Instance, poursuite, droits et privilèges du Trésor · Jurisprudence belge

Aller au texte
Juriel

Tribunal de première instance Anvers 8 novembre 2006

Rechercher
Texte en néerlandais

Instance, poursuite, droits et privilèges du TrésorTaxe sur la valeur ajoutée

https://juriel.be/fr/jurisprudence/instance-poursuite-droits-privileges-tresor-tribunal-anvers-2006-11-08-d13f

Juridiction
Tribunal de première instance
Siège
Anvers
Date
8 novembre 2006

Sur le document

Collection
Jurisprudence belge
Langue du texte
néerlandais
Version française
non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

Texte

80 paragraphes

Fiche du SPF Finances

Jugement du Tribunal de première instance d'Anvers du 08.11.2006

Résumé non fourni

Texte du jugement

Corps de la décision

Le texte est publié uniquement dans la langue originale

V O N N I S gewezen en uitgesproken in het gerechtsgebouw te Antwerpen, op acht november tweeduizend en zes in openbare zitting van de vierde F kamer van de rechtbank van eerste aanleg van het gerechtelijk arrondissement Antwerpen, al waar zetelden :

P. W., enig rechter,

N. D., griffier.

___________

In zake : A.R. Nr. 00/2004/A

meester V. M. S.,

advocaat, met kantoor te …, …, in zijn hoedanigheid van curator van het faillissement van NV A.D.H., ingeschreven in het handelsregister te … onder het nummer …, ingeschreven in de kruispuntbank der ondernemingen onder het nummer …, met maatschappelijke zetel gevestigd te …, …, in faling verklaard bij vonnis van 4 september 2003 gewezen door de rechtbank van koophandel te Antwerpen.

EISENDE PARTIJ Q.Q.

- verschijnt in persoon.

tegen :

DE BELGISCHE STAAT,

A. vertegenwoordigd door de Minister van Financiën, waarvan het kabinet gevestigd is te Brussel, Wetstraat 12, en de dienst belast met het ontvangen van de aktes te Brussel, Bischoffheimlaan 38,

B. Administratie der Belasting over de Toegevoegde Waarde, Registratie en Domeinen, vertegenwoordigd door de heer Minister van Financiën, wiens burelen gevestigd zijn te Brussel, op vervolging en benaarstiging van de heer Gewestelijk Directeur der Belasting over de Toegevoegde Waarde, Registratie en Domeinen, in de persoon van de eerstaanwezend inspecteur van het derde BTW-ontvangkantoor te Antwerpen, gevestigd te 2000 Antwerpen, Italiëlei 4 bus 4.

VERWERENDE PARTIJ

- verschijnende bij meester D. V. loco meester R. L., advocaat, kantoorhoudende te …, ….


Gezien de stukken in het dossier der rechtspleging onder meer :

In zake: A.R. Nr. 00/2004/A

- het exploot van rechtsingang, betekend door het ambt van plaatsvervangend gerechtsdeurwaarder M. V. in vervanging van gerechtsdeurwaarder J. G. te … op 21 maart 2000 voor wat betreft verwerende partij sub A en betekend door het ambt van plaatsvervangend gerechtsdeurwaarder R. D. C. in vervanging van gerechtsdeurwaarder M.-R. P. te … op 20 maart 2000 voor wat betreft verwerende partij sub B,

- de beschikking verleend overeenkomstig artikel 750, § 2 van het Gerechtelijk Wetboek op 3 februari 2003,

- de besluiten van partijen.

In zake: A.R. Nr. 00/2004/A

- het exploot van rechtsingang, betekend door het ambt van plaatsvervangend gerechtsdeurwaarder M. V. in vervanging van gerechtsdeurwaarder J. G. te … op 21 maart 2000 voor wat betreft verwerende partij sub A en betekend door het ambt van plaatsvervangend gerechtsdeurwaarder R. D. C. in vervanging van gerechtsdeurwaarder M.-R. P. te … op 20 maart 2000 voor wat betreft verwerende partij sub B,

- de beschikking verleend overeenkomstig artikel 750, § 2 van het Gerechtelijk Wetboek op 3 februari 2003,

- de besluiten van partijen.

Gelet op de wet van 15 juni 1935 op het gebruik van talen in gerechtszaken.

Gelet op de verordeningen van de Raad van de ministers nummer 974/98 van 03 mei 1998 en nummer 1103/97 van 17 juni 1997 en de wetten van 26 juni 2000 en 30 juni 2000 ter invoering van de euro.

Gehoord de partijen in hun middelen en gezegden ter zitting van 9 oktober 2006.


Inzake AR 00/2000/A

De vordering strekt ertoe in hoofdorde de bestreden dwangbevelen

- Reg. 127/2038, uitgevaardigd op 12 juni 1996 en uitvoerbaar verklaard op 14 juni 1996,

- Reg. 127/2109, uitgevaardigd op 30 oktober 1996 en uitvoerbaar verklaard op 31 oktober 1996,

- Reg. 127/2115, uitgevaardigd op 5 november 1996 en uitvoerbaar verklaard op 7 november 1996,

- Reg. 127/2176, uitgevaardigd op 10 februari 1997 en uitvoerbaar verklaard op 11 februari 1997,

- Reg. 127/2294, uitgevaardigd op 20 augustus 1997 en uitvoerbaar verklaard op 22 augustus 1997,

- Reg. 127/2184, uitgevaardigd op 12 december 1997 en uitvoerbaar verklaard op 15 december 1997,

- Reg. 127/2255, uitgevaardigd op 28 juli 1998 en uitvoerbaar verklaard op 30 juli 1998,

- Reg. 127/2309, uitgevaardigd op 18 december 1998 en uitvoerbaar verklaard op 21 december 1998,

