Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.
Fiche du SPF Finances
Jugement du Tribunal de première instance de Hasselt du 12.10.2012
Résumé non fourni
Texte du jugement
Corps de la décision
Le texte est publié uniquement dans la langue originale
DE BURGERLDKE RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG, ZITTING HOUDENDE TE HASSELT, ELFDE KAMER A, HEEFT HET VOLGENDE VONNIS UITGESPROKEN :
IN ZAKE A.R. nr. 11/41/A
NV P. T. C., met maatschappelijke zetel gevestigd te …, …, en met ondernemingsnummer ….
eiseres,
vertegenwoordigd door mr. K. R. loco mr. V. F., advocaat te …, ….
tegen :
DE BELGISCHE STAAT, FEDERALE OVERHEIDSDIENST FINANCIEN, in de persoon van de Minister van Financiën, 1000 Brussel, Wetstraat 12.
ADMINISTRATIE DER DIRECTE BELASTINGEN, in de persoon van de eerstaanwezend inspecteur van het BTW-ontvangkantoor Hasselt 2, met burelen gevestigd te 3500 Hasselt, Voorstraat 43 bus 40.
verweerder,
vertegenwoordigd door zijn gevolmachtigde de heer V. E., inspecteur bij een fiscaal bestuur, verbonden aan de gewestelijke directie van de BTW te Hasselt.
VOLGT HET VONNIS :
Gelet op :
- het verzoekschrift op tegenspraak dat werd neergelegd ter griffie van deze rechtbank op 03.01.2011;
- de conclusie en syntheseconclusie van eiseres;
- de conclusies, de syntheseconclusies en stukken van verweerder.
I. DE FEITEN EN VOORGAANDEN
Eiseres heeft een groothandel in niet-elektrische huishoudelijke artikelen. Zij is belastingplichtige in toepassing van artikel 4 W.BTW vanaf 01.01.1995 en is derhalve onderworpen aan de BTW-wetgeving en de ter uitvoering ervan getroffen besluiten.
Eiseres werd geregistreerd als belastingplichtige onder BTW-nummer BE ….
Bij aangetekende brieven deelde de belastingadministratie aan eiseres mee een bijzondere rekening op te maken conform art. 8 KB nr. 24 van 23.10.1970 voor het tijdvak dat voorafgaat aan 30.06.2010 omdat eiseres één of meerdere aangiften niet had ingediend en/of de verschuldigde belasting niet had voldaan.
Bij aangetekend schrijven van 13.07.2010 van de BTW-controle Maaseik werd in toepassing van artikel 8 KB nr. 24 van 23.10.1970 een bijzondere rekening geopend voor het tijdvak van 31.03.2010 tot 30.06.2010 waarin volgende bedragen gevorderd werden :
- BTW : … euro;
- intresten : … euro;
- geldboete : … euro.
Op 19.07.2010 werd door de belastingadministratie aan eiseres een betalingsbericht verzonden waarin zij werd aangemaand tot onmiddellijke betaling van volgende bedragen :
- BTW : … euro;
- intresten : … euro;
- boete : … euro;
Totaal : … euro.
Bij aangetekend schrijven van 02.08.2010, gericht aan het BTW-ontvangkantoor Hasselt 2, verzocht eiseres een gespreide betaling toe te staan over 6 maanden, te beginnen vanaf 15.08.2010 en verzocht zij tevens kwijtschelding toe te staan van de bijhorende boete van … euro aangezien het overmacht betrof.
Bij beslissing van 01.10.2010, genomen door de waarnemend Directeur, C. V., werd niet ingegaan op het verzoek van eiseres en werd beslist de opgelegde boete (reeds verminderde) te behouden.
Bij verzoekschrift op tegenspraak, neergelegd ter griffie van deze rechtbank op 03.01.2011, stelde eiseres een vordering in rechte in.
