Vr. en Antw., Senaat, 2004-2005, nr. 3-50, blz. 4275
Verstrekken van diensten aan een onverdeeldheid - Vermeldingen
VRAAG
Moet wie diensten verstrekt aan belastingplichtigen in onverdeeldheid, de naam, het adres en het BTW-nummer van elk van de mede-eigenaars vermelden?
ANTWOORD
(vice-eerste minister en minister van Justitie)
Overeenkomstig artikel 5, § 1, van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, moet de factuur die bij toepassing van artikel 53, § 2, van het BTW-Wetboek dient te worden uitgereikt door een BTW-belastingplichtige, verplicht een zeker aantal vermeldingen bevatten waaronder meer bepaald de naam of de maatschappelijke benaming, het adres en het BTW-identificatienummer van de medecontractant.
In de door het geachte lid gemaakte veronderstelling, die een eenvoudig geval van onverdeeldheid van BTW-belastingplichtigen blijkt te beogen en niet het geval van belastingplichtigen verenigd in een vereniging zonder rechtspersoonlijkheid, moeten de facturen die de geleverde goederen en gepresteerde diensten vaststellen ten bate van deze onverdeeldheid in principe worden uitgereikt op naam van al de deelgenoten van de onverdeeldheid. De leveranciers van de goederen of de diensterrichters moeten bijgevolg op de uitgereikte facturen de naam vermelden van elke deelgenoot van de onverdeeldheid, zijn adres en zijn BTW-identificatienummer, evenals de aanduiding van het aandeel van elk van hen wanneer de deelgenoten niet gelijkmatig bijdragen in de kosten van de onverdeeldheid.
Een dergelijke verplichting kan vrij dwingend blijken te zijn wanneer het gaat om een groot aantal deelgenoten. Ze is evenwel noodzakelijk opdat elk van hen in voorkomend geval zijn recht op aftrekt van de belasting die op deze factuur in rekening werd gebracht, geldig zou kunnen uitoefenen overeenkomstig artikel 3, § 1, 1°, van het koninklijk besluit nr. 3 van 10 december 1969 met betrekking tot de aftrekregeling voor de toepassing van de belasting over de toegevoegde waarde.
Echter, in het geval waarin bijvoorbeeld slechts één van de deelgenoten zou contracteren met de leverancier/dienstverrichter (geval waarin de onverdeeldheid één van haar deelgenoten heeft gemandateerd voor het uitvoeren van bepaalde taken ten behoeve van de onverdeeldheid), moet de factuur slechts op naam van deze ene deelgenoot worden opgemaakt, die bij elk van de andere deelgenoten de kosten moet recupereren die hij op deze wijze heeft gemaakt ten behoeve van de onverdeeldheid.