De tekst van dit document is in het Frans. De FOD publiceert er geen Nederlandse versie van.
Fiche van de FOD Financiën
Vonnis van de Rechtbank van eerste aanleg van Namen d.d. 18.05.2022
WF 706-15-09/078866
[Gunstig voor de Belgische Staat]
Belasting over de toegevoegde waarde – Ambtshalve aanslag – Geen willekeur – Omkering van de bewijslast – Voorlegging van de boekhouding
Wettelijke bepalingen
Samenvatting
Eiser was btw-plichtig en werd in die hoedanigheid geïdentificeerd als landmeter-expert.
Het wordt niet betwist dat eiser vanaf 2002 geen aangifte meer heeft ingediend. De belastingadministratie heeft hem daarom een aanslag van ambtswege toegestuurd op basis het aangegeven omzetcijfer voor het jaar 2001. Bij aangetekende brief van 1 juli 2005 heeft de belastingadministratie hem een nieuwe ambtshalve aanslag toegezonden betreffende de periode van 01.01.2002 tot en met 31.12.2004 en waarin opnieuw werd voorgesteld zijn omzet te reconstrueren op basis van het omzetcijfer voor 2001. Ook werden een geldboete wegens niet-betaling van de belasting en een geldboete wegens het niet ter inzage voorleggen van boeken bescheiden aangekondigd.
In zijn beslissing tot ambtshalve aanslag van 6 september 2005 heeft de gewestelijk directeur de voorgestelde belastingen en boetes gehandhaafd. Deze beslissing werd per aangetekende post en vervolgens per gewone post aan eiser meegedeeld, aangezien eiser de aangetekende brief niet had afgehaald, en er werd een dwangbevel uitgevaardigd.
Eiser vordert de nietigverklaring van het aan hem betekende dwangbevel. De Belgische Staat verzoekt de rechtbank om de vordering ongegrond te verklaren, het uitgevaardigde dwangbevel geldig te verklaren en eiser te verwijzen in de kosten van de procedure.
Op 03.12.2008 heeft de rechtbank, alvorens zich uit te spreken over de grond van de zaak, een vonnis uitgesproken waarbij eiser werd bevolen om, binnen de maand na de uitspraak, zijn aankoopfacturen voor de jaren 2001, 2002, 2003 en 2004 voor te leggen. Eiser heeft dit niet gedaan. Eiser heeft geen conclusies ingediend en is niet verschenen na het vonnis van 03.12.2008.
In het gedinginleidende verzoekschrift betoogde eiser dat de taxatie willekeurig tot stand was gekomen omdat de belastingadministratie zich had gebaseerd op zijn omzetcijfer voor 2001, terwijl zij niet had aangetoond dat de bedrijfsomstandigheden dezelfde waren gebleven.
De Belgische Staat voert aan dat verzoeker sinds 01.01.2002 geen aangiften meer heeft ingediend en op geen enkel aan hem gericht verzoek heeft geantwoord. Zij is van mening dat, gelet op de omkering van de bewijslast, het aan eiser toekomt om aan te tonen dat de situatie in 2002, 2003 en 2004 anders was dan die in 2001. De Belgische Staat herinnert eraan dat eiser na de indiening van het verzoekschrift op tegenspraak een akkoord inzake directe belastingen heeft ondertekend, waarin hij zijn brutowinsten voor zijn inkomsten van 2002 en 2003 heeft erkend.
De Belgische Staat benadrukt dat eiser, gelet op zijn activiteit als landmeter-expert, geen goederen had aangekocht in het kader van zijn beroepsactiviteit, zodat de bovengenoemde brutowinsten inzake btw konden worden beschouwd als belastbare omzet.
De rechtbank wijst erop dat de aanslag van ambtswege inzake btw de belastingadministratie toestaat om, inzonderheid in het geval van niet -indiening van aangiften, de belasting te heffen op basis van de informatie waarover zij beschikt. De belastingplichtige kan deze aanslag betwisten door aan te tonen dat deze overdreven is.
In onderhavig geval beweerde eiser dat de belastingadministratie willekeurig had gehandeld door niet aan te tonen dat de bedrijfsomstandigheden in 2002, 2003 en 2004 dezelfde waren gebleven als in 2001.
Er moet opgemerkt worden dat de Belgische staat zijn berekening van de verschuldigde belastingen heeft geobjectiveerd (en dienovereenkomstig heeft gewijzigd) door de bedragen van brutowinsten in rekening te brengen die eiser, inzake directe belastingen, erkend heeft in een akkoord voor de jaren 2002 en 2003.
