Parlementaire vraag nr. 841 van de heer Charles Michel d.d. 14.06.2005
Kamer, Vragen en Antwoorden, 2004-2005, QRVA 51/91 d.d. 05.09.2005, blz. 16168
BTW - Discriminatie tussen de militaire invaliden van vredestijd en de oorlogsinvaliden
VRAAG
Mijn vraag betreft de toestand van de militaire invaliden van vredestijd. Blijkbaar genieten deze personen die tijdens hun legerdienst het slachtoffer van een ongeval waren, niet dezelfde rechten als de militairen die in oorlogstijd een zelfde vorm van invaliditeit hebben opgelopen.
De beroepsvrijwilligers en de dienstplichtigen van alle graden die buiten de periodes van gewapend conflict het slachtoffer zijn van een ongeval, worden thans als militaire invaliden van vredestijd erkend.
De oorlogsinvaliden genieten onbeperkt een aantal fiscale voordelen (verlaagd BTW-tarief van 6% bij de aankoop van een wagen, vrijstelling van de verkeersbelasting.
Dezelfde voordelen worden enkel toegekend aan de militaire invaliden van vredestijd die door een specifieke invaliditeit zijn getroffen. Het gaat om personen die:
- volledig blind zijn;
- volledig verlamd zijn aan de bovenste ledematen;
- wier bovenste ledematen zijn geamputeerd (met inbegrip van de personen wier beide handen vanaf de pols zijn afgezet);
- een blijvende invaliditeit hebben die rechtstreeks toe te schrijven is aan de onderste ledematen en ten minste 50% bedraagt.
De oorlogsinvaliden hebben daartegenover onbeperkt recht op het verlaagd BTW-tarief van 6% bij de aankoop van een wagen en op de vrijstelling van verkeersbelasting.
De ongelijke behandeling van militaire invaliden van vredestijd en oorlogsinvaliden lijkt niet op een objectief verschillende situatie te berusten. Is u eventueel bereid om de militaire invaliden van vredestijd dezelfde fiscale voordelen als de oorlogsinvaliden aan te bieden?
ANTWOORD
(Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën)
De reglementering ter zake is een uitzonderingsmaatregel overgenomen van de oude reglementering inzake de met het zegel gelijkgestelde taksen.
België heeft naar aanleiding van het opstellen van de richtlijn nr. 92/77/EEG van 19 oktober 1992 tot aanvulling van het gemeenschappelijk stelsel van de belasting over de toegevoegde waarde en tot wijziging van de richtlijn 77/388/ EEG (onderlinge aanpassing van de BTW-tarieven), de toelating gekregen voornoemde regeling te behouden (proces-verbaal van de ECOFIN-Raad van 19 oktober 1992).
Hierdoor is een uitbreiding van de gunstregeling naar andere categorieën van gehandicapten niet mogelijk.
De aandacht van het geachte lid wordt echter gevestigd op het feit dat invalide of gehandicapte militairen wegens een invaliditeit opgelopen in vredestijd op dezelfde manier behandeld worden als de andere invaliden of gehandicapten.