Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.
Fiche du SPF Finances
IMPOT DES SOCIÉTÉS
IMPOT DES PERSONNES MORALES · Conversion · Société à finalité sociale
DROITS D’ENREGISTREMENT
TVA
Résumé
En ce qui concerne la première étape (apport à titre gratuit du secteur de la jeunesse et des bénévoles dans une nouvelle ASBL à constituer) :
- l'ASBL encore à constituer, dans laquelle les activités de jeunesse et de bénévolat seront apportées, sera soumise à l'impôt des personnes morales, conformément à l'article 220, 3°, CIR 92 ;
- l'apport envisagé à titre gratuit ne donne pas lieu à une quelconque imposition à l'impôt des personnes morales conformément aux articles 221 à 224 CIR 92 dans le chef de l'ASBL X (ASBL absorbée) ou l'ASBL Y (ASBL bénéficiaire) ;
- l'opération envisagée se justifie par d'autres motifs que la volonté d'éviter les impôts sur les revenus au sens de l'article 344, § 1er du CIR 92.
En ce qui concerne la deuxième étape (transformation de l'ASBL X dans une société anonyme à finalité sociale) :
- la transformation de l'ASBL X dans la SA/SFS X, vu la continuité de la personnalité juridique conformément à l'article 26bis, deuxième alinéa de la loi A&F et le fait que par conséquent, aucune cession de patrimoine, droits ou services n'a lieu, ne donnera lieu à la perception de la TVA ou à une révision de la TVA déduite auparavant.
- la transformation de l'ASBL X en SA/SFS X ne donnera pas lieu à une quelconque imposition à l'impôt des personnes morales
- la SA/SFS X sera soumise à l'impôt des sociétés à partir de la transformation ;
- l'actif et le passif dans le bilan d'ouverture fiscal peuvent être admis à la valeur comptable qu'ils ont dans l'ASBL X avant la transformation ;
- le capital qui sera formé par l'apport en nature des dettes (qui étaient auparavant comptabilisées dans les financements permanents), sera considéré comme capital libéré au sens de l'article 184 CIR 92, peu importe le fait que cet apport en nature ait lieu en un ou deux mouvements (un premier apport lors de la transformation en une SA/SFS et un deuxième apport immédiatement après la transformation en une SA « ordinaire ») :
- la transformation de l'ASBL X en SA/SFS X ne donnera pas lieu à une quelconque imposition à l'impôt des personnes morales ;
- les indemnités de formation que la SA (SFS) X payera le cas échéant à l'ASBL Y peuvent être considérées comme frais professionnels déductibles au sens de l'article 49 CIR92 ;
- les opérations envisagées (apport à titre gratuit dans l'ASBL Y, suivie par la transformation de l'ASBL X en SA/SFS X) se justifie par d'autres motifs que la volonté d'éviter les impôts sur les revenus au sens de l'article 344, § 1er, CIR 92.
En ce qui concerne la troisième étape (Transformation de la SA/SFS X en une SA « ordinaire ») :
- la transformation de la SA/SFS X en une société commerciale « ordinaire » est exemptée du droit d'apport proportionnel sur la base de l'article 121, alinéa premier, 1°, C. enr. Le SDA n'est pas compétent pour se prononcer sur une éventuelle application des droits de vente flamands, problématique qui pourrait en outre uniquement survenir en cas d'évaluation de la disposition anti-abus. La demande d'application, éventuelle de la disposition anti-abus n'est cependant pas posée par le demandeur.
- la transformation de la SA/SFS X en une société commerciale « ordinaire », vu le fait que cela ne concerne qu'une modification des statuts et que cela ne modifie pas la continuité de la personne morale, de sorte qu'aucune cession de patrimoine, droits ou services n'a lieu, ne donnera lieu à la perception de la TVA ou à une révision de la TVA déduite auparavant.
- à l'occasion de la transformation de la SA/SFS X en une société commerciale « ordinaire », vu le fait que cela ne concerne qu'une modification des statuts et que cela ne modifie pas la continuité de la personne morale, aucun impôt des sociétés ne sera dû
- l'opération envisagée (transformation de la SA/SFS X en une société commerciale « ordinaire ») se justifie par d’autres motifs que la volonté d'éviter les impôts sur les revenus au sens de l'article 344, § 1er du CIR 92.