Voor het jaar 2004, is de Belgische staat vervolgens overgegaan tot de berekening van een gemiddelde over de jaren 2001, 2002 en 2003. Eiser, van zijn kant, vermeldt voor het jaar 2004 niet eens het idee van een wijziging in de bedrijfsomstandigheden. Hij stelt enkel dat de administratie het tegendeel niet aantoont.
De Belgische staat heeft derhalve niet willekeurig gehandeld door de door eiser erkende omzetcijfers voor de jaren 2002 en 2003 over te nemen en een gemiddelde te maken voor het jaar 2004.
Opmerking
Het vonnis werd betekend en is in kracht van gewijsde gegaan.
Alvorens uitspraak te doen in de zaak, verzocht de Belgische Staat om overlegging van boekhoudkundige gegevens (aankoopfacturen), een verzoek dat door de rechtbank werd ingewilligd in een tussenvonnis van 03.12.2008. Eiser reageerde echter niet.
Merk op dat het artikel 92ter WBTW (nieuw) voorziet in de mogelijkheid dat de fiscale administratie van de rechter kan eisen om de belastingplichtige te veroordelen tot de betaling van een dwangsom wanneer hij de belastingadministratie belemmert in de uitoefening van zijn onderzoeksbevoegdheden.
Op de pleitzitting was eiser, die geen conclusies had ingediend binnen de vastgestelde conclusietermijnen, niet aanwezig of vertegenwoordigd. Overeenkomstig artikel 747, § 4, van het Gerechtelijk Wetboek wordt het vonnis geacht op tegenspraak te zijn gewezen.
Tekst van het vonnis
Het vonnis wordt enkel gepubliceerd in de oorspronkelijke taal
Tekst van de beslissing
La 11ème chambre A - fiscal - du Tribunal de première instance de Namur, division Namur 18-05-2022
Jugement du 18/05/2022
Rôle :17/365/A
EN CAUSE DE :
Monsieur O. D., NN 63...06, domicilié à ...,
PARTIE DEMANDERESSE,
Ni présente, ni représentée (art. 747, §4, du Code judiciaire) ;
CONTRE :
L'ETAT BELGE, représenté par le Ministre des Finances, 1000 BRUXELLES, rue de la Loi 12, poursuites et diligences de Monsieur le Conseiller receveur du TEAM RECOUVREMENT PERSONNES PHYSIQUES CHARLEROI 1, dont les bureaux sont établis á 6000 CHARLEROI, rue Jean Monnet 14 bte 20 ;
PARTIE DEFENDERESSE,
représentée par Maitre C. D., avocat á ... (...@avocatle) ;
Le Tribunal a pris en considération les règles et les pièces de la procédure requises par la loi, qui lui ont été régulièrement soumises, et notamment :
- le jugement prononcé par le Tribunal de céans autrement composé le 3 décembre 2008 et les pièces de procédure y visées ;
- les nouvelles conclusions déposées au greffe par l'Etat belge le 23 février 2017 ;
- l'ordonnance rendue le 3 mai 2017, sur base de l'article 747 du Code judiciaire, fixant les délais pour conclure et une date de plaidoiries á l'audience du 22 avril 2020 ;
- l'avis de remise adressé le 22 avril 2020 sur base de l'article 754 du Code judiciaire renvoyant la cause sans date ;
- l' ordonnance rendue le 3 juin 2020, sur base de l'article 747 du Code judiciaire, fixant les délais pour conclure et une date de plaidoiries á l'audience du 23 mars 2022 ;
- le dossier de pièces de l'Etat Belge et l'état de dépens déposé á l'audience du 23 mars 2022.
Le Tribunal a entendu le conseil de l'Etat belge en ses dires et moyens, comparaissant comme il est dit ci-dessus, á l'audience du 23 mars 2022.
A cette audience, bien que régulièrement convoqué, le demandeur n'était ni présent, ni représenté. En application de l'article 747, §4, du Code judiciaire, ce jugement sera toutefois contradictoire.
1 OBJET DE LA DEMANDE
1. O. D., ci-après « le demandeur », demande l'annulation d'une contrainte numéro 305...82 décernée á sa charge le 17 novembre 2005 et la condamnation de l'Etat Belge aux dépens dont il ne fixe pas le montant.
2. L'Etat Belge demande que le Tribunal dise la demande non fondée, valide la contrainte entreprise et condamne le demandeur aux dépens de l'instance, dont il fixe le montant á 2.600,00 €.
