Vr. en Antw., Senaat
Nieuwe gebouwen - Overdracht onder bezwarende titel van het vruchtgebruik - Bedrijfsmiddel - Begrip - Toepasselijke regelingen - Aftrek - Onttrekking - Herziening
VRAAG
Een persoon richt een nieuw gebouw op met de bedoeling het vruchtgebruik onder bezwarende titel (en voor een al dan niet langdurige periode) aan een derde te vervreemden.
Wanneer de vervreemding van dit vruchtgebruik gebeurt binnen de termijn voorzien in artikel 9, § 3, van het BTW-Wetboek, zal dit met toepassing van BTW gebeuren (ofwel omdat de persoon een beroepsoprichter is in de zin van artikel 8, § 1, van het BTW-Wetboek, ofwel omdat er in de voorwaarden van artikel 9, § 3, 2°, van het BTW-Wetboek, een verklaring als toevallig BTW-belastingplichtige wordt afgelegd).
Kan de minister bevestigen dat:
1. in de beschreven situatie de totaliteit van de BTW, voldaan bij de aanschaf of de bouw, gerecupereerd kan worden, en dit ongeacht de waarde die aan de naakte eigendom toegekend werd;
2. er bij een tweede vestiging van vruchtgebruik met toepassing van registratierechten (na het terugvallen van het eerste vruchtgebruik) binnen de 10 jaar geen herziening krachtens artikel 48 van het BTW-Wetboek mogelijk is? Dit lijkt logisch vermits naar analogie van artikel 48, § 2, laatste paragraaf, van het BTW-Wetboek het gebouw niet als «bedrijfsmiddel» bij de eigenaar aangemerkt kan worden en de eerste vestiging een definitief karakter heeft t.a.v. de aftrekbaarheid.
ANTWOORD
De vervreemding van nieuwe gebouwen in de zin van de BTW-wetgeving, uitgezonderd de grond waarop ze zijn of worden opgericht, ingevolge een contract onder bezwarende titel tot overdracht van vruchtgebruik door een in artikel 8, § 1 (beroepsoprichter) of §§ 2 en 3 (toevallige belastingplichtige) van het BTW-Wetboek bedoelde belastingplichtige is aan de BTW onderworpen.
Ten aanzien van de vervreemding van het vruchtgebruik van een gebouw door een toevallige belastingplichtige zal in principe de aftrek van de BTW geheven van de oprichtingskosten van dat gebouw beperkt worden naar verhouding van de verkoopprijs van het vruchtgebruik tot de oprichtingsprijs van het gebouw.
De volledige aftrek van de voorbelasting zal evenwel niet bekritiseerd worden wanneer de verkoopprijs van het vruchtgebruik die oprichtingskosten benadert.
Wanneer het vruchtgebruik van een gebouw wordt vervreemd door een beroepsoprichter in wiens hoofde de BTW geheven van de oprichtingskosten van het opgerichte gebouw volgens de gewone regels onmiddellijk en volledig aftrekbaar is, zal behoudens in het geval beoogd in het vorige lid en voor zover het vruchtgebruik bij het verstrijken van de termijn bedoeld in artikel 9, § 3, 1°, nog geen einde heeft genomen, op dat tijdstip de in artikel 12, § 2, van het BTW-Wetboek bepaalde onttrekking moeten plaatsvinden ten aanzien van de normale waarde van de blote eigendom van het gebouw.
Tenslotte deel ik de mening van het geachte Lid wat het tweede gedeelte van zijn vraag aangaat.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.