Vr. en Antw., Kamer, 1995-1996, nr. 26, blz. 3024-3026
BTW-Revue nr. 122, blz. 515
Intracommunautaire leveringen van goederen - Kwartaalopgave van de intracommunautaire handelingen - Boeten.
VRAAG
Leveringen door een in België gevestigde BTW-plichtige aan een in een andere EU-lidstaat gevestigde belastingplichtige werden in 1993 en 1994 wel vaker door KMO's als uitvoeren gerubriceerd en niet vermeld in de kwartaalopgave van intracommunautaire leveringen. Naar ik verneem, weigeren sommige BTW-controleurs een BTW-vrijstelling op dergelijke leveringen toe te staan enkel en alleen omdat die leveringen niet in de kwartaalopgave van intracommunautaire leveringen werden aangegeven.
1. Kan u zich met die analyse verenigen ?
2. Zo ja, op welke wetsbepaling berust uw antwoord ?
ANTWOORD
Overeenkomstig artikel 53sexies, § 1, 1°, van het BTW-wetboek, moeten de belastingplichtigen die voor BTW-doeleinden in België zijn geïdentificeerd, ieder kalenderkwartaal voor iedere persoon die in een andere lidstaat voor BTW-doeleinden is geïdentificeerd, de Administratie van de BTW, registratie en domeinen in kennis stellen van het totale bedrag van de krachtens artikel 39bis, eerste lid, 1°, van het BTW-wetboek vrijgestelde leveringen van goederen.
Deze verplichting vindt haar rechtvaardiging in de noodzaak om het fiscaal volgen van de intracommunautaire leveringen/verwervingen van goederen te waarborgen.
Om die reden wordt de niet-naleving van deze verplichting beteugeld door het toepassen van boetes waarvan het bedrag vastgesteld wordt door artikel 70, § 4, van het BTW-wetboek, en door het koninklijk besluit nr. 44 van 21 oktober 1993, tot vaststelling van het bedrag van de niet- proportionele geldboeten op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde. Bij niet-indiening van de opgave van de intracommunautaire handelingen bedraagt de boete 100.000 frank. Wanneer de opgave wel, doch onvolledig wordt ingediend, bedraagt de boete 10.000 frank per persoon die in een andere lidstaat voor BTW-doeleinden is geïdentificeerd en voor wie de verschillende gegevens opgenomen in het koninklijk besluit nr. 50 van 29 december 1992 tot regeling van de toepassingsmodaliteiten van artikel 53sexies, § 1, van het BTW-wetboek moeten worden meegedeeld, met een maximum van 100.000 frank.
In beginsel kan het loutere feit dat een Belgische belastingplichtige de leveringen van goederen, die hij heeft verricht voor een belastingplichtige gevestigd in een andere lidstaat, niet heeft opgenomen in zijn kwartaalopgave niet volstaan om hem de vrijstelling voor deze leveringen te weigeren, voor zover welteverstaan de Belgische belastingplichtige het bewijs levert dat de voorwaarden zoals omschreven in artikel 39bis, eerste lid, 1°, van het wetboek vervuld zijn. Dienaangaande verwijs ik het geacht lid, enerzijds, naar het koninklijk besluit nr. 52 van 29 december 1992, met betrekking tot de vrijstellingen betreffende de intracommunautaire leveringen van goederen en de ermee gelijkgestelde handelingen, alsook betreffende de intracommunautaire verwervingen van goederen, op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde, en anderzijds, voor wat meer in het bijzonder het bewijs van het vervoer van de goederen buiten België maar binnen de gemeenschap betreft, naar het antwoord dat hem verstrekt werd op zijn vraag nr. 248 van 23 januari 1996. (Vragen en Antwoorden, Kamer, 1995-1996, nr. 26, blz. 3019).
Hoe dan ook, het naleven van de verplichting om ieder kalenderkwartaal een opgave van de intracommunautaire leveringen in te dienen is onontbeerlijk om de correcte werking van het intracommunautaire BTW-stelsel te garanderen. Rekening houdend met al hetgeen voorafgaat, kan het feit van het weglaten in voornoemde opgave van een intracommunautaire levering - bij ontstentenis van voldoende bewijskrachtige documenten betreffende het vervoer van de goederen naar de andere lidstaat of betreffende de hoedanigheid van de koper - een bijkomend element uitmaken dat tot de conclusie leidt dat de vrijstelling van artikel 39bis, eerste lid, 1°, van het wetboek niet van toepassing is.
Indien het geacht lid niettemin een concreet geval beoogt, zal ik niet nalaten dit te doen onderzoeken voor zover mij daartoe de nodige gegevens worden medegedeeld.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.