ANTWOORD
De fiscale Administraties verstrekken hierna voor elk van onder hun respectieve bevoegdheid sorterende belastingsoorten enige toelichting betreffende de gevraagde gegevens.
I. Administratie van de B.T.W., registratie en domeinen De in punten 1 en 2 geviseerde gegevens zijn gebundeld in de onderstaande tabel 1. Deze tabel biedt een overzicht, per belastingsoort, van de totale ontvangsten geïnd gedurende de periode 1994-1995. Tevens is het groeipercentage vermeld. Tenslotte dient aangestipt dat enkel de belangrijkste belastingsoorten gedetailleerd zijn weergegeven.
Tabel 1
De fiscale ontvangsten geïnd gedurende de periode 1994-1995 (In miljoenen frank)
| Aard van de belasting | 1994 | 1995 | Groei 95/94 (in%) |
| 1. B.T.W. | 547.439,7 | 549.914,1 | + 0,5 |
| 2. Zegelrechten en diverse niet-fiscale taksen geïnd met fiscale zegels | 5647,9 | 5410,1 | - 4,2 |
| 3. Met het zegel gelijkgestelde taksen | | | |
| a) Taks op de beursverrichtingen | 7376,9 | 5382,0 | - 27,0 |
| b) Jaarlijkse taks op de verzekeringscontracten | 23.526,6 | 24.671,6 | 4,9 |
| c) Taks op het langetermijnsparen | 3967,1 | 2945,2 | - 25,8 |
| d) Overige | 960,9 | 968,9 | + 0,8 |
| 4. Registratierechten | 56.121,4 | 52.857,4 | - 5,8 |
| 5. Griffierechten | 1527,6 | 1678,1 | + 9,9 |
| 6. Hypotheekrechten | 1646,1 | 1134,0 | - 31,1 |
| 7. Taks op de V.Z.W.'s | 1004,4 | 1011,3 | + 0,7 |
| 8. Jaarlijkse taks op de coördinatiecentra | 998,7 | 960,6 | - 3,8 |
| 9. Jaarlijkse taks op de collectieve beleggingsinstellingen | 293,9 | 307,7 | 4,7 |
| 10. Boeten inzake belastingen | 2692,7 | 2988,6 | + 11,0 |
| 11. Boeten van veroordelingen in allerhande zaken | 5047,1 | 5647,6 | 11,9 |
| 12. Fonds voor de hulp aan slachtoffers van gewelddaden | 139,5 | 186,4 | 33,6 |
| 13. Gerechtelijke bijstand | 10,9 | 14,1 | + 29,4 |
| 14. Successierechten | 24.099,6 | 25.619,7 | + 6,3 |
| Totaal | 682.501,0 | 681.697,4 | - 0,1 |
Wat het derde deel van de vraag betreft, dient opgemerkt dat een dergelijke uitsplitsing niet beschikbaar is.
Het vierde deel van de vraag behelst de gewestelijke opsplitsing van de belastingopbrengsten. De cijfergegevens zijn opgenomen in tabel 2.
Gezien voor de meeste belastingsoorten geen gewestelijke opdeling voorhanden is, zijn in de tabel enkel die belastingcategorieën opgenomen welke door de bijzondere Wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de gemeenschappen en de gewesten zijn weerhouden.
Meer bepaald gaat het om de bij artikel 3, 4° en 6°, van de bovenvermelde wet bedoelde successierechten en registratierechten op de overdrachten ten bezwarende titel van de onroerende goederen.
Volledigheidshalve zijn ook de toegewezen gedeelten inzake de B.T.W. opgenomen welke aan de gemeenschappen toekomen ingevolge ondermeer de toepassing van de artikelen 6, 36, 38 tot 41 van de bovenvermelde bijzondere wet.
Dit laat nochtans niet toe te besluiten dat een regionale opsplitsing van de B.T.W.-ontvangsten haalbaar is. De affectaties naar de gemeenschappen toe betreffen immers enkel sommen ter dekking van hun respectieve onderwijsuitgaven.
De omvang van de bedragen is dus gelinkt aan de evolutie van de uitgaven ter zake en niet aan de evolutie van de ontvangsten.
Een regionale uitsplitsing is ten andere niet mogelijk gezien er ondermeer geen éénduidig verband bestaat tussen de localisatie van het eindverbruik en deze van de inning van de belasting.
