Fiche van de FOD Financiën
Vonnis van de Rechtbank van Eerste aanleg te Antwerpen d.d. 02.01.2012
Samenvatting niet beschikbaar
Tekst van het vonnis
Tekst van de beslissing
V O N N I S gewezen en uitgesproken in het gerechtsgebouw te Antwerpen op twee januari tweeduizend en twaalf in openbare zitting van de vierde F kamer van de rechtbank van eerste aanleg van het gerechtelijk arrondissement Antwerpen, waar zetelden :
L. B., rechter,
N. V., griffier,
Inzake AR nr. 10/1411/A en 10/4596/A
BVBA C.C. I., groothandel in auto's en lichte vrachtwagens, ingeschreven in de kruispuntbank der ondernemingen onder nummer …, met maatschappelijke zetel gevestigd te …, ….
eisende partij,
- ter zitting van 7 november 2011 verschijnende bij meester L. T. loco meester G. C., advocaat, kantoorhoudende te …, …,
- ter zitting van 5 december 2011 verschijnende bij meester B. E. loco meester G. C..
de BELGISCHE STAAT, Federale Overheidsdienst Financiën, Administratie van de BTW, Registratie en Domeinen, vertegenwoordigd door de heer Minister van Financiën, wiens burelen gevestigd zijn te Brussel, op vervolging en benaarstiging van de heer Gewestelijk Directeur van de BTW, Registratie en Domeinen te Antwerpen, in de persoon van de heer ontvanger-rekenplichtige van het derde BTW-Ontvangkantoor te Antwerpen, waarvan de burelen gevestigd zijn te 2000 Antwerpen, Italiëlei 4 bus 4.
verwerende partij,
- ter zitting van 7 november 2011 verschijnende bij meester A. v. L. d. J., advocaat, kantoorhoudende te …, …,
- ter zitting van 5 december 2011 verschijnende bij meester J. V. loco meester A. v. L. d. J..
Gezien de stukken in de dossiers van de rechtspleging, onder meer :
Inzake AR nr. 10/1411/A :
- het verzoekschrift neergelegd ter griffie op 25 februari 2010,
- de beschikking verleend overeenkomstig artikel 747, § 2 van het Gerechtelijk Wetboek op 7 mei 2010,
- de akkoordconclusie van partijen neergelegd ter griffie op 28 november 2011,
- de stukken van verwerende partij,
Inzake AR nr. 10/4596/A :
- het verzoekschrift neergelegd ter griffie op 14 juli 2010,
- de beschikking verleend overeenkomstig artikel 747, § 2 van het Gerechtelijk Wetboek op 19 november 2010,
- de akkoordconclusie van partijen neergelegd ter griffie op 28 november 2011,
- de stukken van verwerende partij.
Gelet op de wet van 15 juni 1935 op het gebruik van talen in gerechtszaken.
Gelet op de verordeningen van de Raad van ministers nummer 974/98 van 3 mei 1998 en nummer 1103/97 van 17 juni 1997 en de wetten van 26 juni 2000 en 30 juni 2000 ter invoering van de euro.
Gehoord partijen in hun middelen en gezegden ter zitting van 7 november 2011 en ter zitting van 5 december 2011, datum waarnaar de zaak in voortzetting werd gesteld.
Het past vooreerst de zaken samen te voegen uit oorzaak van samenhang.
In geen van beide zaken staat de toelaatbaarheid der rechtsvordering in betwisting, ook niet desnoods ambtshalve aan te voeren.
In de loop der gedingen zijn partijen, telkens, tot een akkoord gekomen.
Deze akkoorden blijken niet in te druisen tegen de fiscale wet.
Jaar 2006 (AR 10/1411/A)
Volgend detail wordt voorgelegd : 21.745,50 EUR rechten volgens dwangbevel met referte RCIV … van 29 oktober 2009, boete nog 20 % = 4.340,00 EUR en intrest pro memorie (zowel intrest art. 91, § 1 Wetboek BTW vanaf 21 januari 2007 als moratoire intrest op de geldboete vanaf 19 januari 2007).
De vervolgingskost 449,11 EUR kleeft aan het dwangbevel als administratieve kost.
Jaar 2007 (AR 10/4596/A)
Volgend detail wordt voorgelegd : 24.217,69 EUR rechten volgens dwangbevel met referte RCIV … van 28 mei 2010, boete nog 20 % = 4.840,00 EUR en ook intrest pro memorie (zowel intrest art .91, § 1 Wetboek BTW vanaf 21 januari 2008 als moratoire intrest op de geldboete vanaf 4 juni 2010).
De vervolgingskost 'pro memorie' kleeft aan het dwangbevel als administratieve kost.
Het akkoord gewaagt van veroordeling, bedoelt klaarblijkelijk onwettig verklaring van een deel van de respectieve dwangbevelen.
Beschikkend gedeelte
OM DEZE REDENEN,
DE RECHTBANK,
Rechtdoende op tegenspraak,
Alle andere en strijdige conclusies verwerpend,
Voegt de zaken onder AR 10/1411/A en AR 10/4596/A samen en beoordeelt ze in een en hetzelfde vonnis,
Verklaart beide rechtsvorderingen toelaatbaar, en respectievelijk als volgt gegrond,
Verklaart dwangbevel RCIV … van 29 oktober 2009 onwettig in zover het fiscaal meer vordert dan hogerop uiteengezet,
Verklaart dwangbevel RCIV … van 28 mei 2010 onwettig in zover het fiscaal meer vordert dan hogerop uiteengezet,
Laat conform het akkoord van partijen en art.1017 Gerechtelijk Wetboek de kosten ten laste van wie ze heeft uitgezet en compenseert hierbij de rechtsplegingvergoeding.
N. V. L. B.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.