Disposition pénale, amende administrative, disposition commune · Jurisprudence belge

Aller au texte
Juriel

Tribunal de première instance Gand 20 octobre 2005

Rechercher
Texte en néerlandais

Disposition pénale, amende administrative, disposition communeTaxe sur la valeur ajoutée

https://juriel.be/fr/jurisprudence/disposition-penale-amende-administrative-commune-tribunal-gand-2005-10-20-2d8a

Juridiction
Tribunal de première instance
Siège
Gand
Date
20 octobre 2005

Sur le document

Collection
Jurisprudence belge
Langue du texte
néerlandais
Version française
non publiée par le SPF

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

Texte

62 paragraphes

Fiche du SPF Finances

Jugement du Tribunal de Première instance de Gand du 20.10.2005

Résumé non fourni

Texte du jugement

Corps de la décision

Le texte est publié uniquement dans la langue originale

RECHTBANK VAN EERSTE AANLEG TE GENT - ZESDE KAMER- OPENBARE TERECHTZITTING VAN 20 OKTOBER 2005

Algemene rol nummer : 02/4621/A

In de zaak van :

J. D. D., wonende te …, …,

eiser,

in persoon verschijnend,

tegen :

de BELGISCHE STAAT, FOD Financiën, Administratie van de BTW, Registratie en Domeinen te Aalst, met kantoren te 9300 Aalst, Graanmarkt 1,

verweerder,

voor wie optreedt meester Ph. V., advocaat, te …, …,

vonnist de rechtbank als volgt :

1. RECHTSPLEGING

Partijen werden gehoord in hun middelen en conclusies op de openbare terechtzitting van 22.9.2005, waarna het debat werd gesloten en de zaak in beraad werd genomen.

Het dossier van de rechtspleging en de overtuigingsstukken werden ingezien in het bijzonder de gedinginleidende dagvaarding d.d. 9.10.2002 houdende verzet tegen het dwangbevel op 2.9.2002, het vonnis d.d. 28.11.2002 van de rechtbank van eerste aanleg te Dendermonde waarbij de zaak verwezen werd naar onderhavige rechtbank, de onderscheiden conclusies van de partijen.

2. DE VORDERING

De vordering van eiser strekt ertoe te horen zeggen :

- dat het verzet, toelaatbaar en gegrond is,

- dat het dwangbevel uitgevaardigd op 2.9.2002, geviseerd en uitvoerbaar verklaard op 3.9.2002 en aan eiser betekend op 17.9.2002 ongegrond is,

- dat de daarin vermelde sommen niet verschuldigd zijn.

Verweerder te horen veroordelen tot de kosten.

3. BESPREKING

3.1. Door een controleambtenaar van de BTW werd op 12.7.2002 lastens eiser een proces-verbaal opgesteld nadat deze ambtenaar bij toepassing van art. 93quaterdecies W.BTW kennis kreeg van een proces-verbaal d.d. 24.11.1998 opgesteld door ambtenaren van de Opsporingsinspectie de Douane en Accijnzen te Gent.

Uit de vaststellingen bleek dat o.m. eiser zich schuldig maakte aan de invoer zonder aangifte van 5.520 pakjes sigaretten van elk 20 stuks waarvan de verpakkingen niet bekleed waren met Belgische sluitzegels.

Eiser is samen met beide andere bij deze sluikinvoer betrokken personen hoofdelijk verschuldigd de som van 3.094,68 EUR te vermeerderen met de wettelijke intresten.

Bij toepassing van art. 70, § 1 W.BTW werd de boete bepaald op het dubbel van de ontdoken rechten.

3.2. Eiser werd door de Administratie der Douane en Accijnzen gedagvaard voor de correctionele rechtbank welke op 4.5.2001 vonniste dat de betichtingen lastens eiser en zijn medebeklaagden naar recht bewezen waren en waarbij eiser werd veroordeeld tot een hoofdgevangenisstraf van 4 maanden met uitstel, solidair tot de betaling van de ontdoken rechten a rato van 10.991,08 EUR en een administratieve geldboete aan de administratie der douane en accijnzen van 19.940,78 EUR.

Tegen deze uitspraak werd hoger beroep aangetekend. Bij arrest van 23.5.2002 verklaarde het Hof van beroep te Gent de feiten bewezen en veroordeelde de eiser tot de hoger genoemde strafmaat.

Eiser stelde cassatieberoep in.

3.3. Eiser steunde zijn verzetsakte d.d. 9.10.2002 op het door hem ingeleide cassatieberoep.

Het cassatieberoep werd op 11.2.2003 verworpen.

In conclusies en ter terechtzitting verklaart eiser zich te gedragen naar de wijsheid van de rechtbank.

De rechtbank stelt vast dat de vordering van eiser enige grond mist.

Dispositif

OP DIE GRONDEN,

DE RECHTBANK,

Rechtdoende op tegenspraak,

Melding makende dat de bepalingen van de artikelen 2 en 30 tot 42 van de wet op het taalgebruik in gerechtszaken werden nageleefd;

Alle meeromvattende of strijdige conclusies verwerpend als niet ter zake dienend;

Verklaart de vordering van eiser ontvankelijk en ongegrond,

Veroordeelt eiser tot de kosten van het geding tot dusver begroot als volgt :

aan de zijde van eiser :

- dagvaardingskosten : 195,32 EUR

- rechtsplegingsvergoeding : 0 EUR

aan de zijde van verweerder :

- rechtsplegingsvergoeding : 356,97 EUR.

Aldus gevonnist en uitgesproken in de openbare terechtzitting van de zesde burgerlijke kamer van de rechtbank van eerste aanleg te Gent op 20 oktober 2005, waar aanwezig waren :

J. D. B., alleenzetelend rechter,

M. V., griffier.

M. V. J. D. B.

en laatste blad

Lasten en bevelen dat alle daartoe gevorderde gerechtsdeurwaarders dit arrest, dit vonnis, deze beschikking, dit bevel of deze akte ten uitvoer zullen leggen;

dat Onze procureurs-generaal en Onze procureurs des Konings bij de rechtbanken van eerste aanleg daaraan de hand zullen houden en dat alle bevelhebbers en officieren van de openbare macht daartoe de sterke hand zullen bieden wanneer dit wettelijk van hen gevorderd wordt;

ten blijke waarvan dit arrest, dit vonnis, deze beschikking, dit bevel of deze akte is ondertekend en gezegeld met het zegel van het hof, de rechtbank of de notaris;

Voor EERSTE gelijkvormige uitvoerbare uitgifte afgeleverd aan VERWEERDER

dit vrij van expeditie recht ingevolge art. 280, verwijzend naar art. 162 van het wetboek der R.H.G.

Gent,

De griffier,

R. D.

Griffier.