Eiseres vordert :
- de vordering van eiseres ontvankelijk en gegrond te verklaren;
- de beslissing d.d. 01.10.2010 van de heer C. V., waarnemend Directeur van de BTW-Directie Hasselt, met referte …, van nul en generlei waarde te verklaren;
- het door eiseres op 03.01.2011 ingediende verzoekschrift tot kwijtschelding van de boete ontvankelijk en gegrond te verklaren en de boete ten bedrage van ... euro kwijt te schelden;
- in ondergeschikte orde uitstel te verlenen van de tenuitvoerlegging van de boete ten bedrage van … euro;
- bijgevolg teruggave te bevelen van de bedragen die door eiseres ten onrechte zouden zijn betaald en/of ingehouden door de administratie, bedragen die moeten worden vermeerderd met de wettelijke en/of gerechtelijk intresten vanaf de datum van de betalingen of inhoudingen;
- verweerder te verwijzen in de kosten van het geding, hierin begrepen de rechtsplegingsvergoeding bepaald op het basisbedrag;
- Het vonnis bij voorraad uitvoerbaar te verklaren, niettegenstaande elk rechtsmiddel, zonder borgstelling en met uitsluiting van kantonnement.
Verweerder besluit tot de ontvankelijkheid doch ongegrondheid van de vordering van eiseres.
II. IN RECHTE
1. Ontvankelijkheid
Verweerder werpt geen middelen van niet-ontvankelijkheid op en de rechtbank bemerkt geen ambtshalve op te werpen excepties met betrekking tot haar bevoegdheid en de ontvankelijkheid van de vordering.
De vordering is dan ook ontvankelijk.
2. Ten gronde
In artikel 84 W.BTW wordt voorzien in een schaal van proportionele fiscale boeten, waarvan de trappen door de Koning zijn vastgesteld. Tot uitvoering daarvan wordt in het koninklijk besluit nr. 41 van 30 januari 1987 en in de daaraan gehechte bijlage een schaal met verminderde boeten vastgelegd.
De wettigheid van de boete en de realiteit van de feiten die tot de beboeting aanleiding hebben gegeven zijn voor rechterlijke controle vatbaar. In artikel 6 EVRM ligt immers het recht besloten op een doelmatige rechterlijke controle, met volle rechtsmacht op hoge administratieve boetes.
De rechter aan wie gevraagd wordt een administratieve sanctie te toetsen die een repressief karakter heeft in de zin van artikel 6 EVRM, moet de wettigheid van die sanctie onderzoeken en mag in het bijzonder nagaan of die sanctie verzoenbaar is met de dwingende eisen van de internationale verdragen en van het interne recht, met inbegrip van de algemene rechtsbeginselen. De rechter mag hierbij in het bijzonder acht slaan op de zwaarte van de inbreuk, de hoogte van de reeds opgelegde sancties en de wijze waarop in gelijkaardige zaken werd geoordeeld, maar moet hierbij in acht nemen in welke mate het bestuur zelf gebonden was in verband met de sanctie.
Dit toetsingsrecht houdt niet in dat de rechter op grond van een subjectieve appreciatie van wat hij redelijk acht, om loutere redenen van opportuniteit en tegen wettelijke regels in, boeten kan kwijtschelden of verminderen (vgl. Cass. (1ek.) AR F.10.0033.N, 8 april 2011 (Belgische Staat/Street One bvba) http://www.cass.be (4 mei 2011)).
Eiseres stelt dat de opgelegde boete dient te worden kwijtgescholden wegens een schending van de motiveringsplicht alsook wegens een schending van het evenredigheidsbeginsel.
Eiseres stelt dat in het schrijven van 13.07.2010 van de BTW-controle Maaseik, waarbij eiseres in kennis werd gesteld van de opening van een bijzondere rekening, de opgelegde proportionele geldboete onvoldoende gemotiveerd is en derhalve de boete onwettig is.
De rechtbank stelt vast dat in de kennisgeving van 13.07.2010 geen melding gemaakt wordt van de feiten die de overtreding opleveren noch van de motieven die gediend hebben om het bedrag van de boete vast te stellen.
