Wat op die datum veranderde
4 gewijzigde passages op 8 211 ingevoegde woorden 29 geschrapte woordenVergeleken met de versie van 01.04.2019
Wat de FOD erover zegt : De tekst van art. 83, § 1, tweede lid en § 2, werd vervangen met ingang van 01.01.2020 (Art. 4, W 13.04.2019, B.S. 30.04.2019, pg. 41412). Het artikel zoals van kracht vóór 01.01.2020, blijft evenwel van toepassing op het administratieve dwangbevel dat ter kennis werd gebracht of werd betekend vóór 01.01.2020) (*
§ 1
lid 1Zowel ten aanzien van de voldoening als ten aanzien van de teruggaaf van de belasting, de interesten en de administratieve geldboeten, wordt de verjaring gestuit op de wijze en onder de voorwaarden bepaald bij de artikelen 2244 en volgende van het Burgerlijk Wetboek, met uitsluiting van artikel 2244, § 2. Een nieuwe verjaring, die op dezelfde wijze kan worden gestuit, wordt in dat geval verkregen vijf jaar na de laatste stuiting van de vorige verjaring, indien geen rechtsgeding hangend is.
lid 2Elk rechtsgeding met betrekking tot de toepassing, de inning of de invordering van de belasting, de interesten en geschrapte tekst: fiscale geldboeten einde van de schrapping. ingevoegde tekst: administratieve geldboeten, einde van de invoeging. dat wordt ingesteld door de Belgische Staat of door een schuldenaar van deze geschrapte tekst: belasting einde van de schrapping. ingevoegde tekst: belasting, deze interesten einde van de invoeging. en geschrapte tekst: van einde van de schrapping. deze geschrapte tekst: boeten, einde van de schrapping. ingevoegde tekst: geldboeten, einde van de invoeging. met inbegrip van iedere persoon die niet is opgenomen in het innings- en invorderingsregister bedoeld in artikel 85, maar die gehouden is tot de betaling van de schuld op grond van dit Wetboek, ingevoegde tekst: het Wetboek van de minnelijke en gedwongen invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen, einde van de invoeging. van de besluiten genomen ter uitvoering ervan of van het gemeen recht, ingevoegde tekst: alsook door iedere andere persoon die een verkregen en dadelijk belang heeft om in rechte te treden, einde van de invoeging. schorst de verjaring.
lid 3De schorsing vangt aan met de akte van rechtsingang en eindigt wanneer de rechterlijke beslissing in kracht van gewijsde is gegaan.
§ 2
Afstand van de geschrapte tekst: verlopen tijd van einde van de schrapping. ingevoegde tekst: op einde van de invoeging. de verjaring geschrapte tekst: en de kennisgeving van de aanmaning tot betaling op de wijze als bedoeld in artikel 85, § 5, worden einde van de schrapping. ingevoegde tekst: verlopen termijn wordt einde van de invoeging. ten aanzien van geschrapte tekst: hun einde van de schrapping. ingevoegde tekst: zijn einde van de invoeging. gevolgen gelijkgesteld met de in paragraaf 1, eerste lid, bedoelde geschrapte tekst: stuiting. einde van de schrapping. ingevoegde tekst: stuitingsdaden. einde van de invoeging.
§ 3
lid 1Elke daad van onderzoek of van vervolging als bedoeld in artikel 22 van de Voorafgaande Titel van het Wetboek van Strafvordering betreffende de misdrijven bedoeld in artikel 73 en 73bis schorst de verjaring van de vordering tot voldoening van de belasting, de interesten en de fiscale geldboeten die erop betrekking hebben.
lid 2De schorsing vangt aan met het op gang brengen van de strafvordering, en eindigt met het staken van de strafrechtelijke vervolging, het verval van de strafvordering of wanneer het vonnis of arrest in kracht van gewijsde is gegaan voor de misdrijven bedoeld in het eerste lid.
lid 3ingevoegde tekst: (1) Het artikel zoals van kracht vóór 01.01.2020, blijft evenwel van toepassing op het administratieve dwangbevel dat ter kennis werd gebracht of werd betekend vóór 01.01.2020. einde van de invoeging.
lid 4ingevoegde tekst: De Wet tot invoering van het Wetboek van de minnelijke en gedwongen invordering van fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen van 13.04.2019 is niet van toepassing op het administratieve dwangbevel inzake belasting over de toegevoegde waarde dat ter kennis werd gebracht of werd betekend voor de datum van haar inwerkingtreding (art. 138, 1°); op fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen opgenomen in een kohier, een bijzonder kohier of een innings- en invorderingsregister, uitvoerbaar verklaard voor de datum van haar inwerkingtreding (art. 138, 5°); op fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen, andere dan deze waarvan de inning en de invordering verzekerd zijn in toepassing van de wet van 21 februari 2003 tot oprichting van een Dienst voor alimentatievorderingen bij de FOD Financiën, die het voorwerp hebben uitgemaakt van een in kracht van gewijsde getreden rechterlijke beslissing houdende veroordeling tot hun betaling, voor de datum van haar inwerkingtreding (art. 138, 6°). einde van de invoeging.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Opeenvolgende versies
6 versies eerste op 01.11.1980| Van kracht | Wijziging | Bron |
|---|---|---|
| 01.01.2023van kracht | § 1, eerste en tweede lid en § 3, eerste lid, werden gewijzigd | W 20.11.2022, B.S. 30.11.2022 |
| 01.01.2020getoond | § 1, tweede lid en § 2, werden vervangen | W 13.04.2019, B.S. 30.04.2019 |
| 01.04.2019 | § 1, tweede lid en § 2, werden vervangen | W 26.11.2018, B.S. 04.12.2018 |
| 09.04.2018 | de §§ 1 en 3, werden gewijzigd met ingang van 09.04.2018 | W 26.03.2018, B.S. 30.03.2018 |
| 01.01.1999 | het artikel werd vervangen | W 15.03.1999 |
| 01.11.1980 | het artikel werd gewijzigd | W 08.08.1980 |