Artikel 50 van het Belgische Btw-Wetboek · Btw-Wetboek

Naar de tekst
Juriel

Art. 50 Voldoening van de belasting

Zoeken
Van krachtversie van 01.01.2025

Artikel 50 van het Belgische Btw-WetboekVoldoening van de belasting

https://juriel.be/nl/wetboeken/btw/artikel-50

Tekst

4 paragrafen 12 punten

De administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde kent een btw-identificatienummer toe dat de letters BE bevat:

1°

aan elke in België gevestigde belastingplichtige, met uitzondering van de in de artikelen 8 en 8bis bedoelde belastingplichtigen, van de belastingplichtigen die uitsluitend leveringen van goederen of diensten verrichten die krachtens artikel 44 zijn vrijgesteld en waarvoor ze geen recht op aftrek hebben en van de belastingplichtigen die hun zetel van economische activiteit in een andere lidstaat gevestigd hebben, er geïdentificeerd zijn in het kader van de in titel XII, hoofdstuk 1, van Richtlijn 2006/112/EG bedoelde vrijstelling en in België die regeling genieten overeenkomstig artikel 56ter, § 2;

2°

aan de niet-belastingplichtige rechtspersonen en, in afwijking van de bepaling onder 1°, aan de belastingplichtigen die uitsluitend leveringen van goederen of diensten verrichten die krachtens artikel 44 zijn vrijgesteld en waarvoor zij geen recht op aftrek hebben:

a)

wanneer zij overeenkomstig artikel 53bis, § 1, verklaren een intracommunautaire verwerving van goederen te verrichten die tot gevolg heeft dat de drempel van 11.200 euro, bedoeld in artikel 25ter, § 1, tweede lid, 2°, eerste lid, b), wordt overschreden;

b)

wanneer zij overeenkomstig artikel 25ter, § 1, tweede lid, 2°, tweede lid, ervoor kiezen om al hun intracommunautaire verwervingen van goederen aan de belasting te onderwerpen;

3°

aan elke niet in België gevestigde belastingplichtige die:

a)

in het Wetboek bedoelde handelingen verricht waarvoor recht op aftrek is ontstaan en waarvoor hij krachtens de artikelen 51 en 52 schuldenaar is van de belasting in België, met uitzondering van de belastingplichtigen die uitsluitend handelingen verrichten waarvoor zij gebruikmaken van de bijzondere regeling bedoeld in titel XII, hoofdstuk 6, afdeling 2 of 4, van de richtlijn 2006/112/EG;

b)

in een andere lidstaat dan België handelingen verricht waarvoor hij gebruikmaakt van de bijzondere regeling bedoeld in artikel 58quater;

4°

aan elke belastingplichtige die uitsluitend leveringen van goederen of diensten verricht die krachtens artikel 44 zijn vrijgesteld en waarvoor hij geen recht op aftrek heeft, als hij schuldenaar is van de belasting krachtens artikel 51, § 2, eerste lid, 1°;

5°

aan elke in België gevestigde belastingplichtige die uitsluitend leveringen van goederen of diensten verricht die krachtens artikel 44 zijn vrijgesteld en waarvoor hij geen recht op aftrek heeft en die diensten verricht die, krachtens de communautaire bepalingen, geacht worden plaats te vinden in een andere lidstaat en waarvan de belasting is verschuldigd door de ontvanger van de dienst;

6°

aan elk lid van een BTW-eenheid in de zin van artikel 4, § 2, die overeenkomstig 1° voor BTW-doeleinden is geïdentificeerd. Dit identificatienummer vormt een sub-BTW-identificatienummer van de BTW-eenheid.

lid 2

De belastingplichtigen bedoeld in het eerste lid, 4° of 5°, in paragraaf 2, of op wie de in de artikelen 56bis tot en met 56undecies bedoelde vrijstellingsregeling van belasting of de in artikel 57 bedoelde regeling van toepassing is, kunnen hun nummer slechts rechtsgeldig gebruiken om intracommunautaire verwervingen te verrichten nadat zij vooraf de in het eerste lid, 2°, a), bedoelde verklaring hebben ingediend of nadat zij vooraf de in het eerste lid, 2°, b), bedoelde keuze hebben uitgeoefend.

lid 3

Degenen aan wie krachtens het eerste lid,2°, a), een BTW-identificatienummer is toegekend, gebruiken dit rechtsgeldig voor de door hen verrichte intracommunautaire verwervingen van goederen vanaf de dag waarop de drempel werd overschreden en tot 31 december van het kalenderjaar dat erop volgt. Indien de drempel wordt overschreden in de loop van dit laatste jaar en, in voorkomend geval, in de loop van de volgende jaren, gebruiken zij dit nummer rechtsgeldig tot 31 december van het jaar dat volgt op het jaar waarin de drempel voor het laatst werd overschreden.

lid 1De administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde kent aan elke BTW-eenheid in de zin van artikel 4, § 2, die uitsluitend leveringen van goederen of diensten verricht waarvoor zij geen recht op aftrek heeft een BTW-identificatienummer toe dat de letters BE bevat.

lid 2Zij kent aan de leden van de in het eerste lid bedoelde BTW-eenheid eveneens een BTW-identificatienummer toe dat de letters BE bevat. Dit identificatienummer vormt een sub-BTW-identificatienummer van deze BTW-eenheid.

