Beslissing nr. E.T.111.417 dd. 01.03.2007
Deze beslissing werd vervangen door de beslissing nr. E.T.111.417 - bijwerking 01.09.2012
Vrijstellingen - Diplomatieke zendingen, consulaire posten, internationale organisaties of strijdkrachten - Verplichtingen - Document 450 - Document 451 - Certificaat voor vrijstelling van BTW en accijnzen
VRIJSTELLING VAN BTW : PRINCIPES EN FORMALITEITEN
VOORAFGAANDE OPMERKING
Deel I van de hier gepubliceerde beslissing ET 111.417 van 1 maart 2007 betreffende de principes en richtlijnen inzake vrijstelling van BTW bevat de tekst van de nota die aan de in België gevestigde diplomatieke zendingen, consulaire posten, internationale organisaties en strijdkrachten werd meegedeeld. Naast een herhaling van een aantal basisprincipes bevat deze tekst ook een omstandige uiteenzetting van de bestaande richtlijnen die de in België gevestigde diplomatieke zendingen, consulaire posten en internationale organisaties of een lid van hun personeel moeten naleven wanneer zij zich beroepen op een vrijstelling van de BTW.
De in nr.7 vermelde bepalingen van deze beslissing zijn tot nader orde niet afdwingbaar van de instellingen van de Europese Unie.
In afwachting van het resultaat van een nieuw overleg dat op basis van artikel 19 van het Protocol betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Gemeenschappen van 8 april 1965 (goedgekeurd door de wet van 13 mei 1966 - Belgisch Staatsblad van 8 juli 1967) met de instellingen van de Europese Unie werd aangevat en ter uitvoering van een akkoord van 16 februari 1995, zijn die instellingen niet gehouden het document nr. 450 te gebruiken voor hun aankopen verricht in België en bestemd voor hun officieel gebruik. Zij moeten daarentegen aan hun leverancier een bestelbon afleveren die de volgende vermelding draagt :
« In België geldt het gebruik van deze bestelbon door de instellingen van de Europese Unie als een voorlegging van een aanvraag om vrijstelling van de BTW nr. 450. Vrijstelling van BTW, artikel 42, § 3.3 van het BTW-Wetboek; aanschrijving nr. 2/1978. »
Indien de bestelling werd geplaatst via een typecontract moet het artikel met betrekking tot de vrijstelling de volgende vermelding bevatten :
« In België gelden de bepalingen opgenomen in artikel … als een voorlegging van een aanvraag om vrijstelling van de BTW nr. 450. Vrijstelling van BTW, artikel 42, par. 3.3 van het BTW-Wetboek; aanschrijving nr. 2/1978. »
Deel II behandelt de situatie waarbij vrijstelling van BTW wordt gevraagd voor leveringen van goederen en diensten verricht in België met als bestemming een begunstigde gevestigd of in functie in een andere lidstaat.
Bijlage 1: Certificaat voor vrijstelling van BTW en accijnzen
Bijlage 2: Document 450
Bijlage 3: Document 451
INHOUDSOPGAVE
| Deel I |
| 1 | Overzichttabel van de formulieren |
| 2 | Voorafgaande opmerking |
| 3 | Wettelijke bepalingen |
| 4 | Definities |
| 4.1 | Officieel gebruik |
| 4.2 | Persoonlijk gebruik |
| 4.3 | Dossiernummer |
| 4.4 | Bevoegde persoon |
| 4.5 | De factuur |
| 4.6 | De bevoegde fiscale autoriteit |
| 4.7 | Accessorium sequitur principale |
| 5 | Overgangsmaatregelen |
| 6 | Certificaat voor vrijstelling van BTW en accijnzen |
| 6.1 | Geschiedenis |
| 6.2 | Toelichting bij het certificaat |
| 6.3 | Bespreking van het certificaat per vak |
| 6.3.1 | Vak VOLGNUMMER |
| 6.3.2 | Vak 1. BEGUNSTIGDE ORGANISATIE / PERSOON |
| Naam :. |
| Straat en huisnummer : |
| Postcode, plaats : |
| Gast-Lid-Staat : |
| 6.3.3 | Vak 2. INSTANTIE DIE BEVOEGD IS VOOR HET VERLENEN VAN HET STEMPEL |
| 6.3.4 | Vak 3. VERKLARING VAN DE BEGUNSTIGDE ORGANISATIE OF PERSOON |
| Plaats en datum :. |
| Naam en hoedanigheid van de ondergetekende : |
| 6.3.5 | Vak 4. STEMPEL VAN DE ORGANISATIE |
| Plaats en datum : |
| Stempel : |
| Naam en hoedanigheid van de ondergetekende : |
| 6.3.6 | Vak 5. OMSCHRIJVING VAN DE GOEDEREN EN/OF DIENSTEN WAARVOOR VRIJSTELLING VAN BTW EN/OF ACCIJNZEN WORDT GEVRAAGD |
| Vak 5.A |
| Naam en adres : |
| Lidstaat : |
| BTW/Accijns-identificatienummer : . |
| Vak 5.B. |
| 6.3.7 | Vak 6. VERKLARING VAN DE BEVOEGDE INSTANTIE VAN DE GAST-LIDSTAAT |
| 6.3.8 | Vak 7. ONTHEFFING VAN STEMPELPLICHT |
| Verwijzing naar het dossier : |
| Datum : |
| Vermelding van de begunstigde organisatie : |
| Vermelding van de bevoegde instantie van de gast-Lidstaat : |
| Plaats en datum : |
| Stempel : |
| Naam en hoedanigheid van de ondergetekende : |
| 7 | Het document nr. 450 |
| 7.1 | Geschiedenis |
| 7.2 | Toelichting bij het document 450. |
| 7.3 | Bespreking van de voorzijde van het document 450 |
| De ondergetekende : |
| Hoofd van : |
| Stempel : |
| Datum : |
| Naam en hoedanigheid van de ondertekenaar : |
| 7.4 | Bespreking van de achterzijde van het document 450 |
| BTW-identificatienummer : |
| Naam en adres : |
| Omschrijving : |
| Hoeveelheid : |
| Eenheidsprijs excl. BTW : |
| Totaalprijs excl. BTW : |
| 8 | Het document nr. 451 |
| 8.1 | Geschiedenis |
| 8.2 | Toelichting bij het document 451. |
| 8.3 | Bespreking van de voorzijde het document 451 |
| Naam en voornaam van de aanvrager : |
| Straat, nummer en bus : |
| Postnummer, woonplaats : |
| Naam van de in België gevestigde instelling of organisatie : |
| Functie : |
| Datum : |
| Handtekening van de aanvrager : |
| Stempel : |
| Datum : |
| Naam en hoedanigheid van de medeondertekenaar : |
| 8.4 | Bespreking van de achterzijde van het document 451 |
| BTW-identificatienummer : |
| Naam en adres : |
| Omschrijving : |
| Hoeveelheid : |
| Eenheidsprijs excl. BTW : |
| Totaalprijs excl. BTW : . |
| Deel II |
| 9 | Inleiding |
| 10 | Toelichting bij het certificaat |
| 11 | Bespreking van het certificaat per vak |
| 11.1 | Vak VOLGNUMMER |
| 11.2 | Vak 1. BEGUNSTIGDE ORGANISATIE / PERSOON |
| Naam : |
| Straat en huisnummer : |
| Postcode, plaats : |
| Gast-Lid-Staat : |
| 11.3 | Vak 2. INSTANTIE DIE BEVOEGD IS VOOR HET VERLENEN VAN HET STEMPEL |
| 11.4 | Vak 3. VERKLARING VAN DE BEGUNSTIGDE ORGANISATIE OF PERSOON |
| Plaats en datum : |
| Naam en hoedanigheid van de ondergetekende : |
| 11.5 | Vak 4. STEMPEL VAN DE ORGANISATIE |
| Plaats en datum : |
| Stempel : |
| Naam en hoedanigheid van de ondergetekende : |
| 11.6 | Vak 5. OMSCHRIJVING VAN DE GOEDEREN EN/OF DIENSTEN WAARVOOR VRIJSTELLING VAN BTW EN/OF ACCIJNZEN WORDT GEVRAAGD |
| Vak 5.A |
| Naam en adres : |
| Lidstaat :. |
| BTW/Accijns-identificatienummer : |
| Vak 5.B |
| 11.7 | Vak 6. VERKLARING VAN DE BEVOEGDE INSTANTIE VAN DE GAST-LIDSTAAT |
| 11.8 | Vak 7. ONTHEFFING VAN STEMPELPLICHT |
| Verwijzing naar het dossier : |
| Datum : |
| Vermelding van de begunstigde organisatie : |
| Vermelding van de bevoegde instantie van de gast-Lidstaat : |
| Plaats en datum : |
| Stempel : |
| Naam en hoedanigheid van de ondergetekende : |
DEEL I
1 Overzichttabel van de formulieren
Opmerkingen :
1. Zie evenwel nr. 6.1.4 infra.
2. Zie evenwel nr. 4.1.3 infra.
3. Er bestaat een tendens om, daar waar mogelijk, het document nr. 441 te vervangen door het certificaat voor vrijstelling van BTW en accijnzen. Het document 441 wordt hier niet behandeld.
