Artikel 53 van het Belgische Btw-Wetboek · Btw-Wetboek

Naar de tekst
Juriel

53 01.01.2022 - 31.12.2024 § 2, eerste lid, 2°, werd gewijzigd W 27.12.2021, B.S. 31.12.2021

Zoeken
Niet meer van kracht

Artikel 53 van het Belgische Btw-WetboekDeze versie is vervangen. De geldende tekst staat op de pagina van het artikel.

https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-53/versie-2022-01-01

Artikel
53
Periode
01.01.2022 - 31.12.2024
Wijziging
§ 2, eerste lid, 2°, werd gewijzigd
Bron
W 27.12.2021, B.S. 31.12.2021

Wat op die datum veranderde

1 gewijzigde passage op 22 3 ingevoegde woorden 2 geschrapte woorden

Vergeleken met de versie van 01.07.2021

Wat de FOD erover zegt : De tekst van art. 53, § 2, eerste lid, 2°, werd gewijzigd (Art. 21, W 27.12.2021, B.S. 31.12.2021 - Ed. 2, pg. 127779, Numac: 2021034489) met ingang van 01.01.2022 (Art. 22, W 27.12.2021

Naar de tekst van deze versie

Tekst

4 paragrafen 7 punten van kracht van 01.01.2022 tot 31.12.2024

§ 1

De belastingplichtige, met uitzondering van degene die geen enkel recht op aftrek heeft, is gehouden :

1°

een aangifte in te dienen bij de aanvang, de wijziging of de stopzetting van zijn werkzaamheid;

2°

iedere maand een aangifte in te dienen waarin hij vermeldt :

a)

het bedrag der in dit Wetboek bedoelde handelingen die hij heeft verricht of die aan hem werden verstrekt gedurende de vorige maand in het kader van zijn economische activiteit;

b)

het bedrag van de opeisbare belasting, van de te verrichten aftrek en van de te verrichten herzieningen;

c)

de gegevens die de Koning noodzakelijk acht om te voldoen aan de door de Gemeenschap uitgevaardigde regelgeving inzake statistieken en om de controle op de toepassing van de belasting te waarborgen;

3°

de verschuldigd geworden belasting te voldoen binnen de termijn van indiening van de bij 2° voorgeschreven aangifte.

lid 2

In afwijking van het eerste lid is de in artikel 56bis, bedoelde belastingplichtige gehouden tot de in het eerste lid, 1°, bepaalde verplichtingen.

§ 1bis

lid 1Paragraaf 1, eerste lid, 1°, is niet van toepassing op de belastingplichtige die uitsluitend handelingen verricht waarvoor hij gebruikmaakt van de bijzondere regeling bedoeld in titel XII, hoofdstuk 6, afdeling 2 of 4, van de richtlijn 2006/112/EG.

lid 2Paragraaf 1, eerste lid, 2° en 3°, is niet van toepassing op de belastingplichtige die uitsluitend handelingen verricht waarvoor hij gebruikmaakt van een bijzondere regeling bedoeld in titel XII, hoofdstuk 6, van de richtlijn 2006/112/EG.

§ 2

De belastingplichtige die andere leveringen van goederen of diensten verricht dan die welke krachtens artikel 44 zijn vrijgesteld en andere dan die welke bedoeld zijn in artikel 135, lid 1, punten a) tot g) van richtlijn 2006/112/EG, dient een factuur uit te reiken aan zijn medecontractant en een kopie ervan op te stellen of ervoor te zorgen dat in zijn naam en voor zijn rekening, door zijn medecontractant of een derde een factuur wordt uitgereikt en een kopie daarvan wordt opgesteld :

1°

wanneer hij een levering van goederen of een dienst heeft verricht voor een belastingplichtige of een niet-belastingplichtige rechtspersoon;

