BTW-Revue nr. 146, blz. 209
Vr. en Antw., Kamer, 1998-1999, nr. 176, blz. 23418
Verplichting factuur.
VRAAG
1. Moet de BTW-plichtige die belaste en andere, in uitvoering van artikel 44 van het BTW-Wetboek vrijgestelde verrichtingen uitvoert, facturen opmaken voor alle goederen of diensten die hij aan andere BTW-plichtigen of rechtspersonen levert?
2. Indien dat niet het geval is, welke zijn de criteria om op enige verdraagzaamheid vanwege de Administratie te kunnen rekenen?
3. In welk vakje van de periodieke BTW-aangifte moet deze BTW-plichtige de op grond van artikel 44 van het BTW-Wetboek vrijgestelde verrichtingen aangeven?
ANTWOORD
1 en 2. De regels met betrekking tot de verplichting tot uitreiking van een factuur, op het stuk van de belasting over de toegevoegde waarde, in het bijzonder wanneer een belastingplichtige zowel belaste handelingen als handelingen die zijn vrijgesteld door artikel 44 van het BTW-Wetboek verricht, werden reeds medegedeeld in antwoord op een vorige vraag van het geachte lid waarnaar ik dientengevolge verwijs (vraag nr. 727 van 28 januari 1997, Vragen en Antwoorden, Kamer, 1996-1997, nr. 79, blz. 10842-10844).
Ik beperk me derhalve te bevestigen dat, onder voorbehoud van de ontheffing ingesteld door artikel 1, § 2, van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, een belastingplichtige die zowel handelingen die daadwerkelijk aan de BTW zijn onderworpen als door het voormeld artikel 44 vrijgestelde handelingen verricht, strikt gehouden is een factuur uit te reiken voor alle handelingen die hij verricht in de uitoefening van zijn economische activiteit, met inbegrip dus van de door hem verrichte vrijgestelde handelingen.
Bij wijze van tolerantie heeft de Administratie evenwel beslist om de belastingplichtige te ontheffen van zijn verplichting een factuur uit te reiken in het enig geval waarin de vrijgestelde handelingen, handelingen van onroerende verhuur zijn zoals beoogd in artikel 44, § 3, 2°, van het voormeld wetboek en voor zover de twee volgende voorwaarden gelijktijdig zijn vervuld. Enerzijds, mogen deze handelingen niet wijzen op een specifieke economische activiteit in hoofde van de belastingplichtige en, anderzijds, moeten zij door een geregistreerd huurcontract worden vastgesteld.
3. Er wordt verwezen naar wat er werd gezegd in punt 2 van het antwoord op de voormelde vraag van het geachte lid.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.