4. De Aangifte ten verbruik 136F wordt hier niet behandeld.
2 Voorafgaande opmerking
2.1 De toepassing van het wettelijke en reglementaire kader inzake BTW-vrijstelling gebeurt in overeenstemming met de constante rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen dat stelt dat de bepalingen inzake vrijstelling van belasting strikt moeten worden uitgelegd, omdat zij afwijken van het algemene beginsel, dat omzetbelasting wordt geheven over elke levering van goederen en over elke dienst die door een belastingplichtige onder bezwarende titel wordt verricht. Deze strikte uitlegging dient met name toepassing te vinden wanneer het gaat om bepalingen die afwijken van de regel, dat « in het binnenland » verrichte handelingen aan belasting zijn onderworpen.
3 Wettelijke bepalingen
3.1 Overeenkomstig artikel 151, lid 1, van de Richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (voorheen artikel 15, lid 10, van de Zesde Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 17 mei 1977 (77/388/EEG)), kunnen de leveringen van goederen en de diensten, bestemd voor diplomatieke zendingen, consulaire posten, internationale organisaties en strijdkrachten (hierna : begunstigde organisatie) of een lid van hun personeel (hierna : begunstigde persoon) van de belasting over de toegevoegde waarde worden vrijgesteld. Deze bepalingen zijn in het Belgisch recht omgezet in artikel 42, § 3, eerste lid, van het BTW-Wetboek.
3.2 Voornoemd artikel 151, lid 1, bepaalt in de laatste alinea dat de vrijstellingen van toepassing zijn met inachtneming van de door de lidstaat van ontvangst vastgestelde beperkingen, totdat een uniforme belastingregeling is vastgesteld. De lidstaat van ontvangst is de lidstaat waar de begunstigde is gevestigd (i.e. de begunstigde organisatie) of er een functie uitoefent (i.e. de begunstigde persoon). Derhalve zijn de toepassingsvoorwaarden en beperkingen van de in artikel 42, § 3, eerste lid, van het BTW-Wetboek bedoelde vrijstelling enkel van toepassing op de leveringen en dienstprestaties aan begunstigde organisaties en personen die in België zijn gevestigd of er hun functie uitoefenen.
3.3 Gelet op de bepalingen van artikel 1, § 1, 11°, en artikel 5, § 1, 10°, van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, is de in België gevestigde belastingplichtige die een goed levert of een dienst verricht met vrijstelling, gehouden een factuur uit te reiken aan de rechthebbende met vermelding van de wettelijke basis op grond waarvan de levering of de dienst vrijgesteld is van de BTW. Die verplichte facturatie is bovendien uitdrukkelijk opgenomen in de aanschrijvingen nrs. 1 en 2 van 3 januari 1978. Zie ondermeer de nrs. 17, 25 en 49 van voornoemde aanschrijving nr. 1 van 3 januari 1978.
3.4 Die aanschrijvingen nrs. 1 en 2 van 3 januari 1978, die de voorwaarden en beperkingen omschrijven van de in artikel 42, § 3, eerste lid, 1°, 2°, 3°, 4°, 5° en 6°, van het BTW-Wetboek bedoelde vrijstellingen bepalen dat de vrijstelling afhankelijk is van het uitreiken aan de leverancier of de dienstverrichter van een aanvraag voor BTW-vrijstelling, uitgaande van de begunstigde organisatie of persoon.
3.5 Die aanvraag voor BTW-vrijstelling, waarop het stempel van de begunstigde organisatie is aangebracht, moet op een duidelijke wijze de naam en het adres van de leverancier of de dienstverrichter aanduiden, alsmede de aard en de hoeveelheid van de te leveren goederen of de te verstrekken diensten. De leverancier van de goederen of de dienstverrichter moet dergelijke aanvraag bewaren tot staving van zijn boek voor uitgaande facturen als rechtvaardiging voor het niet betalen van de belasting. Om die reden is het uitreiken aan de leverancier of dienstverrichter van dergelijk document door de begunstigde organisatie of persoon vereist voor elke levering of dienstprestatie waarvoor vrijstelling kan worden ingeroepen.
3.6 Op de in nr. 3.5 supra vermelde regel bestaat één uitzondering : vanaf 1 januari 2007 kunnen de doorlopende leveringen van water, gas en elektriciteit, en de diensten van telecommunicatie- en kabeldistributie, bestemd voor het officieel gebruik, van de BTW worden vrijgesteld indien de begunstigde organisatie jaarlijks een door de administratie gevalideerd « Certificaat voor vrijstelling van BTW en accijnzen (Richtlijn 77/388/EEG, artikel 15, lid 10 en Richtlijn 92/12/EEG, artikel 23, lid 1) » voorlegt aan de leverancier van de goederen of aan de dienstverrichter (beslissing E.T.111.330 van 1 oktober 2006).
3.7 De documenten die een aanvraag om BTW-vrijstelling van een begunstigde organisatie of persoon, gevestigd of in functie in België formaliseren zijn :
•het « Certificaat voor vrijstelling van BTW en accijnzen (Richtlijn 77/388/EEG, artikel 15, lid 10 en Richtlijn 92/12/EEG, artikel 23, lid 1) », (bijlage 1);
•het document nr. 450 « Aanvraag voor BTW-vrijstelling voor aankopen in België door diplomatieke zendingen, consulaire posten, permanente vertegenwoordigingen en internationale organisaties (OFFICIEEL GEBRUIK) », (bijlage 2);
•het document nr. 451 « Aanvraag voor BTW-vrijstelling in toepassing van artikel 42, § 3, 2°, van het Wetboek voor aankopen in België (PERSOONLIJK GEBRUIK) , (bijlage 3)».
4 Definities
4.1 Officieel gebruik
4.1.1 De goederen en diensten die rechtstreeks verband houden met de uitoefening van de eigenlijke functies van de desbetreffende begunstigde organisatie.
4.1.2 Aangezien die klassieke interpretatie van het begrip officieel gebruik aanleiding kan geven tot een subjectieve evaluatie nopens de opportuniteit van de leveringen en/of diensten waarvoor de vrijstelling wordt ingeroepen, baseert de administratie zich bij de beoordeling van een verzoek tot BTW-vrijstelling voor officieel gebruik ook op de aanwezigheid van objectieve elementen die het officiële karakter van de aankopen aantonen. Aldus wordt de vrijstelling voor officieel gebruik enkel toegestaan indien :
•voor leveringen van goederen: het leveringsadres gekend is als een gebouw waarvan het officiële karakter vaststaat (i.e. registratie van het adres door de FOD Buitenlandse Zaken);
•voor dienstprestaties : het officieel karakter van de dienst vaststaat.
4.1.3 De aanvraag voor BTW-vrijstelling moet betrekking hebben op een levering of een dienstprestaties van ten minste 123,95 EUR, exclusief BTW, tenzij :
•het internationaal akkoord of zetelakkoord anders bepaalt;
•voor doorlopende leveringen van water, gas en elektriciteit, en de diensten van telecommunicatie- en kabeldistributie (beslissing E.T.111.330 van 1 oktober 2006).
4.2 Persoonlijk gebruik
4.2.1 De handelingen verricht door een begunstigde persoon voor de eigen persoonlijke behoeften en die van zijn familieleden die onder hetzelfde dak wonen en ter zijner laste zijn en die in het register van het Protocol zijn ingeschreven.
4.2.2 Aan de uitdrukking « eigen persoonlijke behoeften » mag slechts een beperkte draagwijdte toegekend worden, in die zin dat slechts als handelingen verricht voor de eigen persoonlijke behoeften van de begunstigde persoon worden aangemerkt : de goederen en diensten die bestemd zijn om door hem of door zijn familieleden die in het register van het Protocol zijn ingeschreven, te worden gebruikt of verbruikt in België gedurende de tijd dat hij zijn ambt bij een begunstigde organisatie uitoefent. Die bestemming blijkt o.m. uit het feit dat de factuur werd opgemaakt op naam van een begunstigde persoon op zijn adres in België.
4.2.3 Enkel de begunstigde persoon, i.e. de persoon die door de uitoefening van zijn functie in België een voorrecht geniet, kan een aanvraag voor BTW-vrijstelling voor persoonlijk gebruik, opgesteld op zijn naam en door hem ondertekend, indienen (zie ook nr. 4.5.3 infra). Niettegenstaande de familieleden van een begunstigde persoon die onder hetzelfde dak wonen en ter zijner laste zijn, door de inschrijving in het register van het Protocol eveneens beschikken over een bijzondere identiteitskaart kunnen zij niet in eigen naam vrijstelling van BTW bekomen.
4.2.4 De aanvraag voor BTW-vrijstelling moet betrekking hebben op een levering of een dienstprestaties van ten minste 247,89 EUR, exclusief BTW, tenzij het internationaal akkoord of zetelakkoord anders bepaalt.
4.3 Dossiernummer
4.3.1 De begunstigden organisaties en personen die in België gevestigd zijn of er hun functie uitoefenen zijn geregistreerd door de FOD Buitenlandse Zaken, met uitzondering van de organisaties vermeld onder nr. 4.6.4 infra. De begunstigde personen vinden hun dossiernummer op de rugzijde van de identiteitskaart, afgeleverd door de FOD Buitenlandse Zaken.
4.3.2 Elke keer dat op de aanvraag voor BTW-vrijstelling de naam van een begunstigde organisatie of persoon aangebracht wordt moet tevens het dossiernummer worden vermeld, met uitzondering van de organisaties vermeld onder nr. 4.6.4 infra.
4.4 Bevoegde persoon
4.4.1 Het begrip bevoegde persoon verwijst naar het posthoofd, in het geval van een diplomatieke missie of een consulaire post, of de leidinggevende ambtenaar, in het geval van een internationale organisatie of eenieder aan wie voornoemde personen hun handtekeningbevoegdheid hebben gedelegeerd. De hoedanigheid van de bevoegde personen wordt geregistreerd door de directie van het Protocol van FOD Buitenlandse Zaken.
