Sportcentra · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

234 21 februari 2020

Zoeken

Sportcentra

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/234-sportcentra-florence-reuter-sportclub-b38d

Nummer
234
Datum
21 februari 2020

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

13 paragrafen

Parlementaire vraag nr. 234 van mevrouw Florence Reuter d.d. 21.02.2020

Kamer, Vragen en Antwoorden, 2019-2020, QRVA 55/015 d.d. 09.04.2020, blz. 148

Vraag nr. 234 van mevrouw de volksvertegenwoordiger Florence Reuter van 21 februari 2020 (Fr.) aan de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude, en minister van Ontwikkelingszaken:

Btw. - Sportcentra.

VRAAG

In zijn arrest van 11 april 2019 heeft het hof van beroep Brussel in hoger beroep bevestigd dat de exploitatie van een sportcentrum door een vzw geen van btw vrijgestelde onroerende verhuur is. Het hof voegt eraan toe dat het beroep gegrond is omdat:

- krachtens artikel 18, alinea 2, 12° van het Btw-Wetboek, de toekenning van het recht op toegang tot inrichtingen voor cultuur, sport of vermaak, alsmede de toekenning van het recht gebruik ervan te maken belastbare handelingen zijn;

- en het Btw-Wetboek niet in een uitzondering voorziet op de regel zoals bepaald door artikel 18 , § 1, 12° van het Btw-Wetboek.

De administratie heeft zeer snel laten weten geen cassatieberoep te zullen aantekenen tegen dit arrest van het hof van beroep Brussel. Mag er daaruit worden geconcludeerd dat de exploitatie van een sportcentrum door een vzw een activiteit is die op grond van artikel 44, § 2, 3° van het Btw-Wetboek niet van btw vrijgesteld is?

ANTWOORD

van de vice-eersteminister en minister van Financiën, belast met Bestrijding van de fiscale fraude, en minister van Ontwikkelingszaken van 27.03.2020:

In haar arrest van 11 april 2019 (rolnummer 2014/AF/ 163), heeft het hof van beroep van Brussel zich uitgesproken over de toepassing, in het aan haar voorgelegde geval, van artikel 44, § 3, 2°, van het Btw-Wetboek, met betrekking tot de onroerende verhuur (en niet van artikel 44, § 2, 3°, van het btw-Wetboek).

Het arrest doet in geen geval afbreuk aan het standpunt van de administratie inzake het toepassingsgebied van artikel 44, § 3, 2°, van het Btw-Wetboek.

Wat betreft het toepassingsgebied van artikel 44, § 2, 3°, van het Wetboek verwijs ik naar de btw-commentaar, Hoofdstuk 9, Afdeling 10, te raadplegen via de website van de administratie (www.fisconetplus.be).

Aangehaalde teksten

2
WBTW art. 445 voorkomens
WBTW art. 182 voorkomens

Administratieve doctrine

8

« … terbeschikkingstelling door een vzw van een sportcentrum aan sport-, stretching-, en fitnessclubs, aan scholen van een gemeente, aan bepaalde evenementen en sportbeurzen (Arrest van het Hof van beroep te Brussel n° WF 703-15-12/015099, van 11.04.2019, parlementaire vraag nr. 234 van mevrouw de Volksvertegenwoordiger Florence Reuter van 21.02.2020 , zie titel 4, rubriek C, subrubriek d, van deze Afdeling). Volgende handelingen kunnen daarentegen niet worden aangemerkt als de toekenning van het recht op toegang tot een bedoelde inrichting en het recht gebruik ervan te maken: de terbeschikkingstelling … »

Diensten (01.07.2026)Administratieve commentaar01.07.2026

Bekijk de 8 documenten