La décision est publiée uniquement dans la langue dans laquelle la demande a été introduite
I. Voorwerp van de aanvraag
1. De aanvrager wenst bevestiging te bekomen dat:
Wat de eerste stap betreft (Inbreng om niet van de jeugdsector en de vrijwilligers in een nieuw op te richten VZW):
- de nog op te richten VZW, waarin de jeugd- en vrijwilligerswerking zal worden ingebracht onderworpen zal zijn aan de rechtspersonenbelasting, overeenkomstig artikel 220, 3° WIB92;
- de geplande inbreng om niet geen aanleiding geeft tot enige belastingheffing in de rechtspersonenbelasting overeenkomstig artikel 221 WIB92 tot en met 224 WIB92 in hoofde van VZW X (inbrengende VZW) of VZW Y (verkrijgende VZW);
- de voorgenomen verrichting verantwoord is door andere motieven dan het ontwijken van inkomstenbelastingen in de zin van artikel 344, § 1 WIB92.
Wat de tweede stap betreft (Omvorming van VZW X in een naamloze vennootschap met sociaal oogmerk):
- de omvorming van VZW X in NV/VSO X, gelet op continuïteit van de rechtspersoonlijkheid overeenkomstig artikel 26bis, tweede lid V&S-wet en het feit dat er bijgevolg geen overdracht van vermogen, rechten of diensten plaatsvindt, geen aanleiding zal geven tot de heffing van BTW of een herziening van de eerder in aftrek gebrachte BTW.
- De aanvraag strekt ertoe te vernemen dat de omvorming van VZW X in NV/VSO X geen aanleiding zal geven tot enige belastingheffing in de rechtspersonenbelasting
- NV/VSO X vanaf de omvorming onderworpen zal zijn aan de vennootschapsbelasting;
- de activa en passiva in de fiscale openingsbalans mogen worden opgenomen aan de boekwaarde die zij hebben bij VZW X voor de omzetting;
- het kapitaal dat zal worden gevormd door de inbreng in natura van de schulden (die voorheen onder de permanente financieringen stonden geboekt), zal worden beschouwd als gestort kapitaal in de zin van artikel 184 WIB92, ongeacht of het deze inbreng in natura gebeurt in één of twee bewegingen (een eerste inbreng bij de omzetting in een NV/VSO en een tweede inbreng onmiddellijk na de omvorming in een "gewone" NV);
- de omzetting van VZW X in NV/VSO X als zodanig geen aanleiding zal geven tot enige belastingheffing in de vennootschapsbelasting;
- de opleidingsvergoedingen die NV (VSO) X desgevallend zal betalen aan de VZW Y kunnen worden beschouwd als aftrekbare beroepskosten in de zin van artikel 49 WIB 92;
- de voorgenomen verrichtingen (inbreng om niet in VZW Y, gevolgd door de omvorming van VZW X in NV/VSO X) verantwoord is door andere motieven dan het ontwijken van inkomstenbelastingen in de zin van artikel 344, § 1 WIB 92.
Wat de derde stap betreft (Omvorming van NV/VSO X in een "gewone" NV):
- de omvorming van NV/VSO X in een "gewone" handelsvennootschap, gelet op het feit dat dit louter een statutenwijziging betreft en de continuïteit van de rechtspersoon onverlet laat, zodat er geen overdracht van vermogen plaatsvindt, geen aanleiding zal geven tot de heffing van de registratierechten of verkooprechten.
- de omvorming van NV/VSO X in een "gewone" handelsvennootschap, gelet op het feit dat dit louter een statutenwijziging betreft en de continuïteit van de rechtspersoon onverlet laat, zodat er geen overdracht van vermogen, rechten of diensten plaatsvindt, geen aanleiding zal geven tot de heffing van BTW of tot een herziening van de voorheen in aftrek gebrachte BTW.
- er naar aanleiding van de omvorming van NV/VSO X in een "gewone" handelsvennootschap, gelet op het feit dat dit louter een statutenwijziging betreft en de continuïteit van de rechtspersoon onverlet laat, geen vennootschapsbelasting verschuldigd zal zijn
- de voorgenomen verrichting (omvorming van NV/VSO X in een "gewone" handelsvennootschap") verantwoord is door andere motieven dan het ontwijken van inkomstenbelastingen in de zin van artikel 344, § 1 WIB 92.