Een loutere verwijzing naar de bijlage van het KB. nr. 41 volstaat niet.
Artikel 109 van de wet van 4 augustus 1986 houdende fiscale bepalingen legt minstens een even strenge motiveringsverplichting op als de wet van 29 juli 1991, zodat deze laatste te dezen niet van toepassing is.
Uit de kennisgeving van het opmaken van een bijzondere rekening blijkt niet dat de belastingplichtige kennis zou hebben van de redenen die de administratie ertoe aangezet hebben om een geldboete op te leggen. Uit de kennisgeving kan geenszins afgeleid worden dat de boete werd opgelegd wegens laattijdige betaling van de BTW; in de kennisgeving wordt zelfs niet vermeld dat er sprake is van een laattijdige betaling van de BTW. Bij laattijdige betaling van de BTW is trouwens in beginsel geen BTW verschuldigd, doch wel nalatigheidsintresten.
Het gegeven dat het opleggen van een boete naar aanleiding van het opmaken van een bijzondere rekening een gebonden bevoegdheid zou zijn, doet geen afbreuk aan voorgaande.
De belastingadministratie dient te motiveren waarom zij een boete van 10 % oplegt.
Een schending van de motiveringsverplichting heeft steeds de nietigheid van de beslissing tot gevolg.
Er kan in casu enkel vastgesteld worden dat de kennisgeving van 13.07.2010 tot het opmaken van een bijzondere rekening onvoldoende gemotiveerd is, zodat deze nietig is en de opgelegde boete onwettig (vgl. cass. ass. (1ek.) AR C.10.0202.N, 8 april 2011 (Belgische Staat/Katoen Natie Tank Operations nv) FJF 2012, afl. 1, 15 en http://www.monkey.be/ (24 februari 2012); http://www.cass.be (4 mei 2011); Pas. 2011, afl. 4, 1018; TFR 2011 (samenvatting), afl. 410, 892 en http://tfrnet.larcier.be/ (2 december 2011)
De vordering van eiseres is dan ook gegrond.
Wat betreft de kosten van de procedure dient er rekening gehouden te worden met de inwerkingtreding van de wet van 21.04.2007 betreffende de verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten van een advocaat (B.S. 31.05.2007) en de onmiddellijke toepassing van deze wet op alle hangende gedingen vanaf 01.01.2008.
Partijen hebben terzake standpunt ingenomen.
De vordering is in geld waardeerbaar en de rechtbank bemerkt geen enkele reden om af te wijken van het basisbedrag.
Gelet op de art 2, 30 tot 37 en 41 van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken.
Dispositif
OM DEZE REDENEN,
De rechtbank, rechtdoende op tegenspraak.
Verklaart de vordering van eiseres ontvankelijk en gegrond.
Verklaart de bij kennisgeving van 13.07.2010 opgelegde boete onwettig en beveelt de terugbetaling van de eventueel ten onrechte betaalde/ingehouden boete ten bedrage van … euro, te vermeerderen met de gerechtelijke intresten aan de wettelijke intrestvoet vanaf de datum van de betalingen/inhoudingen tot de datum van terugbetaling.
Veroordeelt verweerder tot de kosten van het geding en vereffent deze in hoofde van eiseres op … euro rechtsplegingsvergoeding.
Aldus gevonnist en uitgesproken in openbare zitting van de elfde kamer A, op het gerechtshof te Hasselt op 12.10.2012, alwaar aanwezig waren:
Mevrouw M. C., enige rechter, en
De Heer L. P., griffier.
L. P. M. C.
Référence citée
Raccourcis clavier
Inactifs pendant la saisie dans un champ.
- Rechercher dans le texte
- /Ctrl/⌘ F
- Occurrence suivante / précédente
- EntréeMaj Entrée
- Section suivante / précédente
- JK
- Mode lecture
- L
- Fermer un panneau
- Échap
Le mode lecture retire le sommaire et les repères, grossit le texte et recentre la colonne.