraak in verband met de behandeling van de auteursrechten op het vlak van de inkomstenbelasting