II. Beslissing
2. De aanvrager is een beleggingsvennootschap met veranderlijk kapitaal naar Belgisch recht.
3. X is een grote VZW in de zin van artikel 17, § 3 en § 5 van de Wet van 27 juni 1921 betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de internationale vereniging zonder winstoogmerk en de stichtingen (hierna de "V&S-wet"), onderworpen aan de rechtspersonenbelasting. X beheert een voetbalploeg.
4. X wenst haar organisatie te herstructureren in volgende stappen:
4.1. Inbreng om niet van de jeugdsector en de vrijwilligers in een nieuw op te richten VZW, die hierna wordt aangeduid met de werknaam "VZW Y”;
4.2. Omvorming van VZW X in een naamloze vennootschap met sociaal oogmerk (hierna "NV/VSO");
4.3. Omvorming van NV/VSO X in een "gewone" NV.
II.A. Eerste stap: Inbreng om niet van de jeugdsector en de vrijwilligers in een nieuw op te richten VZW, die hierna wordt aangeduid met de werknaam "VZW Y"
5. Bedoeling is de bovenstaande jeugdwerking (en alle daaraan verbonden activa en passiva), alsook de vrijwilligerswerking (en alle daaraan verbonden activa en passiva) van X onder te brengen in een nieuw op te richten VZW, die de zal worden opgericht op het ogenblik van de daadwerkelijke realisatie van de inbreng en die de naam zal dragen VZW "Y" (voorlopige werknaam die eventueel nog kan wijzigen).
6. De jeugdwerking en de vrijwilligerswerking van X kunnen worden beschouwd als één geheel dat op technisch en organisatorisch vlak een autonome activiteit uitoefent, zodat de overdracht argumenteerbaar kan geschieden overeenkomstig artikel 670 jo. 770 Wetboek van Vennootschappen (hierna "W.venn.") en artikel 58 V&S-wet.
7. De beslissing zal worden vastgelegd in een akte van inbreng, die in authentieke vorm zal worden opgesteld en door toedoen van de notaris zal worden neergelegd in het vennootschapsdossier en bekend gemaakt worden in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad.
8. De verrichtingen van X zullen boekhoudkundig geacht worden te zijn verricht voor rekening van de nieuwe verkrijgende VZW Y vanaf 1 januari 2017.
9. Volledigheidshalve dient nog te worden vermeld dat de inbreng juridisch niet kan worden gekwalificeerd als een schenking. De ontvangende VZW heeft dus geen administratieve machtiging nodig overeenkomstig artikel 16 V&S-wet.
10. De inbreng om niet van de jeugd- en vrijwilligerswerking gebeurt met toepassing van boekhoudkundige continuïteit, overeenkomstig artikel 6bis, eerste lid van het Koninklijk besluit van 19 december 2003 betreffende de boekhoudkundige verplichtingen en de openbaarmaking van de jaarrekening van bepaalde verenigingen zonder winstoogmerk, internationale verenigingen zonder winstoogmerk en stichtingen jo. artikel 80bis en 80, 79 en 78 van het koninklijk besluit van 30 januari 2001 tot uitvoering van het Wetboek van vennootschappen.
11. Concreet zullen de activa en passiva die in het kader van de inbreng om niet worden overgedragen aan de nieuwe VZW Y bij X worden uitgeboekt en zal een kost worden ingeboekt, die overeenstemt met het overgedragen nettoactief ("schenking zonder terugnemingsrecht” - naar analogie met de boekhoudkundige verwerking van schenkingen tussen VZW's).
12. In de op te richten VZW zullen de activa en passiva in de balans worden opgenomen aan boekwaarde en zal een beginvermogen, gelijk aan het nettoactief worden geboekt.
Directe belastingen
Geen gevolgen op het vlak van de rechtspersonenbelasting
13. De nieuw op te richten VZW Y, waarin de jeugd- en vrijwilligerswerking zal worden ingebracht om niet, zal overeenkomstig artikel 220, 3° WIB 92 onderworpen zijn aan de rechtspersonenbelasting, aangezien deze VZW geen onderneming zal exploiteren of zich niet of slechts op bijkomstige wijze met verrichtingen van winstgevende aard (overeenkomstig artikel 182 WIB 92) zal bezig houden.
14. Bij gebrek aan vergoeding en uitdrukking van meerwaarden (gelet op de boekhoudkundige continuïteit), zal de inbreng om niet door X (onderworpen aan de rechtspersonenbelasting) geen aanleiding geven tot enige belastbare grondslag in de rechtspersonenbelasting.