4.4.2 De bevoegde persoon moet op de aanvraag voor BTW-vrijstelling zijn dossiernummer vermelden, met uitzondering van de organisaties vermeld onder nr. 4.6.4 infra.
4.5 Factuur
4.5.1 In België dient de factuur die een BTW-plichtige voor zijn klant moet opmaken verschillende vermeldingen te bevatten. Een document, opgemaakt door een leverancier van goederen of dienstverrichter, gevestigd in een andere lidstaat van de EU, wordt als factuur aanvaard indien het de volgende gegevens bevat :
•datum van de levering van de goederen of verrichting van de diensten;
•gegevens (naam en adres) van de leverancier of dienstverrichter;
•gegevens (naam en adres) van de klant;
•gebruikelijke benaming van de goederen en de diensten, en de hoeveelheid;
•de opgave, per tarief, van het bedrag van de transactie (inclusief of exclusief BTW);
•vermelding van het tarief of de per tarief verschuldigde belasting.
4.5.2 Facturen moeten volledig zijn opgemaakt door de leverancier of dienstverrichter en mogen geen verbeteringen bevatten.
4.5.3 De gegevens waarmee op de factuur de klant wordt geïdentificeerd moeten overeenstemmen met de identificatiegegevens (naam, adres e.d.) van de begunstigde organisatie of persoon op de aanvraag om BTW-vrijstelling (zie ook nr. 4.2.3 supra). Enkel in geval van officieel gebruik kan een factuur of de daarmee samenhangende documenten één of meerdere adressen vermelden die niet overeenstemmen met het adres dat op de aanvraag om BTW-vrijstelling werden vermeld. In dat geval moeten die adressen geregistreerd zijn door de FOD Buitenlandse Zaken als officiële adressen van de betrokken begunstigde organisatie.
4.5.4 Indien de factuur goederen en/of de diensten vermeldt die betrekking hebben op een motorvoertuig dat van een BTW-vrijstelling heeft genoten moet een kopie van het inschrijvingsbewijs van het betrokken voertuig worden bijgevoegd.
4.6 De bevoegde fiscale autoriteit
4.6.1 De instantie die bevoegd is voor het verlenen van het stempel. Indien de aanvraag om vrijstelling van BTW gevalideerd dient te worden dan is in de andere situaties dan bedoeld in de nrs. 4.6.2 en 4.6.3 infra de bevoegde fiscale autoriteit :
FOD Financiën
Administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit
Centrale diensten - Sector B.T.W. - Directie III/2
North Galaxy
Koning Albert II-laan 33 bus 25
1030 BRUSSEL
: +32 257 627 25 (NL) - + 32 257 627 47 (FR)
mailto:vat.diplomat@minfin.fed.be
4.6.2 Voor motorvoertuigen verworven door een begunstigde organisatie of persoon (met uitzondering van de onder nr. 4.6.3 infra vermelde organisaties), alsook voor de aankopen door bepaalde leden van internationale organisaties moet de aanvraag om BTW-vrijstelling gevalideerd worden door :
FOD Financiën
Administratie der douane en accijnzen
Centrale diensten
North Galaxy
Koning Albert II-laan 33 - bus 37
1030 BRUSSEL
: +32 257 631 73 (NL) - +32 257 654 17 (FR)
4.6.3 Aanvragen voor vrijstelling van BTW inzake aankopen door de militaire hoofdkwartieren of door de strijdkrachten worden altijd, tenzij ontslag van visum voor officieel gebruik (zie evenwel 6.2.7 infra), gevalideerd door :
FOD Financiën
Kantoor SHAPE/B.T.W.
Building 210 - Room 103
7010 SHAPE
: +32 65 32 04 27
4.6.4 De in het vorige nummer bedoelde begunstigde organisaties en personen zijn (niet-limitatieve lijst) :
•op niveau van SHAPE :
◦het hoofdkwartier, daaronder begrepen NPC GLONS;
◦de nationale militaire vertegenwoordigers (NMR);
◦de verenigingen MWA;
◦de internationale school;
◦de SHAPE Health Facility;
◦de mess en kantines, inbegrepen CARREFOUR/SHAPE;
•elke internationale militaire organisatie die afhangt van of gelijkgeschakeld werd met SHAPE of de regeling SHAPE;
•op niveau van de strijdkrachten :
◦de buitenlandse strijdkrachten in België;
◦hun scholen en pedagogische afdelingen;
◦hun mess et kantines, daaronder begrepen de « PX » en de « Commissary »;
•en verder :
◦TLP FLORENNES
◦Mijnenbestrijdingsschool/Oostende.
4.7 Accessorium sequitur principale
4.7.1 Overeenkomstig dit adagium kan in principe een BTW-vrijstelling voor een bijzaak enkel worden toegestaan indien de hoofdzaak eveneens van een BTW-vrijstelling heeft genoten. Leveringen van goederen en dienstprestaties met betrekking tot niet vrijgestelde goederen of diensten kunnen niet van de vrijstelling genieten.
5 Overgangsmaatregelen
5.1 Vanaf 1 juni 2007 worden uitsluitend de documenten met links onderaan op de voorzijde « © FOD SPF Fin 3.2007 ® » erkend als documenten die een aanvraag voor BTW-vrijstelling formaliseren. Tot die datum blijven de door de administratie ter beschikking gestelde formulieren van toepassing.
5.2 Op de supra 5.1 vermelde maatregel bestaat één uitzondering : het certificaat met links onderaan op de voorzijde de vermelding « © Form. V. 2005.01 FOD SPF » blijven van toepassing tot einde 2008.
6 Certificaat voor vrijstelling van BTW en accijnzen (Richtlijn 77/388/EEG, artikel 15, lid 10 en Richtlijn 92/12/EEG, artikel 23, lid 1)
6.1 Geschiedenis
6.1.1 Met het oog op de communicatie van het recht op vrijstelling door de lidstaat van ontvangst aan de lidstaat waar de handeling aan de belasting is onderworpen heeft de Raad van de Europese Unie op 20 maart 1995 beslist om het gebruik van het document dat werd voorbereid inzake accijnzen, en dat het voorwerp uitmaakt van de Verordening (EG) nr. 31/96 van de Commissie van 10 januari 1996 betreffende het certificaat van vrijstelling van accijnzen (Publicatieblad Nr. L 8 van 11 januari 1996) uit te breiden voor BTW-doeleinden voor de aankopen van goederen en diensten in een lidstaat door een begunstigde organisatie of persoon gevestigd of in functie een andere lidstaat.
6.1.2 Dit gemeenschappelijk document met als titel « Certificaat voor vrijstelling van BTW en accijnzen (Richtlijn 77/388/EEG, artikel 15, lid 10 en Richtlijn 92/12/EEG, artikel 23, lid 1 ) » (hierna : certificaat) werd gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 29 maart 1997. Dit certificaat bestaat in alle officiële talen van de Europese Unie.
6.1.3 Sinds 1 april 1997 wordt het door België gebruikt als rechtvaardigingsstuk bestemd voor de niet in België gevestigde leverancier of dienstverrichter, inzake leveringen van goederen of diensten aan begunstigde organisaties en personen, gevestigd of in functie in België. Inderdaad, door de afstempeling van het certificaat bevestigt België aan de lidstaat waar de handeling aan de belasting is onderworpen dat de koper overeenkomstig de Belgische regelgeving geïdentificeerd werd als een begunstigde organisatie of persoon van de BTW-vrijstelling en dat de aard en het volume van de goederen en/of diensten voldoen aan de Belgische voorwaarden en beperkingen inzake hetzij het officieel gebruik, hetzij het persoonlijk gebruik. Met andere woorden indien de handeling door de begunstigde organisatie of persoon in België was verricht dan zou deze van de Belgische BTW zijn vrijgesteld (toepassing van artikel 42, § 3, eerste lid, van het BTW-Wetboek).
6.1.4 Er bestaat evenwel de tendens om het certificaat eveneens aan te wenden als rechtvaardigingsstuk voor de toepassing van artikel 42, § 3, eerste lid, van het BTW-Wetboek op leveringen van goederen en de dienstprestaties in België, bestemd voor begunstigde organisaties of personen gevestigd of in functie in België. Dit is reeds het geval voor :
•aankopen voor officieel en persoonlijk gebruik door de in nr. 4.6.4 supra bedoelde begunstigde organisaties en personen;
•aankopen voor persoonlijk gebruik door begunstigde personen van sommige begunstigde organisaties (o.a. E.U, NAVO);
•doorlopende leveringen van water, gas en elektriciteit, en de diensten van telecommunicatie- en kabeldistributie (beslissing E.T.111.330 van 1 oktober 2006);
•aankopen voor officieel gebruik door ereconsulaten (beslissing E.T.82.321).
6.2 Toelichting bij het certificaat
6.2.1 De algemene specificatie van het te gebruiken papier is in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen nr. C 164 van 1 juli 1989, blz. 3 opgenomen. Het papier van alle exemplaren is wit met zwarte opdruk en de afmetingen van de formulieren zijn 210 maal 297 millimeter, waarbij een afwijking in de lengte van ten hoogste 5 millimeter minder of 8 millimeter meer is toegestaan.
