Beslissing Btw nr. E.T.96.920 dd. 31.08.2000
BTW-Revue, nr. 147, blz. 273, nr. 1087
Maatstaf van heffing - Portokosten - Postzegels - Verzendingskosten - Verzendingsbedrijf
Wanneer een verzendingsbedrijf in opdracht van zijn klant drukwerk verzendt naar derden, waarvan de adressen door die klant werden opgegeven, mag het bedrag van de postzegels of andere portokosten dat door deze onderneming werd voorgeschoten in naam en voor rekening van zijn klant en dat afzonderlijk voor het juiste bedrag op de factuur werd vermeld, beschouwd worden als een voorschot in de zin van artikel 28, 5°, van het BTW-Wetboek (Beslissing van 4 augustus 1975, nr. E.T. 14.679, BTW-Revue nr. 22, nr. 540, blz. 319).
Het bedrag van de postzegels en andere portokosten, dat afzonderlijk en voor het juiste bedrag wordt vermeld op de factuur die door het verzendingsbedrijf aan zijn klant wordt uitgereikt, mag eveneens beschouwd worden als een voorschot in de zin van artikel 28, 5°, van voornoemd Wetboek, wanneer de adressen niet door voornoemde klant werden opgegeven.
Het is alleszins vanzelfsprekend dat, zowel in het ene als in het andere geval, het verzendingsbedrijf moet kunnen bewijzen dat het aan de klant een bedrag aanrekent dat exact gelijk is aan het bedrag aan postzegels en andere portokosten dat dit bedrijf zelf gedragen heeft.