Tribunal de première instance d'Anvers, 25 octobre 2010 · Jurisprudence belge

Aller au texte
Juriel

Tribunal de première instance Anvers 25 octobre 2010

Rechercher
Texte en néerlandais

Tribunal de première instance d'Anvers, 25 octobre 2010Taxe sur la valeur ajoutée

https://juriel.be/fr/jurisprudence/tribunal-anvers-2010-10-25-c661

Juridiction
Tribunal de première instance
Siège
Anvers
Date
25 octobre 2010

Sur le document

Collection
Jurisprudence belge
Langue du texte
néerlandais
Version française
non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

Texte

60 paragraphes

Fiche du SPF Finances

Jugement du Tribunal de première instance d'Anvers du 25.10.2010

Résumé non fourni

Texte du jugement

Corps de la décision

Le texte est publié uniquement dans la langue originale

V O N N I S gewezen en uitgesproken in het gerechtsgebouw te Antwerpen, op vijfentwintig oktober tweeduizend en tien in openbare zitting van de vierde F kamer van de rechtbank van eerste aanleg van het gerechtelijk arrondissement Antwerpen, al waar zetelden :

L. B., alleenzetelend rechter,

N. V., griffier.

In zake : A.R. Nr. 10/184/A

BVBA L., ingeschreven in de kruispuntbank der ondernemingen onder nummer …, met maatschappelijke zetel gevestigd te …, ….

eisende partij,

- waarvoor niemand verschijnt.

tegen :

de BELGISCHE STAAT, Federale Overheidsdienst Financiën, Belastingen en Invordering, Administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit, sector BTW, vertegenwoordigd door de heer Minister van Financiën, wiens burelen gevestigd zijn te Brussel, op vervolging en benaarstiging van de heer Gewestelijk Directeur van de BTW, Registratie en Domeinen te Antwerpen, in de persoon van de heer ontvanger-rekenplichtige van het derde BTW-ontvangkantoor te Antwerpen, waarvan de burelen gevestigd zijn te 2000 Antwerpen, Italiëlei 4 bus 4.

verwerende partij,

verschijnende bij meester A. v. L. d. J., advocaat, kantoorhoudende te …, …,

Gezien de stukken in het dossier der rechtspleging, onder meer :

- het verzoekschrift neergelegd ter griffie op 11 januari 2010,

- de beschikking verleend overeenkomstig artikel 747, § 2 van het Gerechtelijk Wetboek op 10 maart 2010,

- de conclusie van verwerende partij neergelegd ter griffie op 30 april 2010,

- de stukken van verwerende partij.

Gelet op de wet van 15 juni 1935 op het gebruik van talen in gerechtszaken.

Gelet op de verordeningen van de Raad van de ministers nummer 974/98 van 03 mei 1998 en nummer 1103/97 van 17 juni 1997 en de wetten van 26 juni 2000 en 30 juni 2000 ter invoering van de euro.

Eisende partij is niet verschenen, noch iemand voor haar. Ten aanzien van haar wordt toepassing gemaakt van artikel 747, § 2, zesde lid van het Gerechtelijk Wetboek.

Gehoord verwerende partij in haar middelen en gezegden ter zitting van 4 oktober 2010.


BTW-controle bij eiseres over 1 januari 2004 tot en met 2005 leidde tot een haar toegezonden correctieopgave.

Deze werd op 28 november 2007 ondertekend voor akkoord en terugbezorgd.

Eiseres voldeed de eruit blijkende fiscale navordering evenwel niet.

Zij legde op 11 januari 2010 verzoekschrift op tegenspraak neer ter griffie.

Ze maakt daarin gewag van vijf dwangbevelen.

Daarvan voegt ze er één (met name het door haar eerst vermelde) in afschrift bij.

Dit dwangbevel heeft betrekking op hoger vermelde periode.

Uit de uitleg van eiseres in haar verzoekschrift blijkt dat een gerechtsdeurwaarder uitvoerend beslag had gelegd.

Toelaatbaarheid van de rechtsvordering staat niet in betwisting, ook niet desnoods ambtshalve aan te voeren.

Eiseres kreeg de kans om haar grieven op papier uit te werken en om ter zitting haar verweer op de fiscale vordering mondeling uit te werken.

Zij maakte daarvan geen gebruik ondanks behoorlijk te zijn opgeroepen.

De indertijd gevolmachtigde van eiseres heeft de correctieopgave voor akkoord ondertekend

Eiseres beweert nu dat er geen (geschreven) volmacht was, maar de volmacht blijkt volop uit diverse door de gevolmachtigde voor eiseres ondertekende stukken (aangiftes, verklaring) in de stukken van verweerder.

Ten overvloede is er de door eiseres aan het controlekantoor Malle zelf gemelde beëindiging van samenwerking tussen haarzelf en de betrokken gevolmachtigde.

Haar bewering van afwezigheid van volmacht snijdt dan ook totaal geen hout.

De handelingen van de gevolmachtigde vallen volop binnen een gebruikelijk fiscaal mandaat.

Eiseres is hier alzo gebonden door de voor akkoord onderschreven correctieopgave.

Verweerder maakt aanspraak op rechtsplegingvergoeding, begroot ze op … Euro.

Dispositif

OM DEZE REDENEN

DE RECHTBANK,

Rechtdoende op tegenspraak ten opzichte van verweerder en rechtdoende op tegenspraak overeenkomstig artikel 747, § 2 Ger.W. ten opzichte van eiseres,

Alle andere en strijdige conclusies verwerpend,

Verklaart de vordering toelaatbaar, maar ongegrond,

Veroordeelt eiseres tot de kosten,

Vereffent de kosten in hoofde van verweerder op … (…) Euro bij wijze van rechtsplegingvergoeding.

N. V. L. B.

"Lasten en bevelen dat alle daartoe gevorderde gerechtsdeurwaarders dit arrest, dit vonnis, deze beschikking, dit bevel of deze akte ten uitvoer zullen leggen;

“Dat onze procureurs-generaal en Onze procureurs des Konings bij de rechtbanken van eerste aanleg daaraan de hand zullen houden en dat alle bevelhebbers en officieren van de openbare macht daartoe de sterke hand zullen bieden wanneer dit wettelijk van hen gevorderd wordt;

"Ten blijke waarvan dit arrest, dit vonnis, deze beschikking, dit bevel of deze akte is ondertekend en gezegeld met het zegel van het hof, de rechtbank of de notaris”.

Voor eensluidende eerste grosse

afgeleverd aan : de Belgische Staat

ten verzoeke van : Mr. A. v. L. d. J., advocaat

De griffier,

Zegel van de rechtbank) A. D.

WIJ, ALBERT II, KONING DER BELGEN,

AAN ALLEN, DIE NU ZIJN EN HIERNA WEZEN ZULLEN DOEN TE WETEN :