6.2.2 Het certificaat bevat op de voorzijde de vakken 1 tot en met 4 en op de achterzijde de vakken 5 tot en met 7. Het document moet altijd recto-verso worden gepresenteerd. De linker- en rechterrand van die vakken bevinden zich op minimum 1,5 cm en maximum 2,5 cm van de respectievelijke paginarand.
6.2.3 Het formulier is beschikbaar in alle officiële talen van de EU..
6.2.4 Het document moet op leesbare wijze worden ingevuld en zodanig dat niets kan worden uitgewist. In het formulier mogen geen doorhalingen of overschrijvingen voorkomen.
6.2.5 Het certificaat moet in één van de drie officiële Belgische landstalen worden ingevuld. Indien in vak 5.B « omschrijving van de goederen en/of diensten » naar een factuur wordt verwezen die niet in één van de drie officiële landstalen is gesteld, dient de begunstigde organisatie of persoon een vertaling bij te voegen.
6.2.6 Teneinde haar akkoord voor de vrijstelling te geven moet het certificaat, voordat het wordt overhandigd aan de leverancier of dienstverrichter, gevalideerd worden in vak 6 door de bevoegde fiscale overheid, vermeld in vak 2 van het certificaat. Daartoe dient het certificaat in twee exemplaren en vergezeld van een kopie van de factuur, bij die bevoegde fiscale overheid te worden ingediend, hetzij via de post, hetzij door een bezoek. Eén exemplaar wordt bij de validatie ingehouden, het andere wordt aan de begunstigde organisatie of persoon teruggegeven en is bestemd voor de leverancier of dienstverrichter, als rechtvaardigingstuk voor de vrijgestelde handeling aan een in België gevestigde begunstigde organisatie of persoon.
6.2.7 Evenwel, en enkel in het kader van het officieel gebruik, kan een ontheffing van het visum worden verleend aan een begunstigde organisatie (zie infra nr. 6.3.8 e.v.). In dat geval wordt het visum niet in vak 6 aangebracht, maar moet de begunstigde organisatie vak 7 behoorlijk invullen, dateren en ondertekenen. De begunstigde organisatie die voor haar officieel gebruik een ontheffing van visum heeft verkregen kan deze evenwel niet inroepen indien de aanvraag voor vrijstelling betrekking heeft op :
•de aankoop van een motorvoertuig;
•doorlopende leveringen van water, gas en elektriciteit, en de diensten van telecommunicatie- en kabeldistributie (beslissing E.T.111.330 van 1 oktober 2006);
•officiële recepties.
6.3 Bespreking van het certificaat per vak
6.3.1 Vak VOLGNUMMER
6.3.1.1 Dit vak kan vrijelijk door de begunstigde organisatie of persoon worden gebruikt om de door hem gebruikte formulieren numeriek te ordenen.
6.3.2 Vak 1. BEGUNSTIGDE ORGANISATIE / PERSOON
6.3.2.1 Met de informatie vermeld in vak 1 wordt de aanvrager geïdentificeerd als begunstigde organisatie of persoon. Door die identificatie komt tegelijk vast te staan dat de goederen of de dienstprestaties waarvoor een BTW-vrijstelling wordt ingeroepen bestemd zijn voor het officieel dan wel het persoonlijk gebruik.
6.3.2.2 De naam en het adres van de begunstigde organisatie of persoon vermeld in vak 1 moet overeenstemmen met de gegevens waarmee op de factuur de klant wordt geïdentificeerd.
6.3.2.3 De consecutieve vaststelling van de hoedanigheid van de begunstigde organisatie of persoon en de bestemming van de goederen en de diensten (officieel of persoonlijk gebruik) is doorslaggevend voor de wijze waarop het certificaat wordt ingevuld. Indien in vak 3 « officieel gebruik » werd aangevinkt dan :
•mag vak 4 niet worden ingevuld;
•kan vak 6 of vak 7 zijn ingevuld.
Indien in vak 3 « persoonlijk gebruik » werd aangevinkt dan :
•moet vak 4 worden ingevuld;
•moet vak 6 worden ingevuld;
•kan vak 7 niet worden ingevuld.
6.3.2.4 Naam : Hier wordt de naam vermeld waaronder de begunstigde organisatie of persoon officieel geregistreerd werd door de FOD Buitenlandse Zaken. Dit is de naam zoals hij officieel bekend staat in België. De begunstigde organisatie of persoon vermeldt in vak 1 naast zijn naam tevens zijn dossiernummer, met uitzondering van de organisaties vermeld onder nr. 4.6.4 supra.
6.3.2.5 Straat en huisnummer : De begunstigde organisatie vermeldt het officieel adres in België. De begunstigde persoon vermeldt het privé-verblijfadres in België.
6.3.2.6 Er wordt evenwel aanvaard dat de begunstigde persoon met diplomatiek statuut niet het privé-verblijfadres meedeelt maar wel het officieel adres van de organisatie waarbij hij een functie uitoefent. Alsdan dient overeenkomstig nr. 4.5.3 supra het hier opgegeven adres overeen te stemmen met dat vermeld op de factuur.
6.3.2.7 Postcode, plaats : het adres vermeld in vak 1 moet gelegen zijn in België (zie supra nr. 4.2.2).
6.3.2.8 Gast-Lid-Staat : De benaming van een Lidstaat van de EU waar de begunstigde organisatie of persoon gevestigd is of zijn functie uitoefent. Bijgevolg wordt hier België vermeld als lidstaat van ontvangst.
6.3.3 Vak 2. INSTANTIE DIE BEVOEGD IS VOOR HET VERLENEN VAN HET STEMPEL
6.3.3.1 In vak 2 wordt de naam, het adres en het telefoonnummer vermeld van de instantie van de lidstaat van ontvangst die bevoegd is voor het verlenen van het stempel, i.e. het aanbrengen van het visum in vak 6 van het document. De certificaten die aan de begunstigde organisatie of personen, gevestigd of in functie in België worden ter beschikking gesteld bevatten in vak 2 reeds deze informatie.
6.3.4 Vak 3. VERKLARING VAN DE BEGUNSTIGDE ORGANISATIE OF PERSOON
6.3.4.1 Met de verklaring in vak 3 van het certificaat verstrekt de begunstigde organisatie of persoon de voor de beoordeling van het verzoek om vrijstelling vereiste gegevens. Daartoe worden in vak 3 de met het statuut van de begunstigde organisatie of persoon overeenstemmende gegevens aangevinkt. Zoals vermeld onder nr. 6.3.2.3 supra moet « voor officieel gebruik door » en één van de daaronder vermelde keuzemogelijkheden worden aangevinkt indien in vak 1 een begunstigde organisatie werd vermeld, en «voor persoonlijk gebruik door» en één van de daaronder vermelde keuzemogelijkheden indien in vak 1 een begunstigde persoon werd vermeld. In dat laatste geval moet tevens de organisatie worden vermeld waar de begunstigde persoon zijn functie uitoefent.
6.3.4.2 Plaats en datum : aangezien de begunstigde organisatie of persoon in 3 b) verklaart dat de goederen en diensten vermeld in vak 5 voldoen aan de voorwaarden en beperkingen van de in vak 1 vermelde lidstaat van ontvangst (i.c. België) kan in principe de hier vermelde datum niet liggen vóór de datum van de factuur.
6.3.4.3 Naam en hoedanigheid van de ondergetekende : de naam van de ondergetekende en zijn functie worden hier vermeld. De ondergetekende is:
•de bevoegde persoon indien in vak 3 « voor officieel gebruik door » werd aangevinkt;
•de in vak 1 vermelde begunstigde persoon indien in vak 3 « voor persoonlijk gebruik door » werd aangevinkt.
6.3.4.4 Het certificaat wordt door de bevoegde persoon of de begunstigde persoon ondertekend. De ondergetekende dient eveneens zijn dossiernummer te vermelden, met uitzondering van de organisaties vermeld onder nr. 4.6.4 supra.
6.3.4.5 Door zijn ondertekening bevestigt de bevoegde persoon of de begunstigde persoon dat :
•de goederen en/of diensten, bedoeld in vak 5, voldoen aan de voorwaarden en beperkingen die in de in vak 1 genoemde gast-Lid-Staat aan de vrijstelling verbonden zijn, en
•dat de bovenstaande inlichtingen te goeder trouw zijn verstrekt.
6.3.4.6 Door de ondertekening verbindt de begunstigde organisatie of persoon zich er bovendien toe aan de Lidstaat waaruit de goederen zijn verzonden of van waaruit de goederen zijn geleverd dan wel de diensten zijn verricht, de BTW en/of de accijnzen te betalen die verschuldigd zijn ingeval de goederen en/of diensten niet aan de voorwaarden voor vrijstelling voldoen of ingeval de goederen en/of diensten niet voor het beoogde gebruik worden aangewend.
6.3.4.7 Indien in vak 3 « voor officieel gebruik door » werd aangevinkt wordt hier eveneens het stempel van de begunstigde organisatie aangebracht.
6.3.5 Vak 4. STEMPEL VAN DE ORGANISATIE
6.3.5.1 In haar verklaring in vak 4 van het certificaat bevestigt de organisatie de in de vakken 1 en 3 a) van het document vermelde gegevens en bevestigt zij dat de begunstigde persoon een personeelslid van de organisatie is. Bijgevolg blijft vak 4 blanco indien in vak 1 een begunstigde organisatie werd vermeld.
