Parlementaire vraag nr. 1228 van de heer Stéphane Lasseaux d.d. 29.05.2026
Kamer, Vragen en Antwoorden, 2025-2026, QRVA 56/55 d.d. 14.07.2026, blz. 410
Btw-stelsel voor elektronische platforms die als tussenpersoon optreden bij de verkoop van diensten die in België worden geleverd - Kwalificatie van vouchers
VRAAG
Steeds meer elektronische platforms, die zowel in als buiten de Europese Unie gevestigd zijn, treden op als tussenpersoon voor de levering van diensten die feitelijk in België worden verleend of daar gelokaliseerd zijn (zoals accommodatiediensten, toegang tot attractieparken of culturele en artistieke evenementen).
In de praktijk volgt de werkwijze van deze platforms meestal vijf stappen:
- voorstelling en beoordeling van de in de België gevestigde dienstverleners;
- bepaling van de algemene voorwaarden die gelden voor de dienstverrichting;
- inning van de betaling voor de door de klant gekozen dienst voor rekening van een specifieke dienstverlener in België;
- uitgifte van een reservatiebevestiging, waarop de datums en de locatie en identiteit van de dienstverlener staan en die op papier of elektronisch moet worden voorgelegd, onder voorbehoud van een bevestiging door de dienstverlener met betrekking tot beschikbaarheden;
- uitgifte van een finaal ontvangstbewijs met daarop de coördinaten van de dienstverlener, de naam van de begunstigden, de datum, de plaats en de prijs die werd betaald.
Dit economische model doet belangrijke vragen rijzen over de juridische kwalificatie van de geldstromen en van de opgestelde documenten ten aanzien van het Belgische Btw-Wetboek.
1. Welke btw-verplichtingen gelden er precies voor deze buitenlandse elektronische platforms in België wanneer zij op deze manier optreden als tussenpersoon? Moeten zij zich in België voor btw-doeleinden laten identificeren?
2. Is het antwoord anders als de eindafnemer, afhankelijk van de voorwaarden of het afgeleverde ontvangstbewijs, de mogelijkheid behoudt om rechtstreeks een factuur met btw aan te vragen bij de in België gevestigde dienstverlener? Heeft dit een invloed op de kwalificatie van het platform (transparante versus ondoorzichtige tussenpersoon)?
3. Moet de door het platform verstrekte reservatiebevestiging, waarin de plaats van de dienstverrichting (België) en de identiteit van de dienstverlener (en dus het toepasselijke btw-stelsel) worden vastgelegd, worden aangemerkt als een voucher voor enkelvoudig gebruik in de zin van artikel 1, § 15, 2°, van het Btw-Wetboek?
4. Moet de in de België gevestigde dienstverlener het elektronische platform een factuur bezorgen met aanrekening van de Belgische btw of moet de relatie louter worden beschouwd als een dienst die het platform als tussenpersoon verleent aan de Belgische dienstverlener (en die, in voorkomend geval, onderworpen is aan de verlegging van de btw indien het een platform in de EU betreft)?
ANTWOORD
d.d. 03.07.2026 (van de vice-eersteminister en minister van Financiën en Pensioenen, belast met de Nationale Loterij en de Federale Culturele Instellingen)
1, 2 en 4. Tegenwoordig bestaan er vele platformen die verschillen op vlak van organisatie en contractuele voorwaarden. De btw-behandeling van de handelingen die via deze platformen gebeuren hangt dus af van alle relevante feitelijke gegevens.
Indien het elektronisch platform als tussenpersoon handelt voor diensten zoals de verhuur op korte termijn van accommodatie, de toegang tot pretparken, culturele of artistieke evenementen die op btw-vlak geacht worden in België plaats te vinden, stelt zich over het algemeen de vraag of het platform handelt in naam en voor rekening van de onderliggende dienstverrichter of in eigen naam maar voor rekening van de onderliggende dienstverrichter.
In het eerste geval verricht de dienstverrichter zijn dienst rechtstreeks aan de afnemer, terwijl de belastingplichtige die het platform uitbaat als tussenpersoon een bemiddelingsdienst verricht aan de dienstverrichter. Indien er facturatieplicht geldt, is de dienstverrichter gehouden om een factuur uit te reiken aan de afnemer. In principe is er geen facturatieplicht business-to-consumer (b2c) maar er kan vrijwillig gefactureerd worden. Zoniet wordt de handeling opgenomen in het dagboek van ontvangsten aan de hand van verantwoordingsstukken en volgens de van toepassing zijnde regels (art. 15, § 2 en § 4 van het koninklijk besluit (KB) nr. 1). Het platform is gehouden om een factuur uit te reiken aan de dienstverrichter. Als het platform niet in België is gevestigd en hij verricht zijn bemiddelingsdienst aan een dienstverrichter die in België gevestigd is, zal de dienst in principe geacht worden plaats te vinden in België op basis van art. 21, § 2, van het Btw-Wetboek en zal de btw in principe worden verlegd naar de afnemer op basis van art. 51, § 2, eerste lid, 1°, van het Btw-Wetboek. Voor die bemiddelingsdienst hoeft het niet in België gevestigde platform zich niet voor btw-doeleinden te identificeren in België.
