Beslissing Btw, nr. E.T.125.162, dd. 16.01.2014
Algemene Administratie van de Fiscaliteit
Bedrijfsmiddelen
Ministerieel besluit nr. 1 van 2 september 1980
Artikel 12, § 1, van het Btw-Wetboek
Artikel 48, § 2, van het Btw-Wetboek
Vanaf 1 januari 2014 wordt het bedrag dat dient te worden bereikt door de prijs, of bij ontstentenis van de prijs, door de normale waarde, per gebruikelijke handelseenheid, voor klein materieel, klein gereedschap en kantoorbehoeften opgetrokken van 250 EUR (exclusief btw) naar 1000 EUR (exclusief btw) opdat deze voor de toepassing van de artikelen 12, § 1 en 48, § 2, van het Btw-Wetboek als bedrijfsmiddelen worden beschouwd.
Er wordt dienaangaand verwezen naar het ministerieel besluit van 4 december 2013 (B.S. 9 december 2013) tot wijziging van ministerieel besluit nr. 1 van 2 september 1980 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde.
Het betreft de goederen bedoeld in artikel 1, 1° van voornoemd ministerieel besluit nr. 1 waarvoor het belastbaar feit, zoals bepaald in artikel 16 van het Btw-Wetboek, zich voordoet vanaf 1 januari 2014. Het uitreiken van een factuur of het zich voordoen van een subsidiaire oorzaak van opeisbaarheid beoogd door artikel 17 van voornoemd Wetboek, zoals het betalen van een voorschot, is ter zake van geen belang.
Derhalve dient met betrekking tot de goederen waarvoor het belastbaar feit zich heeft voorgedaan vóór 1 januari 2014 nog steeds het bedrag van 250 EUR (exclusief btw) in acht te worden genomen.
Wanneer een belastingplichtige vanaf 1 januari 2014 gehouden is de handelingen te belasten die voorheen overeenkomstig artikel 44 van het Btw-Wetboek van de belasting waren vrijgesteld (hetgeen het geval is voor de advocaten en bepaalde handelingen op het stuk van onderwijs), kan deze zijn recht op aftrek met betrekking tot betreffende goederen, bij wijze van regularisatie, overeenkomstig artikel 21bis van het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde, uitoefenen. Om te bepalen of deze goederen worden aangemerkt als bedrijfsmiddelen moet, gelet op de ter zake tot en met 31 december 2013 van toepassing zijnde regels, rekening worden gehouden met een bedrag van 250 EUR (exclusief btw).