Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.
Fiche du SPF Finances
Arrêt de la Cour d'Appel de Gand du 20.05.2008
Résumé non fourni
Texte de l’arrêt
Corps de la décision
Le texte est publié uniquement dans la langue originale
Hof van beroep te Gent, 5be kamer – terechtzitting van 20-05-2008
Nr. 2004/AR/273
in de zaak van :
P. J., haarkapper, wonende te …, …; ingeschreven in de kruispuntbank van ondernemingen onder het nummer …
appellant,
ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. D. F., advocaat te …, …
tegen :
DE BELGISCHE STAAT, FOD Financiën, Administratie van de BTW, Registratie en Domeinen, waarvan de burelen gevestigd zijn te 1000 BRUSSEL, Wetstraat 12, op vervolging en benaarstiging van de Administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit, verbonden aan het controlecentrum Roeselare, gevestigd te 8800 ROESELARE, Rondekomstraat 30,
geïntimeerde,
ter terechtzitting vertegenwoordigd door mr. P. M., advocaat te …, …
spreekt het Hof het volgend arrest uit :
1. Ter gelegenheid van een BTW-controle bij de appellant, haarkapper van beroep, werd op 14.12.2001 een correctieopgave opgesteld, waarin werd aangegeven dat de appellant verschuldigd was aan BTW een bedrag van … BEF (… EUR), een geldboete van … BEF (… EUR), en een intrest van … BEF … EUR), hetzij in totaal … BEF (… EUR). Deze correctieopgave werd door de appellant voor akkoord ondertekend en volgens de conclusie van de geïntimeerde voor het Hof van Beroep (p. 2, tweede paragraaf) werden de verschuldigde sommen voldaan op 14.1.2002.
Bij fiscaal verzoekschrift neergelegd ter griffie van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brugge op 16.1.2002 vorderde de appellant dat zou gezegd worden voor recht dat de regularisatieopgave d.d. 14.12.2001 nietig is en de erin vermelde sommen niet verschuldigd zijn, terwijl ook gevorderd werd dat de terugbetaling van de onverschuldigd geïnde sommen, vermeerderd met de moratoriumintresten, zou worden bevolen.
Bij vonnis van 23.12.2003 van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Brugge, vierde kamer, werd de vordering van de appellant ontvankelijk doch ongegrond verklaard en werd de appellant tot de kosten veroordeeld.
Bij verzoekschrift neergelegd ter griffie van het Hof van Beroep te Gent op 2.2.2004 heeft de appellant hoger beroep ingesteld tegen het vermelde vonnis.
Het blijkt niet dat het bestreden vonnis werd betekend of dat de appellant er in zou hebben berust.
Het hoger beroep is tijdig en regelmatig.
Met zijn hoger beroep streeft de appellant de vernietiging van het vermelde vonnis na en vordert hij dat zijn oorspronkelijke vordering gegrond zou worden verklaard.
De geïntimeerde vordert dat het hoger beroep ongegrond zou worden verklaard.
2. De in de correctieopgave opgenomen BTW is volgens dit stuk (stuk 2 van de geïntimeerde) verschuldigd voor de periode van 1.1.1998 tot 31.12.2000. Naast een bedrag van … BEF (… EUR) BTW ingevolge overdreven aftrek en een bedrag van … BEF (… EUR) te veel afgetrokken BTW op telefoonfacturen, werd in de correctieopgave aangenomen dat de appellant voor elk van de jaren 1999 en ·2000· telkens een meeromzet realiseerde van … BEF (… EUR), en werd hierop de BTW à 21 % in rekening gebracht, hetzij … BEF (… EUR) BTW.
Op 14.12.2001 ondertekende de appellant de correctieopgave, na zijn handtekening te hebben laten voorafgegaan door de met de hand geschreven vermelding "gelezen en goedgekeurd voor de som van … frank". Hiermee erkende de appellant" de aard en de omvang van de met betrekking tot de periode van 1.1.1998 tot 31.12.2000 vastgestelde inbreuken, zoals die hierna (nota : d.i. in de correctieopgave) omschreven zijn." (zie de correctieopgave, eerste blad).
De appellant voert aan dat dit akkoord is aangetast door een wilsgebrek, meer bepaald een dwaling in feite in hoofde van de appellant, want gesteund op een onjuiste berekening.
