Ten aanzien van de belasting geheven van bedrijfsmiddelen, is de aftrek die oorspronkelijk door de belastingplichtige werd verricht onderworpen aan herziening gedurende een tijdvak van vijf jaar overeenkomstig artikel 48, § 2, eerste lid, van het Wetboek, te rekenen vanaf 1 januari van het jaar waarin de bedrijfsmiddelen in gebruik werden genomen. (*)
lid 1Ten aanzien van de belasting geheven van onroerende bedrijfsmiddelen en van diensten die kenmerken hebben die vergelijkbaar zijn met de kenmerken die doorgaans aan onroerende bedrijfsmiddelen worden toegeschreven, wordt dit tijdvak evenwel op vijftien jaar gebracht overeenkomstig artikel 48, § 2, tweede lid, van het Wetboek.
lid 2Voor de toepassing van het eerste lid, wordt bedoeld de belasting geheven van:
de handelingen die strekken of bijdragen tot de oprichting van gebouwen of gedeelten van gebouwen;
de verkrijging van gebouwen of gedeelten van gebouwen, desgevallend met het bijhorend terrein;
de verkrijging van een in artikel 9, tweede lid, 2°, van het Wetboek bedoeld zakelijk recht op gebouwen of gedeelten van gebouwen, desgevallend met het bijhorend terrein;
de in artikel 19, § 2, derde lid, van het Wetboek bedoelde werken in onroerende staat op gebouwen of gedeelten van gebouwen waarvan de gevolgen een economische levensduur hebben die overeenkomt met die van een nieuw opgericht gebouw.
lid 1In afwijking van de paragrafen 1 en 2, bedraagt het herzieningstijdvak vijfentwintig jaar ten aanzien van de belasting geheven van gebouwen of gedeelten van gebouwen, desgevallend met het bijhorend terrein en van diensten op die gebouwen of gedeelten van gebouwen die kenmerken hebben die vergelijkbaar zijn met de kenmerken die doorgaans aan onroerende bedrijfsmiddelen worden toegeschreven, die worden verhuurd onder de voorwaarden van artikel 44, § 3, 2°, d), van het Wetboek.
lid 2Voor de toepassing van het eerste lid, wordt bedoeld de belasting geheven van:
de handelingen die strekken of bijdragen tot de oprichting van een gebouw of gedeelten van gebouwen;
de verkrijging van een in artikel 9, tweede lid, 2°, van het Wetboek bedoeld zakelijk recht op gebouwen of gedeelten van gebouwen, desgevallend met het bijhorend terrein;
de werken in onroerende staat in de zin van artikel 19, § 2, derde lid, van het Wetboek op gebouwen of gedeelten van gebouwen waarvan de gevolgen een economische levensduur hebben die overeenkomt met die van een nieuw opgericht gebouw.
§ 4
9 documentenHet tijdvak bedoeld in paragraaf 3 is van toepassing ongeacht eventuele latere wijzigingen in het gebruik van de bedoelde goederen wanneer die goederen het voorwerp hebben uitgemaakt van een verhuur bedoeld in artikel 44, § 3, 2°, d), van het Wetboek:
vanaf hun eerste ingebruikneming;
na hun eerste ingebruikneming maar binnen een tijdvak van vijftien jaar te rekenen vanaf 1 januari van het jaar van hun eerste ingebruikneming.
In de situatie bedoeld in het eerste lid, 2°, vervangt het tijdvak bedoeld in paragraaf 3 het tijdvak bedoeld in paragraaf 2 vanaf 1 januari van het jaar waarin de bedoelde goederen worden verhuurd onder de voorwaarden van artikel 44, § 3, 2°, d), van het Wetboek. Voor de berekening van het bedrag van de belasting die vanaf dat tijdstip voor herziening vatbaar is, wordt het tijdvak bedoeld in paragraaf 3 geacht een aanvang genomen te hebben vanaf 1 januari van het jaar waarin de betrokken goederen het voorwerp hebben uitgemaakt van de eerste ingebruikneming.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Aangehaalde teksten
5Rechtspraak
34België
31Hof van CassatieC.20.0561.N30.09.2021
Recht op aftrek, Bedrijfsmiddel, Overdracht bedrijfsmiddel
Hof van CassatieF.19.0123.N/130.04.2021
Historische btw-aftrek, Herzieningstermijnen, recht op aftrek van Btw
Europese Unie
3Administratieve doctrine
106Wetgeving
6108 documenten hangen aan een welbepaald punt van het artikel, 37 verwijzen naar geen enkel bijzonder punt, 1 verwijzen naar een punt dat de gepubliceerde tekst niet draagt. De koppeling wordt in de tekst van de documenten gelezen.
Opeenvolgende versies
7 versies eerste op 01.01.1978| Van kracht | Wijziging | Bron |
|---|---|---|
| 20.02.2026van kracht | W. 10.02.2026, B.S. 20.02.2026 | |
| 02.01.2020 | § 2, tweede lid, 2° en 3°, werd gewijzigd | K.B. 11.12.2019, B.S. 23.12.2019 |
| 27.05.2019 | het artikel werd vervangen | K.B. 12.05.2019, B.S. 27.05.2019 |
| 01.01.2011 | § 1, werd vervangen | K.B. 19.12.2010, B.S. 24.12.2010 |
| 01.01.1996 | § 1, werd gewijzigd | K.B. 25.02.1996 |
| 01.01.1993 | § 1, werd vervangen | KB 29.12.1992 |
| 01.01.1978 | het artikel werd vervangen | KB 31.03.1978 |