BESLISSING ET62087/94
Beslissing nr. E.T. 62087 dd. 12.04.1994
BTW-Revue, nr. 109, blz. 622-623, nr. 991
Zie ook beslissing nr. E.T. 62.087 dd. 03.08.1999
Zie ook beslissing nr. E.T. 62.087 dd. 21.11.1995
Zie ook beslissing nr. E.T. 62.087 dd. 11.09.1990
Zie ook beslissing nr. E.T. 62.087 dd. 28.11.1989
Zie ook beslissing nr. E.T. 62.087 dd. 11.04.2006
Internationaal reizigersverkeer - Tax-free Shopping Cheque.
Bij de beslissingen van 28 november 1989 en van 11 september 1990, nr. E.T. 62.087, werd de N.V. EUROPE TAX-FREE SHOPPING BELGIUM, Jean Sobieskilaan nr. 13/1 te 1020 Brussel (BTW-nr. BE432.612.575) door de administratie gemachtigd, om in het kader van het internationaal reizigersverkeer een document "TAX-FREE SHOPPING CHEQUE" (hierna reizigerscheque genoemd) in omloop te brengen. Het betreffende document stelt reizigers, die buiten de Europese Unie zijn gevestigd en die de goederen uitvoeren buiten de Europese Unie, in de mogelijkheid om reeds bij hun vertrek de terugbetaling te bekomen van de belasting die zij betaalden bij hun aankopen in België.
Gelet enerzijds op de wijzigingen betreffende het internationaal reizigersverkeer ten gevolge van het in werking treden op 1 januari 1993 van de Europese interne markt (z. art. 1.9, eerste streepje, van de richtlijn 92/111/EEG van 14 december 1992, art. 39, § 1, 4° (nieuw), van het BTW-Wetboek, art. 8 en 9 van het koninklijk besluit nr. 18 van 29 december 1992 en BTW-Rev. 102/228 (z. voetnoot)) en gezien de uitputting van de voorraad reizigerscheques anderzijds, werd door de N.V. EUROPE TAX-FREE SHOPPING BELGIUM een aanvraag tot aanpassing van het model van de reizigerscheque ingediend.
In akkoord met de Administratie der douane en accijnzen heeft de Administratie van de BTW, registratie en domeinen een gunstig gevolg gegeven aan deze aanvraag en heeft ingestemd met het vooropgestelde nieuwe model van de reizigerscheque.
Een specimen van deze TAX-FREE SHOPPING CHEQUE is in bijlage weergegeven.
Deze reizigerscheque kan overeenkomstig artikel 8, 4°, van het voornoemd koninklijk besluit nr. 18 aanvaard worden als geldig document voor het bekomen van de vrijstelling voorzien in het kader van het internationaal reizigersverkeer.
De vrijstelling is voor de rest onderworpen aan de voorwaarden voorzien in artikel 8 van het genoemd koninklijk besluit nr. 18.
De toepassing van dit bijzonder BTW-terugbetalingssysteem en de analyse van de diensten verstrekt door de bovengenoemde firma en de betaalagenten zoals beschreven in de beslissingen van 28 november 1989 en van 11 september 1990, blijft ongewijzigd.
VOETNOOT
INTERNATIONAAL REIZIGERSVERKEER
Uitvoer. Internationaal reizigersverkeer. Wijzigingen op 1 januari 1993.
De BTW-reglementering inzake het internationaal reizigersverkeer heeft met ingang van 1 januari 1993 de volgende wijzigingen ondergaan.
I. Aankopen van goederen die worden overgebracht naar een andere EEG- Lid-Staat.
De totstandkoming van de interne markt op 1 januari 1993 heeft de afschaffing tot gevolg van de intracommunautaire vrijstellingen die particuliere reizigers, naargelang het geval, konden inroepen bij uitvoer naar een andere EEG-Lid-Staat of bij invoer vanuit een EEG-Lid-Staat.
Particulieren die zich van een Lid-Staat naar een andere Lid-Staat begeven om er goederen (andere dan nieuwe vervoermiddelen) aan te kopen, zullen voortaan de BTW moeten betalen daar waar zij de aankoop verrichten, en zullen niet meer aan de BTW onderworpen zijn bij hun terugkeer in hun Lid-Staat. Op deze leveringen is dus dezelfde BTW- regeling toepasselijk als op verkopen aan ingezetenen van de Lid-Staat waar de aankoop wordt verricht.
Ter vervollediging wordt erop gewezen dat er tot 30 juni 1999 niettemin een stelsel van vrijstelling blijft bestaan ten aanzien van de door verkooppunten verrichte leveringen van goederen die worden meegenomen in de persoonlijke bagage van reizigers die zich via een intracommunautaire vlucht of zeereis naar een andere Lid-Staat begeven (z. art. 39ter, nieuw, van het BTW-Wetboek en het KB nr. 49 van 29 december 1992 met betrekking tot de vrijstellingen ten aanzien van de leveringen van goederen door de taksvrije verkooppunten, op het stuk van de BTW - B.S. van 31 december 1992, nr. 257, 4de uitg., blz. 28.143).
II. Aankopen van goederen die worden uitgevoerd buiten de Gemeenschap.
Sedert 1 januari 1993 kunnen de vrijstellingen voor reizigers enkel nog plaatsvinden bij handelingen met derde landen (gebieden die niet binnen de werkingssfeer vallen van de gemeenschappelijke BTW-regeling). Dit geldt zowel bij invoer, voor goederen die deel uitmaken van de persoonlijke bagage van reizigers (art. 43 van het KB nr. 7 van 29 december 1992 met betrekking tot de invoer van goederen voor de toepassing van de BTW - B.S. 31 december 1992, nr. 257, 4de uitg., blz. 28.034) als bij uitvoer, voor de leveringen van goederen die worden meegenomen in de persoonlijke bagage van reizigers.
Op communautair vlak werd, inzake uitvoer, het principe van de vrijstelling, dat vroeger bepaald was in artikel 6 van de basisrichtlijn nr. 69/169/EEG van 28 mei 1969 inzake het internationaal reizigersverkeer, thans opgenomen in artikel 15.2 van de 6de BTW- Richtlijn nr. 77/388/EEG, ingevolge artikel 1, punt 9, 1ste streepje van Richtlijn 92/111/EEG van 14 december 1992, die het gemeenschappelijk BTW- stelsel, zoals van toepassing met ingang van 1 januari 1993, aanvult.
In afwachting dat de Commissie van de EG terzake communautaire regels uitwerkt, kunnen de Lid-Staten nog zelf bepaalde toepassingsvoorwaarden en -beperkingen van deze vrijstelling regelen.
Op nationaal vlak werd artikel 39 van het BTW-Wetboek eveneens geherstructureerd om het principe van de bedoelde vrijstelling er direct in te voorzien. Artikel 39, § 1, 4° (nieuw) van het BTW-Wetboek bepaalt dat de leveringen van goederen aan een reiziger met woonplaats of gewone verblijfplaats buiten België, die deze goederen in België in bezit neemt en ze in zijn persoonlijke bagage uitvoert naar een plaats buiten de Gemeenschap, vrijgesteld zijn van de BTW. Artikel 39, § 3, van het Wetboek geeft aan de Koning de macht om deze vrijstelling te regelen en § 4 van hetzelfde artikel, dat vroeger die macht aan de Koning gaf, werd opgeheven. Deze wijzigingen werden opgenomen in artikel 11 van het koninklijk besluit van 29 december 1992, tot wijziging van het BTW-Wetboek, genomen ter uitvoering van artikel 105 van dat Wetboek (B.S. van 31 december 1992).
De reglementaire bepalingen met betrekking tot deze vrijstelling zijn sindsdien ingeschreven in de artikelen 8 en 9 van het koninklijk besluit nr. 18 van 29 december 1992 met betrekking tot de vrijstellingen ten aanzien van de uitvoer van goederen en diensten naar een plaats buiten de Gemeenschap, op het stuk van de BTW (B.S. 31 december 1992, nr. 257, 4de uitg., blz. 28.087).
Vergeleken met de reglementering die van kracht was tot 31 december 1992 (art. 15 en 16 van het KB nr. 18 van 27 december 1977 vervangen door het koninklijk besluit nr. 18 van 29 december 1992), bevat de nieuwe reglementering de volgende wijzigingen.
1. Vrijstellingsdrempel : de globale waarde van de goederen, BTW inbegrepen, moet per factuur hoger zijn dan 7.000 fr (vroeger 5.000 fr). De tabaksfabrikaten en de vaste en vloeibare voedingsmiddelen blijven van de vrijstelling uitgesloten.
2. Uitvoeringstermijn : de goederen moeten worden uitgevoerd uit de Gemeenschap uiterlijk op het einde van de tweede maand volgend op de maand waarin de levering plaatsvond (vroeger : binnen een termijn van dertig dagen te rekenen vanaf de levering). In dit verband wordt opgemerkt dat de nieuwe termijn ook toepasselijk is op de vóór 1 januari 1993 verrichte leveringen van goederen, voor zover de uitvoertermijn die erop van toepassing was krachtens de oude reglementering, nog niet verstreken was op 1 januari 1993.
3. Document voor belastingontheffing : Het document nr. 398, dat reeds facultatief was sinds 1 juni 1987 en in de praktijk geleidelijk vervangen werd door de factuur, wordt opgeheven ten gunste van het uitsluitend gebruik van de factuur. Zoals ten andere voorgeschreven is in de communautaire teksten terzake, wordt de factuur dus het verantwoordingsstuk waarop het visum voor de uitvoer van de goederen wordt aangebracht (z. punt 4, hierna). Niettemin mag de factuur vervangen worden door een als zodanig geldend stuk voor zover dit de identificatie van de verrichte handeling toelaat, hetgeen er in de praktijk op neerkomt dat het bedoelde stuk alle vermeldingen dient te bevatten die een verkoopfactuur moet bevatten, uitgezonderd het volgnummer waaronder een factuur in het boek voor uitgaande facturen wordt ingeschreven.
4. Visum voor de uitvoer van de goederen : ingevolge de opheffing van de fiscale formaliteiten aan de Europese binnengrenzen, dient het visum dat de uitvoer van de goederen vaststelt voortaan aangebracht te worden door het douanekantoor van uitgang uit de Gemeenschap, waar de goederen (en de reizigers) het grondgebied van de Gemeenschap verlaten (vroeger: het Belgisch douanekantoor bij het verlaten van België).