II. FAITS PERTINENTS ET RETROACTES
3. II n'est pas contesté que le demandeur était assujetti á la T.V.A. et identifié en cette qualité sous le n° 68...30 pour une activité de géomètre expert immobilier, du i er novembre 1997 au ter novembre 2008.
4. II n'est par ailleurs pas contesté que le demandeur n'a plus déposé de déclaration á partir de l'année 2002.
L'administration fiscale lui a donc adressé une notification d'imposition d'office pour l'exercice d'imposition 2003, en date du 13 avril 2004, se fondant sur le chiffre d'affaires déclaré pour l'année 20011.
Par courrier recommandé du 1er juillet 2005, l'administration fiscale lui a envoyé une nouvelle notification d'imposition d'office, concernant la période allant du 1er janvier 2002 au 31 décembre 2004, proposant á nouveau de reconstituer son chiffre d'affaires à partir du chiffre d'affaires pour 2001, soit 34.208,14 € et un total pour cette période de 195.624,42 €, correspondant à une TVA due de 40.451,13 €2.
Une amende de 80.902,26 € pour défaut de paiement de la taxe et une amende de 500,00 € pour non-communication des livres et documents y étaient également annoncées.
5. Dans sa décision de taxation d'office du 6 septembre 2005, le Directeur régional a maintenu
la taxation et les amendes envisagées3.
Cette décision a été notifiée au demandeur par courrier recommandé du même jour' puis par pli simple du 4 octobre 2005, á défaut pour le demandeur d'avoir réclamé son recommandé5.
6. Le 17 novembre 2005, une contrainte TVA n' 305...826 a été décernée á charge du demandeur sur base du procès-verbal du i er juillet 2005 et de la décision de taxation du 6 septembre 2006, ainsi qu'il suit :
- taxe sur la valeur ajoutée: 40.451,13 €
- amendes proportionnelles : 80.902,26 €
- amendes non proportionnelles : 500,00 €
Cette contrainte a été visée et rendue exécutoire par le Directeur H. le 23 novembre 2005.
7. Par sa requête contradictoire déposée au greffe le 26 février 2007, le demandeur a saisi le
Tribunal du litige.
1 Pièce 3 du dossier administratif de I'Etat Belge, ci-après « le DA ».
2 Pièce 5 du DA.
3 Pièce 6 du DA.
4 Pièce 7 du DA.
5 Pièce 8 du DA.
6 Pièce 9 du DA.
8. Le Tribunal, autrement composé, a rendu le 3 décembre 2008 un jugement qui, après avoir déclaré la demande recevable, a ordonné, avant dire droit sur le fond, la production par le demandeur de ses facturiers d'achats des années 2001, 2002, 2003 et 2004, dans le mois du prononcé de ce jugement.
Le demandeur s'en est abstenu.
III. FONDEMENT DE LA DEMANDE
- Position des parties
9. Le demandeur n'a pas déposé de conclusions et n'a pas comparu après le jugement du 3 decembre 2008.
Dans sa requête introductive d'instance, il soutenait que la taxation avait ete établie arbitrairement car ('administration fiscale s'était basée sur son chiffre d'affaires pour 2001 alors qu'elle n'etablissait pas que les conditions d'exploitation étaient demeurés les mêmes.
10. L'Etat belge fait valoir que le demandeur n'a déposé aucune déclaration depuis le 1er janvier 2002, ni auprès de ('administration de la TVA, ni auprès de ('administration des contributions directes, et n'a réagi à aucune demande qui lui était adressée.
II estime que vu le renversement du fardeau de la preuve sur le demandeur, il lui revient de démontrer que la situation des années 2002, 2003 et 2004 était différente de celle de 2001.
L'Etat Belge précise que postérieurement a sa requête contradictoire, le demandeur a signé un accord en matière de contributions directes par lequel il reconnait des bénéfices bruts pour ses revenus des années de 2002 et de 2003 de respectivement 40.910,40 € et 60.492,92 €.
II souligne que, au vu de son activité de géomètre expert immobilier, le demandeur n'a réalisé aucun achat de marchandises pour l'exercice de son activité de sorte que les montants de bénéfices bruts précités peuvent être considérés comme montants de chiffre d'affaires taxables en matière de taxe sur la valeur ajoutée.
