Administraties. Dienstverlening · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

643 19 juli 1993

Zoeken

Administraties. DienstverleningBTW. Administraties. Dienstverlening.

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/643-administraties-dienstverlening-barbe-administratie-b8fd

Nummer
643
Datum
19 juli 1993

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

11 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, 1992-1993, nr. 74, blz. 7128-7129

BTW. - Administraties. - Dienstverlening.

VRAAG

Bij het uitvoeren van door de Vlaamse Executieve betoelaagde werken werd in enkele gevallen in een door een ambtenaar opgesteld bestek een "inbreng in natura" of een "dienstverlenende tussenkomst" opgenomen. Dat had betrekking op de hulp die ambtenaren bij het uitvoeren van de werken zouden leveren. Er werd zelfs een concreet bedrag aangegeven, in één geval ten belope van verschillende honderdduizenden Belgische frank. Het gaat om werken die normaal door aan de BTW onderworpen firma's worden uitgevoerd. Aangezien die werken echter in die gevallen door ambtenaren worden uitgevoerd, betekent dat een verlies aan BTW voor de Schatkist.

1. Is een administratie BTW-plichtig als zij dergelijke "dienstverlenende tussenkomst" levert, ook al is ze gratis voor de bouwheer?

2. Welke maatregelen heeft u genomen als dat onwettelijk is?

ANTWOORD

Overeenkomstig artikel 6, eerste lid, van het BTW-wetboek worden de Staat, de gemeenschappen en de gewesten van de Belgische Staat, de provincies, de agglomeraties, de gemeenten en de openbare instellingen niet als belastingplichtige aangemerkt voor de werkzaamheden of handelingen die zij als overheid verrichten, ook niet indien zij voor die werkzaamheden of handelingen rechten, heffingen, bijdragen of retributies innen.

Evenwel worden voornoemde rechtspersonen voor bedoelde werkzaamheden of handelingen door de Koning als belastingplichtige aangemerkt (zie koninklijk besluit nr. 26, van 2 december 1970, met betrekking tot het onderwerpen van de openbare instellingen aan de belasting over de toegevoegde waarde) wanneer een behandeling als niet belastingplichtige tot concurrentieverstoring van enige betekenis zou leiden.

In dat verband wordt bovendien opgemerkt, dat de hoedanigheid van BTW-belastingplichtige, in het door het geacht lid beoogde geval, afgezien van de eventuele concurrentieverstoring, alleszins het geregeld stellen van in het BTW-wetboek bedoelde handelingen onder bezwarende titel, vereist.

Aangezien het geacht lid duidelijk een of meer concrete gevallen beoogt, wil ik hem verzoeken mij die kenbaar te maken zodat ter zake een grondig onderzoek kan worden ingesteld teneinde te kunnen uitmaken of het voornoemd koninklijk besluit nr. 26 al dan niet moet worden aangepast.

Aangehaalde teksten

1
WBTW art. 61 voorkomen