Schriftelijke vraag en antwoord nr : 601 - Zittingsperiode : 53
Auteur : Carl Devlies, CD&V (01041)
Departement : Vice-eersteminister en minister van Economie, Consumenten en Noordzee
Titel : De afschrijving van niet-bedrijfsmiddelen.
Datum indiening : 17/02/2014
Vraag
Op 9 december 2013 werd in het Belgisch Staatsblad de wijziging aan het ministerieel besluit nr. 1 van 2 september 1980 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde, gepubliceerd (zie: ministerieel besluit van 4 december 2013 tot wijziging van het ministerieel besluit nr. 1 van 2 september 1980 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde).
Artikel 1, 1°, van het ministerieel besluit bepaalde dat niet als bedrijfsmiddelen worden opgemerkt:
"1° klein materieel, klein gereedschap en kantoorbehoeften, wanneer de prijs of, bij ontstentenis van een prijs, de normale waarde, per in de handel gebruikelijke eenheid, lager is dan 250 euro"
Het bedrag van 250 euro werd, ingevolge de vermelde publicatie in het Belgisch Staatsblad, vervangen door bedragen van 1.000 euro, met toepassing vanaf 1 januari 2014.
1. Voor de directe belastingen moeten investeringen in bedrijfsmiddelen afgeschreven worden over de normale gebruiksduur.
Mag er naar analogie met dit ministerieel besluit van 4 december 2013 geconcludeerd worden dat voor de directe belastingen aankopen van klein materieel, klein gereedschap en kantoorbenodigdheden met een waarde lager dan 1.000 euro niet gezien moeten worden als investeringen en bijgevolg niet moeten worden afgeschreven?
2. Mogen deze aankopen rechtstreeks in het jaar van aankoop als onkosten worden geboekt?
Antwoord
Publicatie antwoord : B153 · Publicatiedatum : 24/03/2014
De toepassing van het ministerieel besluit van 4 december 2013 tot wijziging van het ministerieel besluit nr. 1 van 2 september 1980 met betrekking tot aftrekregeling voor de toepassing van de belasting op de toegevoegde waarde is een fiscale aangelegenheid, die onder de bevoegdheid van mijn collega, de minister van Financiën, valt.
Op het gebied van boekhoudrecht komt het de vennootschap volgens de artikelen 28 en 45 van het koninklijk besluit van 30 januari 2001 tot uitvoering van het wetboek van vennootschappen toe om zelf te bepalen over de afschrijvingsmethode voor de aankopen van klein materieel, klein gereedschap en kantoorbehoeften onder de 1.000 euro, hetzij door deze aankopen te beschouwen als activa en te spreiden over de nuttigheids- of gebruiksduur, hetzij door deze aankopen te beschouwen als onkosten in het boekjaar waarin zij zijn aangegaan.
Volgens artikel 48 van voornoemd koninklijk besluit moeten afschrijvingen evenwel stelselmatig worden gevormd volgens de door de vennootschap overeenkomstig artikel 28, § 1, van hetzelfde koninklijk besluit, vastgelegde methoden. Ze mogen niet afhangen van het resultaat.