Antimisbruikbepaling
15. Op basis van artikel 344, § 1, WIB 92 is niet tegenstelbaar aan de belastingadministratie de rechtshandeling noch het geheel van rechtshandelingen dat eenzelfde verrichting tot stand brengt, wanneer de administratie door vermoedens of andere in artikel 340 WIB 92 bedoelde bewijsmiddelen en aan de hand van objectieve omstandigheden aantoont dat er sprake is van fiscaal misbruik. Er is sprake van fiscaal misbruik wanneer de belastingplichtige middels de door hem gestelde rechtshandeling of het geheel van rechtshandelingen één van de volgende verrichtingen tot stand brengt:
- een verrichting waarbij de belastingplichtige zichzelf in strijd met de doelstellingen van een bepaling van het WIB92 of de ter uitvoering daarvan genomen besluiten buiten het toepassingsgebied van die bepaling plaatst; of
- een verrichting waarbij aanspraak wordt gemaakt op een belastingvoordeel voorzien door een bepaling van het WIB92 of de ter uitvoering daarvan genomen besluiten en de toekenning van dit voordeel in strijd zou zijn met de doelstellingen van die bepaling en die in wezen het verkrijgen van dit voordeel tot doel heeft.
16. De voorgenomen verrichting (inbreng om niet van de jeugd- en vrijwilligerswerking in de nieuw op te richten VZW Y) kadert in een ruimere herstructureringsoperatie, die er op gericht is de structuur van X aan te passen aan de huidige activiteiten en de opvolging en de continuïteit van X te verzekeren. Deze herstructureringsoperatie - daarin begrepen de voorgenomen inbreng om niet - is dan ook niet ingegeven door fiscale motieven, noch enig fiscaal misbruik, zodat geen toepassing kan worden gemaakt van artikel 344, § 1 WIB 92.
II.B. Tweede stap: Omvorming van VZW X in een naamloze vennootschap met sociaal oogmerk
17. De omzetting van de VZW in een NV/VSO heeft van rechtswege tot gevolg dat het lidmaatschap van de leden van de VZW wordt beëindigd, daar zij niet langer de hoedanigheid van lid zullen hebben, doch wel van aandeelhouder van de NV/VSO. Gelet op het feit dat omzetting een bijzondere grond van het verlies van de lidmaatschapsrechten vormt, die niet uitdrukkelijk in de statuten van de VZW is voorzien en gelet op het feit dat de betrokken (financieel effectieve) leden zich ertoe geëngageerd hebben de financieringen in het kader van een opvolgende herstructureringsverrichting (minstens gedeeltelijk) in te zullen brengen in het kapitaal van X, is het aangewezen deze schulden in het kader van de voorgenomen herstructureringsverrichting over te boeken naar de schulden op meer dan 1 jaar.
Omvorming in NV/VSO X
18. De omvorming van VZW X naar NV/VSO X maakt een voorbereidende verrichting uit voor stap 3 - omvorming van NV/VSO X naar NV X. Een VZW kan immers niet rechtstreeks worden omgevormd in een "gewone" handelsvennootschap. De wettelijke bepalingen inzake de VSO laten wel een opening voor een "oneigenlijke" omzetting van een VSO in een gewone handelsvennootschap. Uit de VSO-regeling in het Wetboek van vennootschappen kan immers worden afgeleid dat het mogelijk is om de statuten van de VSO te wijzigen, zodat ze een traditionele handelsvennootschap wordt (artikel 633, eerste lid en artikel 668, § 2, derde lid W.venn.).
19. De raad van bestuur van X zal een voorstel tot omzetting uitwerken in een verslag (artikel 26ter V&S-wet), dat zal worden voorgelegd aan de algemene vergadering, die over de omzetting zal beslissen (artikel 26ter V&S-wet). Aan het verslag van de raad van bestuur zullen de ontwerpstatuten van de VSO worden gehecht, rekening houdend met de bepalingen van het Wetboek van vennootschappen die van toepassing zijn op naamloze vennootschappen. Bij het verslag van de raad van bestuur zal een staat van activa en passiva van VZW X worden gevoegd van niet meer dan drie maanden oud (artikel 26ter, tweede lid V&S-wet). In concreto zal worden gewerkt op basis van een tussentijdse staat per 2 januari 2017 (na terugname van de herwaarderingsmeerwaarde en overboeking van de schulden) en een projectiebalans na de inbreng om niet (de inbreng om niet zal onmiddellijk voor de omvorming worden gerealiseerd met terugwerkende kracht naar 1 januari 2017 - de activa en passiva die ingevolge de inbreng om niet zullen worden overgedragen, zullen derhalve nog blijken uit de tussentijdse cijfers per 2 januari 2017, vandaar dat aan deze tussentijdse cijfers ook een projectiebalans zal worden gehecht, waarin reeds rekening wordt gehouden met de overdracht van activa en passiva naar aanleiding van de inbreng om niet).
