BTW-fraude met GSM's · Parlementaire vragen

Naar de tekst
Juriel

1191 19 januari 1998

Zoeken

BTW-fraude met GSM's

https://juriel.be/nl/parlementaire-vragen/1191-btw-fraude-gsm-pieters-e5e7

Nummer
1191
Datum
19 januari 1998

Over het document

Verzameling
Parlementaire vragen
Taal van de tekst
Nederlands

Tekst

28 paragrafen

BTW-fraude met GSM's

VRAAG

Hoofdstuk VI, afdeling 1, van het Wetboek van de belastingen op de toegevoegde waarde (W.BTW) voorziet in een aantal vrijstellingen voor uitvoer, intracommunautaire leveringen en verwervingen, invoer en internationaal vervoer. Vooral de vrijstellingen op basis van de artikelen 39 en 40 BTW verdienen hieronder de nodige aandacht.

In de pers werd melding gemaakt van het feit dat 40 à 50 % van de GSM-toestellen op de Belgische markt, in het parallelle circuit zou circuleren. Wanneer we aannemen dat er het voorbije jaar 700.000 toestellen aan 10.000 frank verkocht werden, zou de verschuldigde BTW op GSM-toestellen 1,4 miljard frank bedragen.

Naar verluidt wordt een groot deel van dit enorme bedrag aan verschuldigde BTW (geïnd of verrekend) niet opgegeven aan de BTW-administratie. Hiervan zouden twee redenen de oorzaak zijn: de geveinsde uitvoer en de witwasoperaties, of een combinatie van beiden.

De geveinsde uitvoer betreft de onterechte vrijstelling voor uitvoer of intracommunautaire levering op basis van de voornoemde artikelen van het W.BTW. De voor uitvoer opgegeven GSM's worden immers in de realiteit nooit uitgevoerd. Bonafide verdelers worden hierdoor met een concurrentienadeel van 21 % opgezadeld. Trouwens, volgens de Europese Commissie circuleerden er vorig jaar meer dan 700 miljard ecu aan ten onrechte vrijgestelde goederen en diensten.

Het bewijs van de uitvoer moet in principe door de uitvoerder worden geleverd aan de hand van een geheel van overeenstemmende documenten waaruit de echtheid van de uitvoer blijkt. De Koninklijke Besluiten nr. 18 en nr. 52 van 29 december 1992, die werden genomen bij de instelling van de overgangsregeling, zijn blijkbaar nog niet afdoende.

Daarnaast dienen er ook andere praktijken vermoed te worden, aangezien de aankoopprijs van een GSM op de zwarte markt soms slechts een derde bedraagt van de winkelprijs en soms zelfs lager ligt dan de productieprijs. De GSM is door zijn hoge waarde en gering gewicht ideaal om te vervreemden en te smokkelen. De expansief stijgende verkoop in de hele wereld versterkt de criminele aantrekkelijkheid nog.

De constructeurs zouden de BBI formeel van deze problemen op de hoogte hebben gebracht.

1. Heeft de BTW-administratie cijfergegevens van de voorgaande jaren, betreffende de verschuldigde BTW op GSM-verkopen?

2. Wordt de klassieke BTW-fraude, bij onterechte vrijstelling (artikelen 39 en 40 W.BTW), op federaal en op Europees niveau aangepakt?

3. Welke middelen wendt de Administratie aan om deze fraude- en witwaspraktijken te bestrijden?

4. Is er enige vorm van coördinatie tussen de ministeries van Financiën en Justitie?

5. Is er inderdaad een onderzoek naar het misbruik van GSM's door de BBI opgestart?

ANTWOORD

1. De Administratie beschikt niet over nauwkeurige gegevens die toelaten het verschuldigde bedrag aan BTW op leveringen van GSM-toestellen in België te ramen.

2 en 3. De controle over de juiste toepassing van de BTW-regeling in een lidstaat van de Europese Unie hangt af van de fiscale autoriteit van dat land. Wanneer in dat opzicht een vrijstelling wegens uitvoer buiten de Europese Unie of vervoer of verzending van goederen naar een andere lidstaat van deze Unie wordt ingeroepen, blijft de verantwoordelijke fiscale autoriteit deze van het land van vertrek, dat wil zeggen van waaruit de handeling naar het buitenland is verricht of wordt verondersteld te zijn verricht.

In een dergelijk geval zijn de controleverrichtingen evenwel meer ingewikkeld en dit omwille van het feit zelf dat de handeling het strikte nationale kader overschrijdt of wordt verondersteld te overschrijden en waardoor dan specifieke onderzoeken nodig zijn om zich rekenschap te kunnen geven van de realiteit.

