Vrijstellingen voor onderwijsactiviteiten
Beroepsopleiding
Europese richtlijnen
VRAAG
Muriel Gerkens: Een vzw waarvan de diensten vrijgesteld zijn en die in een ander land een elektronisch verrichte dienst verwerft, moet haar btw-nummer in België laten activeren en een bijzondere btw-aangifte op papier indienen, terwijl de normale belastingplichtigen-aangevers hun periodieke btw-aangifte elektronisch kunnen indienen via Intervat. Vanwaar dat onderscheid?
Een voorbeeld: een vzw die in België van btw vrijgesteld is voor de beroepsopleidingen die zij organiseert, geeft in Frankrijk een opleiding voor een normale belastingplichtige-aangever. Tot en met 2010 was de plaats waar de opleiding gegeven werd, de plaats van de materiële uitvoering van de dienst. De betrokken vzw moest in Frankrijk een btw-identificatienummer aanvragen en de in Frankrijk geheven btw op die dienst betalen of gebruik maken van de Franse verleggingsregeling. Aangezien de vzw geen enkele operatie verrichtte die in België aan de btw onderworpen is, moest ze haar btw-nummer laten activeren.
Sinds 1 januari 2011 gelden er andere regels voor de huur van onderwijsdiensten en volgt daaruit dat tussen belastingplichtigen in twee verschillende lidstaten, de regel voorschrijft dat de afnemer van de dienst die dienst in zijn periodieke btw-aangifte moet opnemen en daarover belasting verschuldigd is.
Mag een Franse onderneming, met ingang van 2011, het feit inroepen dat de verstrekte beroepsopleiding in België (al dan niet) kan worden vrijgesteld, om geen btw toe te passen op de prijs van de verstrekte opleiding? Indien de Franse onderneming geen Belgische btw toepast, moet de Belgische klant dan specifieke administratieve voorschriften in acht nemen?
Een ander geval is dat van een Engelse onderneming die in eigen land als kleine onderneming een vrijstelling geniet en die in ons land een beroepsopleiding verstrekt. In 2010 moest dit bedrijf, overeenkomstig de vrijstellingsregels, zich bij de btw identificeren en btw-vrijstelling vragen voor de op het Belgische grondgebied verstrekte dienst. Moet dit bedrijf deze procedure als 'niet-ingezetene' volgen om zo uiteindelijk btw-vrijstelling te bekomen?
ANTWOORD
Minister Didier Reynders: Sinds 1 januari 2011 worden de beroepsopleidingsactiviteiten die aan een belastingplichtige worden verstrekt, gelokaliseerd in de lidstaat waar de afnemer de zetel van zijnbedrijfsuitoefening heeft gevestigd. Als hij niet gevestigd is in de lidstaat waar de handeling gebeurt, dan moet de dienstverrichter zich daar niet identificeren, omdat zijn medecontractant btw-plichtig is. Een Belgische vzw die een opleiding organiseert voor rekening van een Franse klant hoeft zich derhalve in Frankrijk niet te identificeren voor btw-doeleinden. Deze vzw moet zich wel in België identificeren om een intracommunautaire opgave te kunnen indienen, in zoverre deze handeling in Frankrijk aan de btw onderworpen is.
Omgekeerd is een dienst die wordt geleverd door een bedrijf uit Frankrijk, Groot-Brittannië of een derde land vrijgesteld daar waar deze vzw de zetel van haar bedrijfsuitoefening heeft gevestigd. De vrijstelling voor kleine ondernemingen is niet van toepassing op diensten geleverd door een dienstverrichter die niet in België is gevestigd.
Een identificatie voor btw-doeleinden is verplicht voor een vrijgestelde btw-plichtige zodra hem in België een dienst wordt verleend waarvoor hij wel btw-plichtig is. De verschuldigde btw moet in een bijzondere btw-aangifte worden opgenomen. Als de dienst vrijgesteld is van btw moet de vrijgestelde btw-plichtige op een andere manier bewijzen dat hij btw-plichtig is.
De bijzondere btw-aangifte kan inderdaad nog niet via de elektronische weg worden ingediend. De toepassingen worden momenteel aangepast en zullen in de loop van het tweede semester van 2012 beschikbaar zijn.