20. De staat van activa en passiva (en de daaraan gehechte projectiebalans na realisatie van de inbreng om niet) zal worden gereviseerd door de commissaris/ een bedrijfsrevisor die door de raad van bestuur zal worden aangewezen. Deze revisor zal over de staat verslag uitbrengen en zal in het bijzonder nagaan of de toestand van X in deze staat op volledige, getrouwe en juiste wijze is weergegeven (artikel 26ter, tweede lid V&S-wet).
21. In de (ontwerp)statuten die aan het verslag van de raad ven bestuur zullen worden gehecht, zullen eveneens alle wettelijke verplichte bepalingen (zoals voorzien in artikel 661 W.venn) worden opgenomen, zoals onder meer:
- het sociaal oogmerk: dit zal nauw aanleunen bij het huidige doel van VZW X (artikel 661, 2° W.venn.);
- de winstbesteding overeenkomstig het interne en externe oogmerk van de VSO (artikel 661, 3° W.venn.);
- de vennoten zullen geen of slechts een beperkt vermogensvoordeel nastreven (artikel 661, 1° en 5° W.venn.);
- stemrechtbeperking (artikel 661, 4° W.venn. - zie verder);
- de mogelijkheid voor de personeelsleden van X om toe te treden als vennoot binnen het jaar na hun indiensttreding, alsook om weer uit te treden als vennoot binnen het jaar na uitdiensttreding als personeelslid (artikel 661, 7° en 8° W.venn.);
- bestemming van het vereffeningssaldo (artikel 661, 9° W.venn.).
22. Over het besluit tot omzetting zal worden gestemd overeenkomstig artikel 26quater, § 1 V&S-wet (met inachtneming van de wettelijke quorum- en meerderheidsvereiste). Op de algemene vergadering zullen ook de nieuwe statuten onmiddellijk worden goedgekeurd overeenkomstig artikel 26quater, § 2 V&S-wet). De beslissing tot omzetting zal bij authentieke akte worden vastgesteld.
23. De omzetting laat de rechtspersoonlijkheid onverlet (artikel 26bis, tweede lid V&S-wet), zodat alle activa en passiva (evenals eventuele zekerheden) van X eenvoudig en automatisch overgaan op de NV/VSO.
24. De leden van de VZW zullen aandeelhouder worden van de VSO in verhouding tot hun stemrechten in de algemene vergadering van de VZW.
25. Overeenkomstig artikel 661, 4° W.venn, zal geen van de aandeelhouders mogen deelnemen aan de stemming op de algemene vergadering voor meer dan 10% van de op de vergadering vertegenwoordigde aandelen (indien bepaalde vennoten het statuut hebben van personeelslid, wordt deze gelijkheidseis nog strenger en mag zelfs niemand met meer dan 5% deelnemen aan de stemming).
26. Ook de leden van de raad van bestuur van NV/VSO X zullen in beginsel dezelfde zijn als de huidige leden van het bestuur van VZW X.
27. Naast de specifieke bepalingen in het W.venn. die van toepassing zijn op VSO’s, zullen ook de bepalingen van het W.venn. met betrekking tot de oprichting van het gekozen vennootschapstype, in casu een naamloze vennootschap, van toepassing zijn. Bij de omzetting van VZW X in NV/VSO X, zullen derhalve de bepalingen van artikel 437 e.v. W.venn. dienen te worden nageleefd (wettelijk minimumkapitaal, volstortingsplicht, opstellen van een financieel plan, verplichte vermeldingen in de akte). Het is in dit verband - en om ook de continuïteit van X te verzekeren - dat in het kader van de omzetting de schulden van de vereniging, die voorheen onder de permanente financieringen werden geboekt (doch, zoals hoger werd toegelicht als leningen dienden te worden beschouwd), (gedeeltelijk) zullen worden geïncorporeerd in het kapitaal, zodoende dat de NV/VSO een kapitaal heeft dat minstens gelijk is aan het wettelijk minimumkapitaal van NV (overeenkomstig artikel 439 W.venn.).