Deze onderzoeken steunen zowel op de uitwisseling van informatie tussen de lidstaten die, indien nodig, ook het rechtstreekse beroep op de samenwerking van de buitenlandse fiscale autoriteit met zich brengt, als op een nauwgezet onderzoek van de waaier van materieel bewijs die de belastingplichtige kan voorleggen tot staving van de ingeroepen vrijstelling (bestelbon, vervoerscontract, leveringsbon, enz.). De door de opsporingsdiensten uitgeoefende vaststellingen, meer in het bijzonder tijdens een controle over het vervoer over de weg, kunnen eveneens bijdragen tot het bevestigen of ontzenuwen van de als realiteit voorgestelde handelingen.

De noodzakelijke vergelijkingen en toetsingen geschieden naar aanleiding van de grondige verificatie van de fiscale toestand van de belastingplichtige, alsmede in het kader van de procedure die tot doel heeft de gegrondheid na te gaan van de BTW-belastingtegoeden, die hun oorsprong vinden in de uitgaande handelingen waarvoor de vrijstelling werd ingeroepen.

Aan deze belastingtegoeden wordt trouwens bijzondere aandacht geschonken. Alles wordt dus in werking gesteld om de betaling van de verschuldigde BTW te kunnen vorderen, wanneer uiteindelijk mocht blijken dat een leverancier-belastingplichtige de bestaande gronden van vrijstelling ten onrechte heeft ingeroepen, bijvoorbeeld omdat hij niet kan aantonen dat de goederen, inzonderheid de GSM-toestellen, werkelijk het land hebben verlaten.

In de bezorgdheid om de strijd tegen de fraude op het vlak van de "carrousel-fraudes", zoals ze zich voordoen in de elektronicasector, te optimaliseren, werd er bij Ministerieel Besluit van 23 juli 1997 (Belgisch Staatsblad van 14 oktober 1997, blz. 27013-27014) in de schoot van de Administratie van de BTW, registratie en domeinen bovendien een nationaal controlecentrum opgericht dat speciaal belast is met de strijd tegen dit type fraude. En in dit kader werden onder de leiding van de adjunct-generaal der belastingen, praktische regels vastgesteld die de respectievelijke bevoegdheden en vormen van samenwerking tussen de Administraties van de BBI, BTW, registratie en domeinen en de douane en accijnzen in de globale strijd tegen de fraude moeten verduidelijken.

Voor het overige werden, met het oog op een meer efficiënte strijd tegen de fraude, ten aanzien van bepaalde economische sectoren met een potentieel risico op fraude, interministeriële samenwerkingsverbanden gesloten. Deze samenwerkingsverbanden vormen een ideale smeltkroes om op een efficiënte wijze de strijd tegen de fraude in bepaalde domeinen te organiseren en te reoriënteren en dit door tegelijkertijd de respectievelijke bevoegdheden, ervaringen en controlemiddelen van de verschillende betrokken diensten met elkaar te verenigen.

4. De samenwerking en coördinatie tussen de ministeries van Justitie en Financiën wordt hoofdzakelijk verzekerd:

•op basis van een procedure die, onder voorbehoud van de uitdrukkelijke toelating van de procureur-generaal of de auditeur-generaal, aan de ambtenaren van het ministerie van Financiën, belast met de aanslag en invordering van de belastingen, de voorlegging ter inzage verleent van de akten, stukken, registers en bescheiden of inlichtingen in verband met gerechtelijke procedures;

•op basis van een procedure, beoogd in artikel 29 tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering die aan de betrokken ambtenaren de mogelijkheid biedt om de ingevolge de fiscale wetten en de ter uitvoering ervan genomen besluiten strafrechtelijk strafbare feiten aan te geven;

•op basis van detachering van fiscale ambtenaren naar de parketten.

5. De gestelde vraag moet inderdaad positief worden beantwoord. Een dergelijk onderzoek behoort overigens, gezien de aard van de fraude, tot de fundamentele opdracht van de Bijzondere Belastinginspectie.

Administratieve doctrine

1

« VRAAG 98/1450 BTW-Revue nr. 141, blz. 299 Vr. en Antw., Kamer, 1997-1998, nr. 145, blz. 19964-19966 Intracommunautaire leveringen - Bewijs VRAAG In mijn schriftelijke vraag nr. 1191 van 19 januari 1998 , kaartte ik het probleem van de BTW-fraude met intracommunautaire leveringen en verwervingen al aan. Naar verluidt wordt immers een groot deel van het enorme bedrag aan verschuldigde BTW (geïnd of verrekend) niet opgegeven aan de BTW-administratie. Eén van … »

Intracommunautaire leveringen. BewijsParlementaire vraag22.07.1998

Bekijk het document