Artikel 24, uitvoeringsverordening 282/2011 · Europese wetgeving

Naar de tekst
Juriel

24 14.04.2025

Zoeken
Van kracht

Artikel 24, uitvoeringsverordening 282/2011

https://juriel.be/nl/unierecht/uitvoeringsverordening-282-2011/artikel-24

Artikel
24
Geconsolideerde versie van
14.04.2025

Over het document

Verzameling
Europese wetgeving
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

3 paragrafen

Wanneer diensten waarop artikel 56, lid 2, eerste alinea, of de artikelen 58 en 59 van Richtlijn 2006/112/EG van toepassing zijn, worden verricht voor een niet-belastingplichtige die in meer dan één land is gevestigd of die zijn woonplaats in het ene land en zijn gebruikelijke verblijfplaats in het andere land heeft, wordt voorrang verleend:

a) in het geval van een niet-belastingplichtige rechtspersoon, aan de in artikel 13 bis, onder a), van deze verordening bedoelde plaats, tenzij er bewijs is dat de dienst wordt gebruikt in de inrichting, bedoeld onder b) van dat artikel;

b) in het geval van een natuurlijke persoon, aan de plaats waar hij zijn gebruikelijke verblijfplaats heeft, tenzij er bewijs voorhanden is dat de dienst wordt gebruikt op zijn woonplaats.

Geconsolideerde tekst gepubliceerd door het Publicatiebureau van de Europese Unie, per artikel opgesplitst en opnieuw opgemaakt · Licentie CC BY 4.0

Administratieve doctrine

9

« … een advocaat bijstand verleent aan een vluchteling met woonplaats in een niet-EU-lidstaat die tijdens de procedure feitelijk in België verblijft, is artikel 21bis, § 2, 10°, c), van het Wetboek in principe niet van toepassing. In overeenstemming met artikel 24, b) , van de uitvoeringsverordening (EU) nr. 282/2011, voornoemd, wordt er voorrang gegeven aan de gebruikelijke verblijfplaats, hetgeen verwijst naar een feitelijke situatie, namelijk een plaats waar een natuurlijke persoon het grootste deel van zijn tijd … »

Diensten (01.07.2026)Administratieve commentaar01.07.2026

Bekijk de 9 documenten