Kapitaalverhoging door inbreng in natura
28. Ter gelegenheid van de omzetting van VZW X in NV/VSO X, zal het kapitaal van de NV/VSO worden verhoogd middels een inbreng in natura van de schulden die voorheen onder de permanente financieringen werden geboekt (doch, zoals hoger werd toegelicht als leningen dienden te worden beschouwd).
29. Ter zake dient te worden opgemerkt dat het kapitaal dat zal worden gevormd middels deze inbreng, geen "sociale bestemming" dient te krijgen overeenkomstig artikel 663 W.venn, wanneer de VSO niet langer aan de wettelijke vereisten voor een VSO zou voldoen. Dit artikel heeft immers enkel betrekking op de reserves van de VSO. Dit wordt overigens ook uitdrukkelijk bevestigd in de rechtsleer:
"Aangezien de vennootschap daardoor de bepalingen van artikel 661 W.venn. niet langer naleeft, mogen de bestaande reserves, in welke vorm ook, evenwel niet worden uitgekeerd. De akte tot wijziging van de statuten moet aan die reserves een bestemming geven die zou nauw mogelijk aansluit bij het sociaal oogmerk dat de vennootschap voorheen had (artikel 663, eerste lid W.Venn.).
Deze verplichte bestemming slaat dus niet op het kapitaal van de vso. Maar voor het geval dat dit kapitaal niet werd ingebracht door de vennoten, maar integendeel voortkwam uit het netto-actief van een tot vso omgevormde vzw, ondergaat dit bedrag hetzelfde lot als de reserves (artikel 668, § 2, derde lid W.Venn.).
30. Bij deze inbreng in natura zullen de bijzondere regels van het W.venn (artikelen 443 en 444 W.venn.) worden nageleefd. Dit impliceert:
- de opmaak van een verslag door het bestuursorgaan;
- de opmaak van een revisoraal verslag;
- de neerlegging ter griffie van de bovenstaande verslagen en bekendmaking van de inbreng in natura.
31. Aangezien de leningen werden verstrekt door de leden van VZW X, die naar aanleiding van de omvorming in een NV/VSO aandeelhouder zullen worden (in verhouding tot de stemrechten die zijn in VZW X hebben), zullen de aandeelhouders van NV X na de inbreng in natura nog steeds dezelfde zijn. Al kan de onderlinge verdeling van de aandelen - afhankelijk van het concrete inbreng door de respectievelijke aandeelhouders - wel wijzigen.
32. De omzetting laat de rechtspersoonlijkheid van de vereniging, VZW X, die blijft voortbestaan in nieuwe vorm, onverlet (artikel 26bis, tweede lid V&S-wet). Dit heeft concreet tot gevolg dat alle activa en passiva van de VZW eenvoudig "overgaan" en de omzetting in boekhoudkundige continuïteit kan gebeuren. De staat van activa en passiva en de aangehechte projectiebalans (na de voormelde inbreng om niet) die bij het verslag van de raad van bestuur zullen worden gevoegd, zullen derhalve als beginbalans van NV/VSO X fungeren (artikel 668, § 2, eerste lid W.venn. en 26sexies, § 2 V&S-wet).
BTW
33. Aangezien er naar aanleiding van de omzetting, gelet op de continuïteit van de rechtspersoonlijkheid, geen goederen, diensten of rechten worden overgedragen, zal naar aanleiding van de omvorming geen BTW verschuldigd zijn. Evenmin zal de omzetting als zodanig aanleiding geven tot een BTW-herziening.
Directe belastingen
34. Na de eerste stap en de omzetting in een NV/VSO, zal X onderworpen zijn aan de vennootschapsbelasting (artikel 179 WIB92). De NV VSO is immers niet uitgesloten van het toepassingsgebied van de vennootschapsbelasting door de artikelen 180-182 WIB92.
Fiscale waarde van de activa en passiva
35. Overeenkomstig de circulaire van 19 september 1977 moeten bij de overgang van rechtspersonenbelasting naar vennootschapsbelasting de activa en passiva (fiscaal) geacht worden te zijn ingebracht op de eerste dag van het tijdperk waarvoor de betrokken belastingplichtige aan de vennootschapsbelasting is onderworpen en dit tegen de waarde die in overleg met de betrokken belastingplichtige moet worden bepaald.
