Privé-firma's. Inning retributies · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

568 23 december 2004

Zoeken

Privé-firma's. Inning retributies

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/568-prive-firma-inning-retributies-padt-ddf9

Nummer
568
Datum
23 december 2004

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

9 paragrafen

Vr. en Antw., Kamer, 2004-2005, nr. 69, blz. 11453-11454

Privé-firma's - Inning retributies

VRAAG

Vele gemeenten besteden het innen van gedepenaliseerde parkeerovertredingen uit aan privé-firma's. Soms wordt daarbij ook de controle uitgevoerd op openbare parkings die specifiek voorbehouden zijn aan bijvoorbeeld gebruikers van het openbaar vervoer.

Kan u in dit verband mededelen of en onder welke voorwaarden de door deze firma's geïnde retributies onderhevig zijn aan een BTW-heffing?

ANTWOORD

(vice-eerste minister en minister van Financiën, 07.03.2005)

De vraag van het geachte lid heeft betrekking op de retributies voor het parkeren op de openbare weg en - meer algemeen - op het openbaar domein, waarvan de inning wordt toevertrouwd aan privé-firma's gezien die vorm van parkeren (parkeren met beperkte parkeertijd, betalend parkeren en parkeren op plaatsen voorbehouden aan bewoners) vanaf 1 maart 2004 niet meer strafrechtelijk wordt bestraft (zie artikel 29, § 2, tweede lid, van de wetten betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd op 16 maart 1968, zoals dat artikel werd vervangen bij artikel 6 van de wet van 7 februari 2003 houdende verschillende bepalingen inzake verkeersveiligheid Belgisch Staatsblad van 25 februari 2003).

Wanneer een gemeente het betalend parkeren op de openbare weg en, meer algemeen, op haar openbaar domein organiseert en reglementeert, handelt zij, zoals verduidelijkt in het antwoord op de parlementaire vraag nr. 22 van 1 september 2003 van het geachte lid de heer Fournaux (Vragen en Antwoorden, Kamer, 2003-2004, nr. 9, blz. 1011-1012), in het specifieke juridische kader voor openbare instellingen, dat wil zeggen als publieke overheid en heeft zij hiervoor niet de hoedanigheid van BTW-belastingplichtige overeenkomstig artikel 6, eerste lid, van het BTW-Wetboek. Het feit dat betreffende vorm van parkeren niet (meer) strafrechtelijk wordt bestraft, heeft geen invloed op dat statuut in die zin, dat de retributies die in dit juridisch kader worden voldaan, niet onderworpen zijn aan de BTW.

Overigens, wanneer de gemeente ofwel de inning van voormelde retributies ofwel het beheer - dat wil zeggen zowel de controle als de inning - van betreffende vorm van parkeren toevertrouwt aan een privé-firma, en in ruil hiervoor aan laatstgenoemde een deel van de ontvangsten afstaat, verricht deze firma voor rekening van de gemeente een dienst als bedoeld in artikel 18, § 1, van het BTW-Wetboek, die belastbaar is tegen het normale BTW-tarief, dat thans 21% bedraagt, en waarvan de maatstaf van heffing bestaat in de bedragen die de gemeente afstaat aan de privé-firma.

Aangehaalde teksten

2
WBTW art. 181 voorkomen
WBTW art. 61 voorkomen