6.3.5.2 Plaats en datum : zie nr. 6.3.4.2 supra.
6.3.5.3 Stempel : het stempel van de organisatie wordt hier aangebracht.
6.3.5.4 Naam en hoedanigheid van de ondergetekende : de naam van de ondergetekende en zijn functie worden hier vermeld. De ondergetekende is de daartoe bevoegde persoon. De ondergetekende dient eveneens zijn dossiernummer te vermelden, met uitzondering van de organisaties vermeld onder nr. 4.6.4 supra.
6.3.6 Vak 5. OMSCHRIJVING VAN DE GOEDEREN EN/OF DIENSTEN WAARVOOR VRIJSTELLING VAN BTW EN/OF ACCIJNZEN WORDT GEVRAAGD
6.3.6.1 Vak 5 bevat gegevens die verband houden met de geleverde goederen en de dienstprestaties waarvoor de vrijstelling wordt ingeroepen.
6.3.6.2 In vak 5.A worden de identificatiegegevens van de leverancier of dienstverrichter vermeld. Aldus wordt de naam en het adres, Lidstaat en BTW-identificatienummer vermeld.
6.3.6.3 Naam en adres : de naam en het adres van de leverancier of dienstverrichter zoals voorkomend op de factuur. Het adres moet gelegen zijn in nr. 6.3.6.4 supra vermelde lidstaat.
6.3.6.4 Lidstaat : de Lidstaat waar de leverancier of dienstverrichter is gevestigd.
6.3.6.5 BTW/Accijns-identificatienummer : het BTW-identificatienummer van de leverancier of dienstverrichter.
6.3.6.6 In vak 5.B worden gegevens betreffende de geleverde goederen en dienstprestaties vermeld.
6.3.6.7 Dit vak moet ten minste de volgende vermeldingen bevatten :
•de generieke benaming van de geleverde goederen en/of dienstprestaties;
•de prijs van die goederen en of diensten;
•de datum van de bijgevoegde factuur.
In plaats van de generieke benaming volstaat een verwijzing naar de factuur ook mits vermelding van het nummer van die factuur. Indien de factuur waarnaar wordt verwezen niet in één van de drie officiële landstalen is gesteld, dient een vertaling te worden bijgevoegd.
6.3.6.8 Er zijn twee uitzonderingen op wat supra nr. 6.3.6.7 werd bepaald inzake officieel gebruik :
•voor doorlopende leveringen van water, gas en elektriciteit, en de diensten van telecommunicatie- en kabeldistributie volstaat de vermelding in vak 5.B van een identificatiegegeven zoals klant- of contractnummer waarmee de begunstigde organisatie kan geïdentificeerd worden bij de leverancier of dienstverrichter. Een afschrift van een factuur waarop dit identificatiegegeven voorkomt dient eveneens bijgevoegd te worden (beslissing E.T.111.330 van 1 oktober 2006);
•voor officiële recepties dient de in vak 1 vermelde begunstigde organisatie in vak 5.B naast de in supra nr. 6.3.6.7 bedoelde vermeldingen tevens de volgende verklaring te vermelden :
« de goederen en/of diensten zijn bestemd voor de officiële receptie, gehouden te …(precieze aanduiding van de plaats), op … (datum), ter gelegenheid van … . »
6.3.6.9 Indien het certificaat in vak 6 werd geviseerd door de bevoegde fiscale instantie wordt de factuur eveneens afgestempeld. De niet gebruikte ruimte in vak 5.B wordt doorgehaald zodat niets kan worden toegevoegd.
6.3.7 Vak 6. VERKLARING VAN DE BEVOEGDE INSTANTIE VAN DE GAST-LIDSTAAT
6.3.7.1 Het certificaat moet steeds in twee originele exemplaren ter validatie worden aangeboden, vergezeld van een factuur, tenzij aan de begunstigde organisatie een ontheffing van visum werd verleend voor officieel gebruik .
6.3.7.2 De in de vorige vakken vermelde gegevens, afkomstig van de begunstigde organisatie of persoon worden in vak 6 gewaarmerkt met de stempel(s) van één van de bevoegde Belgische fiscale instanties, vermeld onder nr. 4.6 supra.
6.3.8 Vak 7. ONTHEFFING VAN STEMPELPLICHT
6.3.8.1 Wanneer de goederen of diensten bestemd zijn voor het officieel gebruik kan de administratie ten uitzonderlijke titel de begunstigde organisatie ontheffen van de verplichting het document te laten afstempelen. Indien vak 7 werd ingevuld moet vak 6 blanco blijven.
6.3.8.2 Zoals vermeld onder nr. 6.2.7 supra kan de begunstigde organisatie die voor haar officieel gebruik een ontheffing van visum heeft verkregen deze evenwel niet inroepen indien de aanvraag voor vrijstelling betrekking heeft op :
•de aankoop van een motorvoertuig;
•doorlopende leveringen van water, gas en elektriciteit, en de diensten van telecommunicatie- en kabeldistributie (beslissing E.T.111.330 van 1 oktober 2006);
•officiële recepties.
6.3.8.3 Verwijzing naar het dossier : het refertenummer van de beslissing van de Administratie waarbij aan de begunstigde organisatie een ontheffing van stempelplicht werd verleend.
6.3.8.4 Datum : de datum van de beslissing waarbij aan de begunstigde organisatie een ontheffing van stempelplicht werd verleend.
6.3.8.5 Vermelding van de begunstigde organisatie : de naam van de begunstigde organisatie, vermeld in vak 1.
6.3.8.6 Vermelding van de bevoegde instantie van de gast-Lidstaat : de hier vermelde bevoegde instantie moet overeenstemmen met de in vak 2 vermelde instantie, met uitzondering van de organisaties vermeld onder nr. 4.6.4 supra.
6.3.8.7 Plaats en datum : de hier vermelde datum mag niet vóór de datum, vermeld in vak 3 liggen.
6.3.8.8 Stempel : het stempel van de begunstigde organisatie wordt hier aangebracht.
6.3.8.9 Naam en hoedanigheid van de ondergetekende : de naam van de ondergetekende en zijn functie worden hier vermeld. De ondergetekende is de daartoe bevoegde persoon. De bevoegde persoon moet zich tevens identificeren door vermelding van zijn dossiernummer, met uitzondering van de organisaties vermeld onder nr. 4.6.4 supra.
7 Het document nr. 450 « Aanvraag voor BTW-vrijstelling voor aankopen in België door diplomatieke zendingen, consulaire posten, permanente vertegenwoordigingen en internationale organisaties (OFFICIEEL GEBRUIK) »
7.1 Geschiedenis
7.1.1 Tot 31 mei 1993 dienden de vrijstellingen welke de begunstigde organisaties genoten voor leveringen van goederen en diensten bestemd voor hun officieel gebruik in België gedekt te zijn door een bestelbon of een getuigschrift met vermelding van ondermeer de hoedanigheid van de begunstigde organisatie, de naam en het adres van de leverancier of dienstverrichter alsook de aard en de hoeveelheid van de geleverde goederen of verrichte diensten.
7.1.2 Aangezien de in de aanschrijvingen nrs. 1 en 2 van 3 januari 1978 bedoelde documenten enkel als model dienden maakten de begunstigde organisaties een document op volgens eigen goeddunken.
7.1.3 Met het oog op een eenvormige procedure in het toekennen van de vrijstelling werd het document nr. 450 « Aanvraag voor BTW-vrijstelling voor aankopen in België door diplomatieke zendingen, consulaire posten, permanente vertegenwoordigingen en internationale organisaties (OFFICIEEL GEBRUIK) » (hierna : document 450) opgemaakt dat vanaf 1 juni 1993 moet worden gebruikt door de begunstigde organisaties in de plaats van de hoger genoemde bestelbon of getuigschrift.
7.1.4 De genoemde aanschrijvingen nrs. 1 en 2 moeten bijgevolg zodanig worden gelezen dat het document opgenomen in bijlage IV van de aanschrijving nr. 1 van 3 januari 1978 vervangen werd door het genoemde document 450.
7.2 Toelichting bij het document 450.
7.2.1 Het papier van alle exemplaren is wit met zwarte opdruk en de afmetingen van de formulieren zijn 210 maal 297 millimeter, waarbij een afwijking in de lengte van ten hoogste 5 millimeter minder of 8 millimeter meer is toegestaan.
7.2.2 Het document 450 moet altijd recto-verso worden gepresenteerd. De informatie die op de voorzijde wordt aangebracht strekt tot identificatie van de begunstigde organisatie. Op de achterzijde worden de gegevens aangebracht betreffende de geleverde goederen of dienstprestaties. De linker- en rechterrand van het kader bevinden zich op minimum 1,5 cm en maximum 2,5 cm van de respectievelijke paginarand.
7.2.3 Het document moet op leesbare wijze worden ingevuld en zodanig dat niets kan worden uitgewist. In het formulier mogen geen doorhalingen of overschrijvingen voorkomen.
7.2.4 Het document 450 moet in één van de drie officiële landstalen worden ingevuld.
7.2.5 Het document 450 moet onmiddellijk worden overhandigd aan de leverancier of dienstverrichter, zonder enige tussenkomst van de Administratie.
7.2.6 Op deze regel zijn niettemin twee uitzonderingen :
•aankoop van een motorvoertuig : zie nr. 4.6.2 supra;
•officiële recepties : het visum van de bevoegde fiscale autoriteit, vermeld onder nr. 4.6.1 supra, moet worden aangebracht in het vak van het document 450 dat voorzien is voor het visum van de Administratie, zelfs indien dat vak vermeldt « enkel voor de aankoop van een vervoermiddel ».
