Vr. en Antw., Kamer, 2007-2008, nr. 019, blz. 3600-3602
Heffing op accijnzen
VRAAG
Uit aankoopfacturen van dranken in de horecasector blijkt dat er btw geïnd wordt op de som van de aankoop, plus de accijnzen. De klanten moeten dus belasting op een belasting betalen.
1. a) Volgens welke wettelijke bepaling mag er een belasting op accijnzen wordt geïnd ?
b) In welke gevallen kan dit toegepast worden ?
2. Vindt u het logisch dat mensen belastingen op een belasting moeten betalen ?
3. Zijn er nog andere vormen van belastingen, behalve de accijnzen, waarop btw moet betaald worden ?
4. Kan u meedelen hoeveel dergelijke belastingen op een belasting (accijnzen) de voorbije vijf jaar hebben opgebracht, opgesplitst al naargelang het gaat over accijnzen, of andere vormen van belasting ?
ANTWOORD
(vice-eersteminister en minister van Financiën en Institutionele Hervormingen, 22.05.2008)
1 tot 3. Overeenkomstig artikel 26, derde lid, van het btw-Wetboek moeten de belastingen, rechten en heffingen in de maatstaf van heffing worden opgenomen.
Wanneer derhalve de door de bevoegde overheid ingestelde belastingen, rechten en heffingen andere dan de belasting over de toegevoegde waarde - inzonderheid de accijnzen - in hoofde van de leverancier of de dienstverrichter zijn verschuldigd en van hem worden gevorderd, behoren ingevolge voornoemde wettelijke bepaling deze belastingen, rechten en heffingen, zelfs al worden ze afzonderlijk en voor het juiste bedrag aan de klant aangerekend, tot de maatstaf van heffing voor de berekening van de verschuldigde btw met betrekking tot de geleverde goederen en de verrichte diensten.
Slechts wanneer de belastingen, rechten en heffingen andere dan de belasting over de toegevoegde waarde, een voorschot uitmaken in de zin van artikel 28, 5°, van het btw-Wetboek, dit wil zeggen dat zij niet verschuldigd zijn in hoofde van de leverancier of de dienstverrichter zelf, maar dat deze ze voorschiet in naam en voor rekening van zijn medecontractant die door de reglementering die de desbetreffende belastingen, rechten en heffingen invoert, als schuldenaar wordt aangeduid, dienen deze niet in de maatstaf van heffing van de levering of de dienst te worden opgenomen voor de berekening van de btw.
Gelet op hetgeen voorafgaat, behoren de accijnzen tot de maatstaf van heffing van de btw.
Voornoemde bepaling is de omzetting in Belgisch recht van artikel 78 van de richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde. Deze richtlijn laat niet toe hiervan af te wijken.
Wat de vraag in verband met de opbrengst van de btw op een belasting betreft, worden geen specifieke berekeningen ter zake gemaakt.
Niettemin is het wel mogelijk om de btw-opbrengst te berekenen voor een bepaald product of productgroep die al dan niet onderworpen zijn aan de accijns, de bijzondere accijns of eender welke andere belasting of heffing, bedoeld door het btw-Wetboek.
Deze berekening gebeurt aan de hand van gegevens voortvloeiend uit de Nationale Rekeningen. De aldus berekende btw betreft dan echter wel de opbrengst over de totale maatstaf van heffing van dat product of die productgroep zoals die bepaald wordt door het btw-Wetboek (zie bovenstaande alinea's).
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.