§ 1
Gehele vrijstelling van de belasting wordt verleend voor de wederinvoer van goederen die werden uitgevoerd buiten de Gemeenschap en waarvoor inzake invoerrecht een regeling van gehele vrijstelling bij wederinvoer is ingesteld bij de Verordening (EEG) nr. 754/76 betreffende de naar het douanegebied van de Gemeenschap terugkerende goederen.
§ 2
lid 1De vrijstelling wordt verleend met inachtneming van de beperkingen en onder de voorwaarden die zijn gesteld door de bepalingen tot regeling van de vrijstelling inzake het invoerrecht, ook al gaat het om goederen die wegens hun aard of hun herkomst of om enige andere reden niet aan invoerrecht onderworpen zijn.
lid 2De wederingevoerde goederen moeten eigendom gebleven zijn van degene die er eigenaar van was bij de uitvoer. Ze moeten bovendien zijn onderworpen geweest aan de algemene belastingregels voor de binnenlandse markt van een Lid-Staat en uit hoofde van uitvoer niet in aanmerking zijn gekomen voor ontheffing of teruggave van de belasting over de toegevoegde waarde.
§ 3
Door of vanwege de Minister de modaliteiten en de formaliteiten bepaald voor de toepassing van de in dit artikel bedoelde vrijstelling.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.
Opeenvolgende versies
4 versies eerste op 01.01.1993| Van kracht | Wijziging | Bron |
|---|---|---|
| 03.01.2025van kracht | § 1, werd gewijzigd | KB 15.12.2024, B.S. 24.12.2024 |
| 05.12.2019 | § 1, werd gewijzigd | KB 07.11.2019, B.S. 25.11.2019 |
| 01.04.1994 | § 1, werd gewijzigd | KB 20.06.1994 |
| 01.01.1993getoond | het artikel werd ingevoerd | KB 29.12.1992 |