7.2.7 Indien een begunstigde organisatie de vrijstelling inroept voor goederen en/of diensten (bv. kleding) die ogenschijnlijk wegens hun aard niet voor het officieel gebruik in aanmerking kunnen komen, dan moet het visum van de bevoegde fiscale autoriteit, vermeld onder nr. 4.6.1 supra, worden aangebracht in het vak van het document 450 dat voorzien is voor het visum van de Administratie, zelfs indien dat vak vermeldt « enkel voor de aankoop van een vervoermiddel ».
7.3 Bespreking van de voorzijde van het document 450
7.3.1 De ondergetekende : Hier wordt de naam vermeld van het hoofd van de diplomatieke missie of consulaire post, of de leidinggevende ambtenaar, in het geval van een internationale organisatie. Deze persoon vermeldt naast zijn naam tevens zijn dossiernummer.
7.3.2 Hoofd van : de naam van de begunstigde organisatie wordt hier vermeld. De naam van de begunstigde organisatie moet overeenstemmen met de gegevens waarmee op de factuur de klant wordt geïdentificeerd. Het dossiernummer van de begunstigde organisatie wordt eveneens vermeld.
7.3.3 Stempel : het stempel van de organisatie wordt hier aangebracht.
7.3.4 Datum : in principe kan de hier vermelde datum niet liggen vóór de datum van de levering of de dienstprestatie (i.e. de datum van de factuur).
7.3.5 Naam en hoedanigheid van de ondertekenaar : de naam van de ondertekenaar en zijn functie worden hier vermeld. De ondertekenaar is een bevoegde persoon. De ondertekenaar dient eveneens zijn dossiernummer te vermelden.
7.3.6 Voor officiële recepties dient de begunstigde organisatie in het vak van het document 450 dat voorzien is voor het visum van de Administratie, zelfs indien dat vak vermeldt «enkel voor de aankoop van een vervoermiddel» tevens de volgende verklaring te vermelden :
« de goederen en diensten vermeld op de rugzijde zijn bestemd voor de officiële receptie, gehouden te … (precieze aanduiding van de plaats), op … (de datum), ter gelegenheid van … . »
7.3.7 Door zijn ondertekening bevestigt de bevoegde persoon dat de op de rugzijde vermelde goederen en diensten voldoen aan de voorwaarden en beperkingen die in België aan de vrijstelling verbonden zijn.
7.3.8 Door de ondertekening verbindt de begunstigde organisatie zich er bovendien toe aan België de BTW te betalen die verschuldigd is ingeval de goederen en/of diensten :
•niet de bestemming zouden krijgen om van de vrijstelling te genieten;
•niet zouden voldoen aan de voorwaarden waaraan deze vrijstelling is onderworpen.
7.4 Bespreking van de achterzijde van het document 450 (overzicht van de aankopen waarvoor vrijstelling wordt gevraagd)
7.4.1 Op de achterzijde worden de gegevens vermeld die verband houden met de geleverde goederen en de dienstprestaties waarvoor de vrijstelling wordt ingeroepen. In de kolom leverancier of dienstverrichter worden de identificatiegegevens van de leverancier of dienstverrichter vermeld. Indien het document 450 wordt geviseerd door de bevoegde fiscale autoriteit moet de factuur eveneens afgestempeld worden. De niet gebruikte ruimte wordt doorgehaald zodat niets kan worden toegevoegd. Er dient te worden opgemerkt dat de factuur of de daarmee samenhangende documenten of informatiebronnen geen elementen mag bevatten die laten vermoeden dat de levering, installatie, gebruik e.d. buiten België plaatsvindt.
7.4.2 BTW-identificatienummer : het op de factuur vermelde BTW-identificatienummer van de leverancier of dienstverrichter.
7.4.3 Naam en adres : naam en adres van de leverancier of dienstverrichter zoals voorkomend op de factuur.
7.4.4 Omschrijving : een algemene omschrijving van de goederen of dienstprestaties.
7.4.5 Hoeveelheid : een cijfergegeven dat het aantal of volume van de goederen of diensten weergeeft.
7.4.6 Eenheidsprijs excl. BTW : een cijfergegeven dat de eenheidsprijs van het goed of de diensten zonder BTW weergeeft.
7.4.7 Totaalprijs excl. BTW : het product van de in nr. 7.4.5 (Hoeveelheid) en nr. 7.4.6 (Eenheidsprijs excl. BTW) vermelde getallen.
7.4.8 De invulling van de in de nrs. 7.4.5 (Hoeveelheid), 7.4.6 (Eenheidsprijs excl. BTW) en 7.4.7 (Totaalprijs excl. BTW) beschreven gegevens is niet vereist indien in vak « Naam en adres » (zie nr. 7.4.7 supra) tevens een factuurnummer en de datum werd vermeld.
8 Het document nr. 451 « Aanvraag voor BTW-vrijstelling in toepassing van artikel 42, § 3, 2°, van het Wetboek voor aankopen in België (PERSOONLIJK GEBRUIK) ».
8.1 Geschiedenis
8.1.1 Tot 31 mei 1993 dienden de vrijstellingen welke de begunstigde personen genoten voor leveringen van goederen en diensten bestemd voor hun persoonlijk gebruik in België gedekt zijn door een bestelbon of een getuigschrift met vermelding van ondermeer de hoedanigheid van de begunstigde persoon, de naam en het adres van de leverancier of dienstverrichter alsook de aard en de hoeveelheid van de geleverde goederen of verrichte diensten.
8.1.2 Aangezien de in de aanschrijvingen nrs. 1 en 2 van 3 januari 1978 bedoelde documenten enkel als model dienden maakten de begunstigde personen een document op volgens eigen goeddunken.
8.1.3 Met het oog op een eenvormige procedure in het toekennen van de vrijstelling werd het document nr. 451 « Aanvraag voor BTW-vrijstelling in toepassing van artikel 42, § 3, 2°, van het Wetboek voor aankopen in België (PERSOONLIJK GEBRUIK) » (hierna : document 451) opgemaakt dat vanaf 1 juni 1993 moet worden gebruikt door de begunstigde personen in de plaats van de hoger genoemde bestelbon of het getuigschrift.
8.1.4 De genoemde aanschrijvingen nrs. 1 en 2 moeten bijgevolg zodanig worden gelezen dat het document opgenomen in bijlage V van de aanschrijving nr. 1 van 3 januari 1978 vervangen werd door het genoemde document 451.
8.2 Toelichtinq bij het document 451.
8.2.1 Het papier van alle exemplaren is wit met zwarte opdruk en de afmetingen van de formulieren zijn 210 maal 297 millimeter, waarbij een afwijking in de lengte van ten hoogste 5 millimeter minder of 8 millimeter meer is toegestaan.
8.2.2 Het document 451 moet altijd recto-verso worden gepresenteerd. De informatie die op de voorzijde wordt aangebracht strekt tot identificatie van een begunstigde persoon. Op de achterzijde worden de gegevens aangebracht betreffende de geleverde goederen of dienstprestaties. De linker- en rechterrand van het kader bevinden zich op minimum 1,5 cm en maximum 2,5 cm van de respectievelijke paginarand.
8.2.3 Het document moet op leesbare wijze worden ingevuld en zodanig dat niets kan worden uitgewist. In het formulier mogen geen doorhalingen of overschrijvingen voorkomen.
8.2.4 Het document 451 moet in één van de drie officiële landstalen worden ingevuld.
8.2.5 Het document 451 moet onmiddellijk worden overhandigd aan de leverancier of dienstverrichter zonder enige tussenkomst van de Administratie, met uitzondering van de aankoop van een motorvoertuig (zie nr. 4.6.2 supra).
8.3 Bespreking van de voorzijde het document 451
8.3.1 Naam en voornaam van de aanvrager : hier wordt de naam vermeld waaronder de begunstigde persoon die de vrijstelling inroept officieel geregistreerd werd door de FOD Buitenlandse Zaken. Dit is de naam waaronder hij officieel bekend staat in België. De aanvrager vermeldt tevens zijn dossiernummer.
8.3.2 Straat, nummer en bus : de begunstigde persoon vermeldt het privé-verblijfadres in België. Er wordt evenwel aanvaard dat de begunstigde persoon met diplomatiek statuut niet het privé-verblijfadres meedeelt maar wel het officieel adres van de organisatie waarbij hij een functie uitoefent. Alsdan dient overeenkomstig nr. 4.5.3 supra het hier opgegeven adres overeen te stemmen met dat vermeld op de factuur.
8.3.3 Postnummer, woonplaats : het adres moet gelegen zijn in België.
8.3.4 De naam en het adres van de begunstigde persoon moet overeenstemmen met de gegevens waarmee op de factuur de klant wordt geïdentificeerd.
8.3.5 Naam van de in België gevestigde instelling of organisatie : de naam van de organisatie waar de in nummer 8.3.1 supra vermelde begunstigde persoon zijn functie uitoefent.
8.3.6 Functie : benaming van de functie die de begunstigde persoon bij de begunstigde organisatie uitoefent.
8.3.7 Datum : in principe kan de hier vermelde datum niet liggen vóór de datum van de factuur.
8.3.8 Handtekening van de aanvrager : de aanvraag wordt door de in nr. 8.3.1 supra bedoelde begunstigde persoon ondertekend.
8.3.9 Door zijn ondertekening bevestigt de aanvrager dat de op de achterzijde vermelde goederen en diensten voldoen aan de voorwaarden en beperkingen die in België aan de vrijstelling verbonden zijn.