Zo het juist is dat de correctieopgave werd ondertekend op een vrijdag, meestal de drukste werkdag voor haarkappers, en niet blijkt dat de boekhouder aanwezig was (om tegenstrijdige door de appellant aangevoerde redenen : de gezondheidstoestand van de boekhouder in de brief van 19.12.2001 van de appellant, het gebrek aan noodzaak van aanwezigheid van de boekhouder bij een "kleine controle" in conclusie van de appellant voor de eerste rechter neergelegd op 2.12.2002), blijkt uit niets dat de appellant verplicht werd om de correctieopgave onmiddellijk te ondertekenen en de ondertekening ervan niet kon uitstellen om de correctieopgave nog eens nader te bekijken of door zijn boekhouder te laten bekijken. Dat de appellant onder druk zou gesteld zijn wegens dreigende ergere gevolgen is niet aangetoond. Er mag verder aangenomen worden dat de appellant ook wel weten moest of hij een hogere omzet realiseerde dan uit zijn boekhouding bleek of niet, en ook in staat moet geweest zijn zich een idee te maken van de grootteorde van dergelijke meeromzet. Er moet ook worden opgemerkt dat volgens vermelding op het laatste blad van de correctieopgave de appellant argumenten heeft aangebracht te zijner verdediging en met deze argumenten rekening gehouden werd, wat aantoont dat de appellant bij de bepaling van de meeromzet inspraak heeft gehad.
De meeromzet van … BEF (… EUR) is een bedrag dat "bij compromis" werd bepaald (zie de vermelding op het laatste blad van de correctieopgave). Er werd oorspronkelijk door de controlerende ambtenaar aangenomen dat er voor de jaren 1998 tot 2000 een omzetverhoging diende te zijn van … BEF (… EUR), en "na lange discussie" (zie onderaan het stuk 7 van de geïntimeerde), gegeven dat door de appellant niet wordt betwist en opnieuw aantoont dat hij gelegenheid had zijn argumenten te laten gelden en te betwisten, werd deze omzetverhoging herleid tot … BEF (… EUR) bij helften verdeeld over 1998 en 2000 (zie ook de correctieopgave, laatste blad, waarin plaats van 1999 het jaartal 1998 dient gelezen te worden, zoals blijkt uit de berekeningen van de geïntimeerde en uit de conclusie van deze laatste).
Wat dit uiteindelijk in de correctieopgave/akkoord weerhouden bedrag voor twee jaren betreft, dient te worden opgemerkt dat de eerste rechter terecht op basis van de door hem uitgevoerde berekening tot het besluit kwam dat het akkoord tot een resultaat leidde dat lager was dan dit dat zou bekomen zijn met de toepassing van het forfait voor haarkappers. Ook de redenering van de eerste rechter dat, in acht genomen de kostprijs van O. en van een gewone brushing, de in de correctieopgave opgenomen cijfers aannemelijk zijn, dient te worden onderschreven. Deze redenering wordt trouwens door de appellant niet weerlegd door de enkele bewering dat bij een behandeling van O. die de klant … EUR kost een bedrag van … EUR aan producten wordt gebruikt.
Tevergeefs roept de appellant een beweerd vroeger akkoord in. Niet alleen wordt het bestaan van dergelijk akkoord niet bewezen, maar bovendien kon met het thans bestreden akkoord van een eventueel bestaand akkoord afgeweken worden.
Er werden bij de controle inventarissen op 31.12.1997, 31.12.1998 en 31.12.1999 voorgelegd, maar niet de inventaris per 31.12.2000, ondanks uitdrukkelijke vraag daartoe (zie het proces-verbaal van 26.3.2002, stuk 3 van de geïntimeerde). Het tegendeel wordt door de appellant niet bewezen. Gegevens uit het inventarisboek waaruit zou moeten afgeleid worden dat een dwaling werd begaan bij het gesloten akkoord worden niet voorgelegd.
Een wilsgebrek bij het ondertekenen voor akkoord van de correctieopgave is niet bewezen.
Dispositif
OP DIE GRONDEN,
HET HOF, rechtdoende op tegenspraak,
Gelet op artikel 24 van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen;
Ontvangt het hoger beroep doch verklaart het ongegrond;
Bevestigt het bestreden vonnis;
Veroordeelt de appellant tot de kosten van het hoger beroep, m hun geheel begroot als volgt :
• aan de zijde van de appellant : op … EUR rechtsplegingsvergoeding hoger beroep;
• aan de zijde van de geïntimeerde : op … EUR rechtsplegingsvergoeding hoger beroep.
Aldus gewezen en uitgesproken in openbare terechtzitting van het Hof van beroep te Gent, vijfde kamer bis, recht doende in burgerlijke zaken, op TWINTIG MEI TWEEDUIZEND EN ACHT.
Aanwezig de Heren :
G. T., Raadsheer, waarnemend voorzitter, alleenrechtsprekend,
M. V., griffier.
M. V. G. T.
Référence citée
Raccourcis clavier
Inactifs pendant la saisie dans un champ.
- Rechercher dans le texte
- /Ctrl/⌘ F
- Occurrence suivante / précédente
- EntréeMaj Entrée
- Section suivante / précédente
- JK
- Mode lecture
- L
- Fermer un panneau
- Échap
Le mode lecture retire le sommaire et les repères, grossit le texte et recentre la colonne.