2°

wanneer hij een levering van goederen heeft verricht bedoeld in artikel 15, §§ geschrapte tekst: 1 einde van de schrapping. ingevoegde tekst: 1, 2 einde van de invoeging. of geschrapte tekst: 2, einde van de schrapping. ingevoegde tekst: 2bis, einde van de invoeging. voor elke niet-belastingplichtige natuurlijke persoon, behalve wanneer hij gebruikmaakt van de bijzondere regeling bedoeld in titel XII, hoofdstuk 6, afdeling 3, van de richtlijn 2006/112/EG;

gewijzigd
3°

wanneer hij een levering van goederen, zoals bedoeld in artikel 39bis, eerste lid, 2°, heeft verricht voor elke niet-belastingplichtige persoon;

4°

wanneer de belasting opeisbaar wordt over de gehele of een deel van de prijs van de handeling, bij toepassing van de artikelen 17, § 1, derde lid en § 4 en 22bis, § 1, derde lid, § 2, tweede lid en § 4, vooraleer een levering van een goed of een dienst bedoeld in 1° en 2°, wordt verricht.

lid 2

De uitreiking van facturen door de medecontractant, in naam en voor rekening van de leverancier of de dienstverrichter, wordt toegestaan op voorwaarde dat er een voorafgaandelijk akkoord is tussen beide partijen en dat iedere factuur het voorwerp uitmaakt van een procedure van aanvaarding door de belastingplichtige die de levering van het goed of de dienst verricht.

lid 3

Ieder document dat wijzigingen aanbrengt in en specifiek en ondubbelzinnig verwijst naar de oorspronkelijke factuur geldt als factuur.

lid 4

Het gebruik van een elektronische factuur is toegestaan mits aanvaarding door de afnemer.

lid 5

De Koning kan aan de belastingplichtigen de verplichting opleggen een factuur uit te reiken voor de leveringen van goederen of dienstverrichtingen, andere dan deze bedoeld in het eerste lid.

§ 3

lid 1In het kader van een btw-eenheid in de zin van artikel 4, § 2, is het lid dat goederen of diensten verschaft aan een ander lid ertoe gehouden een bijzonder stuk uit te reiken aan dat lid en een kopie daarvan op te stellen of ervoor te zorgen dat in zijn naam en voor zijn rekening, door het lid in zijn hoedanigheid van medecontractant of door een derde dergelijke stukken worden uitgereikt of opgesteld, als de in paragraaf 2 bedoelde factuur niet werd uitgereikt.

lid 2De in paragraaf 2, tweede lid, bedoelde voorwaarden zijn van toepassing wanneer het in het eerste lid bedoelde stuk wordt uitgereikt door de medecontractant in naam en voor rekening van het lid dat de goederen of de diensten verschaft.

lid 3De Koning kan andere verplichtingen bepalen om de juiste heffing van de belasting te waarborgen en om de fraude te vermijden.

Opeenvolgende versies

13 versies eerste op 01.01.1990
Van krachtWijzigingBron
20.02.2026van krachtW. 10.02.2026, B.S. 20.02.2026
01.01.2026§ 2, eerste lid, inleidende zin wordt vervangen; § 2bis wordt ingevoegd en § 3 wordt vervangenW 06.02.2024, B.S. 20.02.2024
01.01.2025§ 1ter, werd ingevoegdW 12.03.2023, B.S. 23.03.2023
01.01.2022getoond§ 2, eerste lid, 2°, werd gewijzigdW 27.12.2021, B.S. 31.12.2021
01.07.2021§ 1bis en § 2, eerste lid, 2°, werden vervangenW 02.04.2021, B.S. 13.04.2021
01.01.2016§ 2, eerste lid, 4°, werd gewijzigdW 06.12.2015, B.S. 17.12.2015
01.01.2015§ 1bis, werd ingevoegdW 19.12.2014, B.S. 29.12.2014
01.04.2014§ 1, tweede lid, werd gewijzigdW 15.05.2014, B.S. 22.05.2014
01.01.2013§ 2 en § 3, werd vervangenW 17.12.2012 (I), B.S. 21.12.2012
01.04.2007§ 3, werd ingevoegdW 27.04.2007, B.S. 08.05.2007
01.01.2004het artikel werd vervangenW 28.01.2004, B.S. 10.02.2004
01.01.1993het artikel werd vervangenW 28.12.1992
01.01.1990het artikel werd gewijzigdW 08.08.1980 en Art. 117, W 22.12.1989