36. De activa en passiva zouden, gelet op de continuïteit van de rechtspersoonlijkheid en de boekhoudkundige continuïteit, in casu in de fiscale openingsbalans na de overgang van de rechtspersonenbelasting naar de vennootschapsbelasting, worden opgenomen aan hun boekwaarde.
Fiscaal eigen vermogen
37. Overeenkomstig artikel 184ter, § 1 WIB 92 wordt het bedrag dat in toepassing van artikel 26sexies V&S-wet als kapitaal of als een onbeschikbare reserve werd geboekt, fiscaal als een vrijgestelde reserve aangemerkt, waarvan de vrijstelling afhangt van de naleving van de onaantastbaarheidsvoorwaarde, voorzien in artikel 190 WIB 92. Aangezien het nettoactief van VZW X negatief zal zijn op het ogenblik van de omvorming en dit nettoactief bijgevolg niet als kapitaal of onbeschikbare reserve zal worden geboekt, zal er ook fiscaal naar aanleiding van de omzetting geen belastingvrije reserve worden aangelegd.
Fiscale verliezen
38. De verliezen, geleden door VZW X, zullen niet aftrekbaar zijn van de winsten die worden gerealiseerd na de overgang naar de vennootschapsbelasting.
Kosten
39. De opleidingsvergoedingen die desgevallend door NV (VSO)X aan VZW Y zullen worden betaald, kunnen in hoofde van NV (VSO) X worden beschouwd als een beroepskost in de zin van artikel 49 WIB92, aangezien deze kosten argumenteerbaar worden gedaan of gedragen om belastbare inkomsten te verkrijgen of te behouden.
Antimisbruikbepaling
40. De voorgenomen verrichting (omvorming in een NV/VSO) kadert in een ruimere herstructureringsoperatie, die er - zoals hoger reeds werd toegelicht - op gericht is de structuur van X aan te passen aan de huidige activiteiten en de opvolging en de continuïteit van X te verzekeren. Deze herstructureringsoperatie - daarin begrepen de voorgenomen omvorming in een NV/VSO - is dan ook niet ingegeven door fiscale motieven, noch enig fiscaal misbruik, zodat geen toepassing kan worden gemaakt van artikel 344, § 1 WIB 92.
II.C. Derde stap: Omvorming van NV/VSO X in een "gewone" NV.
41. Gelet op het feit dat de geplande herstructurering onder meer tot doel heeft om de opvolging en continuïteit van X veilig te stellen (onder meer door in de toekomst eventueel investeerders aan te trekken), zijn de leden en het bestuur van X van oordeel dat een VSO - gelet op de strikte wettelijke voorschriften van artikel 661 W.venn. en volgende (onder meer de stemrechtbeperking, de verplichting om personeelsleden de mogelijkheid te bieden om vennoot/aandeelhouder te worden, etc.) - niet geschikt is.
42. Zoals hoger reeds werd vermeld, kan een VZW evenwel niet rechtstreeks worden omgevormd in een "gewone" handelsvennootschap. De wettelijke bepalingen inzake de VSO laten echter wel een opening voor een "oneigenlijke" omzetting van een VSO in een gewone handelsvennootschap. Uit de VSO-regeling in het W.venn. kan immers worden afgeleid dat het mogelijk is om de statuten van de VSO te wijzigen zodat ze een traditionele handelsvennootschap wordt (artikel 633, eerste lid en artikel 668, § 2, derde lid W.venn.). De omvorming van NV/VSO X in NV X zal dus worden geconcretiseerd door een statutenwijziging, waarbij alle specifieke VSO-bepalingen (artikel 661 W.venn.) zullen worden geschrapt.
