Provisie voor portefeuillebeheer · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

589 16 oktober 2012

Zoeken

Provisie voor portefeuillebeheer

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/589-provisie-portefeuillebeheer-olivier-henry-commissieloon-3336

Nummer
589
Datum
16 oktober 2012

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

16 paragrafen

Kamer, Vragen en Antwoorden, 2012-2013, QRVA 53/ 090 d.d. 16.10.2012, blz. 53

Btw-behandeling. - Provisie voor portefeuillebeheer

VRAAG

In de rechtsleer (Thierry Afschrift, " La TVA peut être due sur les commissions de gestion de portefeuille " (de provisie voor portefeuillebeheer kan onderworpen zijn aan de btw), gepubliceerd op de website van IDEFISC op 10 september 2012) wordt er met enige ongerustheid verwezen naar een arrest van het Europees Hof van Justitie dat op 19 juli 2012 werd geveld (zaak C-44/11 'Deutsche Bank') en dat betrekking heeft op de btw-behandeling van discretionair portefeuillebeheer. In het licht van die uitspraak is voorzichtigheid geboden, aldus de analist.

Sommige klanten hadden het vermogensbeheer van waardepapieren aan de bank toevertrouwd met een vooraf gekozen strategie en risicoprofiel. De bank beheerde die waardepapieren naar eigen inzicht en kon in naam en voor rekening van die cliënten beschikken over de waardepapieren. De cliënten-beleggers betaalden een jaarlijkse vergoeding ten belope van een bepaald percentage van de waarde van het beheerde vermogen. Een deel van deze vergoeding had betrekking op het vermogensbeheer en een ander deel had betrekking op de koop en verkoop van waardepapieren.

Volgens Deutsche Bank moesten de analyse van en het toezicht op het vermogen van de cliënt-belegger, enerzijds, en de eigenlijke koop en verkoop van waardepapieren, anderzijds, als twee afzonderlijke prestaties beschouwd worden, waarbij er voor die laatste activiteit geen btw verschuldigd is. La Cour européenne de justice, tout comme les autorités allemandes a jugé qu'objectivement on ne pouvait voir là qu'une seule prestation économique indissociable et dont la décomposition revêtirait un caractère artificiel. Het Europees Hof van Justitie heeft, net als de Duitse autoriteiten, geoordeeld dat die twee activiteiten zo nauw met elkaar verbonden zijn dat zij objectief gezien één enkele ondeelbare economische prestatie vormen en dat het kunstmatig zou zijn beide activiteiten op te splitsen.

Het Hof concludeert dat het vermogensbeheer door Deutsche Bank een economische prestatie van financiële aard is die onderworpen is aan de btw. Volgens het Hof zou het portefeuillebeheer niet kunnen worden vrijgesteld als handeling inzake effecten (zoals bedoeld in artikel 135, § 1, f) van de btw-richtlijn met betrekking tot de handelingen inzake effecten) en evenmin in aanmerking komen voor de btw-vrijstelling die geldt voor het beheer van gemeenschappelijke beleggingsfondsen.

1. Heeft u kennisgenomen van voormeld arrest? Hebben de diensten van onze administratie de impact van het arrest kunnen evalueren en hebben ze de opdracht gekregen om de consequenties van het arrest te vermelden in de administratieve commentaren met betrekking tot die materie?

2. Hoe controleren onze diensten vandaag of het Wetboek van de belasting over de toegevoegde waarde ter zake wordt toegepast?

3. a) Worden er regelmatig controles uitgevoerd in verband met de btw-behandeling van zulke prestaties?

b) Werden dergelijke praktijken al in ons land vastgesteld?

ANTWOORD

(van de heer Vanackere, Vice-eersteminister en minister van Financiën en Duurzame Ontwikkeling, belast met Ambtenarenzaken )

1. De diensten van de Algemene Administratie van de Fiscaliteit zijn zeker op de hoogte van het door het Hof van Justitie van de Europese Unie gewezen arrest van 19 juli 2012 in de zaak C-44/11.

Het standpunt van dit arrest is in overeenstemming met de stelling die werd ingenomen in het antwoord op de parlementaire vraag nr. 61 van 1 september 1995 van de heer volksvertegenwoordiger Annemans ( Vragen en Antwoorden , Kamer, 1995-1996, nr. 8, blz. 717).

De eerste paragraaf van betreffend antwoord beoogt inderdaad uitdrukkelijk de overeenkomsten inzake al dan niet discretionair portefeuillebeheer en preciseert dat de tussenkomst bij de uitvoering van de aan- of verkooporders in het kader van dit beheer aan de belasting zijn onderworpen.

2. en 3. Het controleren van de banksector ressorteert onder de bevoegdheid van het Controlecentrum van de Grote Ondernemingen. Deze dienst beschikt over een afdeling gewijd aan deze sector. De door het geachte lid aangehaalde problematiek werd nog niet opgeworpen.

Aangehaalde teksten

2

Administratieve doctrine

9

« … (Hof van Justitie van de Europese Unie, Arrest Deutsche Bank, zaak C-44/11, van 19.07.2012, punten 23, 28 en 43, zie ook, in dezelfde zin, de schriftelijke parlementaire vragen nr. 61 van de heer Volksvertegenwoordiger Gerolf Annemans van 01.09.1995 en nr. 589 van de heer Volksvertegenwoordiger Olivier Henry van 16.10.2012 ). b. Beleggingsadvies Beleggingsadvies wordt gedefinieerd als het aanreiken van gepersonaliseerde aanbevelingen aan een cliënt, hetzij op diens verzoek, hetzij op initiatief van de beleggingsonderneming, met betrekking tot één of meer transacties die met … »

Diensten (01.07.2026)Administratieve commentaar01.07.2026

Bekijk de 9 documenten