Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.
Fiche du SPF Finances
Jugement du Tribunal de Première instance de Louvain du 03.06.2005
Résumé non fourni
Texte du jugement
Corps de la décision
Le texte est publié uniquement dans la langue originale
RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG LEUVEN, AFDELING BURGERLIJKE RECHTBANK, twaalfde kamer.
zitting : 03 juni 2005
eindvonnis
Rol nr. : 03/1326/A
inzake :
G. P. NV, met maatschappelijke zetel te …, …, ingeschreven in het handelsregister te Hasselt onder nummer …, BTW-nummer …
eiseres,
ter zitting vertegenwoordigd door meester V. H., advocaat te …, …
tegen :
De BELGISCHE STAAT, Federale Overheidsdienst Financiën, Administratie van de BTW, Registratie en Domeinen, vertegenwoordigd door de e.a. inspecteur a.i. van het BTW-Ontvangkantoor te 3300 Tienen, Goossensvest 3
verweerder,
ter zitting vertegenwoordigd door meester C. M. loco meester de N. E., advocaat te …, ….
In deze zaak, in beraad genomen ter zitting van 6 mei 2005, spreekt de rechtbank volgend vonnis uit.
Gelet op de In regelmatige vorm voorgelegde stukken van de rechtspleging, inzonderheid :
- de gedinginleidende dagvaarding op 22 mei 2003 op verzoek van de NV G. P. betekend aan de BELGISCHE STAAT, administratie van de BTW, registratie en domeinen, vertegenwoordigd door de eerstaanwezend inspecteur van het BTW-ontvangkantoor te Tienen
- de beschikking bij toepassing van artikel 750, tweede paragraaf, van het Gerechtelijk Wetboek van 16 december 2004
- de conclusie en de aanvullende conclusie op respectievelijk 29 juni 2004 en 12 januari 2005 op de griffie neergelegd door de BELGISCHE STAAT, Federale Overheidsdienst Financiën, administratie van de ondernemings- en inkomensfiscaliteit
- de conclusie op 18 augustus 2001 op de griffie neergelegd door de NV G. P..
Gehoord de advocaten van partijen ter openbare terechtzitting van 6 mei 2005, waarna de bundels met stavingsstukken van partijen neergelegd werden en de zaak in beraad genomen werd.
1. Feiten en procesverloop
1.1. Tijdens een fiscale controle van de NV G. P., hierna genoemd "eiseres", werd vastgesteld dat deze in de BTW-aangifte voor de maand mei 1999 een bedrag van 6.633,93 EUR ten onrechte als terugvorderbare BTW opnam.
Het betreft de BTW begrepen in een schuldvordering van eiseres op de BVBA I. E. T. ten bedrage van 38.223,99 EUR, die op 8 januari 1997 failliet werd verklaard.
Eiseres had in het passief van het faillissement een aangifte van schuldvordering ten bedrage van 14.198,10 EUR gedaan. De curator van het faillissement leverde een attest voor dat bedrag af.
Volgens de administratie werd in de aangifte ten onrechte het bedrag van 4.169,74 EUR teruggevorderd : (38.223,99 EUR -14.198,10 EUR)/1,21 x 0,21.
Een dwangbevel werd op 8 juli 2002 uitgevaardigd en ter kennis van: eiseres gebracht bij aangetekend schrijven van 11 juli 2002. In dit dwangbevel wordt gevorderd :
- BTW 4.619,74 EUR
- geldboete 396,63 EUR
- interest
1.2. Eiseres tekende op 22 mei 2003 verzet aan tegen het dwangbevel. Zij vordert de vernietiging van het dwangbevel, de ongegrondverklaring van de vordering van de BELGISCHE STAAT, de terugbetaling van alle bedragen die wederrechtelijk op grond hiervan werden geïnd, verhoogd met de interesten sedert de datum van betaling, de veroordeling van de BELGISCHE STAAT in de kosten.
De BELGISCHE STAAT, hierna genoemd "verweerder", vraagt de vordering onontvankelijk minstens ongegrond te verklaren, de vordering van verweerder vast te stellen op de in het dwangbevel vermelde bedragen, eiseres in de kosten te veroordelen.
2. In rechte
2.1. Het standpunt van eiseres.
Eiseres betoogt dat zij een onvolledige aangifte in het passief van het faillissement deed.
Zij meent met stukken : de betreffende facturen, de boeking van deze facturen in haar boekhouding, aan te tonen dat de aangifte in het passief van het faillissement eigenlijk 38.223,99 EUR in plaats van 14.198,10 EUR diende te omvatten. Zij onderstreept dat de administratie de bewijskracht van haar boekhouding op geen enkel ogenblik in twijfel trok.
