BESLISSING ET95797
Beslissing nr. E.T. 95797 dd. 19.10.1999
BTW-Revue, nr. 145, blz. 149, nr. 1079
Plaats van dienst - Beheer en leiding van ondernemingen
Wanneer een rechtspersoon als activiteit het beheer en de leiding heeft van een andere onderneming, in de hoedanigheid van hetzij zaakvoerder, hetzij statutair beheerder, of nog krachtens een overeenkomst waardoor eerstgenoemde over de mogelijkheid beschikt zijn beleidslijnen aan laatstgenoemde op te leggen, wordt de plaats van de in het kader van genoemde activiteit door die rechtspersoon verrichte diensten bepaald overeenkomstig artikel 21, § 2, van het BTW-Wetboek.
De handeling daarentegen die er louter in bestaat adviezen en informatie te verstrekken, is in principe een werk van intellectuele aard in de zin van artikel 21, § 3, 7°, d, van genoemd Wetboek waarvan de plaats van de dienst overeenkomstig dit artikel wordt bepaald wanneer aan de daarin voorziene voorwaarden wordt voldaan.
Voornoemd artikel 21, § 2, is evenwel in ieder geval voor het geheel van toepassing wanneer de adviezen of de informatie krachtens het strikte kader van het mandaat of de overeenkomst waarvan sprake in in het eerste lid worden verstrekt, zodat ze werkelijk inherent zijn aan en onmisbaar voor de activiteit van bestuur en leiding van de andere vennootschap.