8.3.10 Door de ondertekening verbindt de begunstigde persoon zich er bovendien toe aan België de BTW te betalen die verschuldigd is ingeval de goederen en/of diensten :
•niet de bestemming zouden krijgen om van de vrijstelling te genieten;
•niet zouden voldoen aan de voorwaarden waaraan deze vrijstelling is onderworpen.
8.3.11 Stempel : het stempel van de organisatie wordt hier aangebracht.
8.3.12 Datum : in principe kan de hier vermelde datum niet liggen vóór de in nummer 8.3.7 vermelde datum.
8.3.13 Naam en hoedanigheid van de medeondertekenaar : de naam van de medeondertekenaar en zijn functie worden hier vermeld. De medeondertekenaar is de bevoegde persoon. De medeondertekenaar dient eveneens zijn dossiernummer te vermelden.
8.4 Bespreking van de achterzijde van het document 451 (overzicht van de aankopen waarvoor vrijstelling wordt gevraagd)
8.4.1 Op de achterzijde worden de gegevens vermeld die verband houden met de geleverde goederen en de dienstprestaties waarvoor de vrijstelling wordt ingeroepen. In de kolom leverancier of dienstverrichter worden de identificatiegegevens van de leverancier of dienstverrichter vermeld. Indien het document 451 wordt geviseerd door de bevoegde Belgische fiscale instantie moet de factuur eveneens afgestempeld worden. De niet gebruikte ruimte wordt doorgehaald zodat niets kan worden toegevoegd. Er dient te worden opgemerkt dat de factuur of de daarmee samenhangende documenten of informatiebronnen geen elementen mag bevatten die laten vermoeden dat de levering, installatie, gebruik e.d. buiten België plaatsvindt.
8.4.2 BTW-identificatienummer : het op de factuur vermelde BTW-identificatienummer van de leverancier of dienstverrichter.
8.4.3 Naam en adres : naam en adres van de leverancier of dienstverrichter zoals voorkomend op de factuur.
8.4.4 Omschrijving : een algemene omschrijving van de goederen of dienstprestaties.
8.4.5 Hoeveelheid : een cijfergegeven dat het aantal of volume van de goederen of diensten weergeeft.
8.4.6 Eenheidsprijs excl. BTW : een cijfergegeven dat de eenheidsprijs van het goed of de dienst zonder BTW weergeeft.
8.4.7 Totaalprijs excl. BTW : het product van de in nr. 8.4.5 (Hoeveelheid) en nr. 8.4.6 (Eenheidsprijs excl. BTW) vermelde getallen.µ
8.4.8 De invulling van de in de nrs. 8.4.5 (Hoeveelheid), 8.4.6 (Eenheidsprijs excl. BTW) en 8.4.7 (Totaalprijs excl. BTW) beschreven gegevens is niet vereist indien in vak « Naam en adres » (zie nr. 7.4.3 supra) tevens een factuurnummer en de datum werd vermeld.
DEEL II
9 Inleiding
9.1 Voor leveringen van goederen en diensten verricht in België met als bestemming een in een andere lidstaat gevestigde diplomatieke zending, consulaire post, internationale organisatie of strijdkracht, of een lid van hun personeel (hierna : begunstigde), is de basis van de vrijstelling van de BTW artikel 151, lid 1, van de Richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde (voorheen artikel 15, lid 10, van de Zesde Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 17 mei 1977 (77/388/EEG)). Voornoemd artikel 151, lid 1, bepaalt in de laatste alinea dat de vrijstellingen van toepassing zijn met inachtneming van de door de lidstaat van ontvangst vastgestelde beperkingen, totdat een uniforme belastingregeling is vastgesteld.
9.2 Bijgevolg, indien goederen worden geleverd of diensten worden verstrekt aan een begunstigde, gevestigd of in functie in een andere lidstaat dan België, is alleen deze andere lidstaat als lidstaat van ontvangst bevoegd om de vrijstelling toe te staan of te weigeren.
9.3 Sinds 1 april 1997 wordt het certificaat door België aanvaard als rechtvaardigingsstuk voor leveringen van goederen en de dienstprestaties in België, bestemd voor begunstigden gevestigd of in functie in een andere lidstaat dan België.
9.4 Hierna wordt beschreven aan welke vereisten een certificaat moet voldoen om aanvaard te worden als rechtvaardigingsstuk voor de toepassing van artikel 151, lid 1, van de Richtlijn 2006/112/EG op leveringen van goederen en de dienstprestaties in België, bestemd voor begunstigden gevestigd of in functie in een andere lidstaat dan België.
9.5 Gelet op de bepalingen van artikel 1, § 2, tweede lid, 12°, en artikel 5, § 1, 10°, van het koninklijk besluit nr. 1 van 29 december 1992 met betrekking tot de regeling voor de voldoening van de belasting over de toegevoegde waarde, is de belastingplichtige die een goed levert of een dienst verricht met vrijstelling gehouden een factuur uit te reiken aan de begunstigde met vermelding van de wettelijke basis op grond waarvan de levering of de dienst vrijgesteld is van de BTW. Derhalve dient elke factuur, uitgereikt voor een vrijgestelde levering of dienst, vergezeld te zijn van een met de factuur overeenstemmend certificaat. Op die factuur moet de volgende vermelding worden aangebracht : "Vrijstelling van de BTW. Artikel 151, lid 1, van de Richtlijn 2006/112/EG".
9.6 Indien vak 6 van het certificaat werd afgestempeld door de bevoegde fiscale autoriteit (zie infra nr. 11.7 e.v.) of indien vak 7 werd ingevuld door de begunstigde organisatie (zie infra nr. 11.8 e.v.) kan de afwezigheid of de inconsistentie van gegevens in principe geen aanleiding zijn om het document te verwerpen als rechtvaardigingsstuk voor een BTW-vrijstelling. Inderdaad, overeenkomstig de laatste alinea van artikel 151, lid 1, van de Richtlijn 2006/112/EG heeft de lidstaat van ontvangst de bevoegdheid om de beperkingen inzake lid 10 van dat artikel vast te stellen. Door het waarmerken in vak 6 van de verklaring van de begunstigde organisatie of persoon oefent de bevoegde fiscale instantie van de lidstaat van ontvangst die soevereine bevoegdheid uit. Vastgestelde anomalieën kunnen niettemin aanleiding geven tot formele vragen aan de betrokken EU-Lidstaat.
10 Toelichting bij het certificaat
10.1 De algemene specificatie van het te gebruiken papier is in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen nr. C 164 van 1 juli 1989, blz. 3 opgenomen. Het papier van alle exemplaren is wit met zwarte opdruk en de afmetingen van de formulieren zijn 210 maal 297 millimeter, waarbij een afwijking in de lengte van ten hoogste 5 millimeter minder of 8 millimeter meer is toegestaan.
10.2 Het certificaat bevat op de voorzijde de vakken 1 tot en met 4 en op de achterzijde de vakken 5 tot en met 7. Het document moet altijd recto-verso worden gepresenteerd.
10.3 Het formulier is beschikbaar in alle officiële talen van de EU.
10.4 Het document moet op leesbare wijze worden ingevuld en zodanig dat niets kan worden uitgewist. In het formulier mogen geen doorhalingen of overschrijvingen voorkomen.
10.5 Het certificaat wordt in een door de lidstaat van ontvangst erkende taal ingevuld. Onder "erkende taal" wordt verstaan een van de officiële talen van de betrokken Lidstaat of een andere officiële taal van de Gemeenschap waarvan deze Lid-Staat verklaart dat zij voor dit doel kan worden gebruikt. Indien in de omschrijving van de goederen en/of diensten (vak 5.B van het certificaat) naar een bestelbon wordt verwezen die in een andere dan de door de lidstaat van ontvangst erkende taal is gesteld, dient de begunstigde instelling of persoon een vertaling bij te voegen. Indien het certificaat zelf is opgesteld in een andere taal dan de taal erkend door de Lidstaat van de leverancier, degene die de dienst verricht of de entrepothouder, dient de begunstigde organisatie of persoon een vertaling bij te voegen van de gegevens die op de in vak 5.B bedoelde goederen en diensten betrekking hebben.
11 Bespreking van het certificaat per vak
11.1 Vak VOLGNUMMER
11.1.1 Dit vak kan vrijelijk door de begunstigde organisatie of persoon worden gebruikt om de door hem gebruikte formulieren numeriek te ordenen.
11.2 Vak 1. BEGUNSTIGDE ORGANISATIE / PERSOON
11.2.1 Met de informatie vermeld in vak 1 wordt de aanvrager geïdentificeerd als begunstigde organisatie of persoon. Door die identificatie komt tegelijk vast te staan dat de goederen of de dienstprestaties waarvoor een BTW-vrijstelling wordt ingeroepen bestemd zijn voor het officieel dan wel het persoonlijk gebruik.
11.2.2 De naam en het adres van de begunstigde organisatie of persoon vermeld in vak 1 moet overeenstemmen met de gegevens waarmee op de factuur de klant wordt geïdentificeerd.
11.2.3 De consecutieve vaststelling van de hoedanigheid van de begunstigde organisatie of persoon en de bestemming van de goederen en de diensten (officieel of persoonlijk gebruik) is doorslaggevend voor de wijze waarop het certificaat wordt ingevuld. Indien in vak 3 « officieel gebruik » werd aangevinkt dan :
•mag vak 4 niet worden ingevuld;
•kan vak 6 of vak 7 zijn ingevuld.
Indien in vak 3 « persoonlijk gebruik » werd aangevinkt dan :
•moet vak 4 worden ingevuld;
•moet vak 6 worden ingevuld;
•kan vak 7 niet worden ingevuld.