Ook al kan zij slechts een attest van de curator ten bedrage van 14.198,10 EUR voorleggen, toch meent eiseres recht op teruggave van de BTW op de ganse schuldvordering ten bedrage 38.223,99 EUR te hebben. Wanneer een schuldvordering geheel of gedeeltelijk verloren is gegaan is, aldus eiseres, een feitenkwestie die met alle middelen rechtens kan worden aangetoond. Van zodra er een redelijke en voldoende zekerheid bestaat dat de titularis van de schuldvordering geen enkele aanspraak kan maken op enige uitkering bij de sluiting van het faillissement kan, aldus nog eiseres, de schuldvordering als verloren worden beschouwd.
2.2. Het standpunt van verweerder.
Volgens verweerder bewijst eiseres niet dat haar vordering op de gefailleerde op het tijdstip van de faillietverklaring groter zou zijn geweest dan het bedrag opgenomen in haar verklaring van schuldvordering. De foutieve of onvolledige aangifte van schuldvordering bij de curator zijn, volgens verweerder, loutere beweringen. Verweerder stelt vast dat de indiening van een verklaring van schuldvordering ten bedrage van 14.198,10 EUR bij de curator, en de overboeking naar de rekening dubieuze debiteuren van het openstaand saldo van 38.223,99 EUR van de klantenrekening van de gefailleerde volledig in tegenspraak zijn met elkaar.
2.3. Beoordeling
Na een attest betreffende de schuldvordering ten belope van 14.198,10 EUR te hebben afgeleverd, bevestigde de curator in een schrijven van 1 februari 2001, dit is nadat het faillissement inmiddels op 24 november 2000 werd afgesloten : "Naar U mij medegedeeld hebt, zou de schuldvordering van (eiseres) in werkelijkheid groter zijn geweest, en zou er slechts een gedeeltelijke schuldvordering zijn ingediend. De totale vordering van (eiseres) dient in elk geval, gelet op het voorgaande, als niet-recupereerbaar te worden beschouwd".
Op grond van dit schrijven acht de rechtbank bewezen dat schuldvordering, ook indien ze 38.223,99 EUR zou bedragen, als verloren dient te worden beschouwd.
Op grond van de stukken acht de rechtbank bewezen dat eiseres een onvolledige aangifte van schuldvordering in het faillissement deed. De samenstelling van het bedrag van 38.223,99 EUR blijkt immers uit de klantenrekening van de gefailleerde, afgesloten op 31 december 1996, en uit de facturen en creditnota's, die eiseres bijbrengt.
Eiseres nam de facturen in haar boekhouding op en boekte het bedrag van 38.223,99 EUR over naar de rekening dubieuze debiteuren. De boekingen worden gestaafd door stukken. De boekhouding van eiseres is bijgevolg bewijskrachtig. Het feit dat eiseres tijdens het fiscaal onderzoek de stukken niet bijbracht, die ze thans wel overlegt, doet aan de bewijskracht van haar boekhouding geen afbreuk.
Eiseres bewijst dat zij een onvolledige aangifte van schuldvordering in het faillissement deed. Eiseres bewijst dat haar vordering ten bedrage van 38.223,99 EUR is verloren gegaan. Eiseres nam in haar BTW-aangifte terecht de BTW op deze vordering als terugvorderbare BTW op.
De vordering is gegrond.
Dispositif
OP DEZE GRONDEN,
DE RECHTBANK,
gelet op de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken,
rechtsprekend op tegenspraak,
alle andersluidende en meer omvattende conclusies van de hand wijzende als niet terzake en/of overbodig,
verklaart de vordering ontvankelijk en in de hierna bepaalde mate gegrond, vernietigt het dwangbevel van 8 juli 2002,
beveelt de terugbetaling van de op grond van dit dwangbevel ten onrechte geïnde bedragen, meer de interesten sedert de betaling,
veroordeelt verweerder in de kosten, aan zijn zijde niet begroot omdat hij ze zelf moet dragen en aan de zijde van eiseres begroot op het bedrag van 478,68 EUR (dagvaarding : 121,71 EUR; rechtsplegingsvergoeding : 356,97 EUR).
Aldus gedaan en uitgesproken in de openbare terechtzitting van de twaalfde kamer der rechtbank van eerste aanleg, zitting houdende te Leuven op vrijdag 03 juni 2005, waar zetelden :
de heer P. V., alleenzetelend rechter;
mevrouw J. C., griffier.
J. C. P. V.
Référence citée
Raccourcis clavier
Inactifs pendant la saisie dans un champ.
- Rechercher dans le texte
- /Ctrl/⌘ F
- Occurrence suivante / précédente
- EntréeMaj Entrée
- Section suivante / précédente
- JK
- Mode lecture
- L
- Fermer un panneau
- Échap
Le mode lecture retire le sommaire et les repères, grossit le texte et recentre la colonne.