43. Aangezien bij de omvorming in een VSO het bedrag van het nettoactief van de VZW niet zal worden geboekt als kapitaal of als een onbeschikbare reserve in toepassing van artikel 26ter en 26sexies V&S-wet (gelet op het feit dat de VZW op het ogenblik van de omzetting een negatief nettoactief zal hebben), zal er naar aanleiding van de omvorming in een "gewone" NV geen "vastgeklikt" nettoactief zijn, dat overeenkomstig artikel 668 W.venn. een bestemming dient te krijgen die zo nauw mogelijk aansluit bij het sociaal oogmerk van de VSO. Verder zullen er ook geen reserves zijn in de NV/VSO die in toepassing van artikel 663 W.venn. een dergelijke bestemming dienen te krijgen. Het dient in dit verband nogmaals te worden herhaald dat het kapitaal dat onmiddellijk na de omzetting van de VZW in een NV/VSO niet onder de bepalingen van artikel 663 en 668 W.venn. valt. Het kapitaal van de NV/VSO, zal dus integraal kunnen worden behouden als kapitaal van de NV.
44. Aangezien de omvorming van de NV/VSO X in NV X louter een statutenwijziging behoeft, er in de NV/VSO geen te bestemmen reserves (artikel 663 W.venn.) of "vastgeklikt" nettoactief (artikel 668 W.venn.) aanwezig is en de omvorming gebeurt met behoud van de rechtspersoonlijkheid, heeft deze omvorming als zodanig geen boekhoudkundige gevolgen.
Registratierechten/verkooprechten
45. Artikel 121, eerste lid, 1° Fed.W.Reg. stelt vrij van het evenredig registratierecht "de omvorming van een vennootschap met rechtspersoonlijkheid in een vennootschap van een verschillende soort en de omzetting van een vereniging zonder winstoogmerk in een vennootschap met een sociaal oogmerk.
46. Het betreft in deze de omvorming van de vennootschap met rechtspersoonlijk NV/VSO X naar de NV X. Bijgevolg is aan de voorwaarde van vrijstelling vervat in voormeld artikel 121, eerste lid, 1° Fed.W.Reg. voldaan.
47. Overeenkomstig het tweede lid van dit artikel wordt het inbrengrecht van 0 % geheven op de vermeerdering van het statutair kapitaal van de vennootschap, zonder nieuwe inbreng, of op de inbrengen van nieuwe goederen, die gedaan worden ter gelegenheid van deze omvorming. Volgens de gegevens in dit dossier zullen er naar aanleiding van de omvorming geen nieuwe (onroerende) goederen of nieuwe (zakelijke) rechten worden ingebracht noch zal er een vermeerdering van het statutair kapitaal zijn zonder nieuwe inbreng.
48. Voor de eventuele toepassing van het Vlaamse verkooprecht is de DVB niet bevoegd. Het Vlaamse verkooprecht kan slechts ter sprake komen indien de (opeenvolgende) omvorming(en) aanleiding zou geven tot herkwalificatie. De vraag naar de toepassing van de antimisbruikbepaling inzake verkooprecht wordt evenwel niet gesteld en de beoordeling hiervan behoort bovendien niet tot de bevoegdheid van de DVB.
BTW
49. Aangezien er naar aanleiding van de omvorming, gelet op de continuïteit van de rechtspersoonlijkheid, geen goederen, diensten of rechten worden overgedragen, zal naar aanleiding van de omvorming geen BTW verschuldigd zijn. Evenmin zal de omvorming aanleiding geven tot een BTW-herziening.
Directe belastingen
50. De "omvorming van de vennootschap van een NV VSO naar een NV" is een loutere doelswijziging waarbij er geen andere rechtsvorm wordt aangenomen. Deze verrichting is dus niet bedoeld in artikel 210, § 1, 3° WIB 92 en heeft bijgevolg ook geen gevolgen op fiscaal vlak.
Antimisbruikbepaling
51. De voorgenomen verrichting (omvorming in een gewone handelsvennootschap) kadert in een ruimere herstructureringsoperatie, die er op gericht is (de structuur van X aan te passen aan de huidige activiteiten en de opvolging en de continuïteit van X te verzekeren. Deze herstructureringsoperatie - daarin begrepen de voorgenomen omvorming in een gewone handelsvennootschap - is dan ook niet ingegeven door fiscale motieven, noch enig fiscaal misbruik, zodat geen toepassing kan worden gemaakt van artikel 344, § 1 WIB 92.
Référence citée
Raccourcis clavier
Inactifs pendant la saisie dans un champ.
- Rechercher dans le texte
- /Ctrl/⌘ F
- Occurrence suivante / précédente
- EntréeMaj Entrée
- Section suivante / précédente
- JK
- Mode lecture
- L
- Fermer un panneau
- Échap
Le mode lecture retire le sommaire et les repères, grossit le texte et recentre la colonne.