L'Etat Belge propose donc de modifier le montant des taxes dues de la façon suivante :
Année 2002:
Bénéfice brut en matière de Contributions directes: 40.910,40 €
Achats de marchandises 0,00 €
Chiffre d'affaires taxable en matière de T.V.A.: 40.910,40 €
T.V.A. due (21%): 8.591,18 €
Année 2003:
Bénéfice brut en matière de Contributions directes: 60.492,92 €
Achats de marchandises 0,00 €
Chiffre d'affaires taxable en matière de T.V.A.: 60.492,92 €
T.V.A. due (21%): 12.703,51 €
Année 2004:
Chiffre d'affaires déclaré pour l’année 2001: 64.208,14 €
Chiffre d'affaires de 2002 (v. ci-dessus): 40.910,40 €
Chiffre d'affaires de 2003 (v. ci-dessus): 60.492,92 €
Moyenne de chiffre d'affaires des 3 années précédentes: 55.203,82 €
T.V.A. due sur cette moyenne: 11.592,80 €
Total de T.V.A. due pour les années 2002, 2003 et 2004: 32.887,50 €
- Analyse du Tribunal
11. La procédure de taxation d'office en matière de TVA permet á l'administration fiscale, devant le défaut de dépôt de déclaration du contribuable notamment, de procéder à une taxation sur base des éléments dont elle dispose.
Le contribuable peut la combattre par la démonstration de ce que la taxation est exagérée7.
12. En l'espèce, le demandeur s'est contenté d'affirmer que l'administration fiscale avait procédé arbitrairement en ne démontrant pas que les conditions d'exploitation de 2002, 2003 et 2004 étaient demeurées les mêmes qu'en 2001.
Cependant, il convient de souligner que l'Etat Belge a objectivé son calcul des taxes dues (et modifié celui-ci en conséquence) en prenant en compte les montants de bénéfices bruts que le demandeur a reconnu avoir recueillis dans un accord (postérieur á la taxation d'office) en matière de contributions directes pour les années 2002 et 2003.
7F. BALTUS, « Procédure en matière de TVA », Manuel de procédure fiscale, 2019, Limal, Anthemis, p. 1022.
Pour l'année 2004, l'Etat Belge a ensuite procédé au calcul d'une moyenne sur les années 2001, 2002 et 2003.
Le demandeur n'évoque quant à lui pas même l'idée d'un changement de conditions d'exploitation pour l'année 2004. II se contente d'affirmer que l'administration fiscale ne démontre pas le contraire.
L'Etat Belge a donc procédé sans arbitraire en prenant des montants de chiffre d'affaires reconnus par le demandeur lui-même pour 2002 et 2003 et en procédant par moyenne pour l'année 2004.
13. Par ailleurs, invité par le Tribunal á déposer ses facturiers d'achats des années 2001, 2002,
2003 et 2004, le demandeur s'en est abstenu.
Comme le relève l'Etat Belge, á juste titre, son activité de géomètre expert immobilier ne semble toutefois pas de nature á justifier l'achat de quelconques marchandises.
Par conséquent, rien ne doit être retiré des montants de chiffre d'affaires pris en compte pour le calcul des taxes.
14. La demande sera donc déclaré non fondée pour ce qui excède les montants de taxe que l'Etat
Belge a rectifiés.
IV. DEPENS
15. II résulte de ce qui précède qu'O. D. succombe largement dans ses prétentions et doit être condamné aux dépens (art. 1017 du Code judiciaire).
16. L'Etat belge demande sa condamnation au paiement d'une indemnité de procédure de
2.600,00 €.
17. Par application de l'article 1022 du Code judiciaire et de l'arrêté royal du 26 octobre 2007 pris en exécution de cet article, compte tenu de l'enjeu de ('affaire et de la demande formulée part l'Etat Belge, il sera fait droit á ce chef de demande.
Beschikkend gedeelte
PAR CES MOTIFS,
Vu les articles 1, 30, 34 á 38, 40 et 41 de la loi du 15 juin 1935 sur l'emploi des langues en matière judiciaire ;
LE TRIBUNAL, statuant contradictoirement en vertu de I'article 747 § 4 du Code judiciaire,
Dit la demande très partiellement fondée ;
Ordonne le dégrèvement de la contrainte TVA n° 305...82 en ce que le montant des taxes s'établit comme suit :
Année 2002 : 8.591,18 €
Année 2003 : 12.703,51 €
Année 2004 : 11.592,80 €
Ordonne le dégrèvement corrélatif des amendes proportionnelles ;
Rejette la demande pour le surplus ;
Condamne O. D. aux dépens liquidés à 2.600,00 € dans le chef de l'Etat Belge.
Ainsi jugé et prononcé en langue française, à l'audience publique de la 11ème chambre A - fiscal - du Tribunal de première instance de Namur — division Namur, tenue le 18 mai 2022 ...
Juge fiscal : F. L.
Greffier : E. C.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.