11.2.4 Naam : Hier wordt de naam vermeld waaronder de begunstigde organisatie of persoon officieel geregistreerd is in de lidstaat van ontvangst.
11.2.5 Straat en huisnummer : De begunstigde organisatie vermeldt het officieel adres in de lidstaat van ontvangst. De begunstigde persoon vermeldt het privé-verblijfadres in de lidstaat van ontvangst. Er wordt evenwel aanvaard dat de begunstigde persoon niet het privé-verblijfadres meedeelt maar wel het officieel adres van de organisatie waarbij hij een functie uitoefent. Alsdan dient overeenkomstig nr. 11.2.2 supra het hier opgegeven adres overeen te stemmen met dat vermeld op de factuur.
11.2.6 Postcode, plaats : het adres vermeld in vak 1 mag niet gelegen zijn in België.
11.2.7 Gast-Lid-Staat : De benaming van een Lidstaat van de EU waar de begunstigde organisatie of persoon gevestigd is of zijn functie uitoefent, met uitzondering van België.
11.3 Vak 2. INSTANTIE DIE BEVOEGD IS VOOR HET VERLENEN VAN HET STEMPEL
11.3.1 In vak 2 wordt de naam, het adres en het telefoonnummer vermeld van de instantie van de lidstaat van ontvangst die bevoegd is voor het verlenen van het stempel, i.e. het aanbrengen van het visum in vak 6 van het document.
11.4 Vak 3. VERKLARING VAN DE BEGUNSTIGDE ORGANISATIE OF PERSOON
11.4.1 Met de verklaring in vak 3 van het certificaat verstrekt de begunstigde organisatie of persoon de voor de beoordeling van het verzoek om vrijstelling vereiste gegevens. Daartoe worden in vak 3 de met het statuut van de begunstigde organisatie of persoon overeenstemmende gegevens aangevinkt. Zoals vermeld onder nr. 11.2.2 supra moet « voor officieel gebruik door » en één van de daaronder vermelde keuzemogelijkheden worden aangevinkt indien in vak 1 een begunstigde organisatie werd vermeld, en «voor persoonlijk gebruik door» en één van de daaronder vermelde keuzemogelijkheden indien in vak 1 een begunstigde persoon werd vermeld. In dat laatste geval moet tevens de organisatie worden vermeld waar de begunstigde persoon zijn functie uitoefent.
11.4.2 Plaats en datum : aangezien de begunstigde organisatie of persoon in 3 b) verklaart dat de goederen en diensten vermeld in vak 5 voldoen aan de voorwaarden en beperkingen van de in vak 1 vermelde lidstaat van ontvangst kan in principe de hier vermelde datum niet liggen vóór de datum van de factuur.
11.4.3 Naam en hoedanigheid van de ondergetekende : de naam van de ondergetekende en zijn functie worden hier vermeld. De ondergetekende is:
•de bevoegde persoon indien in vak 3 « voor officieel gebruik door » werd aangevinkt;
•de in vak 1 vermelde begunstigde persoon indien in vak 3 « voor persoonlijk gebruik door » werd aangevinkt.
11.4.4 Het certificaat wordt door de bevoegde persoon of de begunstigde persoon ondertekend.
11.4.5 Door zijn ondertekening bevestigt de bevoegde persoon of de begunstigde persoon dat :
•de goederen en/of diensten, bedoeld in vak 5, voldoen aan de voorwaarden en beperkingen die in de in vak 1 genoemde gast-Lid-Staat aan de vrijstelling verbonden zijn, en
•dat de bovenstaande inlichtingen te goeder trouw zijn verstrekt.
11.4.6 Door de ondertekening verbindt de begunstigde organisatie of persoon zich er bovendien toe aan de Lidstaat waaruit de goederen zijn verzonden of van waaruit de goederen zijn geleverd dan wel de diensten zijn verricht (i.c. België), de BTW en/of de accijnzen te betalen die verschuldigd zijn ingeval de goederen en/of diensten niet aan de voorwaarden voor vrijstelling voldoen of ingeval de goederen en/of diensten niet voor het beoogde gebruik worden aangewend.
11.4.7 Indien in vak 3 « voor officieel gebruik door » werd aangevinkt wordt hier eveneens het stempel van de begunstigde organisatie aangebracht.
11.5 Vak 4. STEMPEL VAN DE ORGANISATIE
11.5.1 In haar verklaring in vak 4 van het certificaat bevestigt de organisatie de in de vakken 1 en 3 a) van het document vermelde gegevens en bevestigt zij dat de begunstigde persoon een personeelslid van de organisatie is. Bijgevolg blijft vak 4 blanco indien in vak 1 een begunstigde organisatie werd vermeld.
11.5.2 Plaats en datum : zie nr. 11.4.2 supra.
11.5.3 Stempel : het stempel van de organisatie wordt hier aangebracht.
11.5.4 Naam en hoedanigheid van de ondergetekende : de naam van de ondergetekende en zijn functie worden hier vermeld. De ondergetekende is de daartoe bevoegde persoon.
11.6 Vak 5. OMSCHRIJVING VAN DE GOEDEREN EN/OF DIENSTEN WAARVOOR VRIJSTELLING VAN BTW EN/OF ACCIJNZEN WORDT GEVRAAGD
11.6.1 Vak 5 bevat gegevens die verband houden met de geleverde goederen en de dienstprestaties waarvoor de vrijstelling wordt ingeroepen.
11.6.2 In vak 5.A worden de identificatiegegevens van de leverancier of dienstverrichter vermeld. Aldus wordt zijn naam en het adres, Lidstaat van verkoop en BTW-identificatienummer vermeld.
11.6.3 De valuta's worden aangeduid door middel van een code van drie letters die in overeenstemming is met de internationale ISOIDIS 4127-norm van de internationale normalisatie-organisatie.
11.6.4 Naam en adres : de naam en het adres van de leverancier of dienstverrichter zoals voorkomend op de factuur. Het adres moet gelegen zijn in nr. 11.6.5 infra vermelde lidstaat.
11.6.5 Lidstaat : de Lidstaat waar de leverancier of dienstverrichter is gevestigd, i.c. België.
11.6.6 BTW/Accijns-identificatienummer : het BTW-identificatienummer van de leverancier of dienstverrichter, i.c. een Belgisch BTW-nummer.
11.6.7 De factuur en de daarmee samenhangende documenten of informatiebronnen mogen geen elementen bevatten die laten uitschijnen dat de levering, installatie, gebruik e.d. in België plaatsvindt.
11.6.8 In vak 5.B worden gegevens betreffende de geleverde goederen en dienstprestaties vermeld. Een verwijzing naar de factuur volstaat mits het nummer en datum van factuur worden vermeld. Indien het certificaat in vak 6 werd geviseerd door de bevoegde fiscale instantie moet de factuur eveneens afgestempeld zijn. De niet gebruikte ruimte in vak 5.B wordt doorgehaald zodat niets kan worden toegevoegd.
11.7 Vak 6. VERKLARING VAN DE BEVOEGDE INSTANTIE VAN DE GAST-LIDSTAAT
11.7.1 De in de vorige vakken vermelde gegevens, afkomstig van de begunstigde organisatie of persoon worden in vak 6 gewaarmerkt met de stempel(s) van de bevoegde fiscale instanties van de lidstaat van ontvangst, vermeld in vak 2.
11.7.2 Die instantie duidt eveneens aan of het bedrag van de BTW voor de in vak 5 vermelde levering volledig dan wel gedeeltelijk vrijgesteld wordt van de BTW. Indien in vak 1 een begunstigde organisatie werd vermeld en vak 6 niet werd ingevuld MOET vak 7 vervolledigd zijn.
11.7.3 Plaats en datum : de datum ligt noodzakelijkerwijs na de datum van de levering en de data, vermeld in de voorgaande vakken.
11.7.4 Stempel : stempel van de bevoegde instantie van de gast-Lidstaat, vermeld in vak 2.
11.7.5 Naam/namen en hoedanigheid van de ondergetekende(n): naam en functie van de ondergetekende(n) perso(o)n(en).
11.8 Vak 7. ONTHEFFING VAN STEMPELPLICHT
11.8.1 Wanneer de goederen of diensten bestemd zijn voor het officieel gebruik kan de bevoegde instantie, vermeld in vak 2, ten uitzonderlijke titel de begunstigde organisatie ontheffen van de verplichting het document te laten afstempelen. Indien vak 7 werd ingevuld moet vak 6 blanco blijven.
11.8.2 Verwijzing naar het dossier : het refertenummer van de beslissing aan de begunstigde organisatie aan wie een ontheffing van stempelplicht werd verleend.
11.8.3 Datum : de datum van de beslissing waarbij aan de begunstigde organisatie een ontheffing van stempelplicht werd verleend.
11.8.4 Vermelding van de begunstigde organisatie : de naam van de begunstigde organisatie, vermeld in vak 1.
11.8.5 Vermelding van de bevoegde instantie van de gast-Lidstaat : de hier vermelde bevoegde instantie moet overeenstemmen met de in vak 2 vermelde instantie.
11.8.6 Plaats en datum : de hier vermelde datum mag niet vóór de datum, vermeld in vak 3 liggen.
11.8.7 Stempel : het stempel van de begunstigde organisatie wordt hier aangebracht.
11.8.8 Naam en hoedanigheid van de ondergetekende : de naam van de ondergetekende en zijn functie worden hier vermeld. De ondergetekende is de daartoe bevoegde persoon.