Aankoop door Belgische groothandelszaak van snijbloemen in Nederlandse veiling. Nultarief · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

823 3 augustus 1994

Zoeken

Aankoop door Belgische groothandelszaak van snijbloemen in Nederlandse veiling. NultariefBTW. Aankoop door Belgische groothandelszaak van snijbloemen in Nederlandse veiling. Nultarief

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/823-aankoop-belgische-groothandelszaak-snijbloemen-in-b8ea

Nummer
823
Datum
3 augustus 1994

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

14 paragrafen

Vr. en Antw., Senaat

BTW - Aankoop door Belgische groothandelszaak van snijbloemen in Nederlandse veiling - Nultarief

VRAAG

Als grondregel dient hij aankoop van goederen door een in België gevestigde koper bij een Nederlandse veiling in beginsel het nultarief inzake BTW te worden toegepast.

In de praktijk weigeren Nederlandse bloemenveilingen deze regel toe te passen zich baserende op het risico van het vervoer van deze goederen. Meer bepaald het feit dat zij geen controle hebben over de daadwerkelijke uitvoer ervan.

Graag had ik van de geachte minister het volgende vernomen:

- Is het juist dat bovenvermelde grondregel dient te worden toegepast in geschetste situatie?

- Zo ja, is het Nederlandse ministerie van Financiën bevoegd uitzonderingen te maken door zich te beroepen op het niet-controleren van de uitvoer?

- Indien het niet over dergelijke bevoegdheid beschikt, wie is dan verantwoordelijk voor het al dan niet toelaten van uitzonderingen op bovenvermelde grondregel?

- Meent de geachte minister niet dat bij afwijking van de grondregel, het Belgische bedrijf benadeeld wordt ten opzichte van een Nederlands bedrijf? T.t.z. het Belgische bedrijf dient een zekere wachtperiode te doorlopen vooraleer de BTW gerecupereerd kan worden.

- Indien dit een onregelmatigheid van toepassing van EG-wetgeving inzake BTW inhoudt, welke stappen kan het Belgische bedrijf ondernemen teneinde zich concurrentieel te kunnen handhaven? Tot welke instantie dienen zij zich te richten?

ANTWOORD

De vraag die het geachte lid stelt werd reeds uitvoerig behandeld naar aanleiding van vraag nr. 632 van senator Geens van 17 februari 1994 (zie bulletin van Vragen en Antwoorden, Senaat, nr. 100 van 22 maart 1994, blz. 5226-5228). Concreet ging de vraag over de Nederlandse fruit- en groentenveilingen. Gezien de problematiek dezelfde is die het geachte lid stelt, heb ik dan ook de eer te verwijzen naar bovengenoemd antwoord.

(Vr. en Antw., Senaat, G.Z. 1993-94, nr. 124)