Btw, Koninklijk besluit nr. 9, met betrekking tot de ambtelijke aanslag · Koninklijke besluiten

Naar de tekst
Juriel

nr. 9

Zoeken
Van kracht

Btw, Koninklijk besluit nr. 9, met betrekking tot de ambtelijke aanslagKoninklijk besluit nr. 9, van 12 december 1970, met betrekking tot de ambtelijke aanslag inzake belasting over de toegevoegde waarde.

https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/koninklijke-besluiten/ar-9-betrekking-ambtelijke-aanslag-belasting-toegevoegde-b2ea

Besluit
nr. 9

Over het document

Verzameling
Koninklijke besluiten
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

4 artikelen

(Uitvoering van de artikelen 66 en 67 van het Wetboek.)

Officieuze coördinatie - Laatstelijk gewijzigd met ingang van 16.05.2014 (KB 24.01.2015, B.S. 20.02.2015 – Ed. 2, erratum B.S. 17.04.2015, pg. 22342, vervangen door erratum B.S. 27.04.2015, pg. 23413)

lid 1(De tekst van KB nr. 9, artikel 1, eerste lid, werd gewijzigd met ingang van 16.05.2014 (Art. 13, KB 24.01.2015, B.S. 20.02.2015 – Ed. 2, pg. 13872, erratum B.S. 17.04.2015, pg. 22342, vervangen door erratum B.S. 27.04.2015, pg. 23413))

lid 2Alvorens de in artikel 66 van het Wetboek bedoelde ambtelijke aanslag op te leggen, stelt de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde de schuldenaar van de belasting bij ter post aangetekende brief in kennis van de feiten die de aanslag rechtvaardigen, het tijdvak waarop hij betrekking heeft, het vermoedelijk bedrag van de beoogde handelingen, het bedrag van de ter zake van die handelingen opeisbare belasting, de wijze waarop die belasting werd berekend en het bedrag van de verbeurde geldboeten.

lid 3De schuldenaar van de belasting beschikt over een termijn van een maand om schriftelijk zijn opmerkingen te doen kennen.

lid 1(De tekst van KB nr. 9, artikel 2, is van toepassing met ingang van 01.01.1993 (Art.2, KB 29.12.1992), (gewijzigd bij art. 2 van het K.B. van 29.12.1992))

lid 2De administratie kan de ambtelijke aanslag slechts opleggen na het verstrijken van de in artikel 1 bepaalde termijn.

lid 3De ambtelijke aanslag wordt opgelegd door de gewestelijke directeur van de administratie die bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde of door de hoofdcontroleur die hij aanwijst.

lid 4Van de beslissing waarbij de aanslag wordt opgelegd, wordt aan de schuldenaar van de belasting kennis gegeven bij ter post aangetekende brief.

art. 3

lid 1(De tekst van KB nr. 9, artikel 3, is van toepassing met ingang van 01.01.1971 (KB 12.03.1970))

lid 2Dit besluit treedt in werking op dezelfde datum als de wet van 3 juli 1969 tot invoering van het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde.

art. 4

lid 1(De tekst van KB nr. 9, artikel 4, is van toepassing met ingang van 01.01.1971 (KB 12.03.1970))

lid 2Onze Minister van Financiën is belast met de uitvoering van dit besluit.

lid 3Recente wijzigingen van KB nr. 9

lid 4KB van 24.01.2015 - Koninklijk besluit tot wijziging van de koninklijke besluiten nrs. 1, 2, 3, 4, 7, 9, 10, 11, 15, 19, 23, 24, 27, 31, 46, 47, 48, 50, 54 en 56 met betrekking tot de belasting over de toegevoegde waarde en het koninklijk besluit van 7 juni 2007 tot uitvoering van de artikelen 84quinquies tot 84decies van het wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde (B.S. 20.02.2015, Ed. 2, pg. 13872, erratum B.S. 17.04.2015, pg. 22342)

lid 5Wijzigt met ingang van 16.05.2014 :

art. 1 (eerste lid, gewijzigd)

Aangehaalde teksten

4
WBTW art. 662 voorkomens
WBTW art. 671 voorkomen

Rechtspraak

9

België

9

Hof van beroep te Antwerpen09.09.2003

Bewijs, controlemaatregel

art. 1

Bekijk alle 9

Administratieve doctrine

4

13 documenten hangen aan een welbepaald punt van het artikel. De koppeling wordt in de tekst van de documenten gelezen.

Bekijk de 13 documenten