Artikel 91 van het Belgische Btw-Wetboek · Btw-Wetboek

Naar de tekst
Juriel

91 01.01.2015 - 31.03.2019 § 1, eerste lid, 4°, werd ingevoegd W 19.12.2014, B.S. 29.12.2014

Zoeken
Niet meer van kracht

Artikel 91 van het Belgische Btw-WetboekDeze versie is vervangen. De geldende tekst staat op de pagina van het artikel.

https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-91/versie-2015-01-01

Artikel
91
Periode
01.01.2015 - 31.03.2019
Wijziging
§ 1, eerste lid, 4°, werd ingevoegd
Bron
W 19.12.2014, B.S. 29.12.2014

Wat op die datum veranderde

6 gewijzigde passages op 18 79 ingevoegde woorden 48 geschrapte woorden

Vergeleken met de versie van 01.01.2010

Wat de FOD erover zegt : De tekst van art. 91, § 1, eerste lid, 4°, werd ingevoegd met ingang van 01.01.2015 (Art. 78, W 19.12.2014, B.S. 29.12.2014 – Ed. 2, pg. 106219);

Op die datum geschrapt

art. 91, § 1, 3°, lid 1geschrapte tekst: De interest wordt om de maand berekend over het totaal van de verschuldigde belasting, afgerond op het dichtstbijzijnde lagere veelvoud van 10 euro. Ieder begonnen tijdvak van een maand wordt voor een gehele maand gerekend. einde van de schrapping.
art. 91, § 1, 3°, lid 2geschrapte tekst: De interest van een maand wordt slechts gevorderd indien hij 2,50 EUR bereikt. einde van de schrapping.

Naar de tekst van deze versie

Tekst

6 paragrafen 6 punten van kracht van 01.01.2015 tot 31.03.2019

ingevoegde tekst: Zie ook de tijdelijke maatregel voor de periode april-juni 2021)) einde van de invoeging.

§ 1

Een interest van 0,8 pct. per maand is van rechtswege verschuldigd wanneer de belasting niet voldaan is :

1°

binnen de termijn die ter uitvoering van de artikelen 52, 53, § 1, eerste lid, 3°, 53ter, 2° en 53octies, is gesteld;

2°

binnen de termijn die ter uitvoering van artikel 53nonies is gesteld;

3°

binnen de termijn die ter uitvoering van artikel 54 is gesteld, voor de belastingplichtigen bedoeld in artikel 8.

4°

ingevoegde tekst: binnen de termijn die ter uitvoering van de artikelen 367, eerste alinea en 369decies, eerste alinea, van richtlijn 2006/112/EG, is gesteld. einde van de invoeging.

toegevoegd
lid 2

ingevoegde tekst: De interest wordt om de maand berekend over het totaal van de verschuldigde belasting, afgerond op het dichtstbijzijnde lagere veelvoud van 10 euro. Ieder begonnen tijdvak van een maand wordt voor een gehele maand gerekend. einde van de invoeging.

toegevoegd
lid 3

ingevoegde tekst: De interest van een maand wordt slechts gevorderd indien hij 2,50 EUR bereikt. einde van de invoeging.

toegevoegd

§ 2

Wanneer de in artikel 59, § 2, bedoelde procedure uitwijst dat de belasting werd voldaan over een ontoereikende maatstaf, is van rechtswege een interest van 0,8 pct. per maand verschuldigd te rekenen vanaf de inleidende daad van de procedure; die interest wordt op de in § 1 bepaalde wijze berekend.

§ 3

Een interest van 0,8 pct. per maand is van rechtswege verschuldigd over de sommen die moeten worden teruggegeven :

1°

met toepassing van artikel 76, § 1, eerste en derde lid, te rekenen vanaf het verstrijken van de in deze bepaling bepaalde termijn.

lid 2

De interest wordt om de maand berekend over het totaal van de terug te geven belasting, afgerond op het dichtstbijzijnde lagere veelvoud van 10 euro. Ieder begonnen tijdvak van een maand wordt voor een gehele maand gerekend.

lid 3

De interest van een maand is slechts verschuldigd indien hij 2,50 euro bereikt;

2°

met toepassing van de bepalingen van de Richtlijn 2008/9/EG van 12 februari 2008 tot vaststelling van nadere voorschriften voor de teruggaaf van de belasting over de toegevoegde waarde aan belastingplichtigen die niet in de lidstaat van teruggaaf maar in een andere lidstaat gevestigd zijn, vanaf het verstrijken van de termijn bedoeld in artikel 22, paragraaf 1, van deze richtlijn. Er is evenwel geen enkele interest verschuldigd wanneer de belastingplichtige zijn verplichting de op basis van de artikelen 10 en 20, paragraaf 1, van de voornoemde richtlijn geëiste aanvullende informatie te verstrekken niet voldaan heeft binnen de termijn bepaald bij artikel 20, paragraaf 2, van deze richtlijn.

lid 2

De interest wordt om de maand berekend over het totaal van de terug te geven belasting, afgerond op het dichtstbijzijnde lagere veelvoud van 10 euro. Ieder begonnen tijdvak van een maand wordt voor een gehele maand gerekend.

lid 3

De interest van een maand is slechts verschuldigd indien hij 2,50 euro bereikt.

§ 4

De moratoire interesten over in te vorderen of terug te geven sommen die niet in de §§ 1, 2 en 3 zijn bedoeld, zijn verschuldigd tegen de rentevoet in burgerlijke zaken en met inachtneming van de terzake geldende regelen.

§ 5

De Koning kan, wanneer zulks ingevolge de op de geldmarkt toegepaste rentevoeten verantwoord is, de in de §§ 1, 2 en 3 bedoelde interestvoeten aanpassen.

Opeenvolgende versies

14 versies eerste op 01.01.1993
Van krachtWijzigingBron
09.03.2026van krachtW. 10.02.2026, B.S. 27.02.2026
20.02.2026W. 10.02.2026, B.S. 20.02.2026
08.01.2024§ 4, eerste lid, 1°, werd aangevuld en het eerste lid werd aangevuld met een punt 1°/1W 28.12.2023, B.S. 29.12.2023
01.01.2023het artikel werd vervangenW 20.11.2022, B.S. 30.11.2022
03.11.2022§ 3, 2°, eerste lid, werd gewijzigdW 16.10.2022, B.S. 24.10.2022
10.01.2022§ 1, eerste lid, 4°, werd vervangenW 27.12.2021, B.S. 31.12.2021
01.04.2021een tijdelijke afwijking van de geldende tekst van artikel 91 W.Btw, werd ingevoerd voor de periode april-juni 2021Artt. 20 en 21, W 02.04.2021, B.S. 13.04.2021
01.04.2019de §§ 1, 2 en 3, werden gewijzigd; § 2bis wordt ingevoegd en § 4 wordt vervangenW 26.11.2018, B.S. 04.12.2018
01.01.2015getoond§ 1, eerste lid, 4°, werd ingevoegdW 19.12.2014, B.S. 29.12.2014
01.01.2010§ 3, werd gewijzigdW 26.11.2009, B.S. 04.12.2009
01.01.2004§ 1, 1°, werd gewijzigdW 28.01.2004, B.S. 10.02.2004
01.01.2002de in dit artikel opgenomen bedragen worden in euro uitgedrukt9° en 5, § 5, 1° en 2°, KB 20.07.2000
01.10.1997het artikel werd gewijzigdW 07.01.1998
01.01.1993het artikel werd gewijzigdW 28.12.1992