VRAAG
Vorig jaar raamde de Belgische Petroleumfederatie het verlies aan inkomsten voor de Schatkist ingevolge fraude - ontduiking van BTW en accijnzen onder meer - bij de invoer of vermeende uitvoer van olieprodukten op ruim 17 miljard frank. In sommige gevallen zouden noch BTW noch accijnsrechten betaald worden. Dit is uiteraard het gevolg van het openstellen van de binnengrenzen van de Europese Unie.
Voor goederen die inderdaad voor uitvoer zijn bestemd moet in het land van herkomst niet langer de BTW worden vereffend.
De Belgische Petroleumfederatie wees verleden jaar op andere mogelijk vormen van fraude waardoor de Schatkist belangrijke inkomsten moet derven.
Hetgeen zich voordoet in de oliesector gebeurt wellicht ook in andere sectoren. Het ontwijken van de BTW leidt aldus vaak tot het scheppen van een winstgevend parallel-circuit ten nadele van het normale handelscircuit. Het prijsverschil doet de omzet in het normale handelscircuit dalen en leidt anderzijds tot een vermindering van de wettelijk geïnde BTW, waardoor de Schatkist andermaal benadeeld wordt.
In dit verband vernam ik graag een antwoord op de volgende vragen :
1. Is het departement van Financiën bij machte om een raming te maken van het verlies aan inkomsten voor de Schatkist ingevolge het ontwijken van de BTW en accijnsrechten ? Hoeveel bedraagt dit verlies ?
2. Welke maatregelen werden reeds getroffen om de ontduiking van de BTW en accijnsrechten tegen te gaan ? Werd het aantal controleurs opgevoerd en voor welke sectoren zijn zij verantwoordelijk ?
3. Hoeveel controles werden uitgevoerd in 1991, 1992 en 1993 ? Welke is het bedrag van de eventueel gerecupereerde BTW en accijnsrechten ?
ANTWOORD
1. Voor het antwoord op de eerste vraag, verwijs ik het geachte lid naar mijn antwoord op de parlementaire vraag nr. 699, van 15 maart 1994, gesteld door de heer senator Daerden.
2. Het tegengaan van de ontduiking van de BTW en de accijnzen behoort tot de opdrachten van de fiscale administraties die de geviseerde belastingen onder hun bevoegdheid hebben.
Administratie van de BTW, Registratie en Domeinen
Op 1 januari 1993 zijn verschillende wetgevende maatregelen getroffen om ontduiking van de belasting beter te bestrijden.
De krachtlijnen van die maatregelen zijn de volgende :
•Het afschaffen van het stelsel van de periodieke jaaraangifte en, correlatief hiermee, van artikel 43 (oud) van het BTW-Wetboek;
•Een grondige herziening van de verplichtingen met betrekking tot de voldoening van de BTW, inzonderheid wat betreft de uit te reiken of op te maken facturen en stukken, de boekhouding en de inhoud van de periodieke BTW-aangiften (koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling van de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde);
•Een herziening van de bepalingen betreffende de controlemaatregelen, met name op het stuk van de bewaringsplicht, van de voorleggingsplicht, van het verstrekken van inlichtingen, van het recht van toegang tot de ruimten waar een activiteit wordt uitgeoefend en van de samenwerking met andere administraties (artikelen 60 en 63bis van het BTW-Wetboek);
•Het uitbreiden van de actiemiddelen inzake wederzijdse bijstand en administratieve samenwerking op het gebied van de indirecte belastingen tussen de lidstaten van de Europese Unie (artikel 93terdecies van het BTW-Wetboek);
•De verbetering van de mogelijkheden om belastingkredieten aan te wenden tot aanzuivering van belastingschulden, zowel wanneer de schuld zeker, vaststaand en opeisbaar is, als wanneer er geen schuld is die aan die voorwaarden voldoet (koninklijk besluit nr. 4 van 29 december 1969 met betrekking tot de teruggaven inzake belasting over de toegevoegde waarde).
Bovendien werd het stelsel van de administratieve fiscale boeten aangepast (artikel 70, § 4, van het BTW-Wetboek en koninklijk besluit nr. 44 van 21 oktober 1993 tot vaststelling van het bedrag van de niet- proportionele fiscale geldboeten op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde).
Het aantal controleurs werd niet opgevoerd; er dient rekening gehouden te worden met de wervingstop.
Tenslotte deel ik het geachte lid mede dat het actiegebied en de verantwoordelijkheid van een controleur niet beperkt zijn tot bepaalde economische sectoren.
Administratie der Douane en Accijnzen
Wat de accijnzen dan weer betreft, kan deze administratie meer gericht werken, omdat het aantal accijnsprodukten eerder beperkt is, hoewel veelvuldig verhandeld. Veel belang wordt gehecht aan de doorstroming van informatie.
De administratie grijpt alle gelegenheden aan om haar diensten attent te maken op de fraudepraktijken waarvan ze mede door de samenwerking met de beroepsverenigingen op de hoogte is. Dergelijke frauduleuze praktijken worden zo vlug mogelijk behandeld in vertrouwelijke instructies ten behoeve van de betrokken ambtenaren.
Vermits door het opheffen van de binnengrenzen aldaar geen systematische controle kan geschieden, werd besloten de controles op het accijnsverkeer te verrichten over het gehele grondgebied, door middel van georganiseerde en snelle interventies.
Een controle uitgevoerd door één enkele lidstaat kan echter niet het gewenste resultaat opleveren. Om die reden werd tussen de accijnsadministraties van de verschillende lidstaten overeengekomen om elkaar misbruiken in het intracommunautair verkeer te melden en is de mogelijkheid gecreëerd om volgens een uniform systeem, in de andere lidstaten inlichtingen over een bepaald vervoer in te winnen.
Binnen de eigen administratie werden specifieke diensten, verantwoordelijk voor alle accijnsprodukten, opgericht om de produktie en de handel in accijnsgoederen te controleren. Deze controlediensten werden opgeleid om naast de gebruikelijke fysieke controles ook meer en meer de beweging van de goederen boekhoudkundig te volgen, hetgeen zeker leidt tot een efficiënter inzicht van de handel in accijnsgoederen in het algemeen.
Wat inzonderheid de controle op de minerale olie betreft, werd vroeger al een gespecialiseerde dienst "Antwerpen-Petroleum Opsporing" opgericht. De administratie bestudeert thans de mogelijkheid de dienst uit te breiden en te versterken. Voor het overige heeft de administratie eerder geopteerd voor gerichte dan veelvuldige controles.
3. Administratie van de BTW, Registratie en Domeinen aantal controles Belastingsupplement 1991 188 621 17 126 000 000 frank 1992 193 425 20 361 000 000 frank 1993 199 376 19 098 000 000 frank Administratie der Douane en Accijnzen
Er zijn geen cijfers beschikbaar over het totaal aantal controles dat inzake accijnzen werd uitgevoerd. Wel is gekend dat in 1993 op de openbare weg 228 036 motorvoertuigen werden gecontroleerd op het regelmatig gebruik van gefurfuroleerde gasolie. Hierbij werden 4 095 overtredingen vastgesteld.
Voor 1991 bedroeg het totaal aantal overtredingen inzake accijnzen 2 018, in 1992 waren er 2 857 overtredingen en in 1993 werden 5 542 overtredingen vastgesteld.
Ingevolge de vastgestelde overtredingen werden de volgende bedragen aan accijns gerecupereerd :
In 1991 : 58,51 miljoen frank
In 1992 : 53,68 miljoen frank
In 1993 : 43,05 miljoen frank