Beslissing Btw nr. E.T.28.453 dd. 20.06.1980
BTW-Revue, nr. 46, blz. 374
Uitoefening van het recht op aftrek - Termijn.
Krachtens artikel 4, § 2 van het koninklijk besluit nr. 3, van 10 december 1969, kan het recht op aftrek dat niet werd uitgeoefend overeenkomstig § 1 van datzelfde artikel, nog worden uitgeoefend binnen vijf jaar te rekenen vanaf het tijdstip waarop het recht op aftrek is ontstaan. Door of vanwege de Minister van Financiën wordt dan de wijze bepaald waarop de aftrek plaatsheeft.
Aanschrijving nr. 29/1975 regelt die wijze voor het, meest voorkomende, geval waarin de belastingplichtige die het recht op aftrek niet heeft uitgeoefend binnen de bij artikel 4, § 1 bepaalde normale termijn, bij het verstrijken van de hierboven genoemde termijn van vijf jaar nog steeds belastingplichtige is en periodieke aangiften indient.
Maar artikel 4, § 2 kan eveneens toepassing vinden wanneer iemand de hoedanigheid van belastingplichtige heeft verloren, bijvoorbeeld door stopzetting van zijn werkzaamheid.
Deze laatste kan bijgevolg binnen de genoemde termijn van vijf jaar vragen het recht op aftrek dat hij niet heeft uitgeoefend tijdens de periode waarin hij belastingplichtige was, nog te mogen uitoefenen, zij het dat de aftrek dan noodzakelijk moet geschieden bij wijze van teruggaaf. De aanvraag om teruggaaf moet dan de gegevens bevatten waarover het gaat in nr. 6 van de aanschrijving nr. 29/1975.
Aangehaalde referentie
Sneltoetsen
Niet actief tijdens het typen in een veld.
- Zoeken in de tekst
- /Ctrl/⌘ F
- Volgende / vorige treffer
- EnterShift Enter
- Volgende / vorige sectie
- JK
- Leesmodus
- L
- Een paneel sluiten
- Esc
De leesmodus verbergt de inhoudsopgave en de kerncijfers, vergroot de tekst en centreert de kolom.