- Reg. 127/2361, uitgevaardigd op 23 april 1999 en uitvoerbaar verklaard op 26 april 1999,

- Reg. 127/2433, uitgevaardigd op 21 oktober 1999 en uitvoerbaar verklaard op 25 oktober 1999,

- Reg. 127/2434, uitgevaardigd op 21 oktober 1999 en uitvoerbaar verklaard op 25 oktober 1999,

van nul en generlei waarde te verklaren in de mate dat de administratieve boeten en intresten op deze boeten werden nagevorderd,

en in ondergeschikte orde de verhoging van de administratieve boete met 50% wegens uitvaardiging van de bestreden dwangbevelen

- Reg. 127/2038, uitgevaardigd op 12 juni 1996 en uitvoerbaar verklaard op 14 juni 1996,

- Reg. 127/2109, uitgevaardigd op 30 oktober 1996 en uitvoerbaar verklaard op 31 oktober 1996,

- Reg. 127/2115, uitgevaardigd op 5 november 1996 en uitvoerbaar verklaard op 7 november 1996,

van nul en generlei waarde te verklaren,

dienvolgens verweerders te veroordelen tot de integrale teruggaaf van alle bedragen welke bijgevolg ten onrechte werden betaald of ingehouden en toegerekend op de sommen vermeld in de dwangbevelen, waarvan de gedeeltelijke vernietiging wordt gevorderd, te v, meerderen met de wettelijke intresten en de kosten van het geding.

Inzake AR 00/2004/A

De vordering strekt ertoe verweerders te veroordelen tot de integrale teruggaaf van de reeds door eisende partij betaalde BTW-boeten ten bedrage van … 6 EUR naar aanleiding van de opening van de bijzondere rekeningen … en …, te vermeerderen met de wettelijke intresten en de kosten van het geding.

Samenvoeging

Deze 2 zaken, gekend onder AR 00/2000/A en AR 00/2004/A, zijn nauw samenhangend en worden omwille van een goede rechtsbedeling samengevoegd zodat de rechtbank uitspraak doet in één vonnis.

Beoordeling

Betreffende de boeten en de intresten op deze boeten (AR 00/2000/A en AR 00/2004/A)

Eisende partij heeft stelselmatig nagelaten de verschuldigde BTW tijdig door te storten aan de administratie.

In deze omstandigheid is de rechtbank van oordeel dat

- de boeten in redelijke verhouding staan met de gepleegde inbreuken en met de ernst van de feiten zodat er dan ook geen enkele reden is om deze boeten geheel of gedeeltelijk kwijt te schelden, dan wel te verminderen,

- er geen enkele reden is om de van rechtswege verschuldigde intresten geheel of gedeeltelijk kwijt te schelden, dan wel vrij te stellen.

Betreffende de verhoging van de geldboete ingevolge de kennisgeving van het dwangbevel (AR 00/2000/A)

Krachtens artikel 2 van het KB nr. 41 van 3 0 januari 1987 tot vaststelling van het bedrag van de proportionele fiscale geldboete op het stuk van de BTW worden, in geval van kennisgeving of betekening van het dwangbevel beoogd in artikel 85 W.BTW, de in de tabellen A tot F van de bijlage bij dit besluit opgenomen geldboeten verhoogd met 50 % zonder dat het gevorderde bedrag kleiner mag zijn dan 5 % van de verschuldigde belasting.

Te dezen werden de geldboeten echter opgelegd voor overtredingen in tabel G zodat de verhoging van de geldboeten met 50 % niet mogelijk is.

Betreffende de uitvoerbaar verklaring bij voorraad (AR 00/2000/A en AR 00/2004/A)

Door partijen worden er geen redenen voorgebracht die nopen tot de uitvoerbaar verklaring bij voorraad van huidig vonnis.

Dispositif

OM DIE REDENEN

DE RECHTBANK,

Rechtdoende op tegenspraak.

Alle andere en strijdige conclusies verwerpend.

Voegt de beide zaken, gekend onder AR 00/2000/A en AR 00/2004/A, samen wegens samenhang en in het belang van een goede rechtsbedeling en doet uitspraak in één vonnis.

Verklaart de vordering inzake AR 00/2004/A toelaatbaar, doch ongegrond en wijst deze af.

Verklaart de vordering inzake AR 00/2000/A toelaatbaar en als volgt gegrond.

Verklaart de bestreden dwangbevelen van nul en generlei waarde in de mate dat de geldboeten werden verhoogd met 50 % ingevolge de kennisgeving van deze dwangbevelen.

Veroordeelt verweerders tot terugbetaling van alle dientengevolge geïnde bedragen, vermeerderd met de moratoriumintresten overeenkomstig artikel 91 W.BTW.

Veroordeelt eisende partij tot de dagvaardingskosten inzake AR 00/2004/A en voor de overige kosten van het geding veroordeelt eisende partij tot 9/10 en verweerders tot 1/10 van deze kosten tot op heden door

- eisende partij begroot op de dagvaardingskosten ten bedrage van … EUR inzake AR 001/2000/A en op tweemaal … EUR rechtsplegingsvergoeding en door de rechtbank ambtshalve vereffend op 1/10 van de dagvaardingskosten ten bedrage van … EUR inzake AR 00/2000/A en op 1/10 van éénmaal … EUR rechtsplegingsvergoeding voor beide samengevoegde zaken,

- verweerders begroot op tweemaal … EUR rechtsplegingsvergoeding en door de rechtbank ambtshalve vereffend op éénmaal 9/10 van … EUR rechtsplegingsvergoeding voor beide samengevoegde zaken.

Wijst het meer en/of anders gevorderde af.

N. D. P. W.

Textes cités

1
AR no 41 art. 21 occurrence