Tabel 2
Evolutie van de belastinopbrengsten welke toekomen aan de onderscheiden gewesten en gemeenschappen (In miljoenen frank)
| Aard van de belasting | Gewest of gemeenschap | Jaar | Groei percentage |
| | 1994 | 1994 | |
| Successie-rechten | Vlaanderen | 12.104,2 | 12.996,0 | + 7,4 |
| Brussel-Hoofdstad | 5585,4 | 5644,7 | + 1,1 |
| Wallonië | 6410,0 | 6978,9 | + 8,9 |
| Registratie-rechten | Vlaanderen | 10.962,3 | 10.779,7 | - 1,7 |
| Brussel-Hoofdstad | 2752,9 | 2550,4 | - 7,4 |
| Wallonië | 4421,7 | 4356,4 | - 1,5 |
| B.T.W. | Vlaamse Gemeenschap | 194.362,7 | 197.480,3 | + 1,6 |
| Franse Gemeenschap | 146.648,0 | 148.291,2 | + 1,1 |
II . Administratie der directe belastingen 1. Door de Administratie der directe belastingen werd voor begrotingsjaar 1994, 1.360.890,0 miljoen frank en voor begrotingsjaar 1995, 1.453.017,0 miljoen frank geïnd.
2. Volgens de aard van de inningen krijgt men, wat de Administratie der directe belastingen betreft, volgende toestand (in miljoenen frank):
| 1994 | 1995 |
| 1. Rijksmiddelenbegroting |
| a) Fiscale ontvangsten: |
| Verkeersbelasting op de autovoertuigen (VB.) | 32.314,0 | 32.545,5 |
| Belasting op de inverkeerstelling | 7608,4 | 7428,8 |
| Opbrengst van het Eurovignet | 0,0 | 3405,1 |
| Roerende voorheffing | 113.829,9 | 116.591,9 |
| Voorafbetalingen | 233.499,5 | 259.831,1 |
| Belasting van niet-inwoners | 2398,6 | 3990,2 |
| Vennootschapsbelasting | - 7164,7 | - 939,3 |
| Rechtspersonenbelasting | - 58,1 | 0,2 |
| Personenbelasting | - 18.677,5 | - 21.412,0 |
| Bedrijfsvoorheffing | 465.170,5 | 460.262,0 |
| Diverse opbrengsten en toevallige ontvangsten | 599,8 | 625,3 |
| Administratieve boeten | 531,8 | 290,4 |
| Subtotaal rijksmiddelenbegroting fiscale ontvangsten | 830.052,2 | 862.619,2 |
| b) Niet-fiscale ontvangsten: |
| Teruggevorderde gerechts- en vervolgingskosten | 0,0 | 189,5 |
| Opbrengst der inschrijvingen op de publikaties | 28,3 | 22,6 |
| Administratiekosten gemeentebelastingen | 1559,6 | 1957,6 |
| Ijkloon | 1,5 | - 1,2 |
| Nalatigheidsinteresten | 2568,9 | 3003,3 |
| Retributiegelden wegens vervolgingen | - 88,6 | - 117,3 |
| Bijzondere bijdrage voor de sociale zekerheid | 0,0 | 277,0 |
| Subtotaal rijksmiddelenbegroting niet-fiscale ontvangsten | 4069,7 | 5331,5 |
| Subtotaal rijksmiddelenbegroting | 834.121,9 | 867.950,7 |
| Gedeelte van de personenbelasting voor de gemeenschappen | 116.510,3 | 124.418,4 |
| Subtotaal gemeenschappen | 116.510,3 | 124.418,4 |
| Belasting op de spelen en de weddenschappen (SW) | 2376,8 | 2194,4 |
| Belasting op de automatische ontspanningstoestellen (AO) | 1385,8 | 1217,2 |
| Onroerende voorheffing (OV) | 4480,2 | 5178,1 |
| Gedeelte van de personenbelasting voor de gewesten (PB) | 263.001,7 | 285.943,2 |
| Subtotaal gewesten | 271244,5 | 294.532,9 |
| Provincieopcentiemen op de onroerende voorheffing | 19290,7 | 21.556,8 |
| Provincietaksen | 962,3 | 893,8 |
| Subtotaal provincies | 20.253,0 | 22.450,6 |
| Deel voor de agglomeratie van de gemeenteopdeciem op de verkeersbelasting op de autovoertuigen | 56,8 | 56,4 |
| Agglomeratieopcentiemen op de onroerende voorheffing | 560,7 | 2518,6 |
| Aanvullende agglomeratiebelasting op de personenbelasting | 687,5 | 953,1 |
| Agglomeratieopcentiemen op de provincietaksen | 30,2 | 2,5 |
| Subtotaal agglomeratie | 1335,2 | 3530,6 |
| Gemeenteopdeciem op de verkeersbelasting op de autovoertuigen | 3012,2 | 3131,6 |
| Gemeenteopdeciem op de onroerende voorheffing | 63.810,3 | 74.390,9 |
| Aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting | 50.432,8 | 62.628,7 |
| Gemeenteopcentiem op de provincietaksen | 83,1 | 37,4 |
| Inningen in uitvoering van de gemeentewet | 0,0 | 0,0 |
| Subtotaal gemeenten | 117.338,4 | 140.188,6 |
| Remgeld | 0,0 | - 54,8 |
| Voorafneming op de middelen ter beschikking van de gewesten | 86,7 | 0,0 |
| Totale ontvangsten | 1.360.890,0 | 1.453.017,0 |
3. De wetten op de Rijkscomptabiliteit en de fiscale wetgeving leggen geen opsplitsing van de geïnde ontvangsten per taalrol op.
Bovendien is dit gegeven van geen belang voor een correcte vestiging en inning van de belastingen.
De Administratie beschikt derhalve niet over statistische gegevens ter zake.
4. Enkel de belastingen en de onroerende voorheffing die volgens artikel 3 van de Bijzondere Wet van 16 januari 1989 betreffende de financiering van de gemeenschappen en de gewesten gewestelijke belastingen zijn, worden per gewest opgesplitst. Dit geldt ook voor het gedeelte van de opbrengst van de personenbelasting dat met toepassing van artikel 6 van voornoemde wet aan de gewesten wordt toegewezen en dat reeds, samen met het gedeelte dat aan de gemeenschappen is toegewezen, is afgetrokken van de in punt 2, a), vermelde bedrijfsvoorheffing (= verrekend bestanddeel van de personenbelasting).
Volgende tabel geeft een overzicht:
| | Vlaamse Gewest | Waalse Gewest | Brussels Hoofdstedelijk Gewest | Rijk |
| VB. | 1994 | 20.448,3 | 8923,0 | 2924,7 | 32.314,0 |
| 1995 | 20.746,1 | 8977,3 | 2822,1 | 32.545,5 |
| SW. | 1994 | 1014,1 | 1053,7 | 309,0 | 2376,8 |
| 1995 | 939,0 | 965,0 | 290,4 | 2194,4 |
| AO. | 1994 | 1 075,1 | 206,4 | 104,3 | 1 385,8 |
| 1995 | 935,9 | 199,1 | 82,2 | 1217,2 |
| OV. | 1994 | 3348,4 | 681,6 | 450,2 | 4480,2 |
| 1995 | 3820,6 | 824,1 | 533,5 | 5178,1 |
| PB. | 1994 | 142.302,1 | 94.634,3 | 26.065,4 | 263.001,7 |
| 1995 | 156. 941,0 | 101.281,9 | 27.720,3 | 285.943,2 |
| Totaal | 1994 | 168.188,0 | 105.499,0 | 29.871,5 | 303.558,6 |
| 1995 | 183.382,5 | 112.247,3 | 31.448,6 | 327.078,4 |
III. Administratie der douane en accijnzen (In duizenden frank)
| 1994 | 1995 |
| 2. Rechten bij invoer | 38.208.238 | 40.030.662 |
| 2. Accijnzen (met inbegrip van de controleretributie) | 181.641.122 | 185.029.476 |
| 3. Bijdrage op de energie | 8.674.922 | 8.205.594 |
| 4. Vergunnigsrecht |
| Vlaams Gewest | 313.399 | 305.250 |
| Waals Gewest | 175.957 | 175.270 |
| Brussels Gewest | 85.913 | 85.370 |
1. Voor de studie van de lokalisatie van de fiscale ontvangsten mogen de rechten bij invoer alvast buiten beschouwing worden gelaten, daar de opbrengst van die belastingen integraal wordt afgestaan aan de Europese Unie.
2. Met betrekking tot de accijnzen (de bijzondere accijnzen en de controleretributie daaronder begrepen) zij opgemerkt dat alleen de heffing van die belasting kan worden gelokaliseerd, zonder dat op enige wijze kan worden bepaald in welke landstreek het belastbaar feit - dit wil zeggen het verbruik van de aan accijns onderworpen goederen - zich heeft voorgedaan.
Dat de plaats waar de accijns werd geïnd geen enkele conclusie op het stuk van de lokalisatie toelaat, moge onder meer blijken uit het feit dat de opbrengst van de tabaksaccijns (37.881.214.567 F en 39.842.175.579 F) bijna geheel in Brussel-Hoofdstad werd geïnd, omdat aldaar het accijnskantoor Brussel (Tabak) is gevestigd waar de fiscale bandjes worden geleverd voor al de tabakswaren die bestemd zijn om verbruikt te worden over geheel het land.
Hetzelfde verschijnsel, doch in mindere mate, doet zich voor overal waar belangrijke bedrijven zijn gevestigd (petroleumraffinaderijen, brouwerijen, enz.) waarvan de aan accijns onderworpen produkten niet enkel op de plaats van voortbrengst doch zo wat over het gehele land worden verbruikt, zonder dat het mogelijk is ook maar bij benadering te zeggen of op enige wijze te bepalen wat daarin het aandeel is van elke gewest.
3. Doordat enerzijds de bijdrage op de energie in één enkele rubriek wordt geboekt en anderzijds vooral op accijnsprodukten van toepassing is, is de in cijfer 2 geformuleerde gevolgtrekking eveneens van toepassing op deze heffing.