Een BTW-identificatienummer kan eveneens worden toegekend aan andere belastingplichtigen.

In afwijking van paragraaf 1, eerste lid, 1°, kent de administratie belast met de belasting over de toegevoegde waarde geen btw-identificatienummer toe aan de belastingplichtige natuurlijke personen op wie de in de artikelen 56bis tot en met 56undecies bedoelde vrijstellingsregeling van belasting van toepassing is en die uitsluitend diensten verrichten, wanneer de volgende voorwaarden vervuld zijn:

1°

de plaats van de diensten is in België;

2°

de diensten worden verricht voor andere doeleinden dan die van de gebruikelijke economische activiteit van de belastingplichtige;

3°

de diensten worden uitsluitend verricht voor natuurlijke personen die ze bestemmen voor hun privégebruik of dat van andere personen;

4°

de diensten worden uitsluitend verricht in het kader van overeenkomsten die tot stand zijn gebracht door tussenkomst van een door de Koning erkend elektronisch platform krachtens artikel 90, tweede lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992;

5°

de vergoedingen met betrekking tot de diensten worden enkel door het in de bepaling onder 4° bedoelde platform of door tussenkomst van dat platform aan de dienstverrichter betaald of toegekend;

6°

de omzet die bestaat uit de vergoedingen bedoeld in de bepaling onder 5°, met inbegrip van alle sommen die door dat platform of door tussenkomst van dat platform zijn ingehouden, bedraagt per kalenderjaar niet meer dan 3 830 euro, geïndexeerd overeenkomstig artikel 178, § 1 en § 3, eerste lid, 2°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.

Aangehaalde teksten

15
WBTW art. 444 voorkomens
WBTW art. 25ter2 voorkomens
WBTW art. 42 voorkomens
WBTW art. 512 voorkomens
WBTW art. 56bis2 voorkomens
WBTW art. 521 voorkomen
WBTW art. 53bis1 voorkomen
WBTW art. 56ter1 voorkomen
WBTW art. 571 voorkomen
WBTW art. 81 voorkomen
WBTW art. 8bis1 voorkomen

Rechtspraak

55

België

54

Bekijk alle 54

Europese Unie

1

Het Hof legt de richtlijn uit die dit artikel omzet.

Hof van JustitieC-85/9719.11.1998

Verjaringstermijn, aanvang

§ 1, 3°

Administratieve doctrine

183

Wetgeving

40

191 documenten hangen aan een welbepaald punt van het artikel, 87 verwijzen naar geen enkel bijzonder punt. De koppeling wordt in de tekst van de documenten gelezen.

Bekijk de 278 documenten

Opeenvolgende versies

16 versies eerste op 31.03.1971
Van krachtWijzigingBron
01.01.2025van kracht§ 1, eerste lid, 1°, werd vervangen; § 1, tweede lid en § 4, inleidende zin, werden gewijzigdW 21.03.2024, B.S. 09.04.2024
11.12.2023§ 1, punt 2°, inleidende zin; punt 4° en punt 5°, werden gewijzigdW 23.11.2023, B.S. 01.12.2023
10.01.2022§ 1, tweede lid, werd gewijzigdW 27.12.2021, B.S. 31.12.2021
10.07.2021§ 4, 4°, werd gewijzigdW 27.06.2021, B.S. 30.06.2021
01.07.2021§ 1, eerste lid, 3°, werd vervangenW 02.04.2021, B.S. 13.04.2021
01.01.2021§ 4, werd vervangenW 24.12.2020, B.S. 31.12.2020
01.01.2018§ 4, werd vervangenW 18.07.2018, B.S. 26.07.2018
01.07.2016§ 4, werd ingevoegdW 01.07.2016, B.S. 04.07.2016
01.01.2015§ 1, eerste lid, 3°, werd vervangenW 19.12.2015, B.S. 29.12.2014
16.05.2014§ 1, eerste lid en § 2, eerste lid, werd gewijzigd met ingang van 16.05.2014W 25.04.2014, B.S. 16.05.2014
01.04.2014§ 1, tweede lid, werd gewijzigdW 15.05.2014, B.S. 22.05.2014
01.01.2010Het artikel werd vervangenW 26.11.2009, B.S. 04.12.2009
01.04.2007§ 1, eerste lid, 4°, werd gewijzigd en § 2, werd ingevoegdW 27.04.2007, B.S. 08.05.2007
01.01.2002Het eerste lid, 2°, a), werd gewijzigd en 3° werd ingevoegd met ingang van 01.01.2002W 07.03.2002
01.01.1993Het artikel werd vervangenW 28.12.1992 en Art. 14, KB 29.12.1992
31.03.1971Het artikel werd gewijzigdW 26.03.1971, B.S. 31.03.1971