In het tweede geval wordt de onderliggende dienstverrichter op basis van de commissionairsfictie van art. 20, § 1, en 13, § 1, van het Btw-Wetboek geacht zijn dienst te verrichten aan het platform, waarbij laatstgenoemde op zijn beurt geacht wordt zijn dienst te verrichten aan de afnemer. De dienstverrichter reikt een factuur uit aan het platform en het platform reikt een factuur uit aan de afnemer in de mate dat er facturatieplicht geldt. In principe is er geen facturatieplicht b2c maar er kan vrijwillig gefactureerd worden. Zoniet wordt de handeling opgenomen in het dagboek van ontvangsten aan de hand van verantwoordingsstukken en volgens de van toepassing zijnde regels (art. 15, § 2 en § 4, van het KB nr. 1).
Niet in België gevestigde platformen zullen zich in België voor btw-doeleinden moeten identificeren op grond van art. 50, § 1, eerste lid, 3°, van het Btw-Wetboek indien zij in België handelingen verrichten waarvoor recht op aftrek is ontstaan en waarvoor zij krachtens de art. 51 en 52 van het Btw-Wetboek schuldenaar zijn van de belasting in België en dienen bij toepassing van art. 54ter van het Btw-Wetboek een register bij te houden, behalve indien zij uitsluitend handelingen verrichten waarvoor zij gebruikmaken van de bijzondere regeling (One Stop Shop) bedoeld in titel XII, hoofdstuk 6, afdeling 2 of 4, van de Richtlijn 2006/112/EG waarop in dit antwoord niet verder ingegaan wordt.
Er wordt de aandacht op gevestigd dat overeenkomstig art. 20, § 1 en 13, § 2, van het Btw-Wetboek als commissionair wordt aangemerkt niet alleen hij die op eigen naam of onder firma voor rekening van een lastgever handelt, maar ook de tussenpersoon bij inkoop of de tussenpersoon bij verkoop, die in enigerlei hoedanigheid een op zijn naam gestelde factuur, debetnota of ander daarmee gelijkstaand stuk respectievelijk van de dienstverrichter ontvangt of aan de afnemer van de dienst uitreikt. De vraag of het ontvangstbewijs, waarnaar u verwijst, moet worden beschouwd als een factuur of een daarmee gelijkgesteld stuk is een feitenkwestie.
Diensten die onder de reisbureauregeling zouden vallen, of worden beschouwd als langs elektronische weg verrichte diensten evenals de bijzondere regeling van de deeleconomie, worden in het kader van dit antwoord buiten beschouwing gelaten.
Tot slot wordt er nog opgemerkt dat de VIDA-Richtlijn (Richtlijn 2025/516/EU) met ingang van 1 juli 2028 (implementatie ten laatste op 1 januari 2030) nieuwe regels invoert, teneinde de concurrentieverstoring in de sector van verhuur op korte termijn van accommodatie en de sector passagiersvervoer over de weg aan te pakken. Deze Europese Richtlijn, die zal worden omgezet in het Belgisch recht, stelt regels vast om platforms bij de inning van de btw een andere rol, namelijk die van "gelijkgestelde dienstverrichter", te geven. Volgens de regel van de gelijkgestelde dienstverrichter, een juridische fictie zonder gevolgen voor de regels die niet tot de btw-wetgeving behoren, zal van platforms worden vereist dat zij btw in rekening brengen indien de onderliggende dienstverrichters dat niet doen. Om de btw-neutraliteit te handhaven mogen platforms niet worden beschouwd als gelijkgestelde dienstverrichter, en mogen zij bijgevolg geen btw in rekening brengen indien de onderliggende dienstverrichters een btw-identificatienummer verstrekken en verklaren dat zij de btw in rekening zullen brengen.
3. De vraag of een reserveringsbevestiging moet worden beschouwd als een voucher voor enkelvoudig gebruik dient te worden beoordeeld aan de hand van de definities opgenomen in art. 1, § 15, 1° en 2°, van het Btw-Wetboek.
Een voucher is een instrument ten aanzien waarvan de verplichting bestaat dat instrument als tegenprestatie of gedeeltelijke tegenprestatie voor leveringen van goederen of diensten te aanvaarden en waarbij de te verrichten leveringen van goederen of diensten, of de identiteit van de potentiële verrichters ervan, vermeld staan op het instrument zelf of in de bijhorende documentatie, inclusief de voorwaarden voor het gebruik van het instrument. Er is sprake van een voucher voor enkelvoudig gebruik als de plaats van de goederenlevering of dienstverrichting waarop de voucher betrekking heeft, alsmede het bedrag van de over die goederen of diensten verschuldigde btw, bekend zijn op het tijdstip van uitgifte van de voucher.
Een bijzonder aandachtspunt vormt de kwalificatie van tickets in de vorm van vervoersbewijzen, toegangskaartjes (voor musea, culturele of sportieve evenementen, enz.) en dergelijke, die onder de definitie van vouchers voor enkelvoudig gebruik vallen en als zodanig worden belast op het tijdstip van de verkoop daarvan. Bij elke eventuele doorverkoop van dergelijke tickets is, net als onder de bestaande regels, over die handeling btw verschuldigd.
Indien de reserveringsbevestiging een louter administratief bewijsstuk betreft, zonder dat er in hoofde van de dienstverrichter ten aanzien van dat document de verplichting bestaat om het als tegenprestatie of gedeeltelijke tegenprestatie voor het verrichten van de dienst te aanvaarden, zal er normaliter geen sprake zijn van een voucher. Het betreft evenwel een feitenkwestie die moet worden beoordeeld op basis van alle relevante feitelijke gegevens.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.