Koninklijk besluit nr. 18 van 29 december 1992, met betrekking tot de vrijstellingen ten · Koninklijke besluiten

Naar de tekst
Juriel

nr. 18

Zoeken
Van kracht

Koninklijk besluit nr. 18 van 29 december 1992, met betrekking tot de vrijstellingen tenDe vrijstellingen ten aanzien van de uitvoer van goederen en diensten naar een plaats buiten de Gemeenschap, op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde.

https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-18-december-betrekking-vrijstellingen-ten-aanzien-4882

Besluit
nr. 18

Over het document

Verzameling
Koninklijke besluiten
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

22 artikelen

(Uitvoering van de artikelen 39 en 40 van het Wetboek.)

Officieuze coördinatie 7 - Laatstelijk gewijzigd met ingang van 10.01.2026 bij:

17 december 2025. - Koninklijk besluit tot wijziging van de koninklijke besluiten nrs. 1, 2, 3, 4, 8, 10, 18, 19, 22, 27, 41, 44, 53 en 59 met betrekking tot de belasting over de toegevoegde waarde, bl. 99208, Numac:2025009888

HOOFDSTUK 1: Vrijstelling ingesteld bij artikel 39, § 1, van het Wetboek.

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 1, is van toepassing met ingang van 01.01.1993 (KB 29.12.1992))

lid 2De in artikel 39, § 1, van het Wetboek bedoelde vrijstelling wordt verleend voor zover de voorwaarden zijn vervuld, de formaliteiten worden nagekomen en de bewijzen worden geleverd die in dit hoofdstuk zijn bepaald.

lid 3AFDELING 1: Uitvoer van goederen door of voor rekening van de verkoper. Vrijstelling ingesteld bij artikel 39, § 1, 1°, van het Wetboek.

lid 1(Tekst met ingang van 10.01.2026) (historiek)

lid 2De verkoper die zich beroept op de in artikel 39, § 1, 1°, van het Wetboek bedoelde vrijstelling, neemt in de overeenkomstig de douanereglementering inzake uitvoer ingediende aangifte ten uitvoer een referentie op naar de verkoopfactuur of, bij ontstentenis van een verkoopfactuur, naar een verzendingsstuk met betrekking tot de uitgevoerde goederen dat alle gegevens van een verkoopfactuur bevat.

lid 3De in het eerste lid bedoelde verkoper legt op ieder verzoek van de ambtenaren van de administratie belast met douane en accijnzen, de factuur of het verzendingsstuk, bedoeld in het eerste lid, voor.

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 3, is van toepassing met ingang van 01.01.1993 (KB 29.12.1992))

lid 2De verkoper van de goederen moet te allen tijde in het bezit zijn van alle stukken waaruit de echtheid van de uitvoer blijkt; hij moet ze op ieder verzoek van de met de controle belaste ambtenaren overleggen. Die stukken zijn, onder meer, de bestelbons, de vervoerdocumenten, de betalingsstukken alsmede de aangifte ten uitvoer bedoeld in artikel 2.

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 4, is van toepassing met ingang van 09.09.2005 (Art.1, KB 24.08.2005, B.S. 09.09.2005 - Erratum B.S. 27.09.2005))

lid 2Voor de landvoertuigen in de zin van artikel 8bis, § 2, 1°, van het Wetboek, die het voorwerp uitmaken van een levering onder de voorwaarden van artikel 39, § 1, 1° of 2°, van het Wetboek, en waarvoor bij de Dienst voor Inschrijving van de Voertuigen (DIV) een aanvraag om inschrijving wordt ingediend, moet de uitvoer plaatsvinden uiterlijk op het einde van de derde maand volgend op deze van de inschrijving.

lid 3Voor deze voertuigen kan enkel een tijdelijke nummerplaat evenals een bijhorend inschrijvingsbewijs dat voorzien is van een bijzondere vermelding inzake het fiscaal statuut van het voertuig, worden aangevraagd.

lid 4Voor de landvoertuigen in de zin van artikel 8bis, § 2, 1°, van het Wetboek, die het voorwerp uitmaken van een levering onder de voorwaarden van artikel 39, § 1, 1° of 2°, van het Wetboek en waarvoor, overeenkomstig de reglementering betreffende de inschrijving van motorvoertuigen, formaliteiten dienen te worden nagekomen die het communautair karakter van deze voertuigen vastleggen, dient in het geval deze voertuigen niet het voorwerp uitmaken van enige aanvraag om inschrijving, de verkoper daarvan kennis te geven aan de Dienst van de douane gevestigd bij de Dienst voor Inschrijving van de Voertuigen (DIV) op de door of vanwege de Minister van Financiën voorgeschreven wijze.

lid 5AFDELING 2: Goederen afgehaald door de niet in België gevestigde koper of voor zijn rekening. Vrijstelling ingesteld bij artikel 39, § 1, 2°, van het Wetboek.

(De tekst van KB nr. 18, artikel 5, is van toepassing met ingang van 01.01.1993 (KB 29.12.1992))

1)

De vrijstelling ingesteld bij artikel 39, § 1, 2°, van het Wetboek is van toepassing onder voorbehoud van de bepalingen van § 3 en van afdeling 4.

2)

De niet in België gevestigde koper die zelf in België goederen in bezit neemt, moet bij de inbezitneming aan zijn in België gevestigde verkoper een ontvangstbewijs afleveren. Het aan de verkoper af te leveren ontvangstbewijs moet, benevens de datum van afgifte en de omschrijving van de goederen, het land van bestemming vermelden.

lid 2

Hetzelfde document moet worden afgeleverd aan de verkoper wanneer de goederen in België in bezit worden genomen door een derde persoon die handelt voor rekening van de niet in België gevestigde koper. Het bedoelde document moet in dat geval worden afgeleverd door deze persoon die erin verklaart te handelen voor rekening van zijn opdrachtgever.

3)

De vrijstelling is niet van toepassing voor de levering van goederen die door de koper zelf worden vervoerd, die bestemd zijn voor de uitrusting of de bevoorrading van pleziervaartuigen, sportvliegtuigen of andere vervoermiddelen voor privé-gebruik, en die zich als zodanig aan boord van die vervoermiddelen bevinden bij de uitvoer ervan. De toepassing van deze bepaling wordt door of vanwege de Minister van Financiën geregeld.

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 6, is van toepassing met ingang van 01.01.1993 (KB 29.12.1992))

lid 2De bepalingen van de artikelen 2 en 4 zijn van toepassing op deze afdeling. Het bewijs van uitvoer moet door de verkoper worden geleverd overeenkomstig artikel 3 onafhankelijk van het stuk voorgeschreven door artikel 5, § 2.

lid 3De verkoper wordt pas van zijn verantwoordelijkheid ontslagen indien hij kan bewijzen dat de goederen onder de gestelde voorwaarden werden uitgevoerd.

lid 4AFDELING 3: Diensten. Vrijstelling ingesteld bij artikel 39, § 1, 3°, van het Wetboek

art. 7

lid 1(Tekst met ingang van 10.01.2026) [historiek]

lid 2Het bepaalde in de afdelingen 1 en 2 is van toepassing voor de diensten, andere dan die welke zijn vrijgesteld bij toepassing van de artikelen 41 en 42 van het Wetboek, bestaande uit werkzaamheden met betrekking tot roerende goederen die zijn verworven of ingevoerd teneinde deze werkzaamheden te ondergaan en die worden uitgevoerd door de dienstverrichter of de niet in België gevestigde afnemer van de dienst dan wel voor hun rekening. De schuldenaar van de belasting overeenkomstig artikel 51, §§ 1 en 2, van het Wetboek moet, naargelang hij handelt als dienstverrichter of ontvanger van de dienst, dezelfde verplichtingen nakomen als deze die in voormelde afdelingen zijn opgelegd aan de verkoper of de koper.

lid 3Wanneer de in artikel 2 bedoelde factuur de hoeveelheid en de gewone benaming van de uitgevoerde goederen niet vermeldt wordt eveneens een verzendingsstuk opgesteld waarop die gegevens voorkomen. Een referentie naar dat verzendingsstuk wordt opgenomen in de overeenkomstig de douanereglementering inzake uitvoer ingediende aangifte ten uitvoer met betrekking tot de uitgevoerde goederen. Het verzendingsstuk wordt overeenkomstig artikel 2, tweede lid ter beschikking gehouden van de ambtenaren van de administratie belast met douane en accijnzen.

lid 4AFDELING 4: Goederen uit te voeren in de persoonlijke bagage van de reizigers. Vrijstelling ingesteld bij artikel 39, § 1, 4°, van het Wetboek.

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 8, 2°, werd gewijzigd met ingang van 01.01.2020 (Art. 2, KB 07.11.2019, B.S. 20.11.2019, pg. 106949))

lid 2De levering van goederen aan een niet in de Gemeenschap gevestigde reiziger, die deze goederen in België in bezit neemt en ze in zijn persoonlijke bagage uitvoert naar een plaats buiten de Gemeenschap uiterlijk op het einde van de derde maand volgend op de maand waarin de levering plaatsvond, is van de belasting vrijgesteld met inachtneming van de hierna gestelde beperkingen en voorwaarden:

1°

aan de aankoop moet elk handels- of beroepskarakter vreemd zijn;

2°

de globale waarde van de goederen, belasting inbegrepen, moet per factuur hoger zijn dan 125 euro;

3°

de verkoper moet de echtheid van de uitvoer aantonen aan de hand van een exemplaar van de factuur bekleed met het visum van het douanekantoor van uitgang uit de Gemeenschap. Door de Minister van Financiën of zijn gemachtigde kan worden bepaald dat de verkoopfactuur onder de door hem vastgelegde voorwaarden mag worden vervangen door een als zodanig geldend stuk.

(De tekst van KB nr. 18, artikel 9, § 2, is van toepassing met ingang van 01.01.1996 (Art.22, KB 25.02.1996))

1)

Als aankoop waaraan elk handels- of beroepskarakter vreemd is, wordt aangemerkt de aankoop die een incidenteel karakter heeft en uitsluitend betrekking heeft op goederen bestemd voor persoonlijk gebruik van de reiziger dan wel voor gebruik door leden van zijn gezin of bestemd om ten geschenke te worden aangeboden, mits blijkens de aard en de hoeveelheid van de goederen aan die aankoop geen commerciële of professionele overwegingen ten grondslag liggen.

2)

Wordt beschouwd als een niet in de Gemeenschap gevestigde reiziger, de reiziger wiens woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats zich niet in de Gemeenschap bevindt.

lid 2

Onder woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats van de reiziger wordt verstaan de plaats die als zodanig op zijn reispas, op zijn identiteitskaart of, bij ontstentenis daarvan, op een als identiteitsbewijs erkend stuk is vermeld.

lid 3

HOOFDSTUK II: Vrijstelling ingesteld bij artikel 39, § 2, van het Wetboek.

art. 10

1 document

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 10, is van toepassing met ingang van 01.01.1993 (KB 29.12.1992))

lid 2De in artikel 39, § 2, van het Wetboek bedoelde vrijstelling wordt verleend voor zover de voorwaarden zijn vervuld, de formaliteiten worden nagekomen en de bewijzen worden geleverd die in dit hoofdstuk zijn bepaald.

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 11, is van toepassing met ingang van 01.01.1993 (KB 29.12.1992)

lid 2De bepalingen van het eerste hoofdstuk worden toepasselijk gemaakt op de leveringen en de intracommunautaire verwervingen van goederen die in België geplaatst worden onder één van de regelingen bedoeld in artikel 23, § 4, 1°, 4°, 5°, 6° of 7°, van het Wetboek, alsmede op de diensten, andere dan die welke zijn vrijgesteld bij toepassing van de artikelen 41 en 42 van het Wetboek, en bestaande uit werkzaamheden met betrekking tot goederen die het voorwerp uitmaken van de genoemde leveringen.

lid 3De opslag en het verblijf van deze goederen onder de voornoemde regelingen zijn onderworpen aan de voorwaarden gesteld door de douanereglementering.

lid 4De vrijstelling wordt voorlopig verleend. Ze wordt slechts definitief op het tijdstip waarop de goederen worden uitgevoerd.

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 12, is van toepassing met ingang van 01.01.1993 (KB 29.12.1992 en Art.15, KB 22.11.1994))

lid 2De levering van goederen bedoeld in artikel 11 met handhaving van één van de regelingen bedoeld in dat artikel, is vrijgesteld van de belasting.

lid 3De vrijstelling wordt voorlopig verleend. Ze wordt slechts definitief op het tijdstip waarop de goederen worden uitgevoerd.

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 13, is van toepassing met ingang van 01.01.1993 (KB 29.12.1992 en Art.15, KB 22.11.1994))

lid 2De diensten, andere dan die welke zijn vrijgesteld bij toepassing van de artikelen 41 en 42 van het Wetboek, en bestaande uit werkzaamheden met betrekking tot in artikel 11 bedoelde goederen die zich onder één van de in dat artikel bedoelde regelingen bevinden, zijn vrijgesteld van de belasting wanneer het krachtens de douanereglementering toegestaan is deze diensten te verrichten.

lid 3De vrijstelling wordt voorlopig verleend. Ze wordt slechts definitief op het tijdstip waarop die goederen worden uitgevoerd.

art. 14

1 document

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 14, wordt opgeheven met ingang van 01.01.1996 (Art.23, A, KB 25.02.1996))

lid 2(opgeheven)

lid 3HOOFDSTUK III: Algemene bepaling betreffende de hoofdstukken I en II.

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 15, eerste lid, werd gewijzigd met ingang van 07.01.2016 (Art. 5, KB 18.12.2015, B.S. 28.12.2015, Ed. 2, pg. 79604))

lid 2Wanneer een oorzaak van opeisbaarheid van de belasting waarvoor het belastbare feit voortvloeit uit de artikelen 16 en 22 van het Wetboek, zich voordoet vóór de uitvoer van de goederen, kan de verkoper of de dienstverrichter, in de door of vanwege de Minister van Financiën bepaalde gevallen en onder de door hem gestelde voorwaarden, de betaling van de belasting opschorten.

lid 3Deze opschorting kan worden toegestaan voor een termijn van ten hoogste één jaar; in uitzonderlijke omstandigheden kan die termijn evenwel worden verlengd.

lid 4HOOFDSTUK IV: Vrijstelling ingesteld bij artikel 40, § 1, 3°, van het Wetboek.

art. 16

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 16 is opgeheven met ingang van 01.01.1996 (Art.23, B, KB 25.02.1996))

lid 2(opgeheven)

art. 17

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 17 is opgeheven met ingang van 01.01.1996 (Art.23, B, KB 25.02.1996))

lid 2(opgeheven)

lid 3HOOFDSTUK V: Algemene bepalingen.

art. 18

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 18 is opgeheven met ingang van 01.01.1996 (Art.23, C, KB 25.02.1996))

lid 2(opgeheven)

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 19, is van toepassing met ingang van 01.01.1993 (KB 29.12.1992))

lid 2Indien ten gevolge van de niet-naleving van de in de vorige hoofdstukken voorgeschreven formaliteiten het voordeel van de vrijstelling verloren wordt, kan door of vanwege de Minister van Financiën gehele of gedeeltelijke ontheffing van het opgelopen verval worden verleend.

art. 20

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 20, is van toepassing met ingang van 01.01.1993 (KB 29.12.1992))

lid 2Dit besluit vervangt het koninklijk besluit nr. 18 van 27 december 1977 met betrekking tot de vrijstellingen ten aanzien van de uitvoer van goederen en diensten, op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde.

art. 21

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 21, is van toepassing met ingang van 01.01.1993 (KB 29.12.1992))

lid 2Dit besluit treedt in werking op 1 januari 1993.

art. 22

lid 1(De tekst van KB nr. 18, artikel 22, is van toepassing met ingang van 01.01.1993 (KB 29.12.1992))

lid 2Onze Minister van Financiën is belast met de uitvoering van dit besluit.

Aangehaalde teksten

9
WBTW art. 3919 voorkomens
WBTW art. 403 voorkomens
WBTW art. 413 voorkomens
WBTW art. 423 voorkomens
WBTW art. 8bis2 voorkomens
WBTW art. 161 voorkomen
WBTW art. 221 voorkomen
WBTW art. 231 voorkomen
WBTW art. 511 voorkomen

Rechtspraak

31

België

31

Bekijk alle 31

Administratieve doctrine

48

Wetgeving

3

76 documenten hangen aan een welbepaald punt van het artikel, 4 verwijzen naar geen enkel bijzonder punt, 2 verwijzen naar een punt dat de gepubliceerde tekst niet draagt. De koppeling wordt in de tekst van de